Maandag 21/06/2021

Fransen & Italianen vechten om het dak van Europa

Officieel is de top van de Mont Blanc al anderhalve eeuw Frans, maar zo hebben de Italianen het niet begrepen. Tussen sneeuw en ijs woedt dan ook een bizar grensconflict: niet alleen sloot Frankrijk deze week in het geniep een Italiaanse toegang af, eerder bulldozerde het een grenspaal een eindje Italië in. Nochtans: in de strijd om de Mont Blanc is de enige verliezer de berg zelf.

Al sinds het koninkrijk Sardinië de stad Nice en de Savoie in 1860 aan Frankrijk overdroeg, en de Frans-Italiaanse grens pal over de Alpen-pieken werd getrokken, zijn Rome en Parijs aan het kibbelen. Verschoven demarcatiepalen, bergbewoners die zich afvragen of ze nu Frans of Italiaans zijn, de roep om grenscorrecties aan deze en gene zijde van het bergmassief: het zijn dispuutjes die de voorbije eeuw al vaak de kop opstaken, al haalden ze doorgaans enkel de plaatselijke kranten.

Dat ligt helemaal anders bij het conflict dat het wereldberoemde Chamonix dezer dagen met het naar even grote roem (en bijbehorend geld) hengelende Courmayeur uitvecht. Chamonix ligt aan de Franse voet van de Mont Blanc, Courmayeur op de Italiaanse uitlopers van de Monte Bianco, maar allebei eisen ze de hoogste top van West-Europa (4.810 meter) voor zichzelf op.

De heisa over waar de grens precies loopt - over de kam van de berg (de Italiaanse versie) dan wel iets zuidelijker (volgens Frankrijk) - mag dan al decennia meegaan, sinds deze zomer lijkt het beide staten menens, zozeer zelfs dat ook de Italiaanse premier Matteo Renzi zich met de kwestie begon te moeien. "We zijn Frankrijk heus niet binnengevallen hoor", stelde een lachende Renzi eind juni. De premier was de lintjes komen doorknippen van de Skyway, een fonkelnieuwe, in blitsheid ongeëvenaarde kabelbaan op de Italiaanse flank.

Vijandelijke bulldozer

Even goede buren, maar de Franse genodigden waren ver te zoeken, die dag. Zowel de burgemeester van Chamonix, Eric Fournier, als de hoge heren van de Compagnie du Mont Blanc, het bedrijf dat de drukbezochte téléphérique naar de Aiguille du Midi (3.842 meter) uitbaat, stuurden hun kat naar Courmayeur.

Op de plechtigheid liet Renzi in feilloos Frans optekenen dat hij zowel president François Hollande als minister van Leefmilieu Ségolène Royal van zijn bezoek "op de hoogte had gebracht", zonder te preciseren of het duo wel geïnviteerd was. "Maar wees gerust, we hebben goede betrekkingen en ik hoop dat dat zo blijft."

Volgens Franse geografen had de Italiaan overschot van gelijk door zijn komst vooraf te melden, want in hun lezing van de kaarten had Renzi zich schaamteloos op Frans territorium begeven. Het panoramische terras waar de Skyway arriveert, ligt namelijk op Pointe Helbronner, op 3.462 meter hoogte, en dat zou, aldus Parijs, Frankrijk zijn.

Maar liever dan op de betwisting in te gaan, bracht Renzi het huzarenstuk in herinnering: de Skyway, "het achtste wereldwonder", is het werk van 500 moedige bouwvakkers, die daarvoor vier jaar lang temperaturen tot -30 graden trotseerden.

Allemaal goed en wel, maar sinds de opening bleven de Fransen flink misnoegd. Deze week werd een nieuwe episode aan het verhaal gebreid toen twee gidsen uit Chamonix op last van burgemeester Fournier de toegang aan de Italiaanse kant van de Glacier du Géant, een nabijgelegen gletsjer, afblokten.

Alpinisten die de (snel smeltende) ijsmassa vanaf de Skyway hopen te bereiken, meer bepaald vanuit de berghut Torino in Italië, zijn eraan voor de moeite. De Fransen haalden plotsklaps de Italiaanse bewegwijzering weg. Dat deden ze met het dubbele argument dat de wegwijzers, ten eerste, de veiligheidsvoorschriften overtraden, en, ten tweede, sowieso al op Frans grondgebied stonden, zodat de Italianen er onbevoegd voor waren. Zowel Italië als Frankrijk claimen de gletsjer, maar terwijl de Italianen het betreden ervan als veilig beschouwen, roepen de Fransen forse risico's voor lijf en leden in.

In een eerder incident, zo schrijft de krant La Stampa, moesten Italiaanse gidsen zelfs met lede ogen toezien hoe een vijandelijke bulldozer een grenspaal op de Colle del Piccolo San Bernardo/Col du Petit Saint-Bernard zonder blikken of blozen 150 meter Italië in dwong.

Hoewel de kwestie zeker ook te maken heeft met de vraag welke hulpdiensten verantwoordelijk zijn als een waaghals iets overkomt, blijft ze in de eerste plaats cartografisch, staatkundig en dus patriottisch.

Heibel die al anderhalve eeuw aan de gang is, al sinds Frankrijk de drie hoogste pieken van het Mont Blanc-massief als Frans beschouwt. En ja, wie er een goede oude Michelin-kaart op na slaat - Google Maps werkt ook - kan niet anders dan vaststellen dat zowel de Dôme du Goûter, de Pointe Helbronner als de Mont Blanc zelf onze zuiderburen toebehoren. Het is zonneklaar dat de grens meerdere honderden meters zuidwaarts ligt, en dat de gemeente Courmayeur de vierduizender geenszins als de hare kan vorderen. De enige die dat overigens kan, is het Franse dorp Saint-Gervais-les-Bains, bij Chamonix in de buurt - officieel zowaar omgedoopt tot Chamonix-Mont Blanc.

Adembenemend schouwspel

Geografische penisnijd van het hoogste niveau lijkt het, want de Italianen, die de Franse demarcatie nooit aanvaard hebben, houden voet bij stuk. Volgens twee gezaghebbende cartografen, Giorgio en Laura Aliprandi, wordt de Mont Blanc zelf gedeeld door beide landen, en loopt de grens pal over de besneeuwde kegel. In een opiniestuk op de site van de Italiaanse Alpen-club schermt het stel met twee Franse collega's, Sylvain Jouty en Hubert Oudier, die in 1999 al schreven dat de grens op de piek ligt, niet ten zuiden ervan.

"Onze positie verdient alle steun", zeggen de Aliprandi's, "want zelfs de meest verlichte geesten in Frankrijk staan aan onze kant." Voor de Italianen is er dan ook heel wat aan gelegen: een stuk grond van goed 400.000 vierkante meter nog wel, vergelijkbaar met het Vaticaan.

Voor hun eis beroepen de Italianen zich op het Verdrag van Turijn (1860), toen de staatsgrens op de waterscheidingslijn werd vastgelegd. Waar anders dan op de hoogste piek wordt smeltwater immers tussen Rhône en Po verdeeld?

Alleen, dat was buiten de Fransen gerekend. Vijf jaar na Turijn maakten ze de afspraken eenzijdig ongedaan op grond van eerdere akkoorden uit het Napoleontische tijdperk. Ze verschoven de grens met een simpele pennentrek. Nietes, zegt sindsdien Italië. Toen het huis Savoie in 1728 het kadaster invoerde, de zogenaamde Mensuration Générale, deden Chamonix en omstreken vrijwillig afstand van de Mont Blanc. Het betrof toch maar waardeloze grond, betoogden ze, waar ze geen centiem belasting veil voor hadden.

Van geld gesproken: misschien heeft de opflakkering van het oude gekrakeel in de eerste plaats daar wel mee te maken. Hoewel de Compagnie du Mont Blanc (CMB) het bij hoog en laag ontkent, ziet ze haar monopolie doorbroken en krijgt ze voor het eerst sinds de opening van de spectaculaire kabelbaan naar de Aiguille du Midi in 1955, concurrentie op de zuidflank. Volgens eigen cijfers is de CMB goed voor 500.000 tickets per jaar, of een zakencijfer van om en bij de 16 miljoen euro. Niet één attractie in de Franse Alpen doet het zo goed, Chamonix en zijn economie staan of vallen met dit toeristische nutsbedrijf.

Komt aan de overkant plots de Skyway aangesuisd: in plaats van 57 euro voor een retourtje, de prijs in Frankrijk, kost een kaartje voor de Italiaanse kabelbaan slechts 45 euro. En dat voor een bezoek dat een zo mogelijk nog adembenemender schouwspel belooft. Zo biedt elke cabine plaats aan 80 passagiers, is ze doorzichtig en wentelt ze tijdens de klim helemaal om haar as, zodat elke inzittende zonder te bewegen het hele landschap overziet.

Vertrekken doet de kabelbaan vanuit een hypermodern dalstation dat rechtstreeks aangesloten is op de snelweg naar Milaan. Vandaar gaat het naar een grandioos tussenstation, een soortement kristal van glas en staal dat meerdere conferentiezalen, een restaurant, een wijnbar, een alpijnse tuin, een boetiek en een panoramisch terras omvat.

Wie doorreist naar Pointe Helbronner wordt vergast op het fraaiste uitzicht dat de Mont Blanc te bieden heeft en waar de (op zich al verbluffende) Aiguille du Midi zowat bij verbleekt. Bovendien: wie de Skyway gebruikt, kijkt op een heel andere, veel ruigere en onstuimigere bergidylle uit dan aan de Franse kant. Gezien vanuit Courmayeur oogt de Monte Bianco, alle proporties welbeschouwd, een beetje als de Everest.

Toegegeven, de Italianen hebben kosten noch moeite gespaard. Aan de Skyway, voor 60 procent eigendom van de deels Franstalige regio Valle d'Aosta, hangt een prijskaartje van 138 miljoen euro. Volgens het Oostenrijkse bedrijf Doppelmayr, de constructeur, was de bouwwerf 's werelds grootste in haar soort. De Skyway, die op 300.000 toeristen per jaar mikt, moet de hele regionale economie nieuw leven inblazen en Aosta eindelijk mee doen graaien uit een toeristische vetpot waar tot dan toe enkel Chamonix van had geprofiteerd.

"Geen commentaar", klinkt het nogal sec bij de CMB. "Wij gaan niet over Courmayeur." Volgens een zegsman van de toeristische dienst in Chamonix zijn beide steden nochtans complementair en boort de Italiaanse gemeente een nieuw publiek aan, met name de Milanezen.

Toch, zo wordt ingehouden toegegeven, "heeft Chamonix niet langer de exclusiviteit over het product Mont Blanc". Voor goede verstaanders: op het majestueuze dak van de Alpen dreigt een regelrechte prijzenslag; voor Chamonix is het aanpassen geblazen.

Over dat laatste wordt flink nagedacht. Volgens de krant Libération heeft de Franse bergstad weinig marge om haar prijzen te verlagen. Wat ze wel hoopt te doen is de dienstverlening verbeteren, het onthaal professionaliseren en een unieke Alpen-ervaring verkopen. Wie de Aiguille du Midi aandoet, zit dichter op de rotsen, pal op een piek, met ijs, afgronden en leegte waar je ook kijkt. Het Franse antwoord op de Skyway is een investeringsplan van 18 miljoen euro. Het pièce de résistance wordt een duizelingwekkende glazen koker die pal boven de sneeuwzee komt te hangen. Bijval verzekerd, zo maakt de CMB zich nu al sterk.

Terwijl Frankrijk en Italië elkaar jennen over een voorschoot grond - steen en ijs zeg maar - woedt in werkelijkheid een taai economisch conflict. Alleen, zo vrezen de verdedigers van het leefmilieu, wint aan het eind van de rit niemand en wordt, hoe verheven ook, de Mont Blanc zelf de verliezer. Zo immens immers zijn de toeristische belangen, zo fervent de lokroep van het geld, dat elk publiek debat erdoor gesmoord wordt. Terwijl megaprojecten als de Skyway elke bescherming onmogelijk maken, wordt de berg stilaan een sluikstort en gaat hij, ook daar, inderdaad de Everest achterna.

Vuile gletsjer

Er zijn al vele boeken over geschreven, maar weinig auteurs hebben de échte crisis treffender gevat dan de Italiaanse (helaas nog altijd niet naar het Nederlands vertaalde) reiziger Paolo Rumiz. In zijn Leggenda dei monti naviganti ('De legende van het navigerende gebergte') beschrijft Rumiz Chamonix: "Tussen de massa en de berg is elke ontmoeting onmogelijk. Er is hooguit confrontatie. Extreem is die, gewelddadig en paradoxaal, ontdaan van iedere bemiddeling. Beneden, in het dal, bedreigt de vuile gletsjer de rivier, de pleinen en de avondwandelaar. Boven, bij de kabelbaan, 3.800 meter hoog, kijkend door een venster van ijs, zie je alleen de Vallée Blanche, bespikkeld met rode, gele en blauwe mieren."

Even, na de tragische tunnelbrand van 24 maart 1999, koesterde Rumiz nog hoop. De auteur, voor wie de Alpen "de laatste ecologische kluis van Europa" zijn, vond het uiterst bemoedigend dat "na acht miljoen vrachtwagens, een 200.000 kilometers lange processie van opleggers, een gaskamer die 34 jaar bleef draaien, een inferno van smog, ongelukken en lawaai, de bergbewoners eindelijk gezegd hadden: 'Plus jamais!'"

In de tijd dat de tunnel dicht bleef, en er talloze stemmen opgingen om hem dicht te houden, kwamen vogelsoorten terug die in geen decennia nog gesignaleerd waren. Kon het anders? Ook Rumiz moet het antwoord schuldig blijven, maar daar waren Rome en Parijs het nu wél eens roerend over eens: de tunnel moest en zou weer open.

Over de landsgrens hadden de twee het toen overigens niet. In al haar virtualiteit, onzichtbaar tussen sneeuw en ijs, met of zonder wegwijzers, kabbelde ze ergens boven Frankrijk en Italië heen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234