Donderdag 01/10/2020

Freud 2000

Net honderd jaar geleden verscheen een boek dat geschiedenis zou maken. De schrijver was daar zelf zo zeker van dat hij ervoor zorgde dat Die Traumdeutung een paar maanden later zo gedateerd werd dat het op zijn eentje de nieuwe eeuw kon inluiden. De twintigste eeuw is inderdaad de eeuw van Sigmund Freud geworden en nu we bijna het jaar 2000 bereikt hebben is het misschien een goed ogenblik om eens na te gaan wat er van Freuds ideeën overblijft.

Er zijn twee antwoorden: in de wereld van de cultuur is Freud nog steeds dominant aanwezig, in die van de wetenschap is er niemand die zijn ideeën nog au sérieux neemt. Freud was niet bepaald bescheiden en hij liet zijn werk graag vergelijken met dat van Galileo en Darwin. Hij was de stichter van een nieuwe wetenschap, met een nieuw object en een visie op het wezen van de mens die even revolutionaire gevolgen zou hebben als de ontdekkingen van zijn illustere voorgangers. Freud zag zichzelf als een wetenschapper die een achterlijke en wantrouwige wereld de waarheid kwam brengen.

Het is dan ook tragisch dat de harde wetenschap zijn theorieën en inzichten één voor één ontkracht heeft. Geerdt Magiels maakt in zijn recente boek Het Brein. Honderd jaar na Freud (EPO) nog eens de stand van zaken op. Door de enorme ontwikkelingen in de fysica, de biologie, de geneeskunde, de neurologie en de genetica staat nu wel voor iedereen vast dat geen enkel onderdeel van Freuds psychoanalyse klopt. Dromen gaan overduidelijk niet over onbewuste verlangens, hypnose en hysterie zijn geheel iets anders dan Freud dacht.

Als iemand psychische of andere problemen heeft, dan ligt voor Freud de oorzaak daarvan bijna altijd in de opvoeding, en meer bepaald in de houding van de ouders. Zoals zijn volgeling Philip Larkin het zo mooi uitdrukte: "They fuck you up, your mom and dad. They don't mean to, but they do." Grootschalig onderzoek heeft aangetoond dat de invloed van ouders op de persoonlijkheid van hun kinderen uiterst gering is. Voor de meeste psychische ziekten zijn neurologische oorzaken gevonden. En geneesmiddelen.

Erger nog: geen enkele neuroloog gelooft nog in het bestaan van een onbewuste of een onderbewuste zoals Freud zich dat voorstelde. Het is zeer de vraag of het volledig onderdrukken van pijnlijke herinneringen mogelijk is, maar we weten aan de andere kant wel zeker dat men nagenoeg iedereen pertinent valse herinneringen kan inplanten, wat dan weer een heel ander licht werpt op de zogenaamde successen van de psychoanalytische therapie. Zelfs in het kroonjuweel van de psychoanalyse, het oedipuscomplex, de universele sleutel die op elk psychisch probleemslot past, gelooft men alleen nog in Hollywoodfilms. Volgens Freud is ieder mens (die voor Freud in principe mannelijk is) verliefd op zijn moeder en ziet hij zijn vader als een concurrent. Het is deze vorm van incest die niet alleen de ontwikkeling van iedere menselijke persoonlijkheid maar ook kunst, economie, politiek en alle maatschappelijke structuren bepaalt. Alles wat met een mens fout kan gaan, heeft altijd wel te maken met een te vroege, te late, of gewoon mislukte verwerking van het oedipuscomplex.

Freud heeft hier inderdaad één van de antropologische universalia ontdekt - of liever, het negatief ervan. Er is geen enkele maatschappij ontdekt waarin mensen seks willen met mensen met wie ze opgegroeid zijn. Dat heeft overigens niks te maken met genetische verwantschap. Al in de negentiende eeuw formuleerde de antropoloog Edward Westermarck de theorie dat niet de afkomst maar het samen opgroeien bepalend was voor wie men als familie en dus niet als potentiële bedgenoot ging zien. Westermarck had gelijk. Kinderen die grootgebracht worden in een kibboets voelen zich niet seksueel tot elkaar aangetrokken, en incest vindt meestal plaats tussen partners die niet samen zijn opgegroeid. Zoals trouwens ook geldt voor Freuds kroongetuige, Oedipus zelf.

Natuurlijk is dat voor Freud geen enkel probleem. Het mooie aan de psychoanalyse is namelijk dat Freud altijd gelijk heeft. Het is juist de algemene afkeer van seks met gezinsgenoten die volgens Freud bewijst dat men zich onbewust tot hen aangetrokken voelt. Steven Pinker zegt hierover terecht dat als dat waar is, ieder mens een onbewust verlangen heeft om hondedrollen te eten en naalden in ogen te steken.

Psychoanalytici, of ze nu professionelen zijn of amateurs, hebben altijd gelijk. Ik heb dat ooit zelf aan den lijve kunnen ondervinden toen ik op een congres mijn twijfel had geuit aan het nut van de leer van Jacques Lacan, Freuds vertegenwoordiger in Frankrijk. Achteraf waren de gelovigen het erover eens dat mijn kritiek het gevolg moest zijn van een onverwerkt oedipuscomplex. Het is dus onmogelijk om het niet met Lacan of Freud eens te zijn, want hoe meer je je tegen hun ideeën verzet, hoe meer je de waarheid van hun ideeën bevestigt. Wit is zwart, want anders zou het toch zeker niet zoveel moeite doen om er juist niet zwart uit te zien! Freud heeft deze vorm van argumenteren overigens zelf uitgevonden: toen een van zijn patiënten opperde dat haar droom bewees dat niet alle dromen gingen over het vervullen van onbewuste wensen, repliceerde Freud dat het haar onbewuste wens was om te bewijzen dat zijn theorie niet klopte.

Met freudiaanse redeneringen kun je alles bewijzen en dat is in de verwarrende wereld buiten de wetenschap nog altijd iets waar veel mensen grote behoefte aan hebben. Net als andere kerken biedt de psychoanalyse de troost van een perfect begrijpelijke wereld: niets gebeurt toevallig, alles heeft een zin en alleen de gelovigen hebben de sleutel in handen en zien licht in het duister. Vandaar ook het grote succes van de psychoanalyse in de cultuur. De wereld mag dan al een chaos zijn, aan het einde van een boek of een film moet alles een betekenis krijgen. En dan komt een gesloten ideologie als de psychoanalyse goed van pas. Nu de wetenschappelijke Freud morsdood is, moeten we hem dit tweede leven als Goede Herder dus maar gunnen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234