Vrijdag 03/12/2021

Fotograaf ontvoerd in Syrië: "Je denkt aan ontsnappen, je denkt aan zelfmoord"

Jonathan Alpeyrie. Beeld YouTube
Jonathan Alpeyrie.Beeld YouTube

Hij werd 81 dagen lang vastgehouden door Syrische rebellen en vreesde dagelijks voor zijn leven. De Franse fotojournalist Jonathan Alpeyrie, die twee weken geleden werd bevrijd, vertelt zijn verhaal aan Le Journal De La Photographie. "Soms hielden ze een geweer tegen mijn hoofd. Daar kregen ze een kick van."

Het was niet de eerste keer dat Jonathan Alpeyrie naar een oorlog afreisde: sinds 2004 bezocht hij 15 conflictgebieden, waaronder Georgië, Tsjetsjenië en Afghanistan. Syrië kon aan dat rijtje niet ontbreken. Twee keer eerder reisde hij af naar het door oorlog verscheurde land. De derde keer ging het mis.

Alpeyrie verbleef met een aantal rebellen in Yabrud, een buitenwijk van Damascus. Hij stemde in om met een strijdersgroep naar het front te trekken, om daar foto's te maken. Aan het front zou hij een aantal andere strijders ontmoeten, werd hem verteld. Maar dat bleek niet te kloppen.

"We kwamen aan bij een checkpoint waar gemaskerde mannen me uit de auto trokken, me op de knieën dwongen en net deden of ze me wilden executeren", aldus de fotograaf.

Alpeyrie werd geblinddoekt en hoorde verschillende schoten naast zijn hoofd afgaan. Zijn zakken werden geleegd, zijn gsm, paspoort en geld afgenomen.

Spion
De daaropvolgende drie weken bracht Alpeyrie geketend aan een bed door, in een huis op voor hem onbekend terrein. Vijf of zes soldaten en twee bebaarde islamieten waakten over hem. "Dat was zwaar, maar nog veel zwaarder was dat het gebied constant werd belaagd door bommen, helikopters en gevechtsvliegtuigen."

Alpeyrie werd meerdere malen bruut ondervraagd door leden van de lokale rebellenpolitie, die hem ervan beschuldigden lid te zijn van de CIA. Maar de reden dat ze hem gevangen hielden had hier volgens de fotograaf weinig mee te maken: "Mijn kidnapping had alles te doen met geld. Mijn contactpersoon heeft me verkocht, dat denken de Franse inlichtingendiensten ook."

Na drie weken werd Alpeyrie overgebracht naar een nieuwe locatie: een huis 500 meter verderop, waar hij werd vastgeketend aan een raam. Zijn ontvoerders begonnen zich langzaamaan wat te ontspannen. De fotograaf mocht op een gegeven moment vrij rondlopen in het huis, dat werd omringd door hoge muren.

Door uit het raam te kijken, kreeg hij een idee van waar hij zich bevond. "Ik had een prachtig uitzicht over de vallei naar het westen, in de richting van Libanon. Omdat ik het gebied kende, wist ik waar ik was. Ik liep door het huis, praatte met de leiders en hielp hen om maaltijden te bereiden."

Zwembad
Er waren ook grappige momenten, vertelt Alpeyrie tijdens het interview. Zo vroeg een van de rebellenleiders of hij hem kon leren zwemmen. Het zwembad bij het huis werd gevuld met ijskoud water en even later lag Alpeyrie in het water met de rebellenleider in zijn armen, zodat hij niet zou verdrinken.

Maar buiten dit soort 'luchtige' momenten, verkeerde de fotograaf voortdurend in doodsangst. "Soms hielden ze een geweer tegen mijn hoofd, gewoon voor de lol. Ze kregen daar een kik van. Ik niet."

Het was psychologisch erg zwaar, laat Alpeyrie weten. Hij wist niet hoe lang hij vastgehouden zou worden en vreesde dagelijks voor zijn leven - niet alleen omdat de rebellen hem dreigden dood te schieten, maar ook omdat de gevechten zich rondom zijn schuilplaats afspeelden. "Er vielen onophoudelijk raketten op hun hoofdkwartieren (van de rebellen, red.) en het huis waar ik werd vastgehouden. Je denkt eraan om te vluchten, je overweegt om zelfmoord te plegen."

Vrijlating
Alpeyrie wil weinig kwijt over zijn vrijlating; de Amerikaanse en Franse regeringen hebben hem gevraagd om spaarzaam te zijn met details. "Wat ik kan zeggen is dat ik invloedrijke contacten heb in Libanon en die contacten hebben een goede relatie met Syrië."

Hij werd opgehaald door mannen van het Assad-regime, die hem overbrachten naar een door de staat gerunde gevangenis. "Ik dacht dat ik verkocht was aan het regime", aldus de fotograaf. "Ik vertrouwde het niet."

Op zijn nieuwe locatie kreeg hij nieuwe kleren, een valse ID en een telefoon. Een tijdlang verbleef hij in het huis van een rijke zakenman in Damascus, die zijn vertrek naar Libanon organiseerde.

Verstopt in een vrachtwagen kwam Alpeyrie uiteindelijk de grens over. Na vier dagen op de Franse ambassade in Beiroet te hebben gezeten - waar de papieren voor zijn uittocht werden geregeld - kon hij naar huis.

Naar Syrië gaat hij voorlopig niet meer terug. En met oorlogsverslaggeving heeft hij het "helemaal gehad".

Over de oorlog in Syrië zegt de fotograaf nog: "Het probleem is dat de rebellen de oorlog aan het verliezen zijn. De regering heeft een efficiënte manier gevonden om zijn leger te organiseren. Er zijn overal milities. De rebellen zijn zo wanhopig dat hun reputatie in het buitenland ze niets meer kan schelen. Ze zien jongens als ik als een mogelijkheid, en dus kidnappen ze om aan geld te komen."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234