Zaterdag 18/01/2020

Flegmatiek, punky en divers: zo dansen de Britten

Voor de brexit realiteit wordt, haalde het Brugse dansfestival December Dance op de valreep een klein leger choreografen uit het VK naar het vasteland. Daaronder veel namen die al lang meegaan, maar ook een paar nieuwkomers. Ze overstijgen moeiteloos de clichés over Albion.

Clichés genoeg over Engelsen. Over hun flegma en droge humor bijvoorbeeld. Het duo Jonathan Burrows & Matteo Fargion - die laatste dan wel van Italiaanse oorsprong - heeft daar het patent op. Wat ze doen, valt met niets te vergelijken. Doorgaans zit het duo op stoelen vlak voor zijn publiek, met een beduimeld schriftje voor de neus en wat voorwerpen in de buurt. Dat kan gaan van een mandoline tot een speelgoedbeestje. Ze gesticuleren ritmisch met hun armen, soms met nadruk, soms gracieus. Nu en dan roepen ze iets of geven ze een roffel op hun knieën of hun stoel. Fargion haalt er ook al eens de mandoline bij.

Waar het, bijvoorbeeld in The cow piece / body not fit for purpose, over gaat, valt niet te zeggen. Maar dát het ergens over gaat, neem je door de besliste precisie van de mannen voetstoots aan. Of nemen ze je in de maling? Want altijd zijn er die pretlichtjes in hun ogen; een sfeer van samenzweren en kattenkwaad dat het publiek helemaal inpakt. Als dat Brits flegma is, dan hoop je dat de rest van de wereld snel volgt.

Punk

Nog zo'n cliché: Engeland als geboortegrond en laatste bastion van glamrock en punk. Neem nu Michael Clark. Deze Schot zakte eind jaren 1970 naar London af om ballet te studeren, en kwam daarna terecht bij het gerenommeerde Ballet Rambert. Maar de koortsige sfeer van de metropool bleef lonken. Clark was er vroeg bij om het ballet een forse dosis camp, glamour en punk-energie toe te dienen. Hij was zo'n beetje de David Bowie of Johnny Rotten van de dans.

Vlaanderen keek vreemd op van die combinatie toen hij er in de vroege jaren 1980 het Klapstuk Festival in Leuven mee aandeed. Nadien werd het stil rond de man, maar de laatste jaren staat hij weer volop in de kijker, al doet hij het nu met minder decibels en opzichtige kostuums. De dans daarentegen bleef top. En Bowies erfenis is er ook nog: de meester zelf gaf Clark zijn fiat om zijn muziek te gebruiken in to a simple, rock' n' roll...song.

Virtuoos ballet, het is altijd al een Engelse hobby geweest. Minder pralerig en bekend dan de Franse dans, maar toch... Die erfenis zie je niet alleen bij Michael Clark. Ook een choreograaf als Wayne Mc Gregor heeft daar duidelijk zijn roots. Kijk maar hoe zijn dansers schijnbaar zonder moeite hun benen in hun nek slaan of om elkaar heen wervelen. Mc Gregor zette het ballet echter zozeer naar zijn hand dat er iets totaal nieuws, veel flitsender, uit ontstond.

Wat het echt bijzonder maakt, is de begeestering van de dansers. Geen kadaverdiscipline bij Mc Gregor, geen lege blikken maar intens betrokken performers. Voeg daarbij opzwepende muziek en een vracht filmbeelden en je krijg topspektakel als Entity.

Engeland, en dan vooral Londen, is ook het centrum van een voormalig wereldrijk. London is ontzettend divers en multiculti. Ook dat drukt niet zo'n beetje zijn stempel op de dans uit het VK. Namen als Akram Khan, Aakash Odedra of Hofesh Schechter, ze klinken niet echt Engels, maar behoren toch tot die scene. Akram Khan is wellicht de bekendste naam. Hij werd geboren in Wimbledon uit Bengaalse ouders, en studeerde vanaf zijn 7de de traditionele Kathak-dans. Zo belandde hij ook in Peter Brooks legendarische voorstelling Mahabharata.

Later ging hij ook hedendaagse dans studeren (hij zakte zelfs af naar de X-Group van PARTS in Brussel). Dat was het begin van een blitzcarrière. In en buiten Engeland krijgt het publiek maar niet genoeg van zijn onnavolgbare, zeer virtuoze mengvorm van hedendaagse en traditionele dans. Hij toont hier als enige twee werken, Until the Lions en Chotto Desh / Het kleine thuisland.

Hofesh Shechter is een geval apart. Joden genoeg natuurlijk in Londen, maar Shechter is import, al resideert deze Israëli ondertussen al weer vijftien jaar in het VK. Schechter heeft iets van de punkattitude van Michael Clark. Hij schopt graag tegen schenen, zoekt extremen op en is niet te beroerd om zijn eigen vuile was buiten te hangen. Dat verdeelt het publiek niet weinig. The Guardian achtte zijn Barbarians in love maar twee sterretjes waard, maar het festival van Avignon katapulteerde hem afgelopen jaar wel naar het hoofdpodium.

Tongue in cheek

In totaal programmeert December Dance zo twaalf ensembles of choreografen uit het VK, elk met een heel andere signatuur. Die selectie bestrijkt lang niet het hele spectrum van de Engelse dans, maar volstaat wel om te bewijzen dat de dansscene in het VK niet in clichés te vatten is. Als er al een gemene deler is, dan is dat een sterk ontwikkelde zin voor meeslepend, virtuoos, en zeer toegankelijk spektakel.

Enkel Burrows & Fargion lijken niet aan dat beeld te beantwoorden met hun simpele acties. Alhoewel: zoals zij het publiek, tongue in cheek, met bijna niets hypnotiseren, dat is op zijn manier net zo virtuoos. Alleen let je er niet meteen op. Very British indeed, then?

Van 1-11 december, o.a. in Concertgebouw, Stadsschouwburg, Magdalenazaal, De Werf en CC Brugge.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234