Zondag 17/11/2019

'Engeland blijft mijn ambitie'

Björn Vleminckx was vorig jaar topschutter van de Nederlandse Eredivisie, zoals Romario, Ronaldo en Ruud van Nistelrooy hem dat voordeden. Er volgde een grote transfer, terug naar de Belgische Jupiler League, maar bij Club Brugge vliegen ze voorlopig nog niet binnen. En de match tegen ex-club KV Mechelen volgt hij zondag geblesseerd vanop de tribune. 'Mentaal ben ik hard geworden in Mechelen.' Door Jan-Pieter de Vlieger

'Ik genees snel, ik heb een hoge pijngrens". Bij Björn Vleminckx is een heldendaad nooit veraf, zelf niet wanneer hij zijn speelkansen voor dit voetbalweekend inschat. Hij sukkelt met de buikspieren, maar zondag, op KV Mechelen, wil de nieuwe spits van Club Brugge toch graag spelen. "Als ik mee doe, dan zal dat met een raar gevoel zijn", zegt de Mechelse 'Speler van het Decennium'. "Die club blijft toch iets speciaals. Maar ik ga zeker niks forceren." Dat laatste staat er natuurlijk voor de vorm. Iedereen weet: Björn Vleminckx forceert altijd.

Mechelen is waar het voor Vleminckx allemaal begon. In 2006 kwam hij over van KV Oostende, met een boel vraagtekens. Had die blonde wildebras wel het niveau? Niemand kende het antwoord, ook al was het toen maar tweede klasse. Peter Maes, destijds trainer van KV Mechelen, getuigt: "Er was bij transfers één duidelijke voorwaarde toen: we namen enkel jonge spelers die ook het niveau hadden voor eerste klasse. Björn paste in dat profiel. Maar wij wisten wel: om die progressie te maken moet hij binnenstebuiten gekeerd worden. Björn moest discipline krijgen."

Moeilijk te zeggen of het nu klikte of net niet klikte tussen Maes en Vleminckx. "Het was zo'n typische haat-liefdeverhouding", zegt de speler. "Bij momenten heeft Peter me afgemaakt. Maar mentaal ben ik daar hard geworden." Maes zegt dat hij het deed omdat het moest. "Tegen sommige spelers moet je het één keer zeggen, tegen andere tien keer en tegen enkelingen honderd keer. Björn zit ergens tussen die laatste twee categorieën. Zijn probleem is dat hij in zijn enthousiasme vaak dingen vergeet."

Maar Vleminckx is wie hij is: 'enthousiasme' is de middle name. "Bij Mechelen was het simpel", zegt hij zelf. "Tweehonderd procent gaan en de bal naar de goal rammen. Binnen: prima. Een huis ernaast: jammer." Vleminckx groeide uit tot publiekslieveling 'Achter de Kazerne'. Logisch, want hij is eigenlijk één van hen. Vleminckx is speler-supporter, een rol die hij doorgaans ook met verve speelt. Opzwepen tijdens de wedstrijd, samen een pint drinken na afloop. Zijn discours is dat van een volksheld: "Ik zie liever een tackle dan een schijnbeweging." Soms, laatst nog tegen Anderlecht, wordt het bijna karikaturaal. Dan hengelt hij zo hard naar de gunst van het publiek, dat hij vergeet te voetballen. "Maar", zo zegt Vleminckx, "daar is niks gespeeld aan. Als ik op de foto sta met de fan is dat geen gemaakte glimlach. En emotie moet er zijn. Ik probeer een wedstrijd te winnen op mentaal vlak."

Summum bij Mechelen is de bekerfinale in 2009. Die gaat verloren tegen Racing Genk en Vleminckx is niet goed. Slachtoffer van zijn eigen enthousiasme. "Hij zette zichzelf onder druk", zegt Maes, "Björn wilde schitteren. Dat heeft tegen hem gewerkt. Dan wordt hij gewoon één van de elf. Terwijl hij zoveel meer kan zijn."

Na dat seizoen is er wel een transfer: naar het Nederlandse NEC, voor een recordbedrag van 1,8 miljoen euro. Vleminckx: "Ik kon naar Belgische topclubs. Standard had interesse en AA Gent ook. Maar ik koos voor NEC. Mensen begrepen dat niet: middenmoot in plaats van top in België. Maar ik wilde per se naar Nederland."

Blind paard met verre inworp

Vleminckx wilde een betere voetballer worden en daar was Nederland de ideale omgeving voor. "Als je daar niet kunt meevoetballen als diepe spits, mag je het vergeten", zegt Vleminckx. Net daarom is het begin moeilijk en komt er kritiek. "Een blind paard met een verre inworp", zo taxeert de genadeloze analist Johan Derksen de kwaliteiten van NEC's nieuwe spits.

Wat Vleminckx typeert: zijn ego is klein genoeg om er mee over weg te kunnen. "Den Derksen praat zo", zegt hij. "Daarom is hij bekend van hier tot in China. Ik ben er zeker van dat hij dat niet persoonlijk bedoelt. En het eerste jaar was ook moeilijk."

Dat het niet meteen lukt, ligt ook aan Vleminckx zelf. Hij laat het een beetje hangen. Immer ijverig op het veld, maar dan alleen tijdens de wedstrijd. Toenmalig NEC-trainer Wiljan Vloet getuigt: "Toen Björn bij de club kwam, zag ik onmiddellijk: willen we succes hebben, dan moeten we aan de slag. Het is leuk om een publiekslieveling te zijn, maar profvoetbal eist meer. Ik zat voortdurend achter zijn vodden: 'Jongen', zei ik, 'als jij nu nog één keer zes meter sprint in plaats van tien meter, dan krijg je oorlog.' Dat gevecht ben ik aangegaan. Elke dag opnieuw. Ook naast het veld was ik hard voor hem: 'Stropdas recht, knopje dicht, en kam nou toch eens je haar.' (lacht) Hij heeft het wel opgepikt."

Ook technisch pikt hij het op. Vleminckx wordt beter. "Voetbaltechnisch was Nederland een zegen: eerste controle, aanname, kaatsen: dat doe ik nu een stuk beter", zegt hij. Vleminckx traint met linietrainers Jack de Gier en Patrick Kluivert en zij leren hem wat het is om echt spits te zijn. Minder lopen, meer momenten kiezen. "Wie alleen maar wil lopen, moet de atletiekclub in", zegt voormalig trainer Vloet. "Voetbal is een 'momentsport'. Je moet kiezen. Björn ging dat alsmaar beter doen. Aanvankelijk scoorde hij alleen wereldgoals, naar het einde toe zat er ook al eens een intikker bij. Dat heeft te maken met energie-beheersing. Scoren gaat een stuk makkelijker wanneer je niet als een hijgend paard voor doel komt."

Vloet is op dreef: "De Gier en Kluivert hebben een groot aandeel in de evolutie van Björn. En het werkte volgens de good cop/bad cop-strategie. Als hij op donderdag op training een bal over de tribune stampte dan werd ik kwaad. 'Jongen, concentreer je nou eens, zaterdag moet je verdomme wedstrijd spelen.' Nou, dan legde Kluivert vervolgens zijn arm om Björn heen en zei hij 'wat staat die trainer nou te lullen? Zaterdag leg je er gewoon drie in het mandje.'" (lacht)

Scoren begon Vleminckx aan de lopende band te doen. Op het einde van zijn tweede seizoen bij NEC 23 stuks. "Het liep automatisch dat tweede seizoen", zegt Vleminckx. "Ik was ook omringd door technisch begaafde spelers. Zo'n Lasse Schöne heeft me heel erg geholpen." Schöne is de antipode van Vleminckx: een stilist pur sang, met een breekbaar lijf. "Björn heeft in die twee seizoenen een gigantische progressie gemaakt", zegt Schöne. "Een leuke spits om mee te spelen. Een altruïst ook: hij legt heel vaak af. Goed kopspel, goed schot. Zelfs als je niet perfect inspeelt op zijn voet, maakt hij het toch nog af." En dan over zijn eigen aandeel in de hoge doelpuntenproductie: "Nou, Björn is geen spits die zes man dribbelt en hem dan met links in de bovenhoek legt. Hij moet wel bediend worden."

Overacting

Dat laatste hoor je in Nederland vaak: Vleminckx is een betere voetballer geworden, scoorde veel goals, maar het was toch ook een boerenjaar. Zo'n jaar waarin de bal net via de paal binnen gaat. "Het had ook wel te maken met flow", zegt Schöne. De versie van trainer Wiljan Vloet gaat zo: "Ik verwacht nu niet dat hij meteen weer zo'n seizoen van 23 stuks draait." Dat laatste vindt Vleminckx geen verwijt: "Ik ben geen typische doelpuntenmaker. Als Brugge iemand zocht die ze gewoon aan de zestien binnen legt, dan hebben ze de verkeerde voor. Neen, ze verwachten andere dingen van mij: assists geven, ruimte creëren, oorlog maken."

Toch staat de teller momenteel nog op nul. Europees scoorde Vleminckx al, in de competitie nog niet. Voor een spits erg vervelend. "De teller van onze jongen staat nog op nul", zegt Wiljan Vloet. "En hij gaat het toch moeten oppikken. Hij moet de stap gaan zetten: ook op dit niveau. Slimmer worden vooral: geen gele kaart pakken in de eerste minuut tegen Anderlecht bijvoorbeeld." Vleminckx zegt niet wakker te liggen van de moeilijke start: "Voor mij is de evaluatie positief. Ik maak me geen zorgen. Het is een dipje door die blessure, mijn eerste in negen seizoenen profvoetbal."

Peter Maes vindt de matige start van Vleminckx vooral een hersenspinsel van de pers: "Jullie maken het moeilijk voor hem. Die 'nul goals' worden er nu uitgelicht, maar dat is onterecht. Kijk: Björn maakt altijd een moeilijke entree. Hij kan er niet snel even drie inleggen op talent. Zo'n speler is hij niet. Hij moet werken, maar in zijn drang om zich te bewijzen gaat hij soms in 'overacting'."

Toch blijft de vraag: hoe hoog kan Björn Vleminckx reiken? Want hij staat er toch maar, op die lijst van topscorers van de Eredivisie. Tussen Romario, Ronaldo, Dirk Kuijt, Ruud van Nistelrooy en Luc Nilis. Kan hij nog hoger? "Björn Vleminckx heeft geen limiet", zegt Peter Maes. "Hij werkt gewoon om ergens te geraken." Collega Vloet is minder overtuigd. "Op dit moment kun je niet zeggen dat hij met zekerheid nog een stap hogerop kan. Dat hij het nu eerst maar eens bewijst: scoren voor Brugge, topscorer worden in België. Als dat lukt, kun je praten over meer."

Vleminckx ziet Brugge in ieder geval niet als terminus: "Engeland blijft mijn ambitie. Ik ben nu net geen zesentwintig, dus ik kan nog een pak beter worden. Technisch, tactisch, duelkracht. Ik pik het doorgaans snel op. De nationale ploeg gaat ook al een stuk beter dan de eerste keer. Vincent Kompany mag mij één keer wegzetten, twee keer wegzetten, maar de derde keer maak ik me ook sterk. En zo leer ik bij." Vloet beaamt dat: "Björn gaat als voetballer onmiskenbaar crescendo. Als hij het nu nog een keer oppikt dan durf ik echt niet zeggen wat er voor hem in het verschiet ligt."

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234