Zaterdag 27/02/2021

Franse cinéaste Lea Fehner vertelt over haar debuutfilm ‘Qu’un seul tienne et les auters suivront’

Men zou Qu’un seul tienne et les autres suivront, de opmerkelijke want zeer volwassen ogende debuutfilm van de jonge Franse scenariste en cineaste Léa Fehner (°1981), gemakshalve een gevangenisfilm kunnen noemen. Niet in het minst omdat alle personages op een of andere manier met dat penitentiaire universum in contact komen, ook zij die er alleen maar op bezoek komen. “De gevangenis is ook een plaats waar onze democratie tegen haar eigen grenzen opbotst”, zegt Léa Fehner. “En ik vind het belangrijk dat dergelijke plaatsen niet buiten ons blikveld blijven.”

‘Voor mij is de gevangenis een plaats waar democratie op grenzen botst’

De film is opgebouwd uit drie verhaallijnen, die naast en door elkaar verteld worden en pas helemaal op het einde samenkomen op een plaats waar de diverse protagonisten voordien reeds enkele keren geweest zijn: de spreekkamer van een gevangenis. Het eerste verhaal is dat van Zorah, een Algerijnse vrouw die naar Frankrijk reist omdat ze de moordenaar van haar zoon in de ogen wil kijken. Het tweede is dat van Laure, een verliefde vijftienjarige, die haar vriendje in de gevangenis wil bezoeken maar daarvoor de begeleiding van een volwassene nodig heeft. En ten slotte is er het verhaal van Stephane, een jongeman die van enkele gangsters het voorstel krijgt om de plaats van hun baas (op wie Stephane een beetje lijkt) achter de tralies in te nemen.Waar komt die mooie, maar toch mysterieuze titel vandaan?Léa Fehner: “Ik had die al heel snel gevonden, maar in het begin was het niet meer dan een voorlopige werktitel. Ik vond het zelf ook een vreemde, enigmatische titel. Ik werk veel met briefjes en schrijf bepaalde zaken op, laat die een tijdje liggen, om ze dan opnieuw op te pikken. Zo ook met deze zin, die ik krachtig vond en die mij raakte. Als een soort aansporing om het zelf ook vol te houden. Later heb ik met de producent toch een andere titel gezocht. Iets eenvoudigers. Iets dat beter op een affiche zou passen (lacht). Maar het is ons niet gelukt. De titel verwijst naar moed en vastberadenheid, want de mannen en vrouwen die mij tot dit verhaal en deze film geïnspireerd hebben, hadden inderdaad veel moed, veel kracht en ook veel waardigheid. In die zin is het inderdaad een soort oproep, een aansporing om weerstand te bieden. Een soort mantra die men kan blijven herhalen. En ik hou ook van het mysterieuze karakter van de titel, omdat men zich bijvoorbeeld de vraag kan stellen welk personage volhoudt en welk personage nadien dat voorbeeld volgt. Zelf ken ik het antwoord niet, maar elke keer dat ik na de film met het publiek praat, merk ik dat iedereen zijn eigen idee heeft van wie de volhouder is. En meer algemeen hou ik wel van filmtitels die eigenlijk zinnen zijn, zoals Ceux qui m’aiment prendront le train van Patrice Chéreau en De battre mon coeur s’est arrêté van Jacques Audiard.”Het was duidelijk een bewuste keuze om de meeste gevangenisscènes in de spreekkamer te situeren.“Het is een film over een grensgebied, over een welbepaalde zone die zich tussen de gevangenis en de wereld van de vrije mensen situeert. Het is dus geen verhaal over gevangenschap of over gevangenen, maar wel over de vertakkingen die zich vanuit zo’n gevangenis naar de wereld van de vrije mensen uitstrekken en waarvan men zich niet altijd bewust is. Zulke vertakkingen zijn bijvoorbeeld al die mannen en vrouwen die naar zo’n spreekkamer komen en die elkaar daar ontmoeten en weer verlaten. Het is een plaats van grote eenzaamheid, maar tegelijk vormt het ook een vreemd soort gemeenschap. Anonimiteit is onbestaande, net zoals de intimiteit. De verschillende verhaallijnen van deze film lopen daar dan ook door elkaar. Soms op het niveau van de klank omdat de personages elkaar kunnen horen, soms op het niveau van het beeld omdat ze elkaar kunnen zien. Dat idee zit dus ook in de titel. Als er in die omgeving iets gebeurt, heeft dat een impact op de anderen. En dat kan, in die gedeelde eenzaamheid, een hulp zijn om vol te houden. Het particularisme van zo’n spreekkamer is dat ze bedoeld is om bepaalde banden en relaties te onderhouden, maar dan wel in een zeer beperkt tijdsbestek en op een plaats die soms ook explosief kan zijn. En dan merk je hoe die banden soms sterker worden of juist zwakker. Hoe ze verstikt geraken.”Waar komt uw belangstelling voor dat gevangenismilieu eigenlijk vandaan?“Ik ben zo’n jaar of zeven geleden betrokken geweest bij een vereniging die actief was in de gevangenissen van Fleury-Mérogis en van Villepinte. We zorgden daar voor een ruimte waar we de mensen konden opvangen vóór ze naar de spreekkamer gingen. Vaak moeten die bezoekers wegwijs gemaakt worden door de vele administratieve regels en de reglementen die in zo’n gevangenis van toepassing zijn.”Zoals het meisje in de film dat bijvoorbeeld niet weet dat men eigenlijk meerderjarig moet zijn om iemand alleen te mogen bezoeken.“Precies. Die vereniging dient dus om dit soort problemen op te lossen. Veel bezoekers komen ook zeer lang op voorhand naar de gevangenis, omdat ze zo bang zijn om te laat te komen en het bezoekuur te missen. Die wachttijd bood dus ook de geschikte gelegenheid om naar hun verhalen te luisteren. De diversiteit van al die verhalen fascineerde mij, maar het riep ook allerlei vragen en bedenkingen op. Het kan bijvoorbeeld erg confronterend zijn om vrouwen te ontmoeten die van iemand blijven houden, ook al heeft hij soms vreselijke dingen gedaan. Of vrouwen die hun tijdsbesteding en dus hun leven totaal in functie stellen van een gedetineerde. Maar ook vrouwen voor wie de gevangenschap van hun man een soort bevrijding kan betekenen. Een bedenking die toen regelmatig terugkwam, was dat sommige van die vrouwen zich in een vreemde zone bevonden: ‘ni libre dehors, ni enfermé à l’intérieur’. Ik ben toen steeds meer nota’s beginnen maken en allerlei faits divers beginnen verzamelen, die dan uiteindelijk geleid hebben tot een anekdote of een personage van de film.”Waarom wou u deze film maken?“Omdat ik het zeer belangrijk vind dat er films gemaakt worden die deze realiteit weergeven, ook al wil men die niet altijd graag zien. Ik vind het trouwens opmerkelijk hoe nieuwe gevangenissen nu meestal buiten de steden in een of andere industriezone gebouwd worden. Ik maak mij soms de bedenking dat er steeds meer gevangenissen komen en dat ze steeds minder zichtbaar worden.Maar voor mij is de gevangenis ook een plaats waar onze democratie tegen haar eigen grenzen opbotst. En ik vind het belangrijk dat dergelijke plaatsen niet buiten ons blikveld blijven. Een film als Un Prophète van Jacques Audiard heeft als onmiskenbare kwaliteit dat op z’n minst een tipje van de sluier wordt opgelicht. Hopelijk zal men dat van mijn film ook kunnen zeggen.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234