Woensdag 13/11/2019

Interview Jan Smets

Eregouverneur Nationale Bank Jan Smets: ‘Vroeger was er een begrotingstekort van 16 procent’

Beeld Thomas Sweertvaegher

Na de goede ontvangst van zijn eerste roman Theater, een heuse thriller, schreef eregouverneur Jan Smets nu een boek dat nauwer aansluit bij zijn profiel. In Economie en het goede leven overloopt de econoom de hoogtepunten uit zijn 45-jarige loopbaan bij de Nationale Bank. 

Het is een ontspannen Jan Smets (68) die ons ontvangt met een ontbijt. We ontmoeten elkaar naar aanleiding van zijn jongste boek. Anders dan zijn eerste literaire worp, een whodunit , schreef de ere-gouverneur nu een economisch boek. “Ik heb de liefde voor de literatuur van mijn vader, die journalist was en zelf ook een aantal romans heeft geschreven. Mijn moeder was dan weer een enorme fan van Agatha Christie. Ik schreef graag en ter ontspanning. Zo had ik dat politieverhaal af, maar het verdween gedurende lange tijd in de lade. Uitgeverij Van Halewyck heeft het dit voorjaar uitgegeven, en ze hebben gevraagd om een tweede roman te schrijven. Ik heb wel niks meer in de schuif nu, dus het is uitdagend, want ik vertrek van een wit blad.” (lacht) 

Door die roman werd Smets gecontacteerd door Uitgeverij Polis, die interesse had in een economisch boek. Het werd er een dat meandert langs een aantal hoogtepunten uit zijn loopbaan, en zo ook langsheen de socio-economische geschiedenis van België.

Het mochten absoluut geen memoires worden.

“Neen, ik wilde dat niet. Trouwens ik heb ook geen materiaal om memoires te schrijven. Ik heb niet zoveel notities bijgehouden. Enkel van de G7-top in Tokio, in 1993, had ik nota’s. Die heb ik deels gebruikt. Ik was nog jong, 42 jaar, maar als kabinetschef bij Jean-Luc Dehaene was ik wel wat gewend. Maar in Tokio zat ik recht tegenover Boris Jeltsin, François Mitterrand, Helmut Kohl. Tja, dat zijn toch monumenten. Dan dacht ik wel eens, ‘zie mij hier nu zitten’, (lacht). Het was ook de eerste top van Bill Clinton, een jonge president, een nieuw geluid, hij had ook wel iets van een Kennedy.”

U was niet alleen getuige van een pak historische zaken. U speelde ook vaak een rol. U was nauw betrokken bij het Globaal Plan, dat ons land in de jaren 90 weer op de rails moest zetten?

“Dat was het magnus opus van de regering. Noodzakelijk om toe te treden tot de eurozone. Het was een mix van maatregelen om de sociale zekerheid te redden, jobs te creëren, de begroting gezond te maken, enzovoort. Wat ik niet vertel in mijn boek is dat het akkoord werd afgeklopt in een nacht in november. Premier Dehaene moest dan de volgende dag in het parlement het plan komen toelichten. Het was al drie uur, en ik had hem gezegd dat ik de nota wel zou schrijven. Ik ben dan helemaal alleen die nacht op Hertoginnendal gebleven om die tekst te schrijven. (lacht) Ik ben daar aan die grote vergadertafel in slaap gevallen.”

Was het Globaal Plan uw hoogtepunt, of toch het gouverneurschap van de Nationale Bank?

“Als ik er dan toch voor mij persoonlijk een paar dingen moet uitpikken, dan was het Globaal Plan daar zeker bij. Het heeft België in de goede richting gestuurd, en voor een economist als ik was dat toch buitengewoon om aan zo’n fundamenteel plan te kunnen meewerken. Ook de invoering van de euro (Smets was commissaris-generaal voor de euro, LID) was zo’n hoogtepunt. Het was toch een once in a lifetime experience. En dan het gouverneurschap, met het lidmaatschap van de raad van bestuur van de Europese Centrale Bank (ECB). Mee vormgeven aan het Europese monetair beleid, tja. Daar aan die tafel kunnen meezitten, is toch buitengewoon belangrijk.”

Dat ECB-beleid krijgt wel de wind van voren?

“Ten onrechte. Wat de ECB en Mario Draghi hebben gedaan is buitengewoon. Het is dankzij dat ingrijpen dat we uit de recessie zijn geraakt. Diegenen die nu kritiek spuien zouden beter eens nadenken wat er gebeurd zou zijn mocht de ECB niet gedaan hebben wat ze deed. Ook de banken die nu ontevreden zijn over de negatieve depositorente, hadden er helemaal anders voorgestaan denk ik.”

U lijkt een heel ander man dan toen u nog gouverneur was: veel meer ontspannen.

(lacht) “Je hebt gelijk. Alles wat ik zei als centrale bankier werd natuurlijk opgevolgd en uitvergroot. En als lid van de ECB lag ik ook bij de buitenlandse media onder een vergrootglas. Ik ben vaak in Londen met media, investeerders of bankiers gaan praten. Alles wat ik zei ging meteen naar de internationale telexen, van Tokio tot New York. Dus je bouwt een zekere voorzichtigheid op in wat je zegt, omdat elk woord een impact kan hebben. Ook als gouverneur, want de Nationale Bank is toch een instelling die vertrouwen geniet. Nu heb ik inderdaad wat meer vrijheid. Maar dat neemt niet weg dat ik inhoudelijk geen ander betoog aansla dan wat ik altijd heb gezegd. Ik heb die behoedzaamheid niet helemaal afgebouwd, het zit ook een stuk in mijn karakter.”

U trad net aan bij de ECB, in 2015 als kersvers gouverneur, toen het zogeheten geldverruimingsprogramma – QE of de Bazooka van Draghi – werd gelanceerd?

“De eigenlijke beslissing daartoe was enkele maanden daarvoor genomen, nog onder Luc (Coene, LID). Maar werd uitgevoerd toen ik net aan boord kwam. Ik stond er ook volledig achter. Ik kan begrijpen dat men op dat moment vond, en sommigen vandaag misschien nog steeds, dat dit een ongezien experiment was. Voor mij behoort het evenwel tot de basistoolbox van de ECB. Het is legitiem, ook al klonk het misschien wat experimenteel. Maar het was nodig.”

Critici noemen het een slecht medicijn dat niet werkt, maar de ECB heeft geen alternatief?

“Ik moet dat tegenspreken, want het werkt wél. Als de economie nu een beetje vertraagt, heeft dat niet te maken met het beleid van de ECB, maar wel met de impact van de handelsoorlog, de brexit, een aantal geopolitieke factoren zoals centrale bankiers dan zeggen (lacht). Er is veel analyse, ook van academici, die aangeeft dat wat we gedaan hebben met de ECB ons behoed heeft voor de recessie en de economie er bovenop heeft geholpen. Ik denk dat als we in 2015 niet met QE waren begonnen, we in echt zwaar onweer waren terechtgekomen.” 

De man in de straat ziet wel zijn spaarcenten wegsmelten door dat beleid?

“Ik heb er zeker begrip voor dat spaarders morren. En dan wordt snel gewezen naar de ECB. Maar dat is slechts een deel van het verhaal. Een fundamenteel deel is terug te brengen naar een deficit in de investeringen in Europa. Dat heeft te maken met onvoldoende groei. Maar dat is een rol van de overheden en niet van de ECB. Spaarders zouden er meer mee moeten inzitten dat er te weinig structureel gewerkt wordt door de overheden om dat aspect te verhelpen, zodat er opnieuw duurzame rendementen kunnen komen.”

Beeld Thomas Sweertvaegher

Waarom moet de ECB zich niet verantwoorden? De leden zijn niet verkozen, niemand kan hen ontslaan?

“Ik moet u tegenspreken, de ECB verantwoordt zich voortdurend. Via de media, haar publicaties, in het Europees Parlement. Wél klopt het dat centrale banken onafhankelijk zijn. Niet omdat ze niet willen luisteren, wel omdat veelvuldig is aangetoond dat onafhankelijke centrale banken een borg zijn voor stabiliteit. Waar centrale bankiers opzijgeschoven worden om regeringen ter wille te zijn, leidt dat steeds tot grote instabiliteit.

“Als stabiliteit een soort van constitutionele waarde heeft – kijk naar de financiële crisis hoe instabiliteit een hele samenleving ontwrichtte – dan is het legitiem dat die stabiliteit op de best mogelijke manier wordt gegarandeerd. Tot het tegendeel is bewezen is dat door autonome instellingen als de ECB.”

Jan Smets, Economie en het goede leven, Uitgeverij Polis. ISBN 978-94-6310-437-1, 208 p., 22,50 euro Beeld Polis

Ik onthou uit uw boek dat de oliecrisis van 1973 de katalysator is die abrupt een einde maakte aan de Golden Sixties, en die mee de ontsporing in gang zette van onze historisch hoge staatsschuld.

“Klopt. De wortels van veel van onze problemen, zijn terug te brengen tot de oliecrisis, en dan vooral de verkeerde aanpak ervan die leidde tot de explosie van onze overheidsschuld. Dat is dan het voordeel van zo oud te worden en het meegemaakt te hebben. Anders dan andere landen hebben we daar verkeerd op gereageerd. In die tijd was men bij ons enkel bezig met het communautaire, er was blijkbaar een manifest gebrek aan inzicht in de economische mechaniek. Daar is de structurele werkloosheid ontstaan, en zijn de openbare financiën ontspoord. Het overheidstekort bedroeg in 1981 16 procent. Nu maakt men zich druk over 2 procent, en terecht overigens, maar als je ziet van waar we komen.”

Beeld Thomas Sweertvaegher

Vergrijzing, klimaat, globalisering. U schets een aantal spannende vraagstukken. Hebben we vandaag een nieuw Globaal Plan nodig?

“Dehaene zei altijd dat remakes meestal slechte films opleverden. Maar eigenlijk wel, ja. Een nieuwe ambitie realiseren, een perspectief dat liefst over meer dan een legislatuur gaat. Voor een gemoderniseerde, dynamische en inclusieve economie. Waarmee je een aantal hefbomen definieert: innovatie, groene economie, duurzaamheid, een inclusieve arbeidsmarkt. We hebben daar ook herhaaldelijk voor gepleit, het zou nuttig zijn.”

U verwijst in uw boek naar Aristoteles, die het ‘goede leven’ omschreef in zijn Ethica Nicomachea. ‘Het beleid mag geen individuele belangen dienen maar het algemene welzijn.’ Is de politiek te veel bezig met zichzelf?

“Politiek en de organisatie van politiek zijn belangrijk. De verschillende regeringen hebben al heel wat gedaan binnen hun bevoegdheden, die mettertijd anders verdeeld zijn. Maar het algemeen welzijn vraagt veel samenwerking. We zitten met een welvaartsniveau dat zes keer zo groot is als na de oorlog. Tegelijk loopt een op de vijf Belgen nog altijd het risico op armoede of sociale uitsluiting. Ik vind dat eerlijk gezegd stuitend. Ik denk dan vooral aan die kinderen, die talenten hebben, en die deze misschien niet kunnen ontwikkelen. Wat een gemiste kans. Dat is iets wat we als rijke regio niet kunnen tolereren.”

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234