Vrijdag 22/01/2021

'En nu wil ik niets meer

Teresa Alvaro wordt voor de tweede keer gered door haar zus

van haar nodig hebben'

Teresa Alvaro (36) kan opnieuw zwanger worden nadat ze onvruchtbaar werd door chemotherapie. Ze kreeg daarvoor in een medische primeur eierstokweefsel ingeplant van haar zus Sandra (33). Het was de tweede keer dat Sandra haar redde. In 1990 stond ze beenmerg af, waardoor Teresa genas van een erfelijke ziekte.

Evy Ballegeer

In pizzeria Michelangelo in Bilzen is de avondshift bezig. Eigenaars Teresa Alvaro en haar man Michel lopen af en aan met dampende borden, terwijl een man geduldig zit te wachten op zijn meeneempizza. Hij bladert vrij ongeïnteresseerd door de krant tot de foto op pagina acht zijn aandacht trekt. Hij kijkt op naar Teresa, weer naar de foto. Ja, dat is ze. Het artikel meldt dat Teresa eierstokweefsel ingeplant kreeg van haar niet-identieke zus Sandra. Daardoor is ze opnieuw vruchtbaar nadat een chemokuur haar eierstokken aangetast had. De ingreep is een wereldprimeur op naam van professor Jacques Donnez van de Brusselse Cliniques Universitaires Saint-Luc.

"Ik wist dat mijn case de media zou halen", vertelt Teresa even later in het gezelschap van Sandra, "maar ik vond dat niet erg, ook al weten de mensen hier nu vrij persoonlijke dingen over mij. Ik wil dat andere vrouwen hoop vinden in ons verhaal, net zoals ik hoop vond in het artikel over die eeneiige tweeling in Amerika."

In juni 2005 beviel een voordien onvruchtbare Amerikaanse vrouw van een dochtertje nadat ze eierstokweefsel ingeplant kreeg van haar identieke tweelingzus. Teresa: "Ik las dat en ben onmiddellijk met de krant in de auto gesprongen en naar Sandra en mijn moeder gereden."

"Ik zou de link tussen dat verhaal en ons nooit gelegd hebben", zegt Sandra. "Maar Teresa dus wel. Ik dacht 'tja, een beetje vergezocht', maar zij was zo opgewonden, zo euforisch en dan wil je dat gevoel niet temperen. Dus ik dacht 'doe maar'. Ik vind het vreemd dat de mensen mij nu feliciteren. Alsof ik iets moois gedaan heb."

Teresa: "In het stuk werd de naam van professor Donnez vermeld. Hij had een eierstok weggehaald bij een patiënte omdat ze chemo moest ondergaan. Nadien had hij hem opnieuw ingeplant en die vrouw was ook zwanger geraakt. En dus ben ik zelf naar dokter Donnez gestapt, goed wetende dat wij een testcase zouden vormen."

De moeder van Teresa en Sandra was niet opgetogen over het plan. Zestien jaar eerder waren haar dochters ook al betrokken bij een nooit eerder uitgevoerde procedure en die was voor Teresa bijna fataal afgelopen. "In 1990 heb ik een beenmergtransplantatie ondergaan", legt Teresa uit. "Ik leed aan thalassemie, een genetische bloedziekte die de rode bloedcellen sneller afbreekt dan je lichaam ze aanmaakt. Daardoor moest ik vanaf mijn een jaar maandelijks een bloedtransfusie ondergaan en dagelijks medicatie nemen. Mijn hele leven draaide om die ziekte. Het is vanwege mijn aandoening dat ons gezin in 1975 vanuit San Luca in het Zuid-Italiaanse Calabrië naar België is verhuisd, op zoek naar een betere kinderarts. Bovendien was er destijds in Italië geen bloedvoorraad, waardoor we telkens aan vrienden en kennissen moesten vragen of ze geen bloed wilden geven." "Teresa was het zorgenkind", zegt Sandra, "maar ze heeft nooit het slachtoffer gespeeld of haar ziekte uitgebuit".

In 1989 vond in het universitair ziekenhuis van St. Luc een congres plaats over thalassemie. Daar maakten Teresa en haar ouders kennis met professor Cornu, die het idee opperde van de beenmergtransplantatie. Teresa: "Enkel mijn drie broers of Sandra kwamen in aanmerking als donoren. Dat is het grote verschil met leukemie, waarbij je ook beenmerg van iemand buiten je gezin kunt krijgen. Uit de tests bleek dat Sandra en ik compatibel waren."

"Ik had een dubbel gevoel", bekent Sandra. "Ik wist onmiddellijk dat ik het moest doen, maar tegelijk was ik bang. Je beseft op zo'n moment niet wat ze van je vragen. Maar bij Teresa zag ik het al van ver: zij ging ervoor. Ze is altijd al zo geweest."

Teresa: "Ik heb haar wel wat gepusht. Doordat ik van kindsbeen af al zoveel heb meegemaakt, durf ik meer en zie ik de dingen positief in. Die beenmergtransplantatie was nog nooit uitgevoerd bij thalassemiepatiënten ouder dan twaalf. Ik moest vooraf ook een intensieve chemo- en bestralingskuur ondergaan. Maar ik wou het. Ik wou een ander leven. Niet meer ziek zijn, niet meer naar het ziekenhuis."

Hoewel de transplantatie aanvankelijk goed gelukt leek, vertoonde Teresa na vier dagen ernstige afstotingsverschijnselen. De dokters vreesden voor haar leven.

Die bewogen periode heeft niet veel invloed gehad op hun relatie, zeggen de zussen. "Op het moment zelf stond ik niet echt stil bij wat Sandra voor mij had gedaan. Dat klinkt cru, maar het enige wat ik wou, was een normaal leven. Los van wie of wat me hielp", zegt Teresa. Sandra: "Ik denk niet dat we de ideale tienerzusjes waren. We konden heel goed vechten. Over alles. Maar als een van ons door iets of iemand anders geraakt werd, dan sprongen we meteen in de bres voor elkaar. Onze relatie is veranderd naarmate we ouder geworden zijn. Niet door de ingreep."

Alhoewel. In de eerste maanden na de transplantatie werd Teresa vreemde dingen gewaar. "Ik was een tijdlang precies mezelf niet meer. Ik begon te denken zoals Sandra en nam haar gewoontes over. Zo eet zij altijd met een hand onder tafel, en hoewel ik dat nooit deed, merkte ik dat mijn hand ook voortdurend op mijn schoot belandde. Ook dingen die ik niet lustte en zij wel, at ik nu ook. En ik vond dezelfde kleren mooi. Ik begon precies een kopie van haar te zijn en dat wou ik helemaal niet. Ik zou een slechte tweeling zijn. Wij zijn nu trouwens als het ware een onechte tweeling. Door de transplantatie zijn onze cellen identiek, maar we hebben een verschillend DNA."

In 1995 werd Teresa volledig genezen verklaard. Ze wist dat de chemo haar vruchtbaarheid aangetast had, maar daar stond ze niet echt bij stil. Nog niet. Want nadat ze getrouwd was met Michel, begon ze naar kinderen te verlangen. "Ik liet me onderzoeken en er bleek geen enkele activiteit meer te zijn in mijn eierstokken. Michel wou daarna gewoon voor adoptie gaan, maar ik voelde de grond onder me wegzinken. Ik weet wel: ik was gered en had een nieuw leven gekregen. Ik had evengoed dood kunnen zijn, maar ik was het niet. En dus wou ik mijn kinderwens niet opgeven."

"De mensen moeten wel beseffen dat de transplantatie van mijn eierstokweefsel enkel gelukt is omdat wij gelijke cellen hebben", waarschuwt Sandra. "De procedure kan niet zomaar bij elk stel zussen."

Intussen heeft Teresa een normale cyclus en kan ze op natuurlijke wijze zwanger worden. Om haar kansen te verhogen, heeft ze voor een ivf-behandeling gekozen. "Ik heb een gezond leven dankzij mijn zus en ik kan kinderen krijgen dankzij mijn zus. Ik wil niet ondankbaar lijken, maar het enige wat ik nog wil, is dat ik niets meer nodig heb."

Sandra denkt na. "Een nier kun je nog krijgen." Ze lacht. "Ja, een nier, dat kan nog."

Teresa:

Op het moment zelf stond ik niet echt stil bij wat Sandra voor mij had gedaan. Dat klinkt cru, maar het enige wat ik wou, was een normaal leven

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234