Maandag 21/06/2021

Explorer-fotograaf Guido Sterkendries is een uniek exemplaar

Een boomwurgslang doorboorde ooit zijn schouder, het levensgevaarlijke gif van een gilamonster verspreidde zich vanuit een beet in zijn wijsvinger, reuzenmieren met verlammende angels wierpen zich op zijn knieën en malariamuggen deden zich te goed aan zijn bloed. Guido Sterkendries, Belgiës bekendste en wellicht meest gepassioneerde eco-natuurfotograaf, gaat door vuur en water voor precies die ene foto. Met zijn geliefde fotomodellen - kikkers - bracht hij ooit David Attenborough in verlegenheid. Na 21 jaar heeft hij eindelijk zijn eerste boek uit: Amazone puur. Een gesprek met Tarzan.

f de omschrijving ‘de Tarzan van de fotografie’, enkele maanden geleden nog in de mond genomen door het Britse blad The Sun, hem bevalt, wil ik weten. Als antwoord grijnst de boomlange ecofotograaf met het lange haar zijn tanden bloot. Dat hij in conditie blijft en vooral móet blijven, bewijzen de halters en fitnesstoestellen in de woonkamer van zijn huis in Edegem. Makkelijk maakt Guido Sterkendries (46) het zich immers niet op zijn tochten door - vooral - de Braziliaanse regenwouden. Voor die ene foto sleept hij zich door modder en slijk, hangt hij tientallen meters hoog in het bladerdak van een regenwoud of balanceert hij op niet eens zo stevige takken boven ravijnen van honderden meters diep. “Zonder een goede fysiek kom ik niet op de locaties waar ik mijn beste foto’s kan vastleggen”, klinkt het stoer. Zonder geduld en uithoudingsvermogen ook niet, zo blijkt. Urenlang in de meest vreemde lichaamsposities wachten op dat ene beeld, is voor Sterkendries geen uitzondering. “Heel wat anderen hadden er al sneller de brui aan gegeven, zeggen ze weleens. Maar ik ga geen 18.000 kilometer vliegen om er na een half uur de brui aan te geven, hè?!”

Reeds eenentwintig jaar bezoekt hij zijn lievelingsplaats het Amazonegebied waar hij graag zijn gevederde, geschubde of in vacht gestoken fotomodellen voor de lens haalt. Met de souvenirs van zijn reizen, her en der uitgestald in zijn huis, zou hij een afdeling van een museum kunnen vullen. Blaaspijpjes uit de Amazone, een loodzware oorlogsknots van een Kayapo-indiaan en een aardewerkmasker van een Matis-indiaan. Het boekenrek langs zijn werktafel puilt uit van de dikke naslagwerken over de slavenhandel, de reizen van Marco Polo, Leni Riefenstahl en zowat alle boeken van Redmond O’Hanlon. Niet toevallig, zo blijkt. Sterkendries, wiens bijdragen intussen de meest gerenommeerde (natuur)tijdschriften sierden, wijst naar de salontafel waar een eerste, voorlopige uitdraai van zijn levenswerk, het boek Battle for Life, wacht. Vijf kilo en 800 pagina’s dik moet dat worden. Reeds zes jaar werkt hij eraan. Zijn magnum opus. Met gepaste trots laat hij me het jubelende voorwoord lezen van niemand minder dan Redmond O’Hanlon, schrijver-avonturier van bestsellers als Naar het hart van Borneo of Tussen Orinoco en Amazone.

“Een vriend”, klinkt het bescheiden. Dat verwoordt O’Hanlon ook zo in zijn voorwoord. Opvallend is dat hij Sterkendries niet alleen bewierookt als mens, maar ook een lofzang houdt over diens… penis.

Euhm. Pardon? Vergeef me de vraag, het heeft natuurlijk niets te maken met je fotowerk, maar hoe komt O’Hanlon er in godsnaam bij om het daarover te hebben? Hebben jullie elkaars geslacht vergeleken of zo?

“Redmond is een naturalist van de bovenste plank en bekijkt de dingen ook zoals ze zijn en plaatst ze in een juist perspectief, naar de normen van de natuur en ook de menselijke natuur. Zonder schroom of taboes! En ja, we zijn goed bevriend en eensgezind over vele aspecten van het leven, zeker als het over de magie van het Amazonewoud gaat en de diversiteit, tot zelfs de menselijke diversiteit en de ‘kleine lichamelijke verschillen’. Zijn eerste zin ooit tegen mij was: ‘You have the perfect size to be an explorer.’ Typisch Redmond, mag je wel stellen! (lacht)”

Oké. Waarvan akte. Even terug naar de start. Je vertelde me ooit dat je kinderdromen heel anders waren dan die van je vriendjes. Jij wilde geen brandweerman, dokter of piloot worden, maar natuurfotograaf.

“Ik had die jeugddroom al vrij snel, en met het ouder worden werd dat heviger. In het leger zette die interesse zich alleen maar voort. Ik werd er bijna moreel verplicht de macho uit te hangen - ik had mijn fysiek natuurlijk mee - in plaats van enthousiast over staartmezen en groene kikkers te vertellen tegenover leeftijdsgenoten. Maar goed, ik deed het toch. (grijnst) En dat was natuurlijk olie op het vuur. Ik kreeg daar al de naam een vreemde vogel te zijn. Dat is nu niet anders, maar ik leerde ermee omgaan. Maar ik ben zeer gelukkig met wat ik doe. Ik heb ondertussen mijn hart verloren aan tropisch Amerika, zowat mijn tweede thuis. Alles daar boeit me. De kleurenpracht, de cultuur, de diversiteit die ik nergens anders ter wereld zo intens ervaar als ginder.”

Je bent er vrij snel in geslaagd door te dringen tot het hart van de Amazone, met als gids de plaatselijke indianen. Dat lukt niet iedereen. Hoe heb je dat aangepakt?

“(slaat het boek ‘Amazone puur’ open en wijst op een foto van een oude indiaanse vrouw) Het boek is opgedragen aan deze vrouw: Omentoké. Zij is een lid van de Huaorani, een bedreigde stam in het Amazonegebied. Ik ben haar veel verschuldigd. Jaren geleden genas ik haar diepe voetwonden. Daaruit is een unieke vriendschap ontstaan. Een platonische verliefdheid zelfs, die wellicht enkel door zielsverwanten begrepen kan worden. Ze leerde me welke mieren eetbaar zijn, welke planten medicinaal zijn en zelfs hoe ik een vrouw moest selecteren. Ze streek de plooien glad tussen mij en de dorpsbewoners, nam me op in die gemeenschap. Indianen zijn inderdaad argwanend tegenover westerlingen, maar dat heeft zo zijn redenen. We vergeten het nogal eens, maar de Amazone-indianen zijn bang van onze ziekten. Zij kwamen nooit eerder in contact met - ik zeg maar wat - griep of de pokken, en hebben er dus geen immuniteit tegen ontwikkeld. Zij sterven aan zulke ziekten. In sommige gebieden is er nog maar 10 procent van hun stam over na vijf weken contact met de eerste blanken. Dan is het niet eens onlogisch dat zo’n stam aan polygamie doet. Wat zouden we zelf doen als de uitroeiing nabij is?! Je hebt er niet bepaald een makkelijk leven, hè?! Het is er pure survival of the fittest.”

Publieke opinie

De indianen beseffen blijkbaar wel steeds meer dat ze gezien moeten

worden.

“Klopt, en dat is ook de reden waarom ze wel eens fotografen helpen. Ze willen de publieke opinie benaderen via foto’s van hen en hun leefomgeving. Dat vergroot hun levenskansen. Dat besef is er wel degelijk. Als ze willen dat politici en actievoerders het voor hen opnemen, moet het grote publiek eerst weten dat ze bestaan. Daar komen ik en andere fotografen in beeld. Ik verbeeld hun schreeuw om aandacht. En als ze je eenmaal vertrouwen, loodsen ze je tot in het hart van de jungle, zonder enige restricties. Wij in het Westen hebben geen idee van de schoonheid van de natuur en lokale inwoners ginder, of hoe dicht alles bij onze eigen leefwereld staat. Wat ginder gebeurt heeft effect op ons leven. Geen twijfel mogelijk. De immense houtkap, het definitief verdwijnen van dieren- en plantensoorten,… Wat me zo aantrekt is de manier waarop ze kunnen genieten van de pure dingen des levens, iets wat wij in vele gevallen verleerd zijn. Ik reisde vroeger de hele wereld af, nu breng ik mijn tijd eigenlijk meestal door in het Amazonegebied.”

Is reizen een poging om naar jezelf op zoek te gaan?

“Dat moet haast. Je komt in conflict met jezelf omdat je van je vertrouwde milieu weggaat en onvermijdelijk confrontaties moet aangaan. Daar leer je van. Het leerde mij geloven in mezelf. Ik besefte dat ik met mijn hoofd rechtop mocht lopen, dat ik geen reden had om terneergeslagen te zijn en dat je naast jezelf ook de mensen om je heen moet respecteren. In die zin begrijp ik sommige religieuzen niet. Mensen die niet in zichzelf geloven, maar wel in religie onder het mom van ‘God zal het wel doen’.”

Kwetsbaar volk

Je kwam ook veel missionarissen tegen in de jungle, liet je me eerder weten. En dat stoorde je.

“Ja, heel vreemd is dat. Die missionarissen die koste wat het kost een volk midden in de jungle een nieuwe religie willen bijbrengen. En altijd zoeken ze er zo’n kwetsbaar volk uit. Beschamend. Kijk, ik wil niet iedereen over dezelfde kam scheren, maar die pure zielen ginder hebben heus wel kennis van het spirituele. Net die vorm van spiritualiteit is zo uniek en puur, net zoals hun eigen talen. Dus zomaar taal en religie gaan inpalmen en veranderen is telkens op termijn een verovering van de kolonisten, waardoor zonder wapens of geweld, diezelfde ooit zo heldhaftige krijgers verlamd worden met een opgedrongen verdraaid ‘geweten’. Een geweten dat al wordt geplaagd door de huidige oprukkende ‘westerse normen’. Die zijn al in strijd en in diep contrast met wat hun voorouders hen leerden over de natuur en hun geesten.”

Veel Amazonefotografen komen thuis met vreemde ziekten en virussen die wij hier niet kennen. Welke souvenirs heb jij zoal meegenomen?

“Vijftien jaar geleden kwam ik ziek terug uit Frans-Guyana. Het heeft het Instituut voor Tropische Geneeskunde in Antwerpen een jaar gekost om één en misschien wel twee vormen van malaria te ontdekken. Die symptomen blijven je heel erg lang bij. In Kameroen heb ik dysenterie opgelopen, door ontbering en slechte hygiëne. Mijn darmstelsel leek wel opgehouden te bestaan. Mijn stoelgang leek wel water. Afschuwelijk. (grijnst) Ze zien me graag komen, daar bij het Tropisch Instituut. En over de voetschimmels, worminfecties en salmonellavergiftigingen zullen we het maar niet hebben, zeker?!”

Overleefd

Nee, maar wel over iets anders: je werkmethodes. Je bent een man die niet terugdeinst voor risico’s. Toen ik je jaren geleden interviewde, was je pas aangevallen door een boom-

wurgslang, ondertussen heb je

ternauwernood een aanval van een

gilamonser overleeft. Dat is, als ik goed ben geïnformeerd, één van de meest giftige hagedissen ter wereld. En zelfs na die beet bleef je doorwerken. Idem met de boomwurgslang: je drukte af op het moment dat ze je aanviel. Hallo?

“Het zal altijd wel een mysterie blijven of dit neurotoxisch dier even daarvoor al een deel van zijn gif had verspild aan een prooi of niet, maar ik heb het overleefd. Ik trek nooit de jungle in zonder antigifpompje. Ik heb er het gif mee uitgezogen, heb met mijn hoofdband mijn arm afgebonden zodat het bloed niet te snel naar het hart gepompt zou worden, en ben gaan liggen om de bloedcirculatie te vertragen. Ik heb vervolgens geprobeerd rustig te blijven door een soort meditatie en ben de streepjes op mijn arm, die ik er met balpen had opgezet om de gifstroom te kunnen volgen, blijven bekijken. Toen ik voelde dat alles begon te stagneren, was ik al gerustgesteld. Komt allemaal in orde, dacht ik, en ik ben daarna weer aan de slag gegaan. Dit soort toestanden is de reden waarom ik mijn fysiek zo goed mogelijk probeer te onderhouden. Je hoopt dat het niet gebeurt, maar de jungle is geen pretpark, natuurlijk. Wat die boomwurgslang betreft was ik gewoon te dichtbij gekomen. Had ik niet mogen doen. Dat beest voelde zich bedreigd, en haalde uit. Ik nam het risico toch omdat ik wist dat het geen gifslang was en ik er hoop en al een zware infectie aan zou overhouden. Ik heb de reputatie dat ik iets te dichtbij kom. Maar het is wel een knappe foto geworden. (fijne grijns)”

Kikkers

Je hebt een aantal keren flink gescoord met foto’s die de hele wereld rondgingen. Zoals de makaken in het sneeuwwater. En je hebt David Attenborough rode kaken bezorgd met een foto van de gouden kikker uit Panama. Hoe kwam dat?

“De BBC staat bekend voor zijn degelijke natuurdocumentaires. Toen David Attenborough in de documentaire Life in cold blood de gouden kikkers als uitgestorven omschreef, geloofde ik hem niet. In Panama ben ik op zoek gegaan naar dat dier. En ik heb het gevonden. Ik heb de foto’s nadien naar de BBC gestuurd. Daar zaten ze natuurlijk erg verveeld met de zaak.”

Waarom ben je eigenlijk geen documentairemaker geworden? De BBC zou een vette kluif aan je hebben, denk ik.

“Hmm, ik reis graag alleen. Dat zint me het meest. Ik ben ooit voor een documentaire met een groep gegaan en er ontstonden conflicten. Filmen vergt toch wel een andere benadering. Ik doe het weleens, hoor, want bewegingen registreren is toch iets anders. En tegelijk kan je ook geluiden weergeven. Dat is soms fascinerend.”

Wat heb je eigenlijk met kikkers?

In Japan ben je bijvoorbeeld een autoriteit dankzij een natuurdocumentaire over aardbeikikkers. Met alle respect, maar wat is in godsnaam zo interessant aan een aardbeikikker?

“(grijnst) Het is nog straffer dan dat: die natuurdocumentaire duurde 45 minuten en ging enkel en alleen over die ene kikkersoort. Redelijk straf toch wel, want zelfs de BBC moet in een poging om zijn kijker te behouden van het ene naar het andere onderwerp overgaan. Pas op, hij doet dat goed, hoor. Attenborough kan als één van de besten mensen bewust maken wat de natuur betreft.”

En nu ben je dus kikkerspecialist. Veel concurrentie heb je daarin niet, vermoed ik.

“Kikkers zijn geen reuzenpanda’s of tijgers, maar vergis je niet: ze zijn populairder dan je zou vermoeden. Ik hoop ooit hun populariteit aan te zwengelen. Kikkers, dat zijn namelijk de beste milieu-indicatoren. Zij tonen aan hoe het gesteld is met de kwaliteit van onze leefomgevingen. Dat zit zo: de meeste kikkersoorten worden in het water geboren. Ze groeien niet als de waterkwaliteit te wensen overlaat, en is de waterkwaliteit wel goed maar voeden ze zich met insecten die vol schadelijke bestrijdingsmiddelen zitten, dan sterven ze ook.”

Sigaretten

“Ik wil met die boeken iets vastleggen voor het te laat is. Ik wil aantonen wat voor prachtige dingen je er aantreft. De gedragingen van de indianen, de manier waarop dieren zich voortbewegen of hoe de jungle tot leven komt… Het zijn allemaal dingen die door de ontbossing dreigen te verdwijnen, hetzij door de opwarming van de aarde, hetzij door de kolonisatie die de oorspronkelijke bewoners en hun leefgewoonten en tradities dreigt te marginaliseren.”

Al jaren staan de kranten vol met

berichten over global warming en

de ontbossing van de aarde. Heb je in de 21 jaar dat je door Amazonia reist de gevolgen ervan gezien?

“Enorm. Weg is weg, hé?! Soms kan je er niet naast kijken. Bijvoorbeeld: vlaktes waar je uren lang overheen vliegt en die enkele jaren tot enkele decennia voordien, primaire oerwouden waren. Deze oerwouden evolueerden sedert het begin der tijden en zijn in geen tijd ontrafeld tot apocalyptische, uitzichtloze landschappen. (wordt stil)”

Is de strijd om de regenwouden en

andere ecosystemen dan een verloren strijd?

“Nee. Het grootste probleem is echter dat de Amazone zo groot is/was. Sommige indianenreservaten bestaan uit zo’n zevenduizend leden, maar hun gebied heeft de grootte van Antwerpen tot in Lyon. Dat kan je niet overal beschermen. Er verdwijnen regelmatig happen uit dat gebied. Daar zijn niet alleen kolonisten verantwoordelijk voor, maar ook goudzoekers, de houtkap, de petroleumindustrie of jagers op bedreigde dieren. De indianen zelf komen op die manier snel in contact met de zogenaamde geciviliseerde maatschappij en dat heeft soms desastreuze gevolgen. Je ziet het nu al: kinderen van vijf, zes jaar krijgen sigaretten in ruil voor bepaalde diensten, worden daar afhankelijk van en trekken naar de stad om geld te winnen -wat de enige manier is om hun sigarettenverslaving te onderhouden. En uiteraard komen zij daar in contact met de laagste groepen van onze samenleving en lonkt de prostitutie. Heel triest.”

Je gaf al eerder aan dat je nu tussen twee werelden leeft: België en de

Amazone. Wat moet er van Tarzan worden als ie straks zeventig jaar of ouder wordt?

“(grijnst) Naar die regio’s afreizen wordt uiteraard minder vanzelfsprekend. Ik zie mezelf als oude man tussen heel veel boeken zitten. En ik heb natuurlijk ook nog een privéleven. Het is een apart privéleven, dat wel, maar het is er één. (in gedachten) Maar ik zal het regenwoud missen, ja. Zeker weten.”

‘Ik heb mijn hart verloren aan tropisch Amerika’, aldus Sterkendries. ‘Alles daar boeit me: de kleurenpracht, de cultuur, de diversiteit die ik nergens zo intens ervaar als ginder.’

‘De immense houtkap, het definitief verdwijnen van dieren- en plantensoorten,… Wat in het Amazonegebied gebeurt, heeft effect op ons leven, geen twijfel mogelijk’, aldus Sterkendries.

‘Indianen willen de publieke opinie benaderen via foto’s van hen en hun levensomgeving’, zegt Sterkendries. ‘Het besef dat dat hun levenskansen vergroot, is er wel degelijk.’

De Belgische fotograaf aan het werk met enkele aapjes: ‘Ik wil met dit boek iets vastleggen voor het te laat is.’

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234