Zondag 18/04/2021

Expo u Xianfeng toont in scheveningen beelden van zestien jonge Chinese kunstenaars

Na het Tian'anmen-bloedbad van 1989 werd de contestatie specifieker: van politieke kanttekeningen naar kritiek op de gapende wonden van een zich razendsnel transformerende maatschappij

Chinezen aan zee

De hele zomer lang zijn in het Nederlandse Scheveningen sculpturen van zestien jonge Chinese kunstenaars te zien in de tentoonstelling Xianfeng ('Avant-garde') van het museum Beelden aan Zee. Onder meer beelden van nieuwe en cynische realisten, alsook conceptuele kunst en Peking Opera-kostuums in transparant pvc en visdraad.

Scheveningen

Eigen berichtgeving

Catherine Vuylsteke

Sinds de Hongkongse galeriehouder Johnson Chang twaalf jaar geleden de eerste grote tentoonstelling van Chinese avant-gardekunst in het buitenland organiseerde, is het erg hard gegaan. Curatoren van over de hele wereld bakten zoete broodjes met China's jonge kunstenaars en organiseerden onderhand evengoed in Parijs, New York, Venetië, Antwerpen, Bonn als Tokio de ene na de andere expo. Veilinghuizen als Sotheby's raakten geïnteresseerd en de prijzen stegen exponentieel. In oktober van vorig jaar, zo meldde The Economist recentelijk, werd het gros van de door Sotheby's geveilde moderne Chinese kunstwerken voor dubbel zoveel geld verkocht als oorspronkelijk was geraamd. Zonnebloemen van Yue Minjun bijvoorbeeld vond voor meer dan 60.000 euro makkelijk een koper.

Ook inhoudelijk is het werk van China's jonge kunstenaars sinds het begin van de opendeurpolitiek een kwart eeuw geleden sterk geëvolueerd. Terwijl het contact met het Westen in de jaren tachtig voor een grote verkenning zorgde, en ook politieke thema's niet werden geschuwd, bracht het Tian'anmen-bloedbad van juni 1989 een gigantische ontnuchtering teweeg. Net zoals de rest van de Chinese maatschappij keerden de kunstenaars zich van de politiek af. Ze vertrokken naar het buitenland, plooiden zich terug op hun eigen kleine wereld - velen gingen in kunstenaarscommunes op het platteland wonen - en organiseerden tal van ondergrondse manifestaties.

Ondertussen ontstonden in de grote steden ook tal van galeries, veelal met buitenlandse sponsoring. De kunstenaars ontdekten de bescherming van de markt: velen gingen officieel 'in zaken' en maakten werken die meteen in Hongkong, Taiwan of de VS werden verkocht. De contestatie werd tegelijk veel specifieker: weinig kanttekeningen bij het Chinese eenpartijsysteem maar des temeer kritische kanttekeningen bij de gapende wonden van een zich razendsnel transformerende maatschappij: de onrustwekkend groeiende kloof tussen arm en rijk, de vaak onbezonnen afbraak- en bouwwoede, die een onherkenbaar China doen ontstaan, waarin ecologische kwesties steeds nijpender worden.

Het Scheveningse museum Beelden aan Zee zocht gastconservator Cees Hendrikse aan voor de huidige editie van zijn jaarlijkse zomertentoonstelling. Hendrikse werkte lange tijd als personeelsdirecteur bij de Nederlandse Gasunie maar ging na het zien van het werk van Fang Lijun in het Amsterdamse Stedelijk Museum in 1998 Chinese moderne kunst verzamelen. Hij selecteerde voor Scheveningen zestien kunstenaars, van wie het gros internationaal al zijn of haar sporen heeft verdiend. Zo staat bij de ingang van het museum de 'Made in China'-dinosaurus van Sui Jianguo, die recentelijk ook nog op Art Brussels te zien was. Ongetwijfeld nog beroemder zijn Yue Minjun en Yang Shaobin, die tot eind jaren negentig louter schilderden maar ondertussen op sculpturen zijn overgestapt. Het oeuvre van Yang, dat bijwijlen aan Francis Bacon doet denken, focust op de duistere kant van de menselijke natuur: geweld, wreedheid, onderdrukking, agressie, pijn en verwondingen.

Net zoals Yue behoort Yang tot de zogenaamde cynische realisten, die ontstonden na het Tian'anmen-bloedbad. Sindsdien leidden berusting en een gevoel van hulpeloosheid tot onverschilligheid jegens het bestel. Yue Minjun begon de makkelijk herkenbare doeken te schilderen met hun grijnslachende personages met gesloten ogen. Een stompzinnige, dwaze lach, ingegeven door de sfeer van een gesloten maatschappij, of een misleidende lach, om zichzelf te beschermen tegen gezichtsverlies. Of nog: een lach van opluchting, een middel om de absurditeit van het alledaagse leven te doorstaan.

In 1999 begon Yue aan sculpturen te werken, zoals de hier geëxposeerde Hedendaagse terracottakrijgers. Deze duidelijk naar het leger van de eerste keizer, Qin Shi Huangdi, verwijzende vijfentwintig personages zijn een van de twaalf groepen uit een groter project, dat in totaal uit 300 beelden bestaat. In elk van de groepen wordt hetzelfde personage in een andere pose uitgevoerd. De beelden hebben niets van de grootsheid van een antiek leger krijgers dat een dode keizer beschermt en toch zijn ze krachtig en onweerstaanbaar. Net als de heroïsche sculpturen uit het vroegere socialistisch-realisme imponeren ze door hun formaat, iets meer dan levensgroot, en door hun onrealistische proporties met te grote handen en te lange armen. Niet de heldhaftige kameraad uit de anonieme massa wordt evenwel uitgebeeld, maar de kunstenaar, het individu, dat straalt van oneerbiedigheid en zelfverzekerdheid.

Van een totaal andere orde zijn de nieuwrealistische Stadsboeren van de momenteel aan de Amsterdamse Rijksacademie van Beeldende Kunsten werkende Liang Shuo. Nieuw omdat Liangs sculpturen niet realistisch zijn in de klassieke zin van het woord, maar ook erg anders zijn dan de werken van de tien, twintig jaar eerder debuterende 'realistische' kunstenaars die zich vooral tegen het socialistisch-realisme afzetten. Liang voelde zich aangegrepen door de legers van mingong, boeren die in de steden werk zoeken op de bouwwerven en aldus persoonlijk voor de razendsnelle transformatie van China verantwoordelijk zijn. Liang weet de gevoelens van zijn personages verbazend reëel weer te geven. Hij legt de verbijstering en vervreemding vast die uit hun gezichten spreekt: ze proberen de veranderingen te begrijpen waaraan ze deelnemen, onbewust van hun plaats in deze nieuwe wereld.

Ook Zhang Dali neemt de mingong als uitgangspunt voor zijn werken 100 Chinezen en Chinese telgen. Hij maakte afgietsels van 100 koppen, uit naam van de talloze bouwers van het nieuwe China, om het bestaan van deze vergeten leden van de samenleving te documenteren. Aangrijpender zijn evenwel de Chinese telgen, levensgrote beelden die ondersteboven aan de zoldering hangen, verwijzend naar hun positie als slachtoffer van de voortdurende sociaal-economische veranderingen: ze dobberen hulpeloos rond zonder vaste grond.

De nergens ter wereld ooit geëvenaarde transformatie van China impliceert niet alleen honderden miljoenen mingong, ze zorgt tevens voor een gigantische breuk met het verleden en brengt de traditioneel erg hoog aangeschreven harmonie met de natuur in gevaar. In zijn prachtige reeks Een Chinese droom gebruikt Wang Jin transparant pvc en visdraad voor het creëren van de traditionele theaterkostuums en keizerlijke gewaden met hun erg verfijnde symbolische borduursels. De werken weerspiegelen de botsing tussen China's oude culturele traditie en de nieuwe, snel veranderende consumptiemaatschappij. Nog van Wang Jin zijn in Scheveningen acht stenen te bewonderen waarin een paspoortnummer is gegraveerd. Ze zijn voorzien van een nis met een fallisch figuur. De stenen verwijzen naar Wangs acht pogingen om een visum te krijgen voor de VS. Een stempel in een vederlicht document, die op het leven van Zhang evenwel ging wegen als een steen. Het visum, waarmee de jonge kunstenaar zich bij zijn al in de VS studerende echtgenote wilde vervoegen, is er nooit gekomen. Uiteindelijk zijn de Zhangs zelfs om die reden gescheiden, en het duurde naar verluidt meer dan een decennium voor de jonge artiest dat kon verwerken.

Van een heel andere aard maar even ontroerend is de titelloze installatie die Lü Shengzhong op Beelden aan Zee toont. Toen China's kunstenaars midden jaren tachtig werden overspoeld met beelden en literatuur uit het buitenland, besloot Lü de agitatie en de chaos van nieuwe ideeën en bewegingen te ontvluchten en zijn inspiraties te zoeken in de dorpstradities. Hij maakte van het papierknippen zijn eigen medium en verbindt daarin traditie en moderniteit. De indrukwekkende omvang van zijn installatie, met zijn eindeloos herhaalde, verfijnde rode figuurtjes, overspoelt de kijker.

Een van de allerbekendste kunstenaars van de huidige generatie, is ongetwijfeld de conceptualist Ai Weiwei, van wie eerder in het Gentse Caermersklooster werk te zien was. Ai woonde tien jaar in New York alvorens in 1993 naar China terug te keren. Vijf jaar later was hij mede-initiatiefnemer van China Art and Archives Warehouse en onafhankelijk curator van verschillende tentoonstellingen. Het spraakmakendst was ongetwijfeld de expo Fuck Off, waar onder meer zuilen van menselijk vet uit de talloze liposuctiesalons in de grote steden te zien waren. In een van de vele installaties uit die expo laat een man zich brandmerken. Maar het ophefmakendst was ongetwijfeld de film waarin een man een geaborteerde foetus opvreet.

Van Ai zijn onder meer Duchamp-achtige sculpturen zoals Dao Guang blauw en wit porselein en hamer en Han Dynastie urne met Coca-Cola-logo te zien. Veel interessanter is evenwel de documentaire die de VPRO in 2001 over hem maakte en die in Scheveningen eveneens wordt vertoond. De film, net zoals de uitvoerige tekstbanieren die bij alle werken zijn opgesteld, laten de bezoeker toe om zonder veel voorkennis te genieten van de sculpturen, die in Beelden aan Zee overigens goed tot hun recht komen. En voor wie meer wil weten, is er de erg lezenswaardige, van insiderpraat gespeende catalogus.

Xianfeng is misschien niet zo avant-gardistisch als de naam laat uitschijnen - veel onbekenden zijn er niet bij - maar de tentoonstelling is mooi, boeiend en beslist het ommetje naar Nederland waard.

Xianfeng, in Museum Beelden aan Zee in de Harteveltstraat 1 te Scheveningen is tot 11 december te bezichtigen. Dinsdag t/m zondag van 11-17 uur. Info: www.beeldenaanzee.nl

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234