Zondag 15/12/2019

Feest in de bruine kroeg

Cafébaas Deforche: 'We zitten nog lang niet aan het plafond. Kijk maar naar de kleine kantons van West-Vlaanderen. Dat zijn dorpjes waar de mensen vroeger dachten dat ze naar de hel gingen als ze niet voor de kaloten stemden'Een caféganger: 'Thuis heb ik een affiche die het perfect illustreert. Je ziet drie ezels en één zweep, de drie ezels dansen naar het klappen van de zweep. Zo is het ook in de politiek. Het Vlaams Blok is de zweep die de andere partijen doet dansen'Freddy Willockx: 'CD&V is in hetzelfde bedje ziek als de oude SP.A. Ze heeft haar militanten verwaarloosd, waardoor haar achterban kwetsbaar is voor de boodschap van het Blok'

18 mei was geen zwarte zondag als een andere. Bij vorige edities boekte het Vlaams Blok zijn winst vooral in de steden. Nu zijn ook de landelijke kantons overstag gegaan. Groen, welvarend, veilig, en toch massaal voor het Blok stemmen. Wat is er aan de hand in de provincie? We snoven de sfeer en proefden de triomf in enkele landelijke kroegen waar de Blok-affiches vrank en vrolijk aan de muur hangen. Extreem-rechts dreigt een banaal verschijnsel te worden. 'Bracke en Crabbé, die hebben het begrepen', zegt de cafébaas.

Erik Raspoet

Foto's Stephan Vanfleteren

In café de Klokke lusten ze ons niet. Ik had ons bezoek beleefd willen aankondigen, ook al om de weg te vragen want in Duffel kan een mens lelijk verdwalen. Je hebt Duffel Oost en Duffel West en tussen beide loopt de Nete waarover een brug ligt die helaas tijdelijk buiten gebruik is. Omrijden via Walem, adviseerde een zwakke weggebruiker. Beter via Lier, meende weer iemand anders. Dus toch maar even De Klokke gebeld. Met de Raf, klonk het niet onvriendelijk. De toon veranderde prompt toen ik het woord De Morgen liet vallen. "Met die leugenaars wil ik niks te maken hebben", het werd luider gezegd dan voor een goed begrip noodzakelijk is. Na de droge klik die op deze mededeling volgde, stonden we in twijfel. De Klokke toch maar van ons lijstje schrappen? Er zijn tenslotte nog meer Vlaams Blok-cafés om een reportage mee te stofferen. De Leeuw van Vlaanderen in Antwerpen, de Roeland in Gent, om maar een paar bekende pleisterplaatsen van extreem-rechts op te sommen. Maar was het niet uitdrukkelijk de bedoeling de sfeer op te snuiven in de bruine kroegen van het platteland? Immers, 18 mei 2003 zal niet alleen de geschiedenis ingaan als de dag waarop Agalev zijn Waterloo beleefde en Steve Stevaert tot halfgod werd gebombardeerd. 18 mei was ook een zoveelste zwarte verkiezingszondag op een rij. Het Vlaams Blok wint drie zetels en klimt van 15,5 naar 18 procent, nauwelijks 3 procent minder dan CD&V. Opvallend is dat extreem-rechts na de grootsteden en centrumsteden ook de landelijke kantons verovert. Sla er de verkiezingspagina's van de maandagkrant maar op na. Je moet met een vergrootglas zoeken naar scores onder 10 procent, zelfs in West-Vlaanderen waar de partij van Dewinter en co traditioneel zwak presteert. De curve schommelt tussen 13 en 15 procent en piekt regelmatig boven de 20 procent. In de Antwerpse kantons Kapellen en Zandhoven kwam het Blok zelfs als grootse partij uit de stembusslag. De Kapelse gemeentesecretaris Herman Van Drommen begrijpt er niets van. "Dit is een erg welvarend kanton", vertelde hij aan de telefoon. "Kapellen, Brasschaat en Stabroek, het zijn echt geen gemeenten met nijpende samenlevingsproblemen. Er is veel groen, er zijn weinig inbraken en geen jeugdbendes, de werkloosheid ligt laag. Natuurlijk is er dat asielcentrum in Kapellen. Maar daar wordt al jaren niet meer over geklaagd. En toch wordt het Blok hier slapend rijk. Het is onverklaarbaar."

Op zoek naar de verklaring trekken we toch maar naar de Klokke in Duffel. Het gelijknamige kanton ligt gekneld tussen Antwerpen en Mechelen, twee zwarte bastions. In Duffel is het Blok nog niet de nummer één, maar een score van 21 procent kan wel tellen. Aan grootstedelijke kwalen in de woonomgeving van de kiezers kan het niet liggen. Duffel heeft wel industrie, maar die doet weinig af van het landelijke karakter. Koeien drinken uit roestige badkuipen, je kunt hier nog eieren van de boer kopen. Een bocht in de baan naar Kontich, te midden van het groen. Daar ligt dus het Vlaams Huis De Klokke. Ramen met gezandstraald leeuwenmotief, een massief interieur opgesmukt met wimpels en zelfklevers. Stop islamgeweld, stop asielmisbruik, separatisme nu, België barst, ik zal ze tijdens deze bruine kroegentocht nog vaak zien. Tussen de geelzwarte parafernalia hangt een getekend portret van Felix Timmermans, groot heimatschrijver en beroemd streekgenoot. We nemen plaats aan de toog, naast een bebrilde zestiger met een paterskruin die in de schuimkraag van een zwaar bier hapt. Aan het andere uiteinde van de toog zitten nog twee mannen, potige twintigers met korte kapsels die ons wantrouwig opnemen. Nog voor we één woord hebben gesproken, heeft de Raf ons in de smiezen. Bestellen kan, als we de bijbehorende beledigingen voor lief nemen. Yves Desmet is een arrogante klootzak. En of onze rekeningen nog altijd door Agusta worden betaald? Terwijl de baardige kastelein twee onberispelijke koffies serveert, maant hij de aanwezigen nadrukkelijk aan ons te negeren. Tevergeefs, want mijn buurman laat zich na enig aandringen uit zijn tent lokken. Waarom er hier, in deze haven peis en vree, massaal op het Vlaams Blok wordt gestemd? "Als je dat nu nog niet weet, dan snap je werkelijk niks", zegt de man met verachting in zijn stem. "Bij mijn zus in het centrum van Antwerpen hebben ze al drie keer ingebroken. Je zult zeggen, dat is in Antwerpen, daar hebben ze op de buiten geen last van. Maar bij mijn dochter in Edegem hebben ze ook al twee keer binnengezeten. In Duffel is het al niet beter. Resems inbraken worden hier gepleegd. Trouwens, waar denk je dat de mensen van Duffel en Edegem overdag gaan werken? In Antwerpen, ze zien wel wat daar gebeurt." Echt vlotten doet het gesprek niet, mijn buurman vervalt geregeld in verbeten stiltes. Overweegt hij zich alsnog bij het afwijzingsfront aan te sluiten? Hij zet zijn amberkleurig patersbier neer en heft een jeremiade aan, half binnensmonds maar luid genoeg om te worden gehoord. "Wat heeft het voor zin? In jullie ogen zijn wij toch de erfgenamen van het nazisme. Slechte mensen, racisten, mestkevers, het is niet te geloven wat er allemaal over ons wordt gezegd en geschreven. Zwarte boerenbeesten, dat riepen ze toen ik dertig jaar geleden bij de Volksunie zat. Twee keer ben ik uit die partij gestapt, twee keer ben ik teruggekomen. De derde keer ben ik definitief vertrokken, dat was toen die verrader van een Hugo Schiltz het Egmontpact ondertekende. Sindsdien ben ik een Blokker, en daar kom ik rond voor uit. Racistische programmapunten? Ik beweer niet dat het Blok-programma ideaal is. Maar wat is er racistisch aan ons migrantenstandpunt? Aanpassen of opkrassen, dat is toch redelijk zeker." Op zijn gezicht verschijnt een wat gemeen lachje, hij heeft nieuwe munitie gevonden om lezers en journalisten van progressieve kranten te jennen. "Jaja, zwarte boerenbeesten", zegt hij grinnikend, "met hoeveel zijn die zwarte boerenbeesten ondertussen? Met 750.000. Stel dat Geert Bourgeois eindelijk zijn verstand krijgt en een alliantie met ons aangaat. Dan hebben de Vlaams-nationalisten haast een miljoen stemmen en zijn we de grootste partij van Vlaanderen. En wees gerust, ons zullen ze niet doodknuffelen zoals Agalev, daar zijn we veel te sterk voor. Cordon sanitaire? Dat zal niet lang meer standhouden, het begint aan alle kanten te scheuren. Weet je, thuis heb ik een affiche die het perfect illustreert. Je ziet drie ezels en één zweep, de drie ezels dansen naar het klappen van die ene zweep. Zo is het ook in de politiek. Het Vlaams Blok is de zweep die de andere partijen doet dansen."

Hoe anders is de ontvangst die ons in Taveerne Gezelle te beurt valt. Pas na tien minuten wordt gevraagd voor welke krant we precies werken. De Morgen? Wenkbrauwen trekken een bedenkelijke frons, maar de sfeer blijft onveranderlijk goed. Wordt deze krant te weinig gelezen in Roeselare? Aan verschil in ideologische rechtlijnigheid kan het niet liggen. Het café achter het station van Roeselare lijkt wel een aanplakzuil. Kandidaten, slogans, de onvermijdelijke blondine van Veilig Vlaanderen, het knalt van de geelgeschilderde gevels. Cafébaas Filip Deforche (43) heeft een verleden bij de flamingantische stoottroepen van Voorpost. "Ik ben een België-hater", motiveert hij zijn engagement. "Ik heb als kok in Brussel gewerkt, in de glorietijd van het FDF. Mij moet je niet vertellen wat het betekent om als Vlaming te worden vernederd." Nauwelijks achttien was hij toen hij in Roeselare een afdeling van het Blok oprichtte. De scheurlijst van de Volksunie haalde in die tijd scores van 0,4 procent. Tegenwoordig is Deforche leider van een driekoppige fractie in de gemeenteraad. Het hoeft geen betoog dat hij sinds zondag in een uitstekend humeur verkeert. Het Blok sprong in Roeselare van 10 naar 14 procent, een van de beste resultaten in West-Vlaanderen. "Het was een geweldig verkiezingsfeest", zegt de glunderende cafébaas. "Maar niet zo geweldig als dat van 24 november 1991. Toen beleefden we onze historische doorbraak, sindsdien hebben we overwinning na overwinning geboekt. Het begint al een beetje te wennen." Het is late namiddag, in het café zitten zes klanten. Blok-stemmers? Sommigen beamen, niemand ontkent. "Vroeger kwamen hier uitsluitend Blokkers", vertelt Deforche. "Ik zag in een dag hooguit vijf klanten, maar voor die vijf kon ik mijn hand in het vuur steken: allemaal Blok-militanten. Nu komt er veel meer volk over de vloer. Ook mensen die niet voor het Blok stemmen, maar die geen bezwaar maken tegen het kader." Dat kader valt met geen pen te beschrijven. Je zou dit café moeiteloos kunnen exploiteren als museum van de Vlaams-nationalistische en extreem-rechtse propaganda, vermaard om zijn collectie van 225 Vlaamse Leeuwen-stickers. De AWB van de Afrikanerleider Eugène Terreblanche hangt er naast het Sinn Fein van hongerstaker Bobby Sands. Extreem-rechts en extreem-links, broederlijk verenigd in geëxalteerd nationalisme. Hét pronkstuk van het museum prijkt in een op maat vervaardigd kader: een schilfer van de lijkkist van Cyriel Verschaeve, de priester-collaborateur die in 1973 door een VMO-commando in Oostenrijk werd 'ontvoerd' om in Vlaamse grond herbegraven te worden.

Politieke analisten voorspellen voor het Blok in de provincie nog een aardige groeimarge. Misschien schuilt die groeimarge wel in de dartsclub en de kaartclub die van Taveerne Gezelle hun stamkroeg hebben gemaakt. Sommigen stemmen Blok, anderen niet. Nog niet, want wie in dit kader een kaartje komt leggen, is op zijn zachtst gezegd immuun voor het cordon sanitaire. "Ik heb hier al veel leden geworven", zegt Deforche, die met een vleugje nostalgie terugblikt op de wilde pioniersjaren. Waar is de tijd dat er regelmatig bakstenen of verfbommen tegen zijn gevel werden gekwakt? Tijdens deze campagne heeft hij niet een keitje geïncasseerd, hij had net zo goed het traliewerk voor zijn ramen kunnen verwijderen. Waar is de tijd dat sympathisanten hun bruinzwarte voorkeur angstvallig verborgen hielden? En waar de tijd dat Blokkers als melaatsen werden geschuwd? "Het taboe is aan het afbrokkelen", zegt Deforche, "steeds meer mensen hangen affiches voor hun raam of zetten een plakkaat in hun tuin. In de gemeenteraad hebben wij geen enkel probleem, we hebben toegang tot alle commissies. Iedereen is correct, zelfs de groenen zeggen altijd vriendelijk goedendag. Ach, er is veel veranderd. Zie je die foto van die voetbalploeg? Die truitjes heb ik gesponsord, we zouden aan de competitie deelnemen. Een week voor de eerste match kreeg ik een telefoontje van het sportverbond. Als wij meededen, zouden alle andere ploegen zich terugtrekken. Uiteindelijk hebben die shirts alleen gediend voor vriendenmatchen tegen gelijkgezinde caféploegen, tegen de Leeuw van Vlaanderen en de Roeland. Zo ging dat vijftien jaar geleden, vandaag zou het beslist anders lopen. Ik sponsor nu de vinkensport, niemand maakt er bezwaar tegen als ik een beker uitreik." Mijn ogen dwalen over de stickercollectie. Had ik het niet gedacht, er zitten enkele fraaie exemplaren tussen met slogans tegen de rode ratten van de openbare omroep. Het kan verkeren. Vandaag is Deforche een van de vele Blokkers vol lof voor de politieke duiding van de VRT. "Ik keek graag Bracke & Crabbé", zegt hij. "Die hebben het eindelijk begrepen. Het Blok is een partij als een andere."

Helemaal verdwenen is het taboe nog niet. Een jonge Blok-stemmer wil zijn naam niet in de krant. "Ik ben zelfstandig verhuizer en meubelmonteur", geeft hij als reden. "Als ik mij als Blok-lid out, ben ik tachtig procent van mijn klanten kwijt." Dapperheid is blijkbaar niet de voornaamste eigenschap van deze anonieme zwartstemmer. Gevraagd naar het waarom van zijn Blok-sympathie, maakt hij ons zijn grote vrees deelachtig. Buiten, in de buurt van het station, krioelt het van de vreemdelingen. "Ik durf hier 's avonds niet alleen rondlopen", zegt hij in alle ernst. "Je ziet ze overal staan, de een na de ander." Ik moet er onwillekeurig om lachen. Zoals hij het vertelt zijn de suburbs van Johannesburg niks vergeleken bij de stationsbuurt van Roeselare. Maar de cafébaas hamert op dezelfde spijker. "Drie jaar geleden hebben ze hier een asielcentrum geopend. Van de ene dag op de andere werden vijfhonderd vreemdelingen in het centrum van de stad gedropt. Roeselare is klein, in een kwartiertje heb je alles gezien. Het leek een invasie, overal kwam je asielzoekers tegen. Dat heeft ons veel stemmen opgeleverd."

Gezellig is het wel. Er heerst een geinig sfeertje van stoute jongens onder elkaar die de gevestigde orde eens flink dooreenschudden. Natte dromen worden aan de toog opgebiecht. Wie weet, op een dag, zal de gevestigde orde vallen en door een nieuwe orde worden vervangen. Het cordon sanitaire? Geen vijf jaar geven ze het nog. Ook in Taveerne Gezelle wordt begerig naar het stemmenreservoir van de N-VA gelonkt. Logisch, als je bedenkt dat Geert Bourgeois in het naburige Izegem 20 procent heeft gescoord. "Tel die stemmen bij de onze", maakt cafébaas Deforche de aanwezigen lekker. "En dan kan niemand nog om ons heen. We zitten nog lang niet aan het plafond. Kijk maar naar de kleine kantons van West-Vlaanderen. Dat zijn dorpjes waar de mensen vroeger dachten dat ze naar de hel gingen als ze niet voor de kaloten stemden. Nu haalt het Blok daar 10 procent, en dat is maar een begin. We krijgen trouwens steeds meer steun van de boeren, vooral de leden van het Algemeen Boerensyndicaat zijn ons gunstig gezind."

Donderdagmiddag. We rijden Sint-Niklaas binnen. Het doelwit is geen café, al lijdt het geen twijfel dat het Blok ook hier over een stamkroeg beschikt. De partij boekte er zondag 22,4 procent, een vooruitgang van 3,5 procent. Dank zij de nog veel grotere winst van de SP.A werd extreem-rechts echter van de eerste plaats verdreven. We hebben een moment van bezinning in onze bruine kroegentocht gelast. Wie kan ons daarin beter bijstaan dan Freddy Willockx? Om te beginnen is de SP.A-burgemeester als biljartfanaat en kaartspeler zelf een toegewijde caféganger. Wat belangrijker is: Freddy Willockx zat op de eerste rij toen het Blok zich vanuit Antwerpen als een olievlek verbreidde. Als het giet in Antwerpen, regent het in Beveren en druppelt het in Sint-Niklaas, zo wil een Waaslands gezegde. Er was nog een reden om de burgemeester tijdens deze drukke marktdag te storen. Freddy Willockx houdt er behalve biljarten en kaarten een derde hobby op na: kwalitatief verkiezingsonderzoek. Al dertig jaar lang vlooit hij verkiezingsresultaten uit, kanton per kanton, desnoods kiesbureau per kiesbureau. Zo kon hij in Sint-Niklaas haarfijn vaststellen waar de SP.A kiezers aan het Blok verloor. "Daar zit een evolutie in", vertelt hij. "In 1991 verloren we vooral in de volksbuurten. De verkiezingen van zondag heb ik nog niet grondig kunnen analyseren. Maar de nivellering is duidelijk. In arbeidersbuurten stagneert het Blok of boert het achteruit, in residentiële wijken gaat het vooruit. Daarin herken je de landelijke tendens. Het Blok groeit minder snel in de steden dan op het platteland. Je kunt zeggen, dat is logisch als je bedenkt dat ze in de steden al sterk presteerden terwijl ze op het platteland nergens stonden. Maar volgens mij is er meer aan de hand." Wat dan wel? Hij sopt een beschuitje in zijn kop soep, denkt ondertussen diep na over de formulering van zijn antwoord. "Ik stel drie dingen vast", begint hij. "Ten eerste dat de uitstroom van socialistische stemmen naar het Blok vermindert. Eindelijk, zou ik eraan toevoegen, want die leegloop is een pijnlijk proces geweest waarvoor we een historisch mea culpa moeten slaan. We zijn tekort geschoten in de vorming van onze militanten. Niet alleen de partij, dat geldt evenzeer voor de vakbond en zelfs de mutualiteit. We hebben te veel de nadruk gelegd op het materiële terwijl we morele en ethische waarden hebben verwaarloosd. Daardoor is onze eigen achterban vatbaar geworden voor racisme en onverdraagzaamheid. Dat is nu veranderd, mede dank zij het genie van Steve Stevaert die erin slaagt om naast biefstukkenthema's ook niet-materiële waarden zoals verkeersveiligheid te verkopen. Bij de socialisten is de leegloop dus gestuit, maar het ziet ernaar uit dat nu de christen-democratie aan de beurt is. Volgens Elchardus zijn echte gelovigen en overtuigde vrijzinnigen minder vatbaar voor racisme. Wellicht heeft de christelijke zuil daarom langer standgehouden tegen het Blok. Maar ik vrees dat ook daar de sluizen zijn doorgebroken. CD&V is in hetzelfde bedje ziek als de oude SP.A, ze heeft haar militanten verwaarloosd, waardoor haar achterban kwetsbaar is voor de boodschap van het Blok. Vanuit democratisch oogpunt kan ik alleen maar hopen dat die partij zich zo snel mogelijk herstelt. Maar laten we ons geen illusies maken, het Blok heeft op het platteland nog een groeimarge. Dat heeft ook te maken met mijn derde vaststelling: de banalisering van racisme in onze maatschappij. Ik merk het als ik zelf op café ga. Vroeger vloog ik uit bij de minste racistische opmerking. Tegenwoordig vind ik niet meer de fut om er iedere keer weer tegen in te gaan." Of er een remedie bestaat om het zwarte tij te keren? "Ik zie er maar één", zegt Willockx. "Zo goed mogelijk besturen. Dat betekent ook dat je de klagers niet meteen culpabiliseert zoals vroeger weleens gebeurde. Als mensen het moeilijk hebben met Roma-zigeuners in hun buurt, dan kun je beter luisteren naar hun klachten in plaats van hen voor racisten uit te schelden. Die aanpak werkt, dat hebben we met het asielcentrum in de Kasteelstraat ondervonden. De hele buurt was woedend toen drie jaar geleden de komst van de asielzoekers werd aangekondigd. Maar we hebben kort op de bal gespeeld. We zijn meteen met de mensen gaan praten. En we hebben voor compensaties gezorgd. De straat werd heraangelegd, er werden renovatiepremies verstrekt. Dat heeft de stemming doen omslaan. Nu stel ik vast dat we in de buurt van de Kasteelstraat stemmen van het Blok terugwinnen."

De laatste etappe brengt ons in Vlaams-Brabant. Sint-Katharina Lombeek, een deelgemeente van Ternat. Brussel ligt hier maar een kwartier vandaan. Ergens moet een onzichtbare grens lopen, want dit is een andere wereld. Nergens zijn de duivenhokken zo pittoresk als in de wijk rond de Bosstraat. Even vrezen we dat café Het Vierverbond gesloten is en te koop staat. Uit de ramen op de eerste verdieping springen kartonnen borden, het soort dat door vastgoedkantoren wordt gebruikt. Kiespropaganda van het Vlaams Blok blijkt bij nader toezien. We draaien de ruime parkeerplaats op waar de vinkenzetters in de zomer hun door Gaia verfoeide sport beoefenen. Café en vinkenclub, ze waren al lang met elkaar getrouwd toen hier anderhalf jaar geleden de eerste Blok-affiches werden opgehangen. Hoe de vinkenzetters daarop reageerden? "Die hebben niet gereageerd", zegt de cafébaas. "Die komen toch niet voor de politiek, die willen gewoon hun sport bedrijven. Dacht je echt dat deze affiches de klanten afschrikken? Dan was je zondag moeten komen kijken. In het schooltje hier vlakbij was een kiesbureau, de mensen liepen van het stemhokje recht naar mijn café. En niet alleen de Blok-kiezers hé, anders had ik geen vijf vaten getapt."

Het Vierverbond heeft alles mee. Een uitgesleten tegelvloer, sanseveria's voor het raam, en een kachel met een forse pijp. Eén en al authenticiteit, als men de schreeuwerige posters buiten beschouwing laat. De nabijheid van Brussel laat zich in de propaganda voelen. Rand = Vlaams. Stop Franstalige Arrogantie. De Lijn: Geen Gezwans, Enkel Nederlands. De uitbater van Het Vierverbond is een volledig in het zwart geklede verschijning die lokaal wereldberoemd is als den Broeder. In feite heet hij Etienne Van Ginderdeuren (56), een ex-VMO'er met twee mandaten in de Brabantse provincieraad op zijn palmares. Dat hij permanent dronken is, mag ik niet schrijven. Wel dat hij een dichter is, en dat hij Jotie 't Hooft persoonlijk heeft gekend. Vaststaat dat hij van een geintje houdt. Ter ere van de ongenode gasten pikt hij een cd uit zijn collectie. Even later schalt 'Auf der Lünebürger Heide' uit de luidsprekers. Zijn drijfveer? Afkeer van de multiculturele samenleving en een onstuitbare hang naar Vlaamse onafhankelijkheid, ik had het zelf kunnen verzinnen. Hij schort zijn mouw op. Die littekens heeft hij overgehouden van de strijd voor de Vlaamse zaak. "In de jaren zeventig ging ik in Brussel affiches plakken voor de Volksunie", vertelt hij. "Dat was toen levensgevaarlijk. De BSP ronselde in Antwerpen dokwerkers om op ons te jagen. Als die mannen met hun ijzeren staven verschenen, moest je rennen voor je leven." De anekdote is interessanter dan hij wellicht zelf vermoedt. Want wat liet Freddy Willockx ons vanmiddag zien? Een brief van een ontmoedigde dokwerker en vakbondsmilitant die het niet meer kan aanzien hoe zijn werkmakkers een voor een overlopen naar het Blok.

Er hangt een bezopen sfeer in dit café. Een bejaard koppel maakt ruzie met een lange slungel. Met hun drieën slagen ze er zelfs in de Duitse marsmuziek te overschreeuwen. De Broeder grijpt in. Hij maant de slungel tot kalmte, maar krijgt het prompt aan de stok met de bejaarde vrouw. Laat die jongen met rust! Hij heeft u niks misdaan! Even later maken de drie opnieuw ruzie. Dit keer over wie als eerste een verzoeningsrondje mag trakteren. Vrolijk zijn we van deze kroegentocht niet geworden. Een jongen met een baseballpet en drie oorringen vertelt wanneer hij besloten heeft voor het Blok te stemmen. Dat was toen hij vaststelde dat zijn grootmoeder, die nota bene de oorlog heeft meegemaakt en haar leven lang heeft gewerkt tot ze krom liep, het met een pensioentje van 22.000 oude Belgische franken moest stellen. En dat terwijl de vreemdelingen hun hand maar hoeven uit te steken om een uitkering te krijgen waar zijn grootje alleen maar van kon dromen. Zouden de Muppets ook voor het Blok stemmen? Ik noem ze de Muppets, omdat ze elkaar de hele tijd aanstoten en commentaar geven op alles wat beweegt. Petrus en Henry, zoals deze vertegenwoordigers van de derde leeftijd heten, horen bij het meubilair dat den Broeder met het café heeft overgenomen. Petrus heeft "voor de goeien gedaan", maar Henry windt er geen doekjes rond. Ja, hij heeft voor het Blok gestemd. "En nu afwachten of ze iets voor ons kunnen doen", voegt hij er raadselachtig aan toe. Wat moet het Blok dan zo nodig voor hem doen? "Ik weet niet", stamelt hij wat hulpeloos. "De pensioenen verhogen misschien."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234