Donderdag 08/12/2022

Essay

Er zijn nog zoveel Mouhcines die elk moment vermorzeld kunnen worden

Na de gruwelijke dood van Mouhcine Fikri is het elke dag onrustig in Marokko. Jongeren komen op straat en tonen foto's van Mouhcine. Beeld Laila Benallal
Na de gruwelijke dood van Mouhcine Fikri is het elke dag onrustig in Marokko. Jongeren komen op straat en tonen foto's van Mouhcine.Beeld Laila Benallal

De dood van Mouhcine Fikri, de visverkoper die werd geplet in een vuilniswagen, zorgde internationaal voor rumoer. Laïla Ben Allal zocht in Marokko zijn familie op. "De corruptie moet aangepakt worden. Er zijn nog zoveel méér Mouhcines die elk moment vermorzeld kunnen worden."

Laïla Ben Allal

Beurtelings schrijven de jonge denkers Maarten Boudry, Laïla Ben Allal, Rogier De Langhe en Jogchum Vrielink een stuk voor 'Zeno'. Onder de noemer 'Het kernkabinet' confronteren ze u elke week met hun eigenzinnige opvattingen en originele verhalen. Vandaag: Laïla Ben Allal.

"Kijk", zegt de taxichauffeur en hij wijst naar een reeks symbolen van politieke partijen op een muur in het centrum van Chefchaouen, stad aan de voet van het Rifgebergte. "Elke partij in Marokko heeft naast haar naam ook een symbool, zodat ook analfabeten de affiches herkennen en weten op wie ze moeten stemmen." De regerende islampartij PJD heeft een olielamp, de centrumrechtse Onafhankelijkheidspartij (Istiqlal) een weegschaal en de tractor weerspiegelt het seculiere PAM (Partij Authenticiteit en Moderniteit).

Laïla Ben Allal. Beeld Joris Casaer
Laïla Ben Allal.Beeld Joris Casaer

We nemen een korte pauze na een twee uur durende rit vanuit Tanger. De taxichauffeur vertelt dat, tot voor kort, politieke partijen in het hele land kiezers omkochten: "We weten allemaal dat ze aan de ingang van de stembureaus een briefje van 200 dirham (20 euro, red) toegestopt kregen. Sommigen kregen nog een extraatje, zoals een volle benzinetank, anderen wonnen de jackpot: een bouwvergunning voor een huis. Als achteraf bleek dat de kiezer in kwestie níét had gestemd op de betreffende partij, dan kwam de overheid de ruwbouw of het huis afbreken. En toch blijft men romantisch doen over deze regering, alsof zij de corruptie zou aanpakken. Ik stel alleen maar vast dat de regering staat voor georganiseerde misdaad - sluw en gestructureerd." Het hoeft niet te verbazen dat de burger de politici niet vertrouwt, besluit de taxichauffeur.

De tweede parlementsverkiezingen sinds de Arabische Lente vonden plaats op 7 oktober. Vijf jaar geleden hadden duizenden Marokkanen vervroegde verkiezingen afgedwongen door onder leiding van de '20 februari- beweging' hervormingen te eisen. De bevolking hoopte dat die verkiezingen vernieuwing zouden brengen en dat de beloofde hervormingen doorgevoerd zouden worden.

Glazen melk en dadels

We hebben nog zo'n 230 kilometer voor de boeg, omgerekend vijf uur rijden, gelet op de staat van de wegen. Aangekomen in Al Hoceima, een havenstad met een speciaal statuut in het uiterste noorden, mompelt de chauffeur dat hij uit deze streek komt en dat hij het betreurt dat hij de stille mars, nu één week na de tragische dood van visverkoper Mouhcine Fikri, niet kan bijwonen.

Op de onverharde weg voor het ouderlijk huis van Mouhcine in Imzourren, tien kilometer van Al Hoceima, staan een paar mannen voor de deur te praten met Mouhcines vader Ali. De drukte wordt de gepensioneerde leerkracht even te veel en hij gaat naar binnen. Op tafel staan glazen melk en dadels, traditioneel geserveerd als bezoekers komen condoleren.

Mouhcines moeder Khadija doet er aanvankelijk het zwijgen toe, zijn vader wil wel praten. De verontwaardiging over de halve waarheden rond Mouhcines dood heeft veel emoties losgemaakt. "Journalisten van over de hele wereld hebben berichten overgenomen van sociale media, zonder ons te raadplegen. Later namen de media dezelfde onjuistheden van elkaar over. Past het een journalist niet om adequaat, integer en zorgvuldig te zijn? Verdienen wij dat respect niet?"

Ali neemt een Marokkaanse krant en wijst naar een bericht waarin vermeld staat dat Mouhcine zelfmoord pleegde.

Mouhcine kwam uit een eenvoudige familie: zijn moeder is huisvrouw, vader een gepensioneerde leraar, twee broers zijn universitair geschoold, in de chemie en de fysica, maar beiden werkloos. Twee andere broers ronden hun universitaire studie in het buitenland af. Zus Asmaa, de enige dochter, was als een 'tweede moeder' voor Mouhcine. Ze loopt weg als ik haar vraag hoe ze zich voelt. Even later legt ze uit dat ze niet wil dat haar broers dood politiek gerecupereerd wordt. "Ik zou eraan kapotgaan. Ik roep op tot blijvende eenheid."

Aardbeving

Mouhcine rondde zijn studie niet af. Twee jaar voordat hij zijn diploma zou hebben behaald, ging hij van school af. Vlak daarvoor, in februari 2004, was Al Hoceima door een zware aardbeving getroffen. Het epicentrum bevond zich vlakbij, in de Straat van Gibraltar. Er vielen veel slachtoffers: 564 doden en 300 gewonden. Van sommige dorpen, waarbij ook Imzouren, bleef niets over. De vriesruimtes van de vissershaven van Al Hoceima werden na de aardbeving gebruikt als mortuarium.

Brahim, de neef van Mouhcine: "Mijn neef stopte met zijn studie omdat de scholen destijds niet meer toegankelijk waren door de aardbeving. Bovendien zag hij hoe moeilijk zijn hoogopgeleide broers het hadden om aan een job te raken."

Mouhcines vader Ali met een krant waarin staat dat zijn zoon zelfmoord heeft gepleegd. Een leugen, zegt hij. Beeld Laila Benallal
Mouhcines vader Ali met een krant waarin staat dat zijn zoon zelfmoord heeft gepleegd. Een leugen, zegt hij.Beeld Laila Benallal

In Marokko heeft 30 procent van de jongeren tussen 18 en 25 jaar geen baan. Hoogopgeleide werklozen demonstreren vaak voor het parlement in Rabat. Sommigen steken zichzelf in brand tijdens protesten of gaan in hongerstaking.

Brahim: "Kort na de aardbeving besloot Mouhcine om een humanitaire actie op te zetten. Een maand of zes lang hielp hij slachtoffers. Hij verdeelde voedselpakketten en reed rond om te helpen met andere zaken. Hij hielp altijd en iedereen. Armen konden bij hem aanschuiven voor een maaltijd; hij had een groot, vredelievend hart. Hij was altijd opgewekt en ondanks het soms ondraaglijke leven in Marokko positief ingesteld."

'Ze wilden hem kapot'

"Mouhcine was ambitieus", zegt zijn broer Aimad. "Hij ging kort na zijn werk voor de slachtoffers van de aardbeving aan de slag als assistent-winkelverkoper en schreef zich in voor een visserij-opleiding in Al Hoceima. Hij trok daarvoor in bij zijn grootvader die daar woont. Na een opleiding van twee jaar ging hij als dekknecht aan de slag.

Hij was ondernemend en wilde vooruit in het leven. 'Ik kan niet eeuwig blijven werken als dekknecht', zei hij. 'Vooruitgang is mijn sleutelwoord. En ik wil er zijn voor Asmaa, mijn broers en mijn naasten.'"

Met steun van de familie kocht Mouhcine een Mercedes 310 en ging zelf vis transporteren van Al Hoceima naar Tetouan en Casablanca. En zo werd hij een radertje in de belangrijkste sector van het land: de visserij. Met z'n drieduizend offshore vissersboten, ruim vierhonderd andere grote vissersschepen en duizenden kleine boten is Marokko de grootste Afrikaanse producent van vis. Niet zonder keerzijde. In Marokko is het bijvoorbeeld verboden om in oktober en november zwaardvis te vangen. Officieel om het visbestand op peil te houden, maar hier in Al Hoceima gaat een ander verhaal. Volgens de collega's van Mouhcine heeft het verbod vooral te maken met buitenlandse visbedrijven, die de Middellandse Zee mogen leegvissen ten koste van de lokale visserij.

Mouhcine schopte het tot visverkoper voor eigen rekening, maar raakte vaak zijn ingekochte voorraad niet kwijt door tegenwerking van de grote vissersbazen in Al Hoceima. Zijn busje met illegaal gevangen vis werd meermaals aan de kant gezet. "Telkens kwam hij de politie of gendarmerie tegen, vaak werd hij tegengehouden en gevraagd om een 'pakje sigaretten' of een 'koffie'", zegt Aimad. De laatste keer kwam hij ervan af door 500 euro te betalen aan een functionaris. "Maar de grote bazen in de sector wilden hem kapot; een week later speelden ze informatie over hem door aan de autoriteiten, waarop hij werd aangehouden", zegt zijn broer.

'Vermorzel zijn moeder'

In de nacht van 28 oktober 2016 loopt het conflict gruwelijk uit de hand, wanneer Mouhcine wordt verpletterd door de persmechanismen van een vuilniswagen, pal voor de rechtbank van Al Hoceima. Hij werd 31 jaar.

Aimad vertelt wat er gebeurde. "Het is vier uur in de namiddag, er is geen politie aanwezig wanneer de schepen van de grote vissersbazen de illegaal gevangen zwaardvis aan land brengen. Niemand kijkt toe wanneer de vis wordt overgeladen in Mouhcines wagen, maar twee kilometer verderop, vlak buiten de haven, wordt hij aangehouden.

In tegenstelling tot de geruchten zit Mouhcine niet in de koelwagen wanneer die in beslag wordt genomen door de politie. Op het politiecommissariaat krijgen hij en zijn kompaan te horen dat de goederen worden geconfisqueerd bij gebrek aan een vergunning.

Mouhcine doet er alles aan om de vernietiging van de vis tegen te gaan. De politie gaat niet akkoord, de dierenarts maakt een vervalst attest op en verklaart dat de vis bedorven is. Het is 22 uur wanneer een groep van twintig mannen verzamelt aan de rechtbank, even voorbij het politiebureau. Een vuilniswagen staat geparkeerd aan de voorkant van het gebouw. De politie wil de vis laten vernietigen, maar Mouhcine probeert opnieuw te onderhandelen: "Stop me in de gevangenis, laat me een boete betalen, maar verniel geen voedsel. Er lijden mensen honger in dit land, schenk de vis aan de armen."

De menigte verzamelt zich rond de vuilniswagen, Mouhcine en twee vrienden gaan uit protest op het achterstel van de truck staan. "De politie heeft nooit vis in de vuilniswagen gegooid, in tegenstelling tot wat verschillende media beweerden", benadrukt Aimad. "Het mechanisme werd pas in werking gezet toen manifestanten de politieagenten 'Vermorzel zijn moeder!' hoorden zeggen. Mouhcines vrienden konden van de wagen springen maar hijzelf gleed uit, kwam tussen de pletwalsen terecht en overleed ter plaatse."

Toppunt van vernedering

"Mijn zoon is niet bezweken aan een ziekte, is geen natuurlijke dood gestorven, maar is om het leven gekomen in een vuilniswagen", zegt Ali, Mouhcines vader. "Kan het er wreder aan toe gaan in dit land? Dit is het toppunt van vernedering. Ik wil gerechtigheid, dat de beschuldigden gearresteerd werden is niet voldoende. Ik eis een eerlijk en transparant onderzoek. Zoiets mag nooit meer gebeuren. De corruptie moet aangepakt worden en er moet hard worden opgetreden tegen machtsmisbruik door overheidsfunctionarissen. Er zijn nog zo veel Mouhcines in dit land die op elk moment vermorzeld kunnen worden."

Op de vraag wat hij vindt van de vergelijking met de Tunesiër Mohammed Bouazizi, reageert de vader ontstemd: "Mijn zoon heeft zichzelf niet in brand gestoken, heeft geen zelfmoord gepleegd zoals Bouazizi. Marokko kende meerdere Bouazizi's, neem Amina Filali, die in 2011 gedwongen werd te huwen met de man die haar verkrachtte. Ze pleegde zelfmoord in maart 2012. In april 2016 stak een straatverkoopster zichzelf in brand toen de politie haar brood in beslag nam. Een paar dagen later deed een straatverkoper hetzelfde nadat zijn motorfiets in beslag was genomen. In augustus 2016 pleegde een meisje zelfmoord toen de acht mannen die haar hadden verkracht werden vrijgelaten door de politie.

"Marokko kun je trouwens niet vergelijken met Tunesië, daar wilde het volk het staatshoofd afzetten. Hier in Marokko is dat niet het geval. We willen dat de beloofde hervormingen doorgevoerd worden."

De grote vissen moeten gevangen worden, hoor je de mensen hier zeggen, niet enkel de kleine garnalen - een handvol politieagenten of mineure functionarissen. Corruptie, vriendjespolitiek, vernedering, straffeloosheid moeten aangepakt. Bovendien kan men in Marokko nog niet spreken van een echte rechtsstaat.

Bijverdienen

Mohammed, die al sinds 1975 in de haven werkt, zegt in gebroken Arabisch: "Zullen we het vragen aan Aziz Akhannouch, minister van Landbouw en Zeevisserij, en aan het leger? Want zij zorgen voor gaten in de visnetten van de kleine visboeren. De zee is het enige wat we hier hebben, maar spijtig genoeg verpest corruptie het voor de lokale bevolking. Wij leven van de vis, vroeger bevoorraadden wij heel Marokko, nu lijden we honger. Maar ik weiger om te bedelen, ik sterf nog liever. Mijn waardigheid gaat boven alles. Ik ben gepensioneerd, krijg een uitkering van 150 euro per maand, heb vier kinderen en een vrouw. Ik kom hier bijverdienen, 's avonds ga ik te voet naar huis, dat bespaart me twee euro, ik verdien nu tien euro per dag. We hebben twee zeeën, zo veel rijkdom en toch komen we om van de honger. We mogen onze netten niet uitwerpen omdat de buitenlanders hier komen vissen. Ach, laat ons maar verarmen, als de bovenlaag maar rijker wordt, dat ze ons allemaal maar vermalen."

Marokko tekende in 2014 een nieuwe visserij-overeenkomst met de Europese Unie. Voor 30 miljoen euro per jaar hebben 120 schepen uit elf EU-landen het recht om voor de Marokkaanse kust te vissen. De grote visserijbedrijven laten weinig over voor de lokale vissers.

In elk sterk verhaal speelt de grote geschiedenis mee. Telkens als ik hier in de Rif kom, merk ik hoe diep de grote opstand van 1958 in het collectieve geheugen is gesneden. Terwijl Brussel de moderniteit vierde, eisten Berbers - de armoede en onderontwikkeling zat - autonomie. Koning Hassan sloeg genadeloos terug met clusterbommen en witte fosfor, en later met een onversneden terreurbewind. Armoede en mensenrechten, taal en economie: het vuur waarmee die thema's rond familietafels in de Rif worden aangesneden, kun je niet begrijpen zonder die geschiedenis te kennen.

De jongste jaren leek de toon van de gesprekken wel gemilderd. Onder Hassans zoon, de huidige koning Mohamed, werd in de jaren 2000 de Berber-taal erkend, het familierecht herzien en wegennet en infrastructuur uitgebreid. De kloof met Rabat werd wat kleiner.

Dat verklaart wellicht ook waarom tijdens de zogeheten Arabische Lente (2011) in Marokko geen schreeuw om revolutie doorklonk. De betogers eisten niet het vertrek van de Marokkaanse koning, maar wilden verdere hervormingen: een minimumloon, een nieuwe grondwet, uitgebreidere erkenning van de Berber-taal en een einde aan de corruptie.

De koning gaf een beetje toe, een nieuwe grondwet werd ingevoerd. Het noorden van Marokko moest op die historische dag in augustus 2011 voor het mooiste plaatje zorgen. De inwoners van de stadjes Beni Bouayach en Imzouren in de buurt van Al Hoceima hielden een mars van twintig kilometer door het bergachtige gebied om zich te voegen bij de betoging in de dichtstbijzijnde stad Al Hoceima. Ook in dit deel van Arabische wereld was hoop ontbrand: was dit de lange mars naar Marokkaanse democratie?

Die dag werden in een gebouw van de Banque Chaabi in Al Hoceima de verkoolde lichamen van vijf jongeren teruggevonden. De autoriteiten beweerden dat het vijftal de bank had overvallen, terwijl inwoners van de stad zweren dat ze door de overheid werden vermoord. Van het onderzoek dat werd ingesteld, hebben de nabestaanden nooit meer iets gehoord.

De strijd in deze regio is niet voorbij.

Elk sterk verhaal is deel van de grote geschiedenis, maar ook omgekeerd: geschiedenis verspreidt zich via levensverhalen, ook die van verkoolde jongeren of een vermalen visverkoper. Ziedaar het grimmige gelaat van Marokko.

En zo jaagt het verhaal van Mouhcine een land op straat. Sinds zijn dood zijn er overal manifestaties, ook in de week dat Donald Trump president van de Verenigde Staten werd. Regeringsleider Benkirane roept zijn sympathisanten op niet deel te nemen aan die protesten en waarschuwt voor fitna, tweespalt.

De echte tweedracht zal evenwel juist groeien als zijn regering de corruptie niet bestrijdt, de straffeloosheid van overheidsfunctionarissen blijft negeren.

Terwijl ik terugreis naar Tanger, denk ik aan de spaarzame woorden die Mouhcines moeder toch sprak. "Ik ben iedereen dankbaar die ons een hart onder de riem heeft gestoken, hier en in het buitenland. Mijn zoon is overleden, zijn droom leeft voort. Mouhcine is onsterfelijk, ik hoop dat andere jongeren zijn strijd zullen voortzetten."

Volgende week: Rogier De Langhe

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234