Zaterdag 03/12/2022

InterviewElla Leyers

Ella Leyers: ‘Er zijn ook afleveringen van ‘F.C. De Kampioenen’ geschrapt waarin ik meespeelde. Eindelijk: ik ben gecanceld!’

Ella Leyers: ‘‘De ideale wereld’ presenteren was niet mijn ambitie. Maar toen de vraag kwam, was er net ook een ander lampje gaan branden’ Beeld Koen Bauters
Ella Leyers: ‘‘De ideale wereld’ presenteren was niet mijn ambitie. Maar toen de vraag kwam, was er net ook een ander lampje gaan branden’Beeld Koen Bauters

Soms treft men in het straatbeeld een beduusde man aan die plots zijn bezigheden staakt en in een liefdevol applaus voor Ella Leyers (33, maar dra 34) ontsteekt. Tegenover argeloze voorbijgangers argumenteert hij dat het een goede zaak is voor de wereld dat Leyers bestaat: ze brengt vrolijkheid waar treurnis groeit, energie waar landerigheid ruist, en humor waar ernst bromt. Die man, zo valt te vrezen, ben ik. Vandaag mag ik de actrice, presentatrice en De slimste mens-alumna het applaus persoonlijk overmaken. Kunnen we het meteen ook hebben over het nieuwe groene vinkje op haar cv: Leyers acteerde al in De ideale wereld, maar nu presenteert ze dat heerlijke ding ook gewoon.

Jeroen Maris

Ella Leyers: “Zenuwen én zin schieten met wisselende snelheden in mij omhoog. Ik schipper tussen rustig vertrouwen en hinten van paniek. De goesting-angst-ratio noem ik het, en op sommige momenten zit de dosering precies goed. Want ik heb beide nodig. Ook de angst, ja: géén zenuwen zou betekenen dat ik dood ben.”

Een opiniestuk van mijn hand: De ideale wereld voorzitten is je op het lijf geschreven.

“Ja? Dankjewel, dat is een mooi schouderklopje. Al vrees ik soms dat mensen zich daarop verkijken. Oké, ik ben behoorlijk vlot en sociaal, niet iemand die elk gesprek ziet ontaarden in een kettingbotsing met gewonden. En dus, zo hoor ik wel vaker, wordt De ideale wereld presenteren voor mij een eitje. Maar er zit een venijnige adder onder het gras: ik vind het heel moeilijk om interesse te veinzen. Heb je iets boeiends te vertellen, dan hang ik aan je lippen. Maar leng je lucht met nog meer lucht aan, dan haak ik snel af.”

Alvast mijn excuses.

(onverstoorbaar) Een poos geleden mocht ik de interviews op de rode loper van De Gouden Schoen verzorgen. Dat wordt leuk, dacht ik vooraf: een beetje mensen kijken, een beetje humor, een beetje relativerende chitchat. Maar op het moment zelf vóélde ik het niet, en stond ik enkele keren met mijn mond vol tanden.

“Op café ben ik een gangmaker, maar in een gewoon gesprek laat ik het allemaal wat over me heen stromen. Dan luister ik vooral. In de studio van De ideale wereld zal ik wat meer kordaatheid nodig hebben, en de gast een beetje bij de les moeten houden. Ik zit daar niet als mezelf op café, hè. Ik zal m’n presentatorspier wat moeten trainen.”

Welke functie heeft een gast in De ideale wereld voor jou? Is hij of zij een scherm waarop grappen geprojecteerd worden? Of wil je echt een gesprek over de actualiteit voeren?

“Het is niet De afspraak: we gaan niet eindeloos doorbomen over de vraag of het Keynesiaanse model iets kan betekenen in tijden van inflatie. Maar ik zou wel terug willen naar het oorspronkelijke opzet, waarbij ik samen met de gast door de actualiteit spring, en we vervolgens wel zien waar dat gesprek ons brengt – bij ernst of bij humor.”

Jan Jaap van der Wal, je voorganger, begon de uitzending altijd met een satirische monoloog. De gast schoof pas later aan.

“Dat verandert nu. De gast zit er weer de hele uitzending bij.”

De ideale wereld rekruteert die gasten breed: je zult politici, artiesten, televisiefiguren en waar-ken-ik-die-ook-weer-van-BV’s aan je tafel krijgen.

“Ik kijk heel erg uit naar de gasten die niet meteen tot mijn eigen wereld behoren. Eigenlijk ben ik eerder zenuwachtig voor de afleveringen met mensen die ik wél goed ken. Ik hou niet van de ons-kent-ons-theekransjes die je vaak op televisie ziet. Leuk dat jullie elkaar gisteren op een barbecue troffen, denk ik dan, maar jullie hoeven dat familiaire gesprekje niet verder te zetten met een camera erbij. Er is een tijd en een plaats voor alles. Dat wil trouwens niet zeggen dat ik al weet hoe ik het ga aanpakken als pakweg Bart Peeters aanschuift, of dingske, hoe heet ze ook weer… Olga Leyers! Want ik wil dan ook weer niet doen alsof het de eerste keer is dat ik die mensen zie.

“Enfin, als dát soort dingen momenteel mijn grootste zorgen vormen, dan zit het wel goed met dat leven van mij, niet?”

ANTISNEEUWVLOK

Dat je ja zei op de vraag om de presentatrice te worden van De ideale wereld zal wel niemand verbaasd hebben. Koudwatervrees is je vreemd.

“Nochtans ben ik best bedreven in lui zijn wegens overmacht. Net voor corona uitbrak had ik ideeën voor een theatershow – iets komisch. Het was allemaal aan het rijpen, en ik overwoog om ermee naar de culturele centra te stappen. Want als je zo’n voorstelling in dat circuit verkocht krijgt, heb je meteen een deadline: dán moet het allemaal klaar zijn. Maar toen kwam corona, en de lockdown, en heb ik die plannen opgeborgen. Naast teleurstelling voelde ik toch vooral opluchting. Koudwatervrees is dat niet, denk ik, wel: luiheid die plots een geldig excuus krijgt.”

Maar je bent wel iemand die variatie nodig heeft, toch? Iets helemaal uitpuren, je leven aan één kunstje geven: dat is niet wie jij bent.

“Inderdaad – hoezeer ik dat ook kan bewonderen in anderen.

“Weet je, ik was zelf helemaal niet bezig met de mogelijkheid dat ik Jan Jaap zou opvolgen. De ideale wereld presenteren was niet mijn ambitie. Maar toen de vraag kwam, was er net ook een ander lampje gaan branden: ik besefte dat ik niet gelukkig zou worden van een leven lang alleen maar acteren. Niet dat ik het spelen op zich beu ben – integendeel. Ik heb dingen gedaan waar ik heel trots op ben, en elke rol brengt me iets anders. Het is niet: in het landschapskantoor zitten waar ik gisteren ook al zat, en eergisteren óók. Maar de cirque errond maakt dat de moed me soms wat in de schoenen zakt. De castings, afwachten of je de uitverkorene bent voor een rol, gekozen worden maar toch nog op een finaal njet van een productiehuis of zender stuiten… En de vragen die altijd terugkeren: is het scenario goed genoeg? Past het in m’n agenda? Krijgt het project de aanjagers die het verdient? Het acteren op zich wordt nooit routine, maar een set is een set, een vroege call is een vroege call, wachten is wachten. Het gedoe errond vlakt de opwinding wat uit, bedoel ik. Ik sta soms met veel ontzag te kijken naar collega’s die vijftig of zestig zijn en nog steeds met diezelfde energie en passie naar een set rijden. Ik kan me dat voor mezelf moeilijk voorstellen. Misschien is dat de vloek van het snel verveelde brein?

“Enfin, het is een prachtig luxeprobleem – opnieuw geldt: als dát mijn grootste zorg is, valt het allemaal stevig mee – maar het deed dus wel het verlangen opgloeien om eens iets helemaal anders te doen. En dan was de vraag: wat precies? Wel, die vraag is nu beantwoord.”

Ben je dan…

“…actrice af? Die vraag heb ik mezelf ook gesteld: zal ik voortaan gezien worden als een televisiefiguur, en zal niemand me nog vragen voor een rol? Snijd ik, door ja te zeggen, mezelf af van datgene waarvoor ik gestudeerd heb, en dat ik tien jaar lang fulltime met veel plezier heb gedaan? Maar stel dat ik De ideale wereld geweigerd had, en ik zou nu iemand anders daar zien zitten… Neen, dan zou ik stikjaloers zijn, en denken: ‘Schuif eens op, verdorie! Dat is mijn stoel!’

“Nu, volgende week word ik 34, en er zit een groot voordeel aan niet meer 24 zijn: ik heb het ‘Et alors?’-principe onder de knie. De dingen glijden steeds makkelijker van me af. Ik wil dat graag doen, De ideale wereld presenteren, dus wat zou ik me dan zorgen maken over hoe mensen me zien? Het wordt gewoon plezant – punt.”

null Beeld Koen Bauters
Beeld Koen Bauters

Storm Lara, de Streamz-reeks uit 2021 waarin je de hoofdrol had, leek me wel een fundamenteel nieuwe stap in je bestaan als actrice. Voor het eerst speelde je een uitgesproken dramatische rol – en je deed dat goed.

“Ik ben gehecht aan die rol, maar het voelde niet als een grote ontdekking dat ik zo’n personage kán spelen. Ik ben gewoon al vaak de bijrol geweest: een personage in de rand waarvan één kleurrijk aspect wordt uitgelicht. En dan is het logisch dat mensen verrast zijn wanneer ik plots een dramatische rol als die in ‘Storm Lara’ speel.

“Lara begint de reeks als iemand die bij uitstek soeverein – zeg gerust: hautain – is, maar vervolgens tegen het canvas gemept wordt. Die kwetsbaarheid mogen spelen, dat was inderdaad nieuw. Ik denk ook dat ik weet hoe dat komt. Ik ben groot, ik heb brede schouders, en mijn lach is, euh, niet de subtielste. Daarbij komt nog dat ik blijkbaar als krachtig en doortastend word gezien – het antisneeuwvlokje. En daardoor casten ze me haast nooit als de vrouw die bedrogen wordt, of op een andere manier platgewalst wordt door een speling van het leven. ‘Jij bent geen dezeke, Ella’, krijg ik dan te horen. Maar één: het heet acteren – je speelt iemand die je niet bent. En twee: ik zie mezelf helemaal niet als een vrouw die de kwetsbaarheid van zich afgetrapt heeft. Ik heb net een heel klein hartje. Is dat zo onzichtbaar?”

Je straalt wel een zekere ‘Niet te flauw doen, jongens’-stoerheid uit.

(knikt) Dat is waar. Maar daarin ben ik wel geëvolueerd. Als vroeger een jongen omschreven werd als nen hele lieve, dacht ik: hij zal saai zijn, en niet slim en niet grappig. Want dan komen mensen, op zoek naar een vriendelijke typering, uit bij ‘lief’. Nu besef ik dat zachtaardigheid een grote kwaliteit is. Meer nog: dat het iets is wat ik verlang van mensen. Niet dat ik me vroeger aangetrokken voelde tot pestkoppen, hoor. Ik heb mijn humor graag scherp, ik hou van een welgemikte prik, maar kwaadaardigheid vind ik afstotelijk. Ik lag ooit in bed met een lief, en uit het niets pitste hij de huid van mijn kuit tussen twee vingers: ‘Zie, gij hebt ook cellulite, hoor.’ (rolt met de ogen) Tja. Waarom in hemelsnaam voel je het verlangen om zoiets te zeggen?”

Wil je zelf graag getypeerd worden als een lieve?

“Ik vind mezelf best wel lief, ja. Maar ik vind ook dat dat niet het eerste hoeft te zijn wat mensen te zien krijgen. Zo ijdel ben ik wel: je mag me eerst complimenteren om mijn intelligentie, mijn humor en mijn sprankelende persoonlijkheid, en dán mag je eraan toevoegen dat ik heel lief ben. (schatert)

IMMER IRONISCH

Waarom is De ideale wereld na negen jaar nog altijd zo’n geweldig programma? Ik begin: omdat het als enige een ingegroeide nulmeridiaan operatief durft te verwijderen uit de reet van iets te zelfverliefde luitjes.

“Goh, da’s een vraag waarover ik zou moeten nadenken. Ik heb het eigenlijk nog nooit zo analytisch bekeken. Jij haalt zeker al een sterkte aan, ja. En wat mij persoonlijk ook heel erg bevalt: dat onnozelheid er nog gekoesterd wordt. Gaat de wereld gebukt onder een loden sérieux, dan is er altijd nog De ideale wereld.”

Ik ben ook blij dat de erfenis van In de gloria liefdevol beheerd wordt. Het ‘Sinds ik terug drink’-filmpje, waarin Tine Embrechts en jij gruwelijk accuraat twee verlopen drankneusjes werden die op de bodem van het glas argumenten vonden tégen een alcoholarm bestaan, heeft alles wat In de gloria ook had.

“We wisten wel dat we iets goeds aan het maken waren, maar niemand had zien aankomen dat dat filmpje zó viraal zou gaan. Het was ook niet zo’n eenvoudige klus. Spelen dat je dronken bent: da’s een heuvel waarop al veel acteurs gesneuveld zijn, hè. En omdat er een tijdsverloop in dat filmpje zat, moesten we van licht beneveld naar onloochenbaar zat gaan. Het moeilijkste was nog om het niet voortdurend uit te gieren – niet evident als je de ploeg achter de camera de ene lachstuip na de andere ziet verbijten.

“Weet je wat ik misschien nog het leukste vind aan De ideale wereld? Dat ook zo’n heel succesvol filmpje instant gemaakt is – instant geschreven, instant opgenomen, instant uitgezonden. De redactie bedenkt iets, en straks komt het al op televisie. Elke dag dat lege blad, dat tempo, dat improviseren met wat de actualiteit je voorgooit: dat vind ik heel aantrekkelijk. Alles snel, alles vers! Het past heel erg bij het tempo waarin ik zelf leef. (meteen verontschuldigend) Al zou dat tempo wat lager mogen liggen, zou ik misschien iets grondiger bij de dingen moeten stilstaan.”

Zit dat je echt dwars? Daarnet had je het ook al over de vloek van het snel verveelde brein.

“Ik word er weleens op gewezen dat ik de wereld slechts vluchtig scan. Dat ik rondkijk, even blijf hangen aan iets wat me boeit, en het weer achterlaat zodra iets nieuws met m’n aandacht flirt. Dat klopt tot op zekere hoogte wel, denk ik. Maar maak er nu niets dramatisch van, hè. Het is niet zo dat ik alles en iedereen gruwelijk saai vind.”

Ik heb me weleens de bedenking gemaakt dat het makkelijk is om je aandacht te krijgen, maar moeilijk om die te behouden.

“Mja… (denkt na) Weet je, als het al klopt, dan zit er geen spatje kwaadaardigheid achter. Ik ben gewoon heel, héél nieuwsgierig. En die nieuwsgierigheid is net het tegendeel van een pretentieus ennui: ik wil gewoon altijd weten wat er áchter het hoekje ligt.”

Weer naar de lichtheid: weet je uit het hoofd wanneer je nog eens de slappe lach hebt gehad?

“O ja: eergisteren. Er bestaat zo’n face app waarmee je een mannengezicht in een vrouwengezicht kunt veranderen, en vice versa. Ik heb dat gedaan met een foto van m’n moeder, en ik heb gewéénd van het lachen. Zij was er minder blij mee: ze heeft gezworen dat ze me een proces aandoet als ik die foto ooit aan mijn vader toon. (lacht)

“Ik zei het al, hè: ik vind onnozelheid een na te streven kwaliteit.”

Het is een van de dingen die ik het meest apprecieer aan jou: dat je zo makkelijk lacht. De werkelijkheid is voor jou een grootleverancier van humor.

“Da’s waar: ik vind gebeurtenissen, uitspraken en mensen heel snel heel komisch. Soms wordt daarvan gemaakt dat ik alles ironiseer, dat ik de draak steek met mensen om de ernst op afstand te houden. Maar met de hand op het hart: dat is het helemaal niet. Het is wat jij zegt: ik vind veel dingen gewoon fundamenteel grappig. Ik zie makkelijker het komische dan het tragische in de werkelijkheid.”

Maar je hebt humor niet nodig als medicijn, gok ik.

“Nee: al dat lachen is er niet om een melancholie te temperen. Eigenlijk is mijn leven van nature een deurenkomedie. En meer en meer begin ik te begrijpen dat het ook niet meer hoeft te zijn dan dat: een goeie deurenkomedie.

“Ik ben simpelweg niet in de wieg gelegd om te piekeren en te kniezen. Ik ben geboren met een ingebakken optimisme dat zichzelf onderweg voortdurend versterkt. Op mijn vijftiende heb ik wel gedweept met Nirvana, natuurlijk. Maar dat was de obligate fase – die dark side zit niet écht in mij. Ik heb ook gewoon niet het soort leven waar volgehouden klagen bij past, vind ik. Naast een rol grijpen, een klein auto-ongeval hebben, me even niet goed voelen: de hordes zijn klein en makkelijk te nemen. Het kost me weinig moeite om wat ik zelf niet in handen heb, los te laten. Maar goed, ik begrijp natuurlijk dat dat voor iedereen anders is, en dat niet élk soort bagage fijn om mee te dragen is. Ik heb het dus puur over mezelf als ik zeg dat ik goed gedij bij het surfersadagium: go with the flow, en vervolgens zie je wel waar de golf je neerploft. Ik vind het net een comfortabel gevoel dat ik klein en onbetekenend ben in een grote, onverschillige wereld.

“Zeg, klink ik nu niet te veel als een eenhoorn op acid? Want dat ben ik niet, hè: ik fladder niet door Disneyland. Maar de grote zwaarmoedigheid ken ik niet – de grote relativering des te meer.”

GERT & BICKY’TJE

Van 2003 tot en met 2006 beleefde je het hoogtepunt van je acteercarrière: als tiener speelde je toen Saartje Dubois in F.C. De Kampioenen. Ben je gaan nakijken of er afleveringen met jou bij de beruchte negentien geschrapte episodes zitten?

“Ik heb er een volledig bekeken, om te kunnen inschatten waar de fuss precies over ging. En inderdaad: vervolgens wist iemand me te vertellen dat er afleveringen geschrapt zijn waar ik in zat. (gooit de handen triomfantelijk in de lucht) Eindelijk: ik ben gecanceld!”

Kijk je graag terug naar die vorige versies van jezelf? Op Instagram haal je soms foto’s uit je kindertijd boven. Maak je geen zorgen: dat is zeer gangbaar menselijk gedrag, maar toch verbaast het me een beetje. Je lijkt me helemaal niet het nostalgische type, wegens te druk met het heden.

“En toch: er kruipt weleens wat nostalgie in mij. Ook al omdat er veel moois is om op terug te kijken: ik heb een fijne jeugd gehad. Onlangs zat ik na te denken over mijn studententijd, en hoe paradijselijk die wel was. Dan kom je automatisch uit bij de onbezonnenheid die met die periode samenhangt, bij de grote vrijheid die je krijgt en de kleine verantwoordelijkheid die je draagt. Maar het is iets anders dat me met wat weemoed aan die tijd doet terugdenken, besefte ik: de vaststelling dat die studentenjaren de enige periode zijn waarin je leven zich in een hechte, afgebakende groep afspeelt. Ik deed alles met mijn vrienden – wij waren samen, en dat voelde als de evidentie zelve. Met het volwassen leven komen de versplintering en de verbrokkeling.

“Nostalgie haakt zich vast aan iets waar je niet meer helemaal bij kunt, hè. Ik heb prachtige jaren gehad in New York, toen ik daar een theateropleiding volgde. Keerde ik later terug naar de stad, dan zocht ik iets van die jaren terug. Maar dat kon natuurlijk niet: ik woonde er niet meer, mijn vrienden van toen waren verhuisd, op die school had ik niets meer te zoeken. Ik was geen stukje meer van New York, nee, ik was er op bezoek.

“Ik hou van nostalgie. ‘MMMBop’ van Hanson horen, en meteen weer de verliefde tiener zijn die de haarborstel als microfoon gebruikte, en haar ouders in de rol van publiek dwong. Dat is mooi, toch? Herinneringen zijn er om gevierd te worden. Ik doorleef die momenten ook heel erg. Ze komen met heel veel gevoel.”

Dat zeg je, voor alle duidelijkheid, zonder een spat ironie.

“Absoluut. Ik ben een romantische ziel met een hang naar grootse, intense momenten. Ik hoef ze niet eens zelf te beleven: ik zit even graag met open mond te luisteren naar iemand die een straf verhaal vertelt dat-ie heeft meegemaakt.”

Zoals bijvoorbeeld: het achttien opeenvolgende afleveringen uithouden in een televisiequiz, en zo een record vestigen?

(lacht) Bijvoorbeeld, ja.”

Vanaf 5 september zit je in De allerslimste mens ter wereld.

“Ik heb er best wat stress voor gehad, maar die is nu helemaal weg. Ik was vooral bang voor genadeloos afgaan. Een vraag krijgen, de klok horen luiden, maar werkelijk geen idéé hebben waar de klepel hangt. Maar ik hoorde eens iemand Napoleon in 1942 situeren, en niemand vond dat opmerkelijk. Toen wist ik: het is oké. Het is een entertainmentprogramma, geen examen. Vlieg je eruit, dan heb je toch goed gelachen. Dus: laat het maar beginnen.”

Komkom. Je gaat me toch niet vertellen dat je je deze keer niet uitgebreid voorbereid hebt?

“Ach, mijn familie en ik zijn van die nerds die op vakantie sowieso het Slimste mens-spel spelen. Nu, deze keer deed mijn petekind van acht ook mee, en die aangepaste vragen bemoeilijkten de zaken toch enigszins. ‘Noem de onderdelen van een bed’: dat was misschien niet helemaal de training die ik nodig had. (lacht)

Je zit ook in het tweede seizoen van Over de oceaan, dat volgend jaar op Play4 te zien is. Je hoeft vanzelfsprekend nog niets weg te geven over het verloop van die zeiltocht, maar hoe vond je het om in een klein gezelschap, volkomen afgesneden van de buitenwereld, over die grote zee te varen?

“Dat was écht heel fijn. En één van de redenen waarom het zo aangenaam toeven was op die boot, was de grote afwezigheid van de gsm. Ik meen het: wat een revelatie is het toch om in een gesprek de onverdeelde aandacht te hebben van wie tegenover je zit! Zonder gsm ben je gewoon dáár – de rest van de wereld roept je niet.

“Met een boot varen is de traagste, duurste en meest oncomfortabele manier om je van punt a naar punt b te verplaatsen, zei de kapitein. En nu zul je allicht weer verbaasd zijn, maar precies die inefficiëntie vond ik heerlijk.”

Toch niet. ‘Ik beheers de kunst van het onopvallend zijn’, zei je in ons vorige gesprek, en je vertelde hoe je als kind vaak bewust aan de aandacht van je ouders ontsnapte, en in je kamer genoeg had aan je eigen wereld.

(knikt) Een variant op dat gevoel keerde terug op die boot. En ook in mijn dagelijkse leven ben ik best vaak alleen. Thuis wat rondscharrelen, een beetje lezen, in bad gaan: de kunst van het doelloos prutsen wordt schromelijk ondergewaardeerd.

“Ik heb niet altijd rumoer nodig rond me. Er zijn vriendinnen van me die hun agenda volplamuren, maar ik heb die prutsdagen nodig. (denkt na) Misschien zorgen net die ervoor dat ik, wanneer ik wel de wereld in trek, open, extravert en aanwezig kan zijn?”

HUMO In dat vorige interview kwamen we ook bij Ilja Leonard Pfeijffer uit als ideale man voor jou…

(onderbreekt) O, die naam moet ik even noteren. Hij zou een goeie gast zijn voor De ideale wereld. Vijftiger, man, wit en hetero: een wat ondergewaardeerde categorie, toch? (grijnst)

“Maar jij wilde iets vragen?”

Wel, je deelde die Over de oceaan-boot onder meer met de door mij zeer bewonderde Gert Verheyen. En ik dacht…

“…dat hij, meer nog dan Ilja, de ideale man voor me is? (enthousiast) Je hebt gelijk. (nog enthousiaster) Ja, verdorie, je hebt gelijk! Ik meen het: Gert is zo chill, zo zorgzaam en zo geestig. En hij is de ultieme surfboy: wat komt, dat komt, en wat niet komt… Ja, dat komt niet, hè. Onze levensfilosofie komt helemaal overeen: handen uit de mouwen, geen gezeur, en het ondertussen voortreffelijk naar je zin hebben.

“Nu goed, ik moet wel opletten: mogelijk wordt Bicky’tje jaloers.”

Euh… Bicky’tje?

“Dominique Van Malder. In Humo noemde hij mij zijn favoriete onenightstand, om er wel meteen aan toe te voegen dat hij me als een Bickyburger zag – tegenover het sterrenrestaurant dat zijn lief is. Hij heeft zich nadien nog heel lief geëxcuseerd omdat hij me met een hamburger had vergeleken, en kijk… (scrolt door de contactenlijst op haar smartphone) Hier heb je het: sindsdien staat Dompi als Bicky’tje in mijn gsm.”

Heel erg bedankt voor dit gesprek, Ella, en veel plezier met De ideale wereld.

Wacht, wacht! Ik moet jou nog wat vragen. Jij hebt wel wat ervaring met interviewen, toch? Heb je nog goeie tips? Wat mag ik absoluut níét doen?”

Euh… In slaap vallen? Dat is me één keer overkomen – gelukkig maar enkele seconden, waardoor het onopgemerkt bleef.

“Uitstekende tip. Nog iets?”

Ik bespaar je de details, maar een interview moeten onderbreken om over te geven is ook niet ideaal.

“Aha! Dus, samengevat: niet in slaap vallen en niet kotsen, en dan komt alles goed?”

De ideale wereld, maandag t.e.m. donderdag rond 22.30 op Canvas

© Humo

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234