Vrijdag 03/12/2021

Fotograferen met twee ogen op de buik

Het oeuvre van 'verlicht amateur' Georges Thiry

Charleroi / Van onze medewerker

Ludo Bekkers

Er zijn fotografen die hun camera beschouwen als een supplementair lichaamsdeel. Waar ze gaan of staan, altijd hebben ze hun toestel bij zich en hun fysiek oog is bijna geassimileerd met de technische lens. I am a camera moet dan in letterlijke zin geïnterpreteerd worden. Zo iemand was, in een lange periode van zijn leven, Georges Thiry (°Verviers 1904-1994). Een man zonder grote geschiedenis, eenzaat, met weinig professionele ambities maar met een wat omfloerst artistieke ziel. Iemand die, op een moment van zijn leven, een twee-ogige camera Rolleiflex kocht en letterlijk van op zijn buik in veertig jaar tijd (1935-1975) meer dan veertigduizend foto's maakte. Dat zijn er dus gemiddeld duizend per jaar, wat nogal opvallend is voor een amateur.

Want amateur was Thiry zeker, al had hij een goed gevoel voor artistieke normen. Die waren al aan het licht gekomen toen hij als koloniaal ambtenaar twee termijnen in Belgisch Kongo doorbracht. Achteraf noemde hij zich tijdens die periode explorateur-poète, omdat hij zich ging interesseren voor lokale schilders die een soort fresco's op de muren van hun hutten aanbrachten. Hij bezorgde hen materialen om die versieringen op doek of papier te kopiëren maar ook nieuwe ideeën te verwerken. Hij was een van de eerste blanken die zich voor de autochtone Afrikaanse schilderkunst interesseerde en ze in België introduceerde. Maar de kunstwereld was nog niet rijp voor dat soort artistieke exploratie en Thiry trok zij conclusies in een boekje A la recherche de la peinture nègre.

Hij werd ambtenaar bij onder meer het ministerie van Landsverdediging, waar hij foto's leerde te ontwikkelen en het dokawerk onder de knie kreeg. Want na zijn koloniale tijd, nog vol van de kleuren, het licht, de contrasten en de meegebrachte schilderijen, kocht hij een fotocamera. Eigenlijk wilde hij leren tekenen maar het fotograferen was voor hem een geldig equivalent. Naar analogie van getekende schetsen noemde hij zijn nieuwe dada fotografische schetsen. "Meer niet", zegde hij, "want ik heb altijd van een lijn, van grafiek gehouden. De belangstelling voor de fotografie is een exponent van mijn belangstelling voor de tekening. Een potloodtekening of een tekening op een fotografische film, voor mij maakt dat geen verschil. Wanneer ik een foto maak, zie ik altijd een tekening."

Als autodidact leerde hij met vallen en opstaan. Op zaterdag en zondag, tijdens zijn vrije dagen hing hij zijn Rolleiflex om en trok de stad in, het mocht Verviers of Brussel zijn. Van op zijn buik keek hij naar alles wat een urbaan landschap te bieden heeft. Smalle straatjes, curieuze gevels, verwaarloosde panden, karakteristieke muren, beschilderd of beplakt, de gewone mensen uit de volkse buurten, de prostituees. Later zocht en vond hij vriendschap in de artistieke milieus van de hoofdstad en begon hij aan portretten van schilders en schrijvers, liefst in hun persoonlijke omgeving of in een decor dat gerelateerd was aan hun werk. Foto's waren blijkbaar voor hem inderdaad wat snelle schetsen voor een beeldend kunstenaar in die tijd waren of losse nota's voor een romancier. Alles boeide hem en het moet werkelijk een passie geweest zijn om alles wat hij in zijn visuele wereld toeliet vast te leggen. Extreem voyeurisme in de normale betekenis van het woord, al liet hij zich soms ook verleiden tot jongensachtige branie, wanneer hij het vertrouwen van dames van genot had gewonnen. Het fotograferen als daad was blijkbaar voldoende om zijn creativiteit te bevredigen. De kleine 6 x 6-afdrukken deelde hij uit aan vrienden en tentoonstellen was niet zijn ambitie. Zijn eerste expositie hield hij in 1965 in de Brusselse Galerie Saint Laurent, slechts bezocht door insiders die de plek kenden vanwege de uiteenlopende keuze boeken die er verkocht werden. Andere volgden pas in de jaren tachtig toen hij al lang geen foto's meer maakte.

Wat wilde deze man bereiken met fotografie en wat is de betekenis van dat oeuvre? Op de eerste vraag gaf hij zelf een ontwapenend antwoord: "Fotografie is mijn kleine passie, het is mijn genot. Liever dat dan een voetbalkampioenschap te gaan bewonderen." Maar achteraf gezien is er natuurlijk meer aan de hand. Hij gebruikte de fotografie om een vorm van nieuwsgierigheid te bevredigen zowel voor het straatleven in eerste instantie, het prostitutiemilieu dat toen nog gepersonaliseerd was, maar vooral in zijn ontmoetingen in de kunstwereld. Trouwens, de kunstenaarsportretten vormen de hoofdmoot van zijn nalatenschap. Uit brieven, nota's, documenten van mensen die hem gekend hebben, kan men een beeld schetsen van een wat eenzelvige man, die de fotografie gebruikte als een communicatiemiddel met lieden uit een bepaald artistiek milieu dat zich in Brussel ontwikkelde rond het cafeetje van Geert Van Bruaene. Hij maakte er geen actief deel van uit maar was de afstandelijke beschouwer van de gepassioneerde levens van sommige Belgische surrealisten en anderen. Hun invloed is trouwens merkbaar in een aantal portretten die hij van hen maakte.

Het is in zijn portretten vooral dat zijn betekenis als fotograaf af te lezen valt. Hij bezat een typische manier om een personage in beeld te zetten met veel ruimte rond de figuur, zodat de omgeving een verklarende functie kreeg. Meestal werkte hij met het beschikbare licht en, wanneer er kunstlicht bij te pas kwam werd het zelden geraffineerd aangewend. Maar de portretten hebben een persoonlijk karakter, waar men niet omheen kan. Van Thiry kan men zeggen dat hij een 'verlicht amateur' was, die wist hoe een beeld, binnen een vierkant formaat, op te bouwen, het licht te gebruiken en boeiende situaties te ontdekken of in scène te zetten. Post factum blijkt ook nog dat zijn foto's een onbetaalbare documentaire schat vormen over enkele voorbije decennia.

WAT: Georges Thiry (1904-1994), rétrospective. WAAR EN WANNEER: Musée de la Photographie, avenue Paul Pastur 11, Charleroi tot 3 juni; dinsdag tot zondag van 10 tot 18 uur ook op feestdagen; maandag gesloten ONS OORDEEL: Voor alle amateur-fotografen en fotoliefhebbers is deze tentoonstelling een must.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234