Zaterdag 21/05/2022

‘Er was een sacochenoorlog aan de gang tussen de managers’

Guy Peeters: “Ik zetel in de raad van bestuur sinds 1989, toen het nog de BRT was. Zelfs vtm bestond nog niet eens. Later is dat BRTN geworden, en in 1998 VRT. Ik ga er niet flauw over doen: ik was een puur politieke benoeming. Van de zitjes die ter beschikking waren voor de socialisten ging er altijd één naar de vakbond en/of de mutualiteit. Ik volgde bij de openbare omroep Jos Van Roy op, en hij was mijn voorganger als algemeen secretaris van de mutualiteit. Zo ging dat toen.“De raad was toen weliswaar politiek benoemd, maar de leden hadden enig niveau. De meesten waren gerenommeerde hoogleraren, of zelfs rectoren van hun universiteit: Adriaan Verhulst, Herman Balthazar, Els Witte, Bart De Schutter. In dat gezelschap was ik zowat de ongeletterde (Peeters is arts, wp). En het waren ook geen doetjes. In mijn beginjaren bestond de SP-fractie uit Els Witte, Carla Galle en mezelf, en met die dames erbij zou men bijna castratieangst kunnen krijgen. Witte was voorzitter en ze deed dat heel beslist en plechtig: met een hamer om de orde te bewaren.“Maar zo intelligent als de leden waren, zo weinig efficiënt werkte de raad van bestuur toen. Men was werkelijk voor álles bevoegd. Voor personeelsbeleid natuurlijk, tot de kleinste benoeming toe, en voor de inhoud van de programma’s, soms tot in de ridicuulste details. Ik herinner me nog de discussie of het kon dat er in De zevende dag Vlaamse streekbieren geserveerd werden. Die vergaderingen duurden gemakkelijk van twee uur ‘s namiddags tot tien uur ‘s avonds. Als een discussie me echt niet boeide, liep ik een beetje door het gebouw, om links en rechts en praatje te slaan. Zo heb ik veel mensen leren kennen.”

Het was de tijd dat de BRT slaag kreeg van vtm, tot ze VRT werd en Bert De Graeve kwam.

“Dat is te kort door de bocht. Bart De Schutter, mijn voorganger als voorzitter van de raad van bestuur, had zéér goed begrepen wat er fout liep. Het was de raad die zich zorgen maakte over de lethargie in het eigen huis, meer dan de interne hiërarchie. Zo zie ik vandaag opnieuw zaken die toen ook opdoken. Nu zijn er te veel managers die te veel met zichzelf bezig zijn. Toen heetten die diensthoofden en waren dat ambtenaren die ook meer met zichzelf bezig waren dan met hun programma’s en de kijker. Hun eigen hobby’s waren vaak de norm om al dan niet een programma te maken. Gelukkig zijn er een paar goede mini- en maxidecreten geschreven, toen Eric Van Rompuy als minister verantwoordelijk was voor de VRT. En is er met Bert De Graeve inderdaad een schitterende manager gekomen. Die heeft dit huis weer respect gegeven, en zelfvertrouwen, en succes. Ik heb er de beste herinneringen aan, al was de relatie tussen De Graeve en de raad van bestuur vaak zéér gespannen. Hij vond dat hij baas was en dat wij niets te zeggen hadden. Neem de aanstelling van zijn directeur televisie. Volgens het decreet kiest de ceo die en moet de raad van bestuur die keuze al dan niet bevestigen. De Graeve interpreteerde dat dat zeer restrictief. Toen Christina von Wackerbarth werd benoemd, mochten we vooraf níéts weten: ‘Op de vergadering van de raad zelf zal ik een naam voorstellen en jullie moeten ‘ja’ stemmen.’ Maar hoe verloopt dat? Von Wackerbarth was al voor de vergadering in alle discretie naar de elfde verdieping geloodst, waar zij in een kamertje moest wachten tot wij haar benoemd zouden hebben. Maar zoals dat bij vrouwen gaat, moest ze even naar het toilet. Toevallig zag ik haar en meteen viel mijn frank. Ik kende Christina van toen ze nog journaliste was bij wijlen Panorama. De vergadering begint en ik maak geweldig misbaar tegen De Graeve. Dat het een schande was dat wij geen informatie kregen, of de ceo dacht dat zijn bestuur een bende poesjenellen was, enzovoort. De Graeve roept terug en blijft alle informatie weigeren. ‘We gaan hier een einde aan maken’, werp ik terug, met veel te veel decibels. ‘We weten toch wie je wilt voorstellen. Het is Christina von Wackerbarth. Hou je informatie maar voor jezelf: ik ken haar cv beter dan jij.’ (bulderlach) Dat is de echt de énige keer dat hij even uit zijn lood geslagen was. Voor de rest is De Graeve letterlijk een man van staal. Hij heeft niet toevallig voor Bekaert gekozen. Maar ik vertel die anekdote om duidelijk te maken dat het toen ook niet altijd koek en ei was. Maar hij heeft me later wel gevraagd om voorzitter te worden.”

Na Bert De Graeve komt Tony Mary. De tijd van toeters en bellen: er is ineens véél deining rond de VRT.

“De eerste jaren van Tony waren voortreffelijk. Hij is een uitstekende peoplemanager, kon mensen onwaarschijnlijk goed motiveren. Maar de relatie met mediaminister Geert Bourgeois was uiterst slecht. Dat is niet alleen de schuld van Bourgeois. Ze lagen elkaar níét, niet qua stijl, niet qua manier van spreken, in niets. “En toen begon Tony te doen wat hij in conflictsituaties durft: hij trekt zich op zichzelf terug. En hij werd daarin gestimuleerd door Aimé Van Hecke. Die had van De Graeve geleerd dat je de raad van bestuur niet hoefde te betrekken. Dat leidde bijvoorbeeld tot de Flikken-rel (een nieuw seizoen dat eerst digitaal te zien was, voor het op Eén uitgezonden zou worden, wp), waarover níét gesproken was met de raad van bestuur. Over de aanpak van die zaak zullen Tony en ik het wel altijd oneens blijven. Terwijl je toen al aan je ellebogen voelde dat dit een majeur conflict werd.“Geert Bourgeois is dan de duimschroeven beginnen aan te draaien. In het nieuwe omroepdecreet zette hij deze zin: „De raad van bestuur kan zelf beslissen, bij gewone meerderheid, of een beslissing van strategische orde is. Tony Mary zag daarin eens te meer een provocatie. Volgens hem werd de essentie van het decreet onderuitgehaald: de onafhankelijke positie van de ceo. Vanuit zijn visie had hij zelfs geen ongelijk: als elke beslissing binnen de VRT ineens strategisch is omdat de raad van bestuur zegt dat ze strategisch is, kan die raad kort door de bocht gaan. Maar omgekeerd zaten we evenzeer in een oorlogssituatie, want bij elke vraag die we stelden, antwoordde het management dat de raad van bestuur daarmee niets te maken had omdat het een operationele beslissing was. Maar we hebben dat artikel nog niet één keer moeten toepassen.“Toen al wist Mary dat het einde van de rit in zicht was. Als hij te veel compromissen moet sluiten, houdt een man als Tony Mary het voor bekeken en bereidt hij zijn afscheid voor. En doet hij dat op zijn manier: met zin voor spektakel.”

De Flikken-rel was gesneden koek voor het Vlaams Parlement, net als de discussies over onkostennota’s: lekker rellerig materiaal, ‘dat gaat erin’. Terwijl de écht fundamentele opties - de digitale ontwikkeling, de machtsposities tegenover Telenet of Belgacom - het petje van veel Vlaamse parlementsleden te boven gaat.

“De essentie van de discussie in 2005 was inderdaad zeer fundamenteel: wie zal de baas spelen, de distributeurs of de zenders? De Graeve stelde zich die vraag al jaren vroeger. En tegelijk begon het marketingaspect soms te overheersen, met de komst van managers als Bettina Geysen ook. Dan komt 2006, dat vreselijke jaar waarin alles fout loopt voor de VRT. Op een vergadering van de Vlaamse kern was toen al gediscussieerd over de toekomst van de VRT. Een echt ideologisch debat, waarin voor Open Vld niet Dirk Vanmechelen zat - die is altijd voor een sterke openbare omroep geweest - maar Fientje Moerman. En zij zei: ‘De VRT moet niet vooroplopen in de digitale toekomst.’ Toen wisten we dat er storm op til was. Die nacht heeft Frank Vandenbroucke ter plaatse het digitale cultuurkanaal geïmproviseerd, om toch iets van de digitale toekomst voor Tony te redden. Dat was een vondst ter plaatse - onderschat Vandenbroucke maar niet als vicepremier, die kon zo’n kern bespelen. Maar het was het begin van het einde. Uiteindelijk verliest de VRT Tony Mary én Aimé Van Hecke. En werd Dirk Wauters uiteindelijk de nieuwe ceo.“De raad van bestuur werd ook verplicht om vaker tussen te komen. Niet omdat wij dat zo graag wilden, maar omdat het nieuwe decreet ons meer bevoegdheden gaf. Zo viel de interne audit voortaan rechtstreeks onder de raad van bestuur. Dat betekent: alle controle op onkostenrekeningen en externe contracten, dus alles waarover veel geschreven en gezeverd werd, viel vanaf dan onder de raad van bestuur. Wij vroegen dat niet, maar we kregen dat wel.“En het maakt dat de voorzitter van de raad van bestuur soms bijna verplicht wordt om nauwer aan te leunen bij het dagelijkse bestuur Ik zal het voorbeeld bij uitstek geven: het afvoeren van ‘de forel van Hitler’ van tv-kok Jeroen Meus. U begrijpt, als voorzitter van de raad van bestuur heb ik niets te maken met de inhoud van een programma. Maar die onzin mocht niet op antenne. Dus schreef ik de gedelegeerd bestuurder: ik denk dat hier een ernstig probleem aan het ontstaan is. Ik ga ervan uit dat u de volledige verantwoordelijkheid op u neemt als dit uitgezonden wordt. Punt. Eén mail. Als je op één lijn staat met je raad van bestuur en je hebt een slecht karakter en je laat je stem horen als het écht nodig is, dan heb je zo’n artikel niet nodig.“Die forel van Hitler was een van de moeilijkste ogenblikken van de laatste jaren. Ik ben het mogen gaan uitleggen bij de Joodse gemeenschap. En ik kan u verzekeren: dat waren géén simpele gesprekken.”

Zou u dat De Graeve ook hebben kunnen lappen, hem dwingen een programma in te trekken? Of was dat typisch voor Dirk Wauters, hem onder druk zetten ‘dat de volledige verantwoordelijkheid op hem rust’.

“We waren beland in de fase van voor het minidecreet. Eén: er waren opnieuw mensen die de VRT voor hun hobby’s aan het gebruiken waren. Twee: we konden onmogelijk te weten komen wie de eindverantwoordelijke was. De ene wees naar de andere, en allen hadden ze ergens gelijk. Het enige wat ik wist, is dat het zeker niet Jeroen Meus was die in de fout ging. Die jongen heeft zich trouwens geëxcuseerd.”

Is dat niet typisch voor het zwakke leiderschap van de laatste jaren? Er is toch een ontzettend verschil tussen een sterke figuur als Christina von Wackerbarth en de jongere maar zwakkere Bettina Geysen. Die verzamelde ooit tal van VRT-mensen in het Amerikaans theater om daar samen ritmisch in de handen te klappen en zo de sfeer erin te krijgen. Dat is geen management maar new age.

“Men besefte toen tenminste dat men maatschappelijke meerwaarde moest brengen. Maar ik stoorde me rot aan het infantiele van het Allemaal Sam-project, een slechte, artificiële vorm van Spirit-tv. Op zulke momenten moest het management beseffen dat ze hun maatschappelijke en politieke draagvlak zo zagen wegsmelten. Ik nam het hen niet kwalijk dat ze niet zoveel kijkers hadden voor Allemaal Sam, maar wel dat dit project zo naïef in elkaar zat dat het echt álle opiniemakers of politici van de VRT vervreemdde. Zo toonden ze dat ze te weinig skills hadden voor hun functie, dat ze te zwak bezig waren. Ik verklap geen geheim als ik zeg dat de raad van bestuur toen erg sceptisch was over bepaalde beslissingen van het topkader.”

Kwamen er dan geen signalen van het VRT-personeel?

“Mediabedrijven zijn speciaal, of het nu openbare omroepen zijn dan wel private krantenredacties. Eén: het wemelt er van de ego’s. Twee: Als er een conflict komt, ontstaat er heel snel een stockholmsyndroom, wij allemaal samen tegen de boze vijand. Omdat wij mediamensen van onszelf weten dat wij geen ongelijk kúnnen hebben, ligt de fout per definitie bij de andere partij. En dat eindigt altijd in een groot conflict. Omdat de enige terugvalbasis is: not in my backyard, beste aandeelhouder. Geef ons je geld, maar verder blijf je van ons af. Bij de VRT vertaalt zich dat als ‘geen inmenging van de politiek’. Dat is het argument als alle andere argumenten op zijn. Nu met het ontslag van Dirk Wauters zagen we dat ook weer. En het werd als eerste en bij herhaling gebruikt in de duidingsprogramma’s van de VRT-nieuwsdienst. Het is een gemakkelijke verdediging, want op elke vraag die je stelt, kunnen zij antwoorden: ‘politieke inmenging.’ Ze weten heel goed dat ze perfect inspelen op de gevoelens van de bevolking. Het VRT-personeel is zeer leep in het gebruik ervan.”

Eigenlijk weet het VRT-personeel, journalisten evengoed als managers, héél goed dat ze een een-tweetje proberen op te zetten met Jürgen Verstrepen van Lijst Dedecker, of een verdwaalde Belanger: maak maar eens goed spel tegen ‘de politiek’.

“Heel juist. En dan begrijp ik ook dat de perceptie die van mij bestaat niet altijd een hulp is. Ik zal inderdaad wel ‘een politiek beest’ zijn. Al ben ik niet wanhopig: zo’n negatieve, antipolitieke sfeer verdwijnt vanzelf als hier weer een sterke en goede manager komt. Onder Bert De Graeve had je géén conflict met de politiek, jaar na jaar na jaar niet. Met de komst van Piet Van Roe was het na één dag voorbij. Eén dag! De mensen kalmeerden en geen mens die nog roept dat de politiek zich mengt met de openbare omroep.“Wat gebeurde er onder Dirk Wauters? Hij erft een nieuwe structuur (met ‘verticale componenten: productie, media, wp) die an sich niet fout is, maar die compleet verkeerd werd ingevuld. Resultaat: massa’s vergaderingen. Ik zag onlangs een aflevering van Frost die me echt deed denken aan de VRT. Frost is iemand die zijn job wil doen. Hij wil een misdaad oplossen, dat is zijn corebusiness. En alsjeblieft, val hem niet lastig met vijfentwintig evaluatierapporten. Maar zijn baas wil vooral dat zijn dossiers in orde zijn. De corebusiness is daaraan ongeschikt. Gelukkig steekt Frost zijn middenvinger op, gaat hij een hamburger eten en doet wat hij moet doen: de moordenaar klissen. Dat is exact de situatie van de VRT. Veel tv- en radio-makers zouden niets liever doen dan goede tv of radio maken, maar een dikke laag van bazen zit zichzelf voortdurend in te dekken. Dat begon op de zenuwen van de mensen te werken. En al die managers begonnen ook nog eens consultants aan te trekken, voor alles en nog wat. Dus vloeide het geld naar ‘administratie’ allerlei. De raad van bestuur kon dat wel opmerken, maar we kregen het niet uitgelegd aan het VRT-kader. (neemt een slide in zijn hand) Elk document dat wij kregen van het management, elke powerpoint die wij zagen, was gemaakt door een externe consultant. Ook op de VRT konden de Frosten hun werk niet meer doen omdat ze te zwakke bazen hadden.“De VRT heeft dus een klasbak nodig als afgevaardigd bestuurder. Zoals De Graeve. Zoals Van Roe. Zoals Mary, in zijn eerste periode, toen hij nog niet twistziek was. Hij moet niet per se in de media willen opduiken, hij moet vooral een zéér sterke persoonlijkheid zijn.“Want het ging onder Dirk Wauters écht slecht met de VRT. Omdat die structuren niet meer geëvalueerd werden, die overtollige vergaderstructuur daarbovenop kwam en niemand wist wat zijn verantwoordelijkheid was, hielden de mensen zich niet meer met hun werk bezig, maar met de structuur en hun positie. En zo ontstonden er tot op het hoogste managementniveau sacochenoorlogen - schrijf dat woord zo maar op.”

Het viel ook op dat minister-president Kris Peeters in zijn interviews zo duidelijk was over dat ontslag: er was een probleem en dat moest opgelost worden, punt uit.

“Vorige zomer was het probleem van de VRT-leiding al aangekaart bij Kris Peeters, toen nog minister van media. In september was er een nieuw gesprek. De raad van bestuur - de héle raad - heeft een evaluatie gemaakt van Dirk Wauters. Heeft die raad expliciet gezegd: ‘Wij eisen zijn ontslag’? Neen. Zo werkt dat immers niet. Maar iedereen wist wat er aan de hand was. En dan was er de bewuste vergadering van de Vlaamse kern waarop ik en Annelies Van Cauwelaert waren uitgenodigd. Dat was nodig, want de VRT was zich te pletter aan het rijden. Er móést een sterke ceo komen. Helaas lekte die bijeenkomst uit, door een stommiteit.“Ik las in een krant dat ik ‘politieke spelletjes’ speelde, door Wauters in de laatste maanden van mijn mandaat weg te manoeuvreren om een socialist op zijn stoel te krijgen. De enigen die spelletjes speelden, waren de journalisten van die dat schreven, hoewel ze héél goed wisten dat het niet waar was. In het Vlaams Parlement waren CD&V’ers Carl Decaluwé en Eric Van Rompuy hevig in hun kritiek. Op zijn blog schreef Van Rompuy zelfs dat het minidecreet van de VRT kapotgemaakt was door Tony Mary, Guy Peeters en ‘de huidige Vlaamse regering’. Ik wist niet wat ik las. Dan rest alleen de conclusie: ‘Grote broer is weg. Joepie, we mogen weer in de zandbak spelen.’“De waarheid is dat de meeste mensen van het directiecomité mij individueel zijn komen opzoeken, telkens op hun vraag, telkens met de mededeling ‘dat het niet meer ging’. Vroegen zij woordelijk zijn ontslag? Neen. Maakten zij duidelijk dat de situatie onhoudbaar was? Ja.“En nogmaals: we roepen Piet Van Roe terug en na één dag is het uit met de flauwekul.”

Nu moet Van Roe een nieuwe VRT vormgeven. Van Roe heeft al mensen bedankt omdat ze onvoldoende het onderscheid maakten tussen een openbare en een private zender.

“Wat ons brengt bij de discussie wat de VRT moet zijn. Er verschijnen dagelijks wel een paar tribunes over de stand van de media. Het is typisch Vlaams. Als er ergens een probleem opduikt, zegt men: ‘We hebben nood aan een breed maatschappelijk debat.’ Ik geloof er niet echt in. Voor dat soort debatten ligt er in Europa een culturele grens. En dat is niet onze taalgrens, maar wel de Moerdijk. Vlaanderen ligt bezuiden daarvan: ook wij functioneren als Latijnen. Denken dat we op welke Staten-Generaal dan ook in een dag of zeven rond zullen raken met de missie van de openbare omroep is een illusie. In Nederland kan dat wel. Daar zie je minister van Onderwijs en Cultuur Ronald Plasterk de Tweede Kamer impulsen geven voor een groot debat over het functioneren van de publieke omroep. Er zal een parlementair debat volgen. Maar als ik kijk naar het niveau van de debatten in de mediacommissie en in de plenaire vergadering van het Vlaams Parlement, dan gaan we er niet snel uit geraken.“Ik kijk niet neer op al die professoren en communicatiewetenschappers die nu in hun pen klimmen. Maar wat ik nu al kan voorspellen is dat er een school zal opstaan met de boodschap: ‘VRT, plooi u terug op uw kerntaken.’ En wat zijn dat dan: alleen nieuws, duiding en cultuur. Wel, dan wordt de VRT een nichezender en is er binnen een paar jaar nog amper toekomst voor een openbare zender.”“Wat ik vrees, is dat er een collusie ontstaat tussen bekommerde, wat wereldvreemde academici, die met de beste bedoelingen alles ‘ernstiger’ willen, en private concurrenten, die liever hebben dat de VRT zo klein mogelijk blijft. Omdat zij dan méér geld voor zichzelf hebben, want daar komt het eigenlijk op neer. Dat is ons al een paar jaar geleden overkomen, met de kritiek op Tony Mary’s plannen om de VRT voorop te laten lopen in de digitale ontwikkeling. In Vilvoorde zagen ze dat met lede ogen aan, maar er kwam ook kritiek van mensen die dachten dat ‘digitaal’ het voorgeborchte was van ‘commercieel’. Wat natuurlijk niet zo hoeft te zijn.”

Dat we omstreeks 2005 vonden dat de VRT níét moest investeren in de digitale ontwikkeling lijkt nu al een standpunt dat alleen ingenomen kan worden door paleofossielen, want er is geen toekomst buiten het digitale.

“Precies. En dat verstoort de échte discussie over de VRT. Die is inderdaad: omroep, toon eens waar je staat. Hoe plaats je je zelf in het interactieve landschap? Welke voorstellen richt je tot het onderwijs? Welke programma’s willen jullie maken om je te onderscheiden van de commerciële zenders? Dat laatste is essentieel bij de volgende budgetronde: weten waar de VRT het verschil kan maken, en dáár investeren. De forel van Hitler had alles te maken met kwaliteit, namelijk met goede smaak. In een goede structuur was dat programma niet gepasseerd. Piet Van Roe zegt dat de VRT geen politieke vrienden heeft. Ik zeg dat we te veel vijanden hebben gemaakt met foute beslissingen. Zo heeft de domme oprichting van MNM het politieke draagvlak van de VRT verstoord.”

Moet de VRT nog geld steken in MNM, een zender die in niets verschilt van een commercieel station?

“Vergeleken met de schabouwelijke omvorming van Donna tot MNM was de rel over Flikken al bij al klein bier. Niets klopte daarvan. Niet de afspraak binnenshuis, niet het project. Het zou een zender voor vrouwen worden, en het werd er een voor opgroeiende kinderen. Als de VRT ergens geloofwaardigheid dreigt te verliezen, is het daar. Maar wil ik MNM daarom verkopen? Neen. Moet er danig aan gesleuteld worden? Ja. Bij MNM zijn we verkeerd bezig. Met die zender kunnen we het verschil niet meer aantonen tussen de openbare omroep en een puur commerciële zender. Music For Life heeft dan weer wel een meerwaarde die alléén een openbare omroep kan bieden. Ja, het is een engagement voor de derde wereld, maar met een heel andere impact dan zomaar met wat lotjes rondgaan voor Vredeseilanden.”“Maar we moeten natuurlijk in de eerste plaats goede tv en goede radio blijven maken. Het mag aangenaam blijven: er moet volk kijken, nietwaar? Ik ben het niet eens met de academische kritiek dat er bijvoorbeeld in De keien van de Wetstraat te veel op het persoonlijke van de politicus wordt ingezoomd. Ik heb nogal wat goede biografieën over Winston Churchill gelezen: die man zijn politiek kun je nauwelijks begrijpen zonder zijn persoon te kennen, zelfs zijn jeugd. Het land begreep Herman Van Rompuy pas toen hij méér werd dan een begrotingsexpert, namelijk ook een mens. Als De keien van de Wetstraat alleen maar structurele politiek mag tonen, als de menselijke touch helemaal verdwijnt, dan kijken straks alleen nog rusthuisbewoners met alzheimer. En hopelijk ook de mediacriticus.”

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234