Zaterdag 23/01/2021

Eventjes beter dan The Beatles

Je hebt van die mensen die zich met één nummer het collectieve geheugen in zingen. Zo iemand was Joan Marie Johnson. Ze was lid van The Dixie Cups, de meidengroep die in 1964 met het ondraaglijk naïeve liefdesliedje 'Chapel of Love' drie weken lang The Beatles overtroefde.

De samenwerking ontstond toevallig, toen Joan Marie Johnson op weg naar de kruidenier een ander meisje, Barbara Ann Hawkins, hoorde zingen. Ze sprak haar aan en vroeg of ze met haar aan de talentenjacht van een school wou meedoen. Hun optreden maakte indruk op een talentenscout in het publiek. Kort daarop mochten ze in New York hun handtekening onder een platencontract zetten.

'Chapel of Love' heette hun eerste single en dat was niet meteen een florissante erfenis. Het liedje, geschreven door het trio Jeff Barry, Ellie Greenwich en Phil Spector, was eerder een flop geworden toen het werd uitgevoerd door andere meidengroepen. In de versie van The Dixie Cups schoot het echter naar omhoog in de Billboard Hot 100. Het verdreef zelfs 'Love Me Do' van The Beatles van nummer één. Van dat ene kapelletje zouden meer dan een miljoen exemplaren verkocht worden.

"Ik herinner mij hoe Ellie en Jeff de song voor het eerst voor ons speelden", zegt Barbara Ann Hawkins. "We keken naar elkaar en vroegen verbijsterd: 'Wil je echt dat wij dat zo zingen?' Hoe zou je het dan wel willen zingen? 'Geef ons een minuutje.' We trokken ons terug in een hoekje en begonnen te zingen. Toen keerden we terug en zongen het, precies op de manier zoals het is opgenomen en de eeuwigheid inging. 'Wow', stamelden ze. 'Dát was geweldig!'"

Rassenkwestie

"And we'll never be lonely anymore because we're goin' to the chapel and we're gonna get ma-a-arried." Het aldus geregistreerde, bijna vloeibaar geworden optimisme schopte het tot nummer 284 in de Rolling Stone-lijst van 500 Greatest Songs of All Time. The Dixie Cups probeerden hun succes nog eens over te doen. Dat leverde slechts twee dunnere hitjes op: 'People Say' en 'Iko Iko'.

Al na enkele jaren verliet Joan Marie Johnson de groep, als gevolg van een ruzie met het management en gezondheidsproblemen. "De vroege jaren 60 waren een moeilijke periode voor ons", klonk het duister. "Er waren rassenkwesties en onze manager stond niet altijd aan onze kant. Maar we hebben ook een hoop plezier gemaakt."

The Dixie Cups bleef bestaan als merknaam, met diverse zangeressen en line-ups. Joan Marie Johnson trad af en toe nog eens mee op. "De wereld verloor een stijlvolle dame", staat er over haar op hun website. "Ze had een fantastisch gevoel voor humor en was echt een van de fijnste mensen die we kennen."

"Bells will ring, the-e-e sun will shine, whoa-oh-oh." Ondanks haar enthousiasme voor het huwelijk, scheidde de zangeres van haar man en stierf kinderloos.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234