Maandag 27/06/2022

Een zwart-witafdruk in negatief

Af en toe beeldt een enkel voorwerp een ideologie uit. Het bananenrokje waarmee Joséphine Baker zich in het Parijse nachtleven stortte, werd een icoon voor de koloniale blik. In Elsene vertelt een aardige expositie een deel van het verhaal.

door Eric Min

Het minste wat je van Black Paris/Black Brussels kunt zeggen is dat het een disparate en polyfone tentoonstelling is. Dat is een compliment, maar ook een kritische bedenking. Vooral door het onlogische parcours krijg je de indruk dat je veeleer in een zelfbouwpakket dan in een consistente brok geschiedenis bent beland. Dat is jammer, want er is genoeg materiaal voor een meeslepende intrige.

Wie nietsvermoedend de museumzaal binnenstapt, komt terecht tussen actuele kunstwerken van doorgaans Afrikaanse artiesten: schilderijen, foto's, installaties en video's. Heel wat komt uit Parijs - een vijfde van de twaalf miljoen inwoners is er van Afrikaanse origine, wat de stad tot de grootste zwarte enclave in Europa maakt. Dat heeft zijn gevolgen voor de kunst. Wat we zien, behoort tot het interessantste wat de Afrikaanse diaspora voortbracht.

Enkele namen doen echter behoorlijk Belgisch aan: fotografe Marie-Françoise Plissart toont haar statige filmimpressie van de Congostroom in Kinshasa, terwijl Luc Tuymans' stralende Mwana Kitoko in de gedaante van Boudewijn I uit zijn vliegtuig stapt. Het museum heeft inderdaad een lokaal luik toegevoegd aan de expositie die eerder in Bayreuth en Frankfurt te zien was.

Paradoxaal genoeg is de inleiding op de eerste verdieping opgesteld, waar de bezoekers slechts aan het einde of haast toevallig belanden. Daar krijgen ze het historische hors-d'oeuvre; de werken in de grote zaal zijn er een kritisch commentaar op. Voor wie het museum in de 'omgekeerde' richting bezoekt, valt alles dus onmiddellijk op zijn plaats.

Black Paris/Black Brussels heeft vooral met beeldvorming te maken. De blik van de bange blanke man koos altijd de minste weerstand: stereotypen moesten de angst voor het donkere continent bezweren. Later kwam er een koortsige fascinatie in de plaats, met seksuele ondertoon. In Le Petit Journal sneuvelen heldhaftige blanke officieren in hun strijd tegen de wilden omstreeks 1900. De Afrikanen en hun schatten zijn oorlogsbuit, die triomfantelijk opgevoerd wordt op koloniale tentoonstellingen; nog in 1940 lopen de Fransen in drommen naar de Quinzaine impériale Française.

Dankzij de Eerste Wereldoorlog, waar tweehonderdduizend zwarte infanteristen het vaderland (!) helpen verdedigen, ontstaat het beeld van 'le bon nègre' uit de reclame voor ontbijtpap Banania: beresterk, trouw, goedlachs en een beetje dom. Gaandeweg wordt de zwarte man een icoon voor al wat met boksen, feesten en neuken te maken heeft. In de jazz komt alles samen: negers bevolken de orkestjes en dansen de 'Shimmy' of de 'Cake Walk'. In 1925 verovert de Revue nègre Parijs. Gehuld in een bananenrokje prikkelt Joséphine Baker de verbeelding.

In Elsene zijn sterke staaltjes van merchandising te zien, van postkaarten en grammofoonplaten tot tubes gel 'Bakerfix'. Even is Brussel het epicentrum van de jazz, met La Rose Noire en de Hot Club die het Paleis voor Schone Kunsten in lichterlaaie zet. De Afrikaanse invloed op de 'hogere' kunst komt slechts summier aan bod. Enkele surrealisten, negatieffoto's van Man Ray, decorontwerpen van Léger en schilderijen van de Cubaan Wifredo Lam klaren de klus.

Wat er op de begane grond te zien is, kan worden gelezen als een milde of militante omkering van de koloniale clichés. Hassan Musa herneemt Bakers bananensilhouet als een eigentijdse Suzanne in het bad en in de cyclus Who needs banana in Vietnam/Bagdad... Anderen dollen met folkloristische klederdrachten, culturele iconen, trofeeën en tropenhelmen. Soms wordt de condition humaine van de zwarten belicht: veel Euro-Afrikanen werken als bewakingsagent, de Congolese sapeurs op de foto's van Hector Mediavilla imiteren hun westerse voorbeeld de dandy. Het silhouet van een zwarte man is opgebouwd uit kleine advertenties van helderzienden.

Een hoog stapelbed waakt bij de uitgang, beladen met goedkope reistassen: Black Paris/Black Brussels gaat ook over vertrekken en thuiskomen.

Tot 27 april in het Museum van Elsene, Jean Van Volsemstraat 71. Open van dinsdag tot vrijdag van 13 tot 18.30 uur, zaterdag en zondag van 10 tot 17 uur. Toegang: 7 euro.

'Black Paris/Black Brussels' heeft vooral met beeldvorming te maken. Stereotypen moesten de angst voor het donkere continent bezweren

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234