Vrijdag 20/09/2019

Ettertje kan weer lachen

Op zijn zesentwintigste ritzege in de Tour was het twee jaar wachten. Fougères bracht de verlossing. Weg plots de nukkige, norse en soms chagrijnige etter. Dit is de Mark Cavendish (30) van wie iedereen houdt: correct, grappig en entertainend.

Voorbeelden zijn legio. Negeerde hij je niet straal of hield hij het als antwoord niet bij een kurkdroge yes of no, dan meldde Mark Cavendish je wel vlak in je gezicht dat je vraag op geen bal trok - daarbij intimiderend in de ogen kijkend. Of hij snauwde je wat toe, liet je ostentatief verwijderen. Eén enkele keer nam hij zelfs een opnametoestelletje in beslag. Elke journalist passeerde op zijn of haar beurt weleens de revue. Het vuur steken aan zijn korte lontje is een karwei. Ook omdat de woorden van Cav je vaak maar half bereiken. Hij praat niet, hij murmelt. Haast onverstaanbaar. En hij doet ook geen enkele moeite om zijn eigen volumeknop wat open te draaien. Love to be hated, hate to be loved. Zo vindt hij het goed.

Maar kijk. Spurtzege nummer 26 ooit in de Tour deed wonderen in Fougères. De oester opende zich, de parel binnenin blonk. Breedlachend schreed de Manx Express door de mixed zone. Aan zijn zijde: vrouw Peta, zes maanden zwanger. Op de arm: dochtertje Delilah Grace, pulkend aan zowat elke microfoon en bij overdaad kusjes drukkend op papa's wang. "Waarom ik haar niet meenam op het podium? Ik had het graag gedaan, ja. In de Giro mocht het, hier niet. Andere race, andere regels, vermoed ik."

Cav zit Hinault op het wiel

Dat laatste zette meteen de toon. Cavendish strooide kwistig met kwinkslagen en knipogen. Hij kwam haast niet bij toen een journalist bij de eerste vraag in de 'espace interview' verschrikt door zijn stoel zakte. En hij vroeg zich geamuseerd af wie de man was met de mooie witte sokken in de perszaal.

Cav ging geen thema uit de weg, zijn blik wendde zich nauwelijks af, de mondhoeken zakten niet één keer in. Blijgeestig deed hij het verhaal van de spurt, waarbij hij zowaar aartsrivaal André Greipel complimenteerde. "Zondag in Zeeland en woensdag in Amiens kwam ik te vroeg op kop. Nu talmde ik iets te lang, waardoor Greipel in het gat dook. Hij had perfect de deur voor me kunnen sluiten, mij in de dranghekken duwen. Dan was er van mijn spurt geen sprake geweest. Dat deed hij niet. Typisch André. Een gentleman."

Het respect groeide nog toen de namen Eddy Merckx en Bernard Hinault vielen. De enige twee wielericonen die hij in de eeuwige ritzegestand van de Tour nog voor zich moet dulden. Merckx staat op 34 stuks, de Fransman op 28. "Kanonnenvlees", probeerde iemand. Cavendish, beheerst en eerbiedig: "Ik koers tegen de jongens die hier aanwezig zijn, niet tegen mijnheer Merckx en mijnheer Hinault. Sorry."

Zonder daarbij zijn scherpe ambities te verloochenen. "Tuurlijk hoop ik zo snel mogelijk klaar te zijn met nummer 27. Maar dit is geen makkelijke Tour voor pure sprinters. Ik verkwanselde al een paar kansen. Ik zie er nog één, maximum twee: Rodez of Valence. Al worden dat zeer lastige opdrachten. In het allerslechtste geval Parijs dan maar. Kijk, we hebben voor aanvang van de Tour een getal vooropgesteld. Welk getal? Dat verklap ik niet. Het ging erom hoeveel ritten we met zijn allen zouden winnen. Ik kan alleen dit zeggen: we zijn goed op weg om dat getal te halen."

Ode aan Tony Martin

De overwinning droeg hij op aan Tony Martin en dat leek welgemeend. "Een betere ploegmaat kun je je niet indenken. Met hem erbij bestaat de ploeg uit twaalf man in plaats van negen. Hij kan alles en is tot alles bereid in het belang van de ploeg."

Die zondag in Zeeland had Martin zich volop voor hem in de strijd gegooid. Met dat manoeuvre vergooide hij zijn kansen op de gele trui. Twee dagen later werd Martin alsnog beloond voor zijn vasthoudendheid met de ritzege en de eerste plaats in het klassement.

Het lijkt alweer een eeuwigheid geleden. Sindsdien lag Martin met een gebroken sleutelbeen op het asfalt in Le Havre, werd hij met spoed overgebracht naar het ziekenhuis in Hamburg en is hij met grote spoed geopereerd.

Gisteren zag Martin vanuit zijn ziekbed hoe Christopher Froome het vacante geel in beslag nam en Cavendish het winnen in de Tour nog niet verleerd is. Zijn felicitatietweet luidde: "Ik heb gejuicht in het ziekenhuis."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234