Woensdag 27/10/2021

En plots sta je met een oorlogscrimineel in een café in Moskou

Olaf Koens (vierde van rechts) op de foto met Aleksander Borodaj (derde van rechts). Beeld Max Avdeev
Olaf Koens (vierde van rechts) op de foto met Aleksander Borodaj (derde van rechts).Beeld Max Avdeev

Waar ter wereld kun je op een donderdagavond nog een cocktail drinken, dansen op de beats van Dizzee Rascal, een kerk bezoeken en een oorlogscrimineel tegen het lijf lopen? Juist. In Moskou.

Het is hem echt. Het kan niet missen.

Ik sta voor de deur van een café in het centrum van de stad, op steenworp afstand van het stadhuis. Om er te komen moet je over een binnenplaats waar een kleinorthodox kerkje in aanbouw is. Plots staat er een man voor me. Kale kop, zwarte kleding, een buikje. Een bekend gezicht. Ook hij herkent me. We geven elkaar een hand en de man loopt naar beneden.

'Is dat niet, dat is toch, wacht eens, dat is toch die assistent van Borodaj?', vraag ik aan een collega van de New York Times. Hij begint ook te stotteren. 'Nee man. Dat is, dat was, ik bedoel - nee, dat is Borodaj zelf!'

Tegen de potige adjunct-hoofdredacteur van een grote Russische krant stel ik voor hem op de grond te leggen, in een auto af te voeren en bij de Nederlandse ambassade over het hek te gooien. 'Of we bellen de politie?', vraagt een andere collega. 'Ben je gek, hij is nog nergens van beschuldigd', zegt de adjunct. 'We kunnen hem ook gewoon een klap voor zijn smoel geven', zegt weer iemand anders.

Moordenaar

Aleksander Borodaj is de gewezen premier van de rebellenrepubliek Donetsk. De man die grotendeels verantwoordelijk is voor de hel in het oosten van Oekraïne. De man die leiding gaf aan de rebellen toen vlucht MH17 uit de lucht werd geschoten. De man die het bergen van de lichamen bemoeilijkte, de man die op de voorpagina van de Telegraaf stond onder de kop 'Moordenaars'.

We zijn juist in het café om Pavel Kanygin een hart onder de riem te steken. De oorlogsverslaggever van Novaja Gazeta is een paar dagen eerder in de rebellenrepubliek opgepakt, maar na verhoor met de schrik en een blauw oog vrijgekomen. We zijn een kleine club vrienden geworden, de Moskouse journalisten die de oorlog in Oekraïne verslaan. Eens per maand spreken we af, zetten we het op een drinken en praten we elkaar bij. Daar kan geen psychiater tegen op.

Ik stap naar binnen en ga naast Borodai zitten. Ik vraag hem of hij niet bang is voor het Nederlands onderzoeksrapport dat later dit jaar komt. 'Je mag hier niet roken, toch?', vraagt hij. 'Laten we naar buiten gaan'. Terwijl de rebellenleider de deur voor me openhoudt zegt hij dat hij geen BUK-raketten had. Hij loopt door de dansende menigte. De dj draait 'Bonkers', de lage beats rollen over de binnenplaats, schallen langs het orthodoxe kerkje in aanbouw. 'Nee, ik ben niet bang voor een Nederlands onderzoek. Dat is maar een versie. Ze doen maar. Laat ze dat onderzoek maar publiceren, ik zie wel wat ze oppennen', zegt hij gelaten. Alles wijst naar de rebellen en de steun die ze kregen uit Rusland. Wanneer daadwerkelijk blijkt dat de mannen van Borodaj verantwoordelijk zijn voor de moord op 193 onschuldige Nederlanders zal hij een van 's werelds meest gezochte criminelen worden. Maar nu staat hij naast me.

Trots

Hoe heeft het zo ver kunnen komen? Borodaj vist de iPhone uit zijn vestzak. Hij bladert door de foto's. 'Kijk maar, hier roei ik in een rubberbootje illegaal de Russisch-Oekraïense grens over. Kijk, daar zit kameraad Strelkov. En kijk, hier hebben we de eerste tank in beslag genomen.' Hij is er trots op.

'Alles is relatief', zegt hij kalm terwijl hij nog een sigaret rookt. 'Kijk maar eens wat er het afgelopen jaar is veranderd. Rusland heeft een nieuwe, sterke positie veroverd op het wereldtoneel. Het is weer op de eigen benen gaan staan, een soeverein land. Dat komt wel goed.' Dan kijkt Borodaj me aan. 'Of denk je van niet? Kijk eens om je heen. Heb je het hier soms niet naar je zin?'

Ik kijk naar de dj. Ik kijk naar de benen van de meisjes die dansen. Naar de koepels van het kerkje in aanbouw. Ik kijk naar de banaliteit van het kwaad. Ik heb het best naar mijn zin. En als het zou moeten zou ik de duivel zelf nog een interview afnemen. Ik denk aan het leed, aan alle slachtoffers, aan de verschrikkingen, aan de angst. De beats dreunen door mijn hoofd. Ik heb het niet meer naar mijn zin. 'Gaat de oorlog nog lang door?', vraagt een collega. Borodaj lacht. 'Geen commentaar', zegt hij. 'Maar als ze besluiten Kiev in te nemen met tanks ben ik bereikbaar.' Iedereen probeert stiekem foto's van Borodaj te maken.

Na een spervuur aan vragen heeft hij er genoeg van. Hij wijst op zijn horloge. Hij zegt het druk te hebben. Wat 'ie nu precies doet weet niemand. Net zo als niemand weet of hij nou toevallig in de buurt was of ons op kwam zoeken. 'Kom, we gaan nog op de foto', klinkt het. Het is ongemakkelijk.

Maar alles in Rusland is ongemakkelijk. Gelukkig kun je er cocktails drinken en op Dizzee Rascal dansen.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234