Zondag 21/07/2019

'Falen is niet noodzakelijk slecht'

De Britse beeldhouwer Richard Deacon won in 1987 de prestigieuze Turner Prize, en stelde onder meer tentoon op documenta en de Biënnale van Venetië. Aan die indrukwekkende lijst voegt hij nu het Antwerpse Middelheim-museum toe, met zijn expo Some time.

Zijn abstracte beeldhouwwerken mogen dan vaak strak en minimalistisch zijn, zijn atelier in Londen is dat allerminst. Tussen hopen papierwerk ligt achteloos een Leica, op een van de werktafels ligt een bestofte doos waar vroeger de designercookies van goddelijke huisvrouw Nigella Lawson in zaten, en tegen één wand staan rekken vol voorwerpen, vooral stenen en plastic dieren. "Ik ben een beetje een hamster", zegt Deacon. "Ik verzamel van alles. Toen ik een kind was, wilde ik mijn eigen natuurhistorisch museum."

Een eigen museum heeft hij niet, een eigen tentoonstelling in het Middelheim-museum wél. Startpunt daarvoor was één houten sculptuur uit 1993: Never Mind is een sleutelwerk uit de museumcollectie dat nu gerefabriceerd werd in roestvrij staal.

Richard Deacon: "Voor een tentoonstelling in het Middelheim in '93 had ik Never Mind gecreëerd. Ik was er toen van overtuigd dat ik een houten sculptuur kon maken voor buiten. Ik had houten boten bestudeerd in Stockholm, Noorse kerken, Zwitserse chalets. Al die dingen zijn uit hout gemaakt en kunnen wel driehonderd jaar oud worden. Dus dacht ik: als ik mijn sculptuur opbouw als een boot, is er geen probleem. Maar ik had er geen rekening mee gehouden dat boten voortdurend onderhouden worden. En ook: het is de zon die de schade aanricht, meer dan het water. Dus gingen de planken van mijn werk openstaan en drupte er gestaag regenwater in. Uiteindelijk raakte het in zo'n slechte staat dat het uit de tentoonstelling werd gehaald.

"Jarenlang heb ik erover nagedacht hoe ik dat probleem kon oplossen. En nu, 24 jaar later, heb ik het werk opnieuw gemaakt in roestvrij staal. Voor ik aan de remake begon, ben ik het oorspronkelijke werk gaan bekijken en ik moet zeggen: ik was in shock door hoe slecht het eraan toe was. Het voelde een beetje aan als falen. Maar falen vind ik niet noodzakelijk slecht. Het is oncomfortabel, dat wel, maar een mislukking kan je verder drijven, waardoor je weer nieuwe dingen ontdekt."

Wat gebeurt er met het oorspronkelijke werk?

"Dat is vernietigd. Het was toch al grotendeels verrot. Ik heb wel de twee uiteinden bijgehouden, en nu overweeg ik om ze aan de muur te hangen als jachttrofeeën. (lacht)"

De tentoonstelling heet

Some Time

. Titels zijn heel belangrijk voor u.

"Some Time refereert aan de tijd die het me gekost heeft om de werken te maken, maar er is ook een link met sterfelijkheid. We hebben allemaal some time."

Maar uw werken moeten méér dan slechts een beetje tijd krijgen? Ze moeten u overleven?

"Marcel Duchamp zei dat de levensduur van een kunstwerk twintig jaar was. Toen ik studeerde, was ik het daarmee eens. Ik was niet bezig met de duurzaamheid van een sculptuur. Ik deed performances en gooide ook veel weg op het einde van een dag. Al ben ik nu, 45 jaar later, wel blij dat een aantal dingen uit mijn studententijd het toch overleefd hebben. Nu vind ik het belangrijker dat de dingen blijven bestaan.

"Toen ik studeerde, was ik ervan overtuigd dat het oké was om dingen te maken die verdwenen omdat je later nog altijd iets nieuws kan maken. Iets nieuws én beters. Maar nu ben ik ambitieuzer en maak ik complexere werken, die meer tijd vragen om te maken. Die wil ik niet zomaar zien verdwijnen."

Voor het Middelheim hebt u een nieuw werk gemaakt: een vinylplaat.

"Ja, die heet Something for Everyone. Ik heb al mijn titels in alfabetische volgorde ingelezen. Van a tot m op de ene kant, van n tot z op de andere. Er is maar één letter die ik nooit heb gebruikt: x. Geef toe, dat is een moeilijke letter.

"Toevallig heb ik nu een werk dat ik nog een titel moet geven. (fluistert in zichzelf)X marks the spot, dat is het! Moet ik even opschrijven."

Taal is een cruciaal thema in uw werk. Waar komt die fascinatie vandaan?

"De relatie tussen de wereld en de manier waarop we erover praten interesseert me al heel lang. Deels ziet de wereld eruit zoals ze eruitziet door de manier waarop we erover praten. Toen ik studeerde heb ik een lang essay geschreven over de relatie tussen taal en perceptie.

"Mijn interesse komt voor een stuk voort uit het feit dat ik niet goed wist hoe ik met meisjes moest praten. Daarom ben ik me gaan verdiepen in taal. En nee, dat hielp me niet echt vooruit met de meisjes. (lacht)"

Momenteel hebt u ook een tentoonstelling in het San Diego Museum of Art. Die heet

What you see is what you get

. Die stelligheid lijkt te contrasteren met de titel

Some time

.

"What you see is what you get komt voort uit het discours rond minimalisme in de sixties. De titel is nogal in your face, dat klopt. Ik heb ook een T-shirt laten maken met daarop: Richard Deacon. What you see is what you get, maar die heb ik nog niet durven dragen. (lacht)

"Beide titels hebben te maken met wachten en een soort dwingendheid, met een moment of een periode. Dus in beide gevallen is 'tijd' een onderwerp. Een derde tentoonstelling die nu van me loopt, heet On the other side. Die titel is gerelateerd aan ruimtelijkheid, maar ook aan sterfelijkheid. Willen we niet allemaal weten wat er aan de andere kant is? Tijd en ruimte, dat zijn de twee thema's die me het meest interesseren. Tijd, ruimte en onze plaats in de wereld."

Van 27 mei tot 24 september, Middelheim-museum, Antwerpen, middelheimmuseum.be

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
© 2019 MEDIALAAN nv - alle rechten voorbehouden