Zaterdag 22/01/2022

'Fabrieken van de middelmaat': een eeuw kantoren in Brussel

Nieuwe tentoonstelling van de Brusselse Fondation pour l'Architecture

Brussel

Van onze medewerker

Eric Min

Misschien is de gotische kathedraal, het sterkste staaltje van bouwen in de Middeleeuwen, wel de toetssteen en het ijkpunt voor al wat nadien kwam. In de negentiende eeuw werden nieuwe vormen en gedachten, zoals fabrieken of het tentoonstellingspaviljoenen, ingehaald als 'kathedralen van het moderne'. Onze eeuw zou een nieuw symbool genereren: het kantoorgebouw. De Fondation pour l'Architecture presenteert een uitstekende expositie over deze 'fabrieken van de middelmaat' (Balzac) in... een Brusselse kantoortoren bij het Madouplein, waar de stichting onderdak heeft gevonden in afwachting van de uitbreidingswerken aan het eigen pand in de Kluisstraat te Elsene.

De tentoonstellingen van de Fondation zijn altijd interessant, aanstekelijk en uitermate verzorgd. Dat is ook het geval voor 100 jaar kantoren - le siècle des bureaux. We krijgen dus een (niet: de) geschiedenis van het kantoor waarin niet alleen strikt bouwtechnische aspecten aan bod komen, maar ook plaats wordt gemaakt voor de mensen die hun leven in de blokkendozen doorbrengen. Tussen de vaak prachtige tekeningen, plannen en maquettes vinden we sporen van bewoning: ontroerende foto's van klerken en stenotypistes, oude Remmington-schrijfmachines, een verzameling perforatoren die uit een imaginair 'Museum van de Administratie' zou kunnen zijn ontvreemd. Een lessenaar en de bijbehorende hoge stoel uit de Nationale Bank van architect Beyaert (1862) roepen het beeld op van nijvere beambten die zelfbewust de kroontjespen hanteren. Om de hoek doemen al de schetsen voor de nieuwbouw van de bank op: in de vesting die Marcel Van Goethem na de Tweede Wereldoorlog naast de Sint-Michielskathedraal mocht neerzetten, zou alles groter en hoger zijn. Hout werd vervangen door glas, metaal en beton.

Maar intussen stroomde er veel water door de Zenne. De eerste kantoorgebouwen waren klassieke paleizen met veel marmer en stuc, stevig in de traditie geworteld. In het interbellum slaan de zakelijkheid en de versnelling toe. De art deco is een late opstoot van weelde in het tijdperk van de efficiëntie; het pand van de Sociale Voorzorg aan de Luchtscheepvaartsquare, dat door fotograaf Willy Kessels in beeld werd gebracht, of Diongres radiogebouw (1933) op het Flageyplein zijn mooie voorbeelden van deze stijl. Maar er zijn ook minder bekende bouwwerken als de Shell Building (1933) of Electrorail van Antoine Courtens (1931). In de jaren dertig staat er geen maat op de vooruitgang. Victor Bourgeois wil de Noordwijk tegen de vlakte gooien en vervangen door een gigantische zakenwijk, pats boem in het weefsel van de oude stad. Ook het ontwerp van Stanislas Jasinsky voor drie kruisvormige torens op een steenworp van de Grote Markt is hier nog eens te zien. Architecten die beweren dat steden "vanuit de lucht gezien zo ontzettend mooi zijn", nemen wellicht niet de moeite om er te gaan wandelen. Zelfs in deze expositie vinden we geen spoor van (het gebrek aan) woonkwaliteit in de schaduw van de torens.

Na de oorlog woedt het bouwen voort. Ook de Wolvengracht krijgt zijn versterkte burcht, de ASLK. Het Foncolin-gebouw in de Montoyerstraat is het eerste experiment met dragende gevels uit geprefabriceerde elementen in beton. De bakens die de Brusselse skyline beheersen, worden opgetrokken: de Zuidertoren , de Martini, de PS, de Lotto, het RAC, de Boudewijn... Het zijn afkortingen die elke pendelaar uit het hoofd kent. Pikant detail: op een schets voor de tuin van het Rijksadministratief Centrum, vandaag weleens gebruikt als locatie voor een technoclip of een roofmoord uit de televisieserie Heterdaad, komen zelfs mensen voor die genoeglijk van hun middagpauze genieten. Het gebeurt, maar niet te vaak.

Ook de hedendaagse staaltjes van kantorenbouw komen uitgebreid aan bod met maquettes, meubilair en fotomateriaal. Onder meer de Europese wijk rond het Berlaymontgebouw en het Leopoldstation, realisaties van grote namen als Bofill of Braem, en de renovatie van 'oude' kantoren worden belicht. Design is alles, het goddelijke licht is overal. Op de foto's en de blanke maquettes is het altijd zomer: het is een ontwerperstruc die het blijft doen. Vanuit de lucht gezien is de stad nog altijd ontzettend mooi, en dat is nu net het probleem. De eenzame bewakingsagent bij zijn videoscherm, de hoeren van de Noordwijk en de conciërge die zijn hondje niet meer durft uit te laten komen niet in beeld. Maar ze zijn er wel.

Tot 31 december in de Kunstlaan 3 te Brussel. Ze is geopend van dinsdag tot vrijdag van 12.30 uur tot 19 uur, op zaterdag en zondag van 11 uur tot 19 uur. Toegangsprijs: 250 frank. De fraai geïllustreerde catalogus is ook een agenda voor het jaar 2000 en kost 650 frank.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234