Donderdag 22/04/2021

En toen werd paranoia heel gewoon

Er zou ongetwijfeld veel menselijk leed en institutionele schande vermeden zijn, indien men indertijd een aantal telefoongesprekken van Marc Dutroux had afgetapt. (En indien men dan uiteraard ook iets met die informatie had aangevangen, maar dát is een andere kwestie.) Het is een weliswaar naar populisme ruikende, maar daarom niet totaal krankzinnige hypothese. Maar wat indien men, om wat voor reden dan ook, plots begint te denken dat u, ja ú, een potentiële Dutroux bent?

Jan Temmerman

Met de politieke techno-thriller Enemy of the State heeft regisseur Tony Scott een bijzonder boeiende, flitsend vertelde en visueel fascinerende film afgeleverd. Het is ook een erg 'intelligente' actiethriller geworden, meer bepaald in de twee betekenissen die daaraan (in de Engelse taal) worden toegekend. 'Intelligence' staat namelijk niet alleen voor verstand, maar ook, zoals in CIA (Central Intelligence Agency), voor inlichtingen/informatie. Elk land dat intelligent genoeg is om zichzelf te willen beschermen, probeert dan ook 'intelligence' te verzamelen over alle mogelijke en onmogelijke, reële en potentiële vijanden. In die context ziet Thomas Brian Reynolds (efficiënt en sinister vertolkt door Jon Voight) zich zowat als 'America's ultimate guardian'. Reynolds is één van de topmannen bij het NSA (National Security Agency), een Amerikaanse veiligheidsdienst die, samengevat, vooral tot doel heeft de communicatiesystemen van de eigen regering te beschermen tegen afluisterpraktijken, terwijl ze zélf actief aan eavesdropping doen tegenover het buitenland. In hun typische spionagejargon wordt gesproken van sigint (afkorting van signals intelligence), waarbij dus stem- en tekstboodschappen onderschept worden die via telefoon, fax, computer, radar, satelliet e.d. worden doorgestuurd. Het bestaan van het NSA (dat nochtans over een groter budget en meer personeel dan het CIA beschikt) werd in het verleden zo goed verborgen gehouden en zelfs expliciet ontkend, dat het letterwoord ook als 'No Such Agency' werd uitgelegd. En de betrokken personeelsleden, die natuurlijk tot de allergrootste discretie werden verplicht, zagen in NSA dan weer de afkorting van 'Never Say Anything'.

Als Enemy of the State begint, zien we Thomas Brian Reynolds in gesprek met een Amerikaans congreslid (vertolkt door Jason Robards), die niet van plan blijkt een nieuwe wet te helpen stemmen die het NSA nog meer privacy-bedreigende prerogatieven zou verlenen. De politicus wordt meteen koelbloedig vermoord, maar snel blijkt dat die executie door een nogal ironische samenloop van omstandigheden op video geregistreerd werd. Dit verhaalelement roept even herinneringen op aan de Antonioni-klassieker Blow Up, waarbij een modefotograaf toevallig (en in eerste instantie totaal onbewust) een moord in het park op de gevoelige plaat vastlegt.

Via via komt die voor Reynolds bijzonder bezwarende videocassette (die inmiddels op diskette werd overgeschreven) in het bezit van de jonge, succesrijke advocaat Robert Clayton Dean. Die rol wordt uitmuntend en overtuigend vertolkt door Will Smith, die hier na Independence Day en Men in Black bewijst dat hij ook het serieuzere werk aankan. Dean weet zelf niet eens dat hij die levensgevaarlijke diskette in zijn bezit heeft, maar Reynolds weet dat natuurlijk wél. Vanaf dat moment wordt Dean de staatsvijand uit de titel. De jacht kan beginnen...

En dan wordt ook de impact duidelijk van de wel zeer toepasselijke slogan waarmee Enemy of the State gelanceerd wordt, namelijk 'It's Not Paranoia If They're Really After You'. Want snel blijkt dat voor Reynolds en de zijnen alle middelen goed zijn - en dat zij ook over alle middelen beschikken! - om Dean uit te schakelen. In eerste instantie gaat het nog om een 'elektronische' liquidatie, die meteen ook aantoont hoe kwetsbaar een privé-leven wel is: zijn bankrekeningen worden plots op onverklaarbare wijze geblokkeerd, zijn ontslag wordt geforceerd, zijn vrouw krijgt 'compromitterende' foto's toegestuurd en via spionagesatellieten wordt ondertussen zijn hele handel en wandel minutieus gevolgd. Zoveel is duidelijk: na het zien van Enemy of the State zal men niet langer met bewondering en/of ontroering alleen kunnen aankijken tegen die technologische staaltjes van menselijk vernuft, die hoog in de ruimte rondjes draaien boven onze blauwe planeet.

Kortom, Robert Clayton Dean is in één klap zijn hele leven kwijt en natuurlijk wil hij dat terug. Gelukkig was scenarist David Marconi (Nomen est omen?) zo verstandig genoeg om niet te suggereren dat Dean die klus helemaal alleen zou kunnen klaren. En daarom wordt de mysterieuze Brill ten tonele gevoerd, een ex-werknemer van het NSA, die zo zijn eigen redenen blijkt te hebben om enigszins wrokkig en verbitterd te zijn en voornamelijk daarom de veelgeplaagde Dean een helpende hand reikt.

De rol van Brill wordt (opnieuw met superieure en bijna vanzelfsprekende klasse) vertolkt door Gene Hackman. Echt nieuw is dit personage voor hem niet, want er zijn duidelijke verwijzingen voelbaar én zichtbaar naar zijn rol als Harry Caul in de voortreffelijke afluisterthriller The Conversation van Francis Ford Coppola uit 1974. Daarin was Harry Caul een wat oudere, uitgebluste privé-detective, die over een indrukwekkend arsenaal elektronische gadgets beschikte en zich voornamelijk in afluistertechnieken gespecialiseerd had. Hij was met andere woorden eerder een 'private ear' dan een 'private eye'.

In The Conversation zien we hoe Harry in het begin zeer efficiënt en discreet werkt en daarbij weinig last heeft van scrupules. Hij doet zijn werk zonder zichzelf of zijn opdrachtgevers vervelende vragen te stellen. Op een dag is hij bezig met wat het zoveelste, banale overspelzaakje lijkt te zijn. Maar bij het beluisteren van de bandjes begint Harry te vermoeden dat de overspelopdracht slechts als dekmantel diende voor een andere, meer zwaarwichtige zaak. Hij vreest zelfs dat het om moord gaat. En dan doet Harry iets dat regelrecht tegen zijn professionele aanpak indruist: hij raakt persoonlijk geïnteresseerd in de opdracht en ook bekommerd om de mogelijke consequenties ervan. Even later gebeurt er inderdaad een moord. Harry slaat in paniek en vreest dat hij zélf het slachtoffer is geworden van afluisterpraktijken. Hij reageert op een wanhopige, radeloze manier...

Het aangrijpende slotbeeld toonde in feite het failliet aan van de controle, die de megalomane mens over zijn eigen schepping meent te hebben. De technologie, die hij om de meest uiteenlopende redenen gecreëerd heeft, keert zich ten slotte in zijn onverbiddelijke perfectie tégen hem.

Een film als The Conversation paste perfect in de tijdsgeest van de jaren '70, toen Vietnam en Watergate wellicht voor het eerst in de Amerikaanse geschiedenis een uitgesproken en massaal wantrouwen tegenover de overheid genereerden. Dat vertaalde zich toen ook in een aantal paranoiathrillers zoals Three Days of the Condor en The Parallax View. In tegenstelling tot die maatschappijkritische films (die niet per se een happy end wilden krijgen), is Enemy of the State weliswaar een stuk milder. Enerzijds wordt de bedreiging van de privacy echt wel serieus genomen (want het kan toch niet dat men zo'n vriendelijke meneer als Will Smith op zo'n geniepige en venijnige manier naar het leven staat!), maar anderzijds wordt het onappetijtelijke Big Brother-aspect van het NSA gerelativeerd door te suggereren dat Reynolds toch wel zijn boekje te buiten ging.

Voor regisseur Tony Scott was dit reeds de vijfde keer dat hij met producent Jerry Bruckheimer heeft samengewerkt. Hun vorige films waren Beverly Hills Cop II, Top Gun, Days of Thunder en meest recentelijk Crimson Tide (ook al met Gene Hackman). Zoals gebruikelijk bij Scott is de vormgeving opnieuw bijzonder gepolijst en werden de talrijke actie- en achtervolgingsscènes zeer indrukwekkend en met veel visuele flair geënsceneerd, waarna ze ook nog eens in een razendsnel tempo gemonteerd werden.

PS 1: de film bevat een 'fonteinscène', die alleen maar als een expliciete hommage aan The Conversation kan worden gezien. Een mooie knipoog is ook het moment waarop een of andere computer in zijn files op zoek gaat naar een archieffoto van Brill en er dan een foto van Gene Hackman uit... jawel, The Conversation op het scherm verschijnt. PS 2: voor de onontbeerlijke research deden de filmmakers beroep op enkele surveillance-experts. Eén daarvan, Martin Kaiser, haalde indertijd de krantenkoppen toen hij door het FBI betrapt werd op het afluisteren van... het CIA. PS 3: de film bevat ook een 'Tarantineske' sequentie, waarin een zogenaamde Mexican stand-off (mannen staan met getrokken wapens tegenover elkaar) ontaardt in een gigantisch vuurgevecht in de keuken van een maffiarestaurant. De scène roept herinneringen op aan de finale schietpartij in True Romance, die eveneens door Tony Scott geregisseerd werd, naar een scenario van Quentin Tarantino.

TITEL: Enemy of the State. REGIE: Tony Scott. SCENARIO: David Marconi. Fotografie: Dan Mindel. MUZIEK: Trevor Rabin en Harry Gregson-Williams. PRODUCTIE: Jerry Bruckheimer. VERTOLKING: Will Smith, Gene Hackman, Jon Voight, Lisa Bonet, Regina King, Stuart Wilson, Jake Busey, Jason Lee, Gabriel Byrne, Ian Hart, Loren Dean, e.a. VS, 1998, kleur, 132 min. Gedistribueerd door Buena Vista.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234