Donderdag 23/01/2020

Verhit debat

Frankrijk schiet weer in hoofddoekkramp

Frans minister van Vrouwenzaken vergelijkt moslima's die bedekkende kledij willen met 'negers' die voor slavernij zijn Beeld BELGAIMAGE

'Als negers die voor slavernij kiezen.' Zo noemt de Franse minister van Vrouwenzaken moslima's die een sluier dragen. Terwijl Frankrijk zich weer in de hijab verslikt, lijkt de houding in België wat versoepeld.

Islamitisch verantwoorde collecties voor een publiek dat zich wil bedekken? "Schandalig", vindt Pierre Bergé. Als levens- en zakenpartner van de in 2008 overleden Yves Saint Laurent was Bergé decennialang een van de sleutelfiguren in het kleine wereldje van de Franse couture. "Ik heb veertig jaar aan de zijde van Yves Saint Laurent gestaan", zegt Bergé op Radio France 1, "en ik heb steeds geloofd dat een ontwerper er is om vrouwen mooier te maken, om hen vrijheid te geven." Wie zwicht voor oliedollars uit het Midden-Oosten, meent Bergé, maakt zich "medeplichtig aan de dictatuur die deze vreselijke dingen oplegt. Die maakt dat vrouwen zich verstoppen, dat zij een dubbelleven leiden."

De 85-jarige Bergé betreurt dat de Europese mode de vrouw niet langer 'bevrijdt', maar 'opsluit'. Hij haalt uit naar het steeds langer wordende lijstje van bedrijven die inspelen op de markt van de islamitische consument. Van multinationals als het Japanse Uniqlo en het Zweedse H&M tot het Italiaanse luxehuis Dolce & Gabbana: de 'ramadancollecties' en 'moslimavriendelijke' kleding vullen de laatste tijd steeds meer rekken (zie hiernaast).

Hoog tijd om principes boven geld te stellen, zegt Bergé. "Vrouwen hebben het recht om zich te sluieren. Maar ik zie niet in waarom wij in de richting opschuiven van deze religie, deze gebruiken, deze gewoontes, die absoluut niet compatibel zijn met de westerse vrijheden."

Waar de lancering van de aparte, op moslima's gerichte collectie van Donna Karan in de VS vooral enthousiaste reacties heeft geoogst, krijgt Bergé bijval van onder meer ontwerpster Agnès B. Zij is nog zo'n Frans icoon, dat vooral in de jaren 90 wereldwijd naam maakte.

De Franse minister voor Vrouwenzaken Laurence Rossignol heeft er nog een schepje bovenop gedaan, door vrouwen die voor de hoofddoek opteren te vergelijken met 'negers' die voor slavernij kiezen. Ze heeft zich later verontschuldigd voor haar woordkeuze.

Beeld RV

Niet islamofoob

De Franse discussie legt opnieuw de twee stromingen binnen het feminisme bloot, zegt Rachida Aziz, de Brusselse burgerrechtenactiviste en ontwerpster, die onlangs haar eigen label opdoekte. "De ene stroming stelt dat vrouwen vrij zijn om zelf te kiezen wat ze dragen. De andere, blanke, eurocentrische stroming meent dat zij de vrijheid moet opleggen aan vrouwen die zelf niet doorhebben dat ze worden onderdrukt."

In het Franse debat komt daar nog eens de felle verdediging van de laïcité, de lekenstaat, bovenop. "Anders dan de overheid in ons land, die gebaseerd is op het principe van neutraliteit, wil Frankrijk de hele samenleving de laïcité opleggen. De instellingen dragen dat mee uit."

De gouden jaren van het huis Yves Saint Laurent liepen niet toevallig samen met die van de seksuele revolutie, de hoogdagen van seks, drugs en de pil. Bergé zat op de eerste rij toen het publiek gechoqueerd reageerde op de presentatie van Le Smoking door Saint Laurent; het ultieme mannenpak versneden op het lichaam van een vrouw. Cultureel en maatschappelijk schopte het homopaar heilige huisjes aan diggelen, immer vergezeld van een elitair vriendenclubje.

In hun kielzog: muzes als Loulou de la Falaise, niet vies van een split aan het been of een diepe decolleté. Van de Parijse clubs trok de feestkaravaan naar hun kasbah in Marrakech, waar de as van Saint Laurent na zijn dood is uitgestrooid. Bergé brengt er nog steeds de winters door. "Ik ben dus niet islamofoob, zeker niet."

Nostalgische oprispingen van de ouder wordende culturele elite zijn in Frankrijk vaste prik. Het spat van de pagina's van de romans van Michel Houellebecq, het staat in de kolommen van de vrouwenbladen, waar met heimwee wordt geschreven over de dagen dat je aan de Méditerranée over de blote borsten struikelde. Tussen de regels - maar soms ook zwart op wit - lees je dat migratie van voornamelijk moslims die unieke Franse vrijheid, blijheid om zeep heeft geholpen. Was die strijd er jarenlang een van woorden, dan hebben de verschillende aanslagen in Parijs en de rest van het land minstens de indruk gewekt dat er vandaag méér op het spel staat dan een bovenstukje.

In ons land lijkt het juist alsof de soep net iets minder heet wordt gegeten dan ze een paar jaar geleden werd opgediend. Toen zei Wouter Torfs van het gelijknamige schoenenbedrijf nog stellig dat hij geen personeel met hoofddoek kon aannemen, dat de samenleving daar niet 'klaar' voor was. Vandaag werken er meisjes met hoofddoek in zijn vestigingen in Leuven, in Wijnegem en in het weinig kosmopolitische Lochristi. Het is een 'experiment', zegt Torfs, maar wel een waar hij tevreden naar kijkt. "Ik was bang voor reacties van klanten. Dat zij zouden wegblijven, bijvoorbeeld, maar vooral tegenover de verkoopsters zelf."

Hij riep de hulp in van een etnomarketeer en maakte duidelijke afspraken over kledingvoorschriften - "Bleek dat er een stuk of vijftig soorten hoofddoeken zijn." Negatieve reacties blijven uit, zegt Torfs. "Er wordt voor gezorgd dat de mensen elkaar begrijpen. Mocht er zich een incident voordoen, dan is het belangrijk dat iedereen elkaar steunt. Maar dat is tot nog toe nog nooit gebeurd."

Hij sluit commerciële acties gericht op etnisch-culturele minderheden niet uit. Als schoenenbedrijf, zegt hij, kan hij moeilijk inspelen op de vraag naar hijabs. "Zeg nooit nooit. Twintig procent van de inwoners van grote steden is van vreemde origine, dat aandeel gaat enkel stijgen. Daarom heb ik ook moeite met de uitspraken in Frankrijk. Erg polariserend, vind ik, en sterk wij-zij-denken."

Op zijn kop

Kawtar Najjar moet lachen met de Franse strijd. Zij is de oprichtster van Aya, een Belgisch lifestyleblad dat vaak gekleurde vrouwen op de cover zet. In haar modeproducties gebruikt zij modellen met en zonder hoofddoek. "Smaken verschillen. Dus als deze meneer spreekt over vrouwen 'mooi' maken, dan moet hij aanvaarden dat het vrouwen vrij staat om kleding op verschillende manieren te combineren. Dat betekent dat je in de winkel minirokken en crop tops vindt naast maxi-jurken en broeken met brede pijpen."

Wie haar lichaam wil bedekken, vindt in het reguliere aanbod dus genoeg keuze. "Het zou ook niet slim zijn van ketens om daar in hun aanbod niet op in te spelen. Jonge moslima's, ook zij die een hoofddoek dragen, zijn dol op kleding en geven er veel geld aan uit. Je hoeft trouwens helemaal niet gelovig te zijn om je bedekter te willen kleden." New modesty heet de tendens, die komt overwaaien uit de VS. Daar zijn het vooral jonge joodse vrouwen die zich minder bloot kleden, en daar online volop verslag van doen.

The New York Times koppelde de trend aan de nieuwe zichtbaarheid van frisse, jonge feministen. Ze dragen onflatteuze maar comfortabele kleding, laten knellende strings en verstikkende camouflagestiften links liggen. Bevrijding staat niet langer voor borsten bloot, eerder voor billen bedekt.

Het hele schoonheidsideaal wordt op zijn kop gezet, zegt Najjar. Mipsters (moslims + hipsters) maken grote sier online en delen dagelijks outfits en make-uptips met hun tienduizenden volgers. "Het halfblote model in maatje 36, daar zijn we ondertussen toch aan voorbij. Je hoeft niet naakt zijn om mooi bevonden te worden."

Zelf draagt Najjar geen hoofddoek, maar de suggestie dat die onderdrukking uitstraalt, vindt ze onjuist. "Deze vrouwen kiezen er voor om hun schoonheid te reserveren voor hun partner en hun familie. Als je mode politiek wilt maken, ga dan in de politiek. Dit is de wereld waarin wij vandaag leven. En dat wordt door de markt ook erkend: in deze materialistische wereld zal geen niche onontgonnen blijven."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234