Donderdag 06/05/2021

InterviewMaarten Vansteenkiste

‘Er is geen magische knop om iedereen te motiveren’

null Beeld Marco mertens
Beeld Marco mertens

Zoals Marc Van Ranst tijdens deze pandemie is uitgegroeid tot de nationale viroloog, twitteraar en pulloverkampioen, Pierre Van Damme tot de nationale vaccinoloog-epidemioloog en Steven Van Gucht tot de nationale onvermoeibare cijfers-, curve- en grafiekenduider, zo lijkt Maarten Vansteenkiste langzaam maar zeker uit de schaduw getreden als ’s lands nationale psycholoog. De professor psychologie aan de Universiteit Gent meet onze motivatie en helpt ons de moed erin te houden.

Al sinds het begin van de crisis brengt Maarten Vansteenkiste (44) met zijn onderzoeksteam in kaart hoe het met de motivatie en het mentale welzijn van de bevolking is gesteld. Als lid van de taskforce Corona en Psychologie en van de Groep van Experts voor Managementstrategie van covid-19 (GEMS) voorziet hij voorts de overheid van gefundeerde adviezen. Hoe komen we de laatste maanden van deze crisis zonder brokken, uitslaande rellen of collectieve zenuwinzinkingen door, nu de laatste loodjes op weg naar het als een fata morgana aan de horizont sidderende rijk der vrijheid voor sommigen wel héél zwaar beginnen te wegen? Want vergis u niet, de weg is nog vervelend lang.

De paaspauze heeft niet het verhoopte effect gehad: mensen zouden kunnen concluderen dat de maatregelen niet werken, en dus minder gemotiveerd zijn om zich eraan te houden.

“Als men strengere maatregelen neemt, is dat omdat de situatie risicovoller wordt, en dat zet mensen er doorgaans toe aan een extra inspanning te leveren. Dat hebben we nu níét gezien: 45 procent van de mensen is helemaal niet overtuigd van de noodzaak van de maatregelen. Steeds meer mensen hebben ook het gevoel dat ze niet doeltreffend zijn. Hoewel de coronacrisis nu al erg lang duurt, houden toch nog vier op de tien zich aan het opgelegde aantal nauwe contacten – sommigen denken misschien dat ze als enigen nog de maatregelen volgen. Dat is dus niet zo, maar de paaspauze heeft onvoldoende resultaat opgeleverd.”

Qua motivatie zit het dus niet geweldig goed?

“Neen. Net zoals we moeten eten en drinken, is ook autonomie een basisbehoefte, en die is al zeer lang amper bevredigd. Mensen willen hun vrijheid terug: de ene doet dat met een lockdownfeestje, de andere door aan te kondigen dat zijn theater weer publiek zal ontvangen. Sommigen beginnen te rebelleren, anderen uiten hun ongenoegen op een constructievere manier.”

Kunnen de versoepelingen die laatst werden aangekondigd, de motivatie weer op peil krijgen?

“Dat valt nog af te wachten. Buiten met tien personen samenkomen is een maatregel waar relatief weinig risico’s aan verbonden zijn en waarmee je mensen toch enige vrijheid teruggeeft. Maar eerst de contactberoepers weer laten werken is een vreemde beslissing, zeker omdat men uitgebreid heeft benadrukt hoe belangrijk contacten buiten zijn. We weten nu ook dat het risicobewustzijn afneemt als je de contactberoepers aan de slag laat gaan, zoals in februari. Met die versoepeling stuur je dus een belangrijk psychologisch signaal uit: als risicovollere binnencontacten mogen, zeg je eigenlijk dat de situatie veiliger is. In februari zagen we al dat mensen het minder nauw namen met de maatregelen.”

U hebt vaak benadrukt dat het geen goed idee is om versoepelingen aan vaste data te koppelen. Maar allerlei sectoren eisen die al maandenlang. Wat is de juiste strategie?

“Door gewoon een datum vast te leggen waarop versoepelingen mogelijk zijn, wachten mensen af in plaats van actief een inspanning te leveren. En als je je beloftes niet kunt waarmaken, moet je de mensen ontgoochelen: dat is demotiverend. Het is beter om specifieke voorwaarden aan versoepelingen te verbinden, bijvoorbeeld een bepaald aantal patiënten op intensive care. Dat wordt dan een psychologische mijlpaal, waarvoor je de bevolking warm kunt maken. Als we die bereikt hebben, kunnen we dat collectief vieren en is de versoepeling een soort beloning.”

De laatste versoepelingen werden niet alleen verbonden aan een datum, maar ook aan bepaalde voorwaarden. De regering leert dus bij.

“Dat was een stap in de goede richting. Maar sommige voorwaarden zijn eerder vaag: de opnames op intensieve zorg moeten ‘duurzaam dalen’. Men zou preciezer kunnen omschrijven wat men daaronder verstaat, want alleen haalbare doelstellingen kunnen iemand motiveren.

“Een einddoel is nuttig, maar voor de motivatie is het ook belangrijk om met tussendoelen te werken. Als een marathonloper aan kilometer 35 zit, kijkt hij niet naar kilometer 42, maar naar kilometer 36 of 37. Ik kan het weten, want ik heb zelf een paar marathons gelopen. (lacht) Je mag ook niet meteen versoepelen zodra je een tussendoel hebt bereikt, want je moet een veiligheidsmarge inbouwen. Als je tot honderd ziekenhuisopnames per dag bent gezakt en je laat de teugels los, riskeer je later de maatregelen weer te moeten verstrengen. Op basis van biostatistische modellen kunnen we inschatten hoe ons gedrag een rol speelt in het bereiken van die doelen. Daar kun je dan een timing aan koppelen. Als we ons meer inspannen, zullen we sneller het doel bereiken. Als we nonchalanter zijn, zal het langer duren. Zo hebben mensen ook het gevoel dat ze mee controle hebben en kunnen ze echt verantwoordelijkheid nemen.”

Wat kunnen we nog meer doen om onze afkalvende motivatie weer op te krikken?

“Als we de niet-kwetsbare bevolking beginnen te vaccineren, moeten we de tijdspanne tussen de eerste en de laatste gevaccineerde zo klein mogelijk houden, anders wordt het mentaal lastig. Je zou de mensen kunnen laten kiezen om na de eerste prik langer te wachten op de tweede, zodat je anderen sneller kunt bedienen.

“Communicatie blijft ook zeer belangrijk. Je kunt mensen overtuigen om hun veiligheid voorrang te geven op hun vrijheid, maar dan moet je het zeer goed uitleggen. Daar heeft het in het verleden weleens aan geschort.”

Uit jullie onderzoek blijkt ook dat mensen bereid zijn vrijheden op te offeren, zolang ze maar het nut van de maatregelen inzien. Epidemioloog Luc Bonneux had het in een opiniestuk over ‘een vergaarbak van zinloze rituelen, opgelegd door burgemeesters en gouverneurs zonder enig benul van volksgezondheid’.

“Een dynamisch beleid is cruciaal. Vandaag wordt het mondmasker vooral verplicht als het druk is, en dat is een goede zaak. Mensen ervaren dat niet per se als een keurslijf, als ze vinden dat de maatregel logisch en noodzakelijk is. Maar ik heb vorige zomer langs de Schelde vissers met een mondmasker gezien, en op Twitter las ik dat een bezoeker aan het MAS als enige aanwezige op het dakterras een mondmasker moest dragen. Dan wordt die plicht als onnodig ervaren en dat is nefast voor de motivatie. Je moet flexibiliteit aan de dag leggen en erop vertrouwen dat mensen de situatie mee kunnen inschatten.”

null Beeld Marco mertens
Beeld Marco mertens

ANGST ALS MOTOR

We zien op tv beelden uit landen waar de vaccinatie al verder staat en het normale leven wordt hervat. Kan dat de motivatie aantasten?

“Er zijn ook genoeg voorbeelden van landen waar het beleid strikter is dan bij ons. Dat verliest men uit het oog. De grootste uitdaging is om mensen te motiveren als de cijfers stabiliseren. Uit onze motivatiebarometer blijkt dat stijgende cijfers de sterkste bron van motivatie zijn, maar dan loop je achter de feiten aan. De motivatie moet net voorkomen dat de cijfers stijgen, en zover zijn we nog niet.

“We moeten ons ook afvragen of het op termijn niet motiverender is om naar maatwerk binnen sectoren te evolueren. In de cultuursector zou je kunnen toelaten dat men buiten met een aantal personen in een cirkel een voorstelling bijwoont. Dan geef je die sector toch wat zuurstof. Ook elders moeten we bekijken of er niet meer mogelijk is. Ventilatie zou daar een belangrijke rol in kunnen spelen: het belang daarvan is tot nog toe onvoldoende benadrukt.”

Recent was er kritiek op de ‘angstcommunicatie’ van virologen en experts voor of na elke reeks versoepelingen. Dat zou volgens sommige communicatiespecialisten alleen maar demotiverend werken. Hebben ze een punt?

“De experts willen de zaken af en toe gewoon op scherp stellen. Tussen het communiceren van bezorgdheid en het opwekken van angst is er maar een dunne grens. Angst is in ieder geval geen duurzame motor van ons gedrag.

“Vandaag zijn we nog altijd aan het discussiëren over hoe risicovol de situatie is. Het aantal hospitalisaties schommelt rond de tweehonderd per dag, maar of dat goed of slecht is, is verre van duidelijk. Dat zou je kunnen vermijden door met helder omschreven alarmfases te werken. Dat zou het voor iedereen makkelijker maken. Nu roept de ene luid om versoepelingen en is het voor de andere alle hens aan dek. Geen wonder dat mensen zich beginnen af te vragen of het nog zin heeft dat ze zich aan de maatregelen houden.”

In het begin was u zeer positief over de ‘empathische en heldere’ communicatie van de nieuwe regering, met name die van premier Alexander De Croo en minister Frank Vandenbroucke. Bent u dat nog steeds?

“Ik vind dat ze helder communiceren, ja. Maar als je mensen wilt blijven stimuleren, is het goed om regelmatig een update te geven. Twee of drie weken na het afkondigen van de paaspauze hadden ze kunnen meedelen waar we ons op de curve bevinden, welk doel we over twee weken hopen te bereiken en hoe het met de vaccinaties zit. Zo’n round-up hebben ze één keer gegeven: op een persconferentie illustreerden ze met duidelijke grafieken drie verschillende scenario’s van biostatisticus Niel Hens. Er is geen magische knop om iedereen in een handomdraai te motiveren. Het is de kunst om een klimaat te scheppen waarin de mensen zich blijven inspannen. Daarvoor moet je als overheid systematisch communiceren.”

Hebt u het gevoel dat er voldoende wordt geluisterd naar de taskforce Corona en Psychologie? De coronabarometer die jullie hebben voorgesteld, is er nooit gekomen.

“Zo zijn er wel meer ideeën een stille dood gestorven, maar sommige zijn elders opgepikt. De Koning Boudewijnstichting heeft organisaties opgeroepen om de jeugd te ondersteunen op het vlak van mentale gezondheid, en de bedrijfswereld heeft de campagne ‘In je eigen kracht staan’ gelanceerd, waaraan we hebben meegewerkt.

“Maar op het vlak van communicatie is er nog ruimte voor verbetering. Na de vaccinatie moeten mensen een kwartiertje wachten om te zien of er geen bijwerkingen zijn. In die tijd zou je ze met een video kunnen informeren wat ze wel en niet mogen doen na een vaccinatie. Een aparte expertengroep zou de uitwerking van die ideeën kunnen ondersteunen.”

Vooral jongeren lijken het de laatste tijd zeer zwaar te hebben. Blijkt dat ook uit jullie gegevens?

“Gedurende de hele crisis hebben we gezien dat jongeren, en vooral studenten, het lastiger hebben dan andere leeftijdsgroepen. Bij hen staan de basisbehoeften van autonomie en verbondenheid veel meer onder druk. Daarom vertonen ze ook meer depressieve klachten en zijn ze minder tevreden over hun leven. Ze waren al die tijd minder gemotiveerd om de maatregelen te volgen, en dat is begrijpelijk. Men vraagt een engagement om iets te doen voor anderen, terwijl hun risico om ernstig ziek te worden veel kleiner is. Dat ze als eersten protesteren, is niet onlogisch.”

Ze zullen ook pas als laatsten gevaccineerd worden, in het beste scenario in september. Hoe moeten zij het nog maanden zien uit te houden?

“Als de kwetsbare groepen gevaccineerd zijn en men volgens leeftijd begint te vaccineren, kun je je afvragen op welk moment de kans op besmetting voor iedereen ongeveer even groot is. Stel dat een 38-jarige evenveel kans zou hebben op een ernstige besmetting als een 19-jarige, dan ziet de expertengroep Corona en Psychologie geen noodzaak meer om volgens leeftijd te blijven vaccineren en kun je het principe hanteren dat iedereen willekeurig wordt uitgenodigd. Zo vermijd je dat jongvolwassenen zich onrechtvaardig behandeld voelen.”

Emeritus professor Jan De Maeseneer, lid van de taskforce Vaccinatie, opperde in Humo het idee om jongeren in juni al een prik van Johnson & Johnson te geven, zodat ze op reis kunnen. De samenleving zou hen zo kunnen bedanken voor hun solidariteit. Een goed idee?

“We moeten ervoor waken dat we geen opbod krijgen van wie het meeste lijdt. Jongeren kunnen zich altijd op de reservelijst laten zetten om sneller gevaccineerd te worden. Je zou ook een lijst kunnen aanleggen van 18- tot 40-jarigen die willen wachten om gevaccineerd te worden. Dat is een andere manier om engagement te tonen, en je vermijdt spanningen tussen de verschillende lagen van de bevolking.”

De grootste bedreiging voor de motivatie lijkt de tweedeling tussen gevaccineerden en niet-gevaccineerden. Sommigen vinden dat wie al een prik heeft gekregen, minder streng de regels moet volgen, anderen zijn voor het ‘samen uit, samen thuis’-principe.

“Ik deel dat principe. Maar je moet je afvragen of het wel zin heeft dat gevaccineerden onder elkaar nog een mondmasker dragen. Tegelijk moeten de spelregels voor de omgang tussen gevaccineerde en niet-gevaccineerde groepen helder worden omschreven. Zijn die onduidelijk, dan moet je je aan de bestaande maatregelen houden.

“We moeten ook helder communiceren over de risico’s die je na de vaccinatie loopt als je met niet-gevaccineerden omgaat. Die helderheid is nodig in alle communicatie. Dat de Britse variant 30 of 40 procent besmettelijker is, wat betekent dat? Wat als ik met tien mensen samen ben?”

U bent dus niet per se tegen meer mogelijkheden voor wie gevaccineerd is?

“Je moet een onderscheid maken tussen de private en de publieke ruimte. In de privésfeer kunnen gevaccineerden onder elkaar zich vrijer gedragen, maar niet op café of restaurant. Anders krijg je een samenleving met twee snelheden. Daarna moet je nagaan wat je niet-gevaccineerden kunt gunnen en welke rol het testen daarin zou kunnen spelen. Dat wordt een zeer moeilijke oefening.”

In Denemarken en Israël, waar al een groot deel van de bevolking is ingeënt, krijgen mensen na hun tweede prik een certificaat waarmee ze op restaurant of naar de bioscoop kunnen. Het heeft daar niet tot grote protesten geleid.

“Met zo’n certificaat voed je het idee dat de vaccinatie een toegangspoort tot individuele vrijheid is, en we weten dat dat negatieve gevolgen heeft voor ons gedrag.”

Heeft de werkgroep Corona en Psychologie zich al over die kwestie gebogen?

“We zijn het erover eens dat een vaccinatiepaspoort geen goed idee is. Maar een covidpaspoort is wel een optie, omdat je niet-gevaccineerden dan met sneltesting dezelfde mogelijkheden biedt. Maar die sneltesten zijn vooral bedoeld om grote uitbraken te voorkomen. Moet je ze ook gebruiken om mensen toegang te geven tot restaurants? In het beste geval is, nadat alle kwetsbare groepen zijn gevaccineerd, de tijd tussen de eerste en de laatste prik van de resterende groep zo kort mogelijk. Een grotere vaccinatiegraad zal de cijfers ook helpen verbeteren en dan kan iedereen van nieuwe versoepelingen genieten.”

null Beeld Marco mertens
Beeld Marco mertens

WAALSE ONWIL

Uit de Grote Coronastudie blijkt dat de vaccinatiebereidheid in ons land op een dieptepunt zit. In Vlaanderen valt het mee, maar in Brussel en Wallonië neemt het animo zienderogen af.

“In Wallonië zegt iets meer dan 50 procent van de bevolking zeker gevaccineerd te willen worden. De groep die tegen vaccinatie is, voelt zich in een keurslijf geduwd. Het complotdenken, het gevoel dat je te lang onder de knoet wordt gehouden en wordt gecontroleerd, komt in Wallonië ook meer voor. Sommige maatregelen onnodig lang opleggen kan dat complotdenken aanwakkeren en een negatief effect hebben op de vaccinatiebereidheid. Ook daarom moet je goed uitleggen waarom je bepaalde maatregelen neemt.

“In Wallonië geeft 57 procent van de mensen aan dat ze de globale strategie als inefficiënt ervaren. Dat begint toch een probleem te worden. We moeten hopen dat de cijfers niet opnieuw stijgen, want strengere maatregelen afkondigen lijkt met dat huidige draagvlak moeilijker.”

Weten we waarom de motivatie in Wallonië lager is?

“Politici als Georges-Louis Bouchez en Elio Di Rupo hebben al meermaals voor versoepelingen gepleit. Dat heeft uiteraard een invloed.”

Over de impact van de pandemie op de mentale gezondheid van jong en oud op lange termijn zijn de meningen sterk verdeeld. Volgens psychiater Dirk De Wachter mogen we een tsunami van mentale problemen verwachten. Wat is uw inschatting?

“Mensen zijn sneller geïrriteerd, minder geduldig, hebben minder energie… Dat zijn erg normale reacties in abnormale tijden. Ik vermoed dat dat wel zal verbeteren zodra de situatie is genormaliseerd. Tegelijk zullen latente psychische problemen door deze crisis misschien sneller aan de oppervlakte zijn gekomen. Dat ons voortdurend wordt gevraagd om flexibel te zijn, zal meer wegen op mensen die perfectionistisch ingesteld zijn. Sommige groepen zijn ook psychisch kwetsbaarder dan andere: mensen die werkloos zijn en een dagbesteding moeten zien te bedenken, maar ook gezondheidswerkers die langdurig onder druk staan. Of dat zich zal vertalen in langer aanslepende problemen, hangt ook af van de mate waarin we nu hulp bieden.

“Dit is bij uitstek een periode waarin mensen meerdere malen zichzelf tegenkomen. We moeten dingen missen, maar zo wordt ook duidelijk wat voor ons belangrijk is in het leven. Huwelijken lopen op de klippen en mensen geven hun werk op, maar misschien zat dat er al aan te komen en is het nu versneld. De pandemie kan een scharniermoment zijn om je te heroriënteren in het leven of net de bevestiging te krijgen dat wat je doet, ook echt is wat je wílt.”

EEN NIEUW LEVEN

Jongeren die het er moeilijk mee hebben dat ze meer dan een jaar van hun jeugd zijn kwijtgeraakt, geeft u het advies één of meer handgeschreven brieven aan zichzelf te schrijven. Waarom is dat psychologisch heilzaam?

“Als je je gedachten en gevoelens voor jezelf onder woorden brengt, krijg je ze op orde. Het is niet goed om die te onderdrukken. Aan verdriet, woede, ergernis en andere emoties waar je mee zit, kun je beter gerichte aandacht schenken. Die brieven zijn nuttig om later terug te blikken en te zien dat je wat je toen hebt genoteerd, toch te boven bent gekomen.”

Waarom moeten die brieven met de hand geschreven zijn?

“Ik vind dat de traagheid van het schrijven iets moois heeft, zeker in dit digitale tijdperk. Een handgeschreven zin kun je wel wissen, maar je doet het toch minder makkelijk dan op je telefoon of laptop. Een brief is ook iets anders dan een sms- of WhatsApp-bericht: het dwingt je er een verhaal van te maken. Iets waar je tijd voor neemt en over nadenkt.”

Los van de miserie die de pandemie heeft veroorzaakt, zijn het voor een wetenschapper ook unieke tijden.

“Dat we nu al bijna vierhonderd dagen data kunnen verzamelen, is fantastisch. Ik wist vanaf het begin dat de motivatie een zeer grote rol zou spelen in deze crisis. Na twee dagen lockdown zijn we de motivatie beginnen te monitoren. Het is heel interessant om te zien hoe de communicatie van de overheid, de aard van de maatregelen en de coronacijfers een invloed hebben op ons welzijn en onze motivatie. Dat we dat nu multidisciplinair kunnen bestuderen, is een kans die zich nooit meer zal aandienen. En dat we als wetenschappers dicht bij het beleid staan, daar kunnen we anders alleen maar van dromen.

“Ook interessant is dat wij uit onze comfortzone worden gehaald, omdat we sneller moeten analyseren en praktijkgerichter advies moeten brengen. Doorgaans lees je op het einde van een wetenschappelijk artikel een korte alinea over het praktische nut van een onderzoek. Nu ligt de nadruk op de praktijk en ondervinden we dat de toepassing van al die mooie ideeën een ander paar mouwen is. Dat heeft onderzoekers ook zin voor realisme bijgebracht.”

Waar houdt een motivatiepsycholoog zich in vredestijd zoal mee bezig?

“De motivatiepsychologie bestudeert de redenen waarom mensen gemotiveerd zijn of waarom het hun aan motivatie ontbreekt, en hoe sleutelfiguren op die motivatie kunnen inspelen. We hebben veel werk gedaan in het onderwijs, de opvoeding en de sportwereld. Hoe kunnen leraren kinderen met schoolmoeheid opnieuw motiveren? Hoe kun je als ouder je kinderen normen en waarden bijbrengen? We bestuderen ook hoe een sportcoach het beste uit atleten kan halen, of hoe je op de werkvloer hechte teams kunt vormen. Motivatie is ook op maatschappelijk niveau erg belangrijk, zoals in de coronacrisis, en straks opnieuw in de klimaatcrisis.

“Het is iets wat me al op jonge leeftijd intrigeerde. Als scoutsleider vroeg ik me af hoe ik de kinderen een leuke middag kon bezorgen. Ik ben ook al jaren voetbaltrainer en voetbal zelf, en ik heb de neiging om de leiding te nemen. Ik vind het erg boeiend om uit te zoeken hoe je anderen warm kunt maken voor een gezamenlijk doel.”

U doet ook onderzoek naar motivatie in de sport.

“We hebben net een motivatieproject kunnen afronden in opdracht van Philippe Muyters, de vorige Vlaamse minister van Sport. Dat was in de eerste plaats op jeugdcoaches en jeugdclubs gericht: hoe kunnen we de motiverende vaardigheden van sportcoaches versterken? Het voordeel van de motivatiepsychologie is dat ze theoretisch zeer goed onderbouwd is, en dat ze praktisch zeer relevant is. Mensen ondervinden dat ze die inzichten en vaardigheden nodig hebben. Vóór de coronacrisis was er al veel belangstelling voor en gaf ik veel lezingen.”

Hebt u nog geen aanbiedingen van sportclubs gekregen?

“Voetbalclubs hebben al sportpsychologen, en de motivatie is maar één onderdeel van hun werk. We hebben vorig jaar wel een spin-off opgericht, Impetus.academy. Daarmee maken we een soort foto van het klimaat in een school of een bedrijf en geven we wetenschappelijk solide advies op maat, om vervolgens mensen te trainen in hun motiverende vaardigheden. De bedoeling is om de wetenschap terug naar de samenleving te brengen.”

In hoeverre is een motivatiepsycholoog ook privé een psycholoog?

“Mijn kinderen weten maar al te goed waar ik mee bezig ben. Als ik zelf zondig tegen de principes die ik verkondig, wijzen ze mij daar meteen op. Iedere ouder weet dat je niet in alle omstandigheden aan je principes kunt vasthouden. Ik heb een paar jaar geleden het boek ‘Motiverend coachen in de sport’ geschreven. Onze dochter voetbalt ook, en omdat er leuke voorbeelden in staan, ligt dat op haar nachtkastje. Ik moet dus opletten wat ik zeg en doe. (lacht)

“Thuis sta ik voor dezelfde uitdaging als tijdens de crisis: hoe kun je strenge maatregelen zo verkopen dat mensen ze toch accepteren? Motivationeel is dat een zeer interessante kwestie.”

U had al een druk leven als hoogleraar, voetbalcoach en vader van twee kinderen. Door de pandemie kwam daar nog een hoop werk bovenop. Komt uw wetenschappelijke expertise van pas om het zelf vol te houden?

“Het is inderdaad een zeer druk jaar geweest. Het onderscheid tussen de week en het weekend is erg vervaagd. Dat deze pandemie onontgonnen terrein is, prikkelt natuurlijk wel mijn nieuwsgierigheid en die van de toegewijde medewerkers in ons team. Als we nieuwe data verzamelen, ben ik altijd zeer benieuwd naar de resultaten. We hebben recent bijvoorbeeld bekeken of het zou kunnen dat je, als je denkt dat veel mensen al een prik hebben gekregen, de risico’s lager inschat en minder gemotiveerd bent om de regels te volgen. Alle hoera-boodschappen over de vaccinatiegraad zouden een negatief effect kunnen hebben op de motivatie: razend interessant vind ik dat.”

Een neveneffect van de crisis is dat er nooit méér aandacht voor mentaal welzijn en psychologische problemen is geweest.

“Er is inderdaad meer aandacht voor dan ooit tevoren. Voor onze discipline was dit ook een uitgelezen kans om onze meerwaarde voor de samenleving in de verf te zetten en de beleidsmakers te adviseren.

“We hopen dat mensen nu makkelijker over hun problemen leren praten en de drempel om een psycholoog op te zoeken lager is geworden.”

Voor velen was de pandemie ook een gelegenheid om na te gaan wat ze in de toekomst anders of beter willen doen. Hebt u voor uzelf ook zo’n evaluatie gemaakt?

“Het is een ideale periode geweest om mijn interne kompas – mijn waarden, interesses en voorkeuren – te herijken. Ik besef meer hoe belangrijk familie is, en dat je op vaste momenten moet kunnen samenkomen. En ook hoe fragiel het leven is, en hoe snel het voorbij kan zijn. Ik hoorde pas dat een koppel is overleden dat vroeger aan de overkant van de straat woonde. Dat doet je toch nadenken. Ik ben nu 44 jaar en ben halfweg in mijn loopbaan. Mijn kinderen zijn 10 en 12 jaar: waar staan zij in hun leven? Wat is hun volgende stap en hoe kan ik hen ondersteunen?

“Ik heb me al langer voorgenomen om ouderschapsverlof te nemen. Ik kook ook graag, maar ik kom er nauwelijks toe. En ik zou ook breder en ongedwongener willen kunnen lezen, dus niet alleen vakliteratuur. Voorts bevestigde het gemis aan voetbalwedstrijden dat ik graag wil blijven voetballen, en dat ik zeker als voetbaltrainer aan de slag wil blijven. Als gezin was het een intense, maar ook een zeer mooie periode. We hadden het geluk dat we veel tijd met elkaar konden delen en dan besef je hoe waardevol je partner en je kinderen zijn. En dat het niet nodig is om je agenda elke week helemaal vol te plannen. Je hoeft niet per se elke vrijdag én zaterdag naar een feestje te gaan of met iemand af te spreken om een geslaagd weekend te hebben. Dat kan net zo goed rustig thuis.”

Maakten veel mensen het zichzelf niet gewoon te lastig door van hot naar her te willen hollen? Om vervolgens niet te snappen waar die burn-out vandaan komt?

“Uit studies weten we dat we onze behoefte aan autonomie veel beter kunnen bevredigen als we meer tijd voor onszelf hebben. Als er minder druk op de ketel is, kun je beter zien wat er op het moment zelf relevant of leuk is om te doen. Tijd is noodzakelijk om autonomie te kopen voor onszelf. Zonder tijd lukt het niet, dat zullen veel mensen ook wel ondervonden hebben.”

© Humo

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234