Donderdag 22/04/2021

Analyse

Er is niets mis met meer elite

null Beeld rv
Beeld rv

Alweer wordt gevreesd dat de geplande onderwijshervorming de vervlakking in de hand werkt en uitstekende scholieren zal frustreren. Net om weer een elite-onderwijs te krijgen, moeten we dringend gaan hervormen. De vraag is: welke elite willen we?

Naar de geplogendheden van de Wetstraat-newspeak mag je niet eens meer spreken over een 'hervorming' van het secundair onderwijs. Dat stoort de N-VA, die het enkel over een 'modernisering' wil hebben. Dat schiet niet op.

Bon, die hervorming dus. Komt er nog wat van? Het is nog maar de vraag. Terwijl minister van Onderwijs Pascal Smet (sp.a) in de vorige regeerperiode druk bezig was met intellectueel gelijk te krijgen, wist de kritische N-VA zich comfortabel verzekerd van steun bij bezorgde ouders, leraars en directeurs, met name in het algemeen secundair onderwijs (aso).

Ondanks de hervormingsijver van Mieke Van Hecke, de vorige baas van het vrije net, zit het grote verzet precies in de traditionele, katholieke colleges en lycea. Een nieuwe schoolstrijd doemt op. Kort door de bocht: voornamelijk blanke katholieke scholen staan tegenover (gemeenschaps)scholen met meer diversiteit. Dat is ook een ideologische strijd. Voorstanders van zo veel mogelijk gelijke kansen staan tegenover voorstanders van een meer prestatiegerichte ordening, waarin een 'elite' wordt gevormd.

Bang van het VSO

Het soms emotionele verzet tegen een grote hervorming is begrijpelijk. Veel ouders en leraars van nu zijn kinderen van de vorige revolutie, het 'vernieuwd secundair onderwijs' (VSO) van de jaren 70 en 80. Dat is geen succes geworden, en het heeft een frame gecreëerd waardoor alle hervormingsplannen sindsdien worden bekeken. Hervormingen, zo heet het, worden doorgevoerd over de hoofden van de mensen heen. Ze leiden tot afgevlakte eenheidsworst.

Tegen die kritiek hebben de bedenkers van het oospronkelijke 'masterplan' in de vorige regering zich onvoldoende gewapend. Praktische bekommernissen konden maar moeilijk worden ontzenuwd. Bijvoorbeeld: scholen die alle onderwijsdomeinen aanbieden, dat klinkt goed, maar hoe ga je dat ruimtelijk organiseren op campussen die nu al krap zitten ingebed in het verrommelde Vlaamse gewest? Zo kon de vrees ingang vinden dat ook dit weer een spel van structuren en niet van mensen zou worden.

Dat is erg jammer, want hervorming is noodzakelijk. De onderwijsbarometer staat op bewolkt. Het Vlaamse onderwijs scoort nog altijd goed naar Europese normen, maar niet meer zo uitstekend als het ooit is geweest.

Start met achterstand

Het Vlaamse (secundaire) onderwijs heeft minstens twee problemen. Aan de onderzijde is er een te grote uitstroom van jongeren zonder diploma. Dat cijfer is weliswaar gehalveerd sinds 1999 - van 13,8 naar 7 procent - maar dat is nog altijd te veel.

Maar ook aan de bovenkant hebben scholieren het lastig om mee te kunnen met de internationale top. De gemiddelde prestaties van Vlaamse scholieren voor wiskunde, leesvaardigheid en wetenschappen blijven goed, maar zijn in dalende lijn.

De vraag is dan ook niet of je moet hervormen, wel hoe je dat het best doet. Niet het spectaculairste, maar wel het belangrijkste deel van de geplande hervorming zit in het lager onderwijs. Daar is het dat kinderen, met name van ouders met vreemde roots of een beperkte opleiding, een onherstelbare achterstand op leeftijdsgenootjes oplopen. Preciezer geformuleerd: daar is het dat ze de achterstand van bij de start onvoldoende krijgen weggewerkt.

Zeker, er gebeurt al heel wat. Om kinderen uit 'kansengroepen' beter te begeleiden is nu al 210 miljoen euro voorzien voor extra leerkrachten en lesuren. Daarmee wordt mooi en noodzakelijk werk verricht, maar het is niet genoeg. Veel meer dan de hoogste nood lenigen lukt niet.

Vaak worden noodgedwongen toch scholieren afgeleverd die uiteindelijk het hoge niveau niet aankunnen in een minder beschermende secundaire opleiding. Dat frustreert in de eerste plaats die leerlingen zelf.

Neem het aan van deze vrijwilliger in een buitenschoolse huiswerkklas: met hun motivatie, engagement en ambitie verzetten deze kinderen bergen om eindelijk de ban te breken voor hun familie. Toch hebben ze het erg moeilijk, omdat de taalhandicap vaak te groot blijft om echt topprestaties te kunnen afleveren. Zo gaat veel talent verloren en wordt schoolmoeheid en generatiearmoede gecreëerd.

Om dat probleem op te vangen, kunnen leerlingen met een andere thuistaal sinds kort op de lagere school in een taalbad worden ondergedompeld. Opnieuw: dat is een mooie en noodzakelijke verbetering, maar het is onvoldoende.

null Beeld rv
Beeld rv

Bazooka voor taal

Taal is de sleutel voor een succesvolle sociale opgang - de Vlaams-nationalistische N-VA zal het niet tegenspreken. Als we de schooluitval en schoolmoeheid, met in de waterval van aso, tso en bso verzuipende kinderen, willen tegengaan, moeten we met de bazooka op taalachterstand mikken.

Hoe? Eigenlijk zouden we een soort elite-onderwijs voor concentratiescholen moeten ontwikkelen. Scholen met hoge diversiteit zouden een beroep moeten kunnen doen op een elitekorps van universitair geschoolde en goed betaalde leerkrachten, die leerlingen gericht trainen op complete taalbeheersing. De concentratie van leerlingen met taalachterstand in sommige 'zwarte' scholen is dan zelfs een voordeel: het biedt de kans om de (vele) extra middelen efficiënt in te zetten.

Er zijn vast tig decreten die dat nu verhinderen, maar eigenlijk is er meer elite-onderwijs nodig om tot meer gelijke kansen te komen. Nog altijd zal niet elk kind de lagere school met dezelfde talenten of interesses afsluiten - god verhoede - maar dan zal de lijn bij de start van de secundaire carrière tenminste gelijker getrokken zijn.

En als die gelijke kansen gewaarborgd zijn bij de start, is het ook niet verkeerd om tijdens het daaropvolgende schooltraject meer klemtonen te leggen op individuele diversificatie en het stimuleren van excellentie. Dan is dat tweede probleem in ons onderwijs - afvlakkende topprestaties - ook meteen opgelost. Wat de geplande hervorming voorziet voor de tweede en derde graad (vanaf veertien dus) komt al aardig in de buurt.

Franckens elite

Zo begrepen is er niets mis met 'elite' in het onderwijs. In een lezenswaardig interview in De Morgen van afgelopen weekend pleit N-VA-staatssecretaris Theo Francken voor de oprichting van publieke elitescholen. Francken vertolkt daarin, als pedagoog, een persoonlijke ambitie, geen partijstandpunt.

In zijn radicaliteit onthult het idee wel de drijfveren van de 'elitaristen': de hang naar een helder onderwijssysteem dat sterken sterker maakt. Ontdoe je die bekommernis van zijn nostalgisch verlangen naar ouderwetse collegehiërarchie, dan valt er wat te zeggen voor een systeem dat extra zorg aan de zwakkeren besteedt, maar ook aan de sterksten.

Wij geloven Theo Francken oprecht als hij bezweert geen kopie te willen van het Angelsaksische model, waar een rijke, blanke elite een gesloten opleidingsnetwerk heeft opgezet voor de eigen klasse. Probleem is dat zulke segregatie niet te vermijden valt als je niet eerst met volle kracht de lat gelijk trekt in het basisonderwijs. Ook al is het niet de bedoeling, wie in de huidige omstandigheden in Vlaanderen pleit voor elite-onderwijs, zal ook hier uitkomen bij aparte scholen voor een bemiddelde, blanke, hogere klasse. Dat is misschien de reactionaire droom van enkelen, maar geen project waar een samenleving beter van wordt.

Eigenlijk is de tegenstelling tussen 'elite' en 'gelijke kansen' vals. Beide doelstellingen zijn perfect te verzoenen. Meer gelijke kansen - met inzet van middelen een elite-onderwijs waardig - zullen ertoe leiden dat meer kinderen hun ambitie kunnen waarmaken om deel uit te maken van de elite van morgen.

Sommigen zullen Ovidius kunnen vertalen, anderen zullen weten wat je met een halfgeleider kunt aanvangen. Sommigen zullen Bart heten, anderen Mohammed. Iemand daar een probleem mee?

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234