Zaterdag 03/12/2022

Een woeste parade van talen

Paul Claes vertaalt Arthur Rimbaud

door Eric Min

Arthur Rimbaud

Uit het Frans vertaald door Paul Claes Athenaeum - Polak & Van Gennep, Amsterdam, 208 p., 950 frank.

Kun je de dronken verzen van een twintigjarig genie lezen of, sterker nog, in een andere taal navertellen? Ja dus. Ongeveer een jaar geleden werd Paul Claes' nieuwe vertaling van de verzen die Arthur Rimbaud (1854-1891) aan het papier had toevertrouwd, alom bejubeld. Vandaag heeft Claes de bundel Illuminations tot zich genomen, de al even legendarische verzameling prozagedichten van de jongeman uit Charleville die zich een nobel doel had gesteld: "één keer met onstuimig hart aan de taal wrikken, om haar voor één ogenblik

goddelijk onbruikbaar te maken" (Rilke). Het resultaat is een verbijsterend boek, meeslepend als een madrigaal van Monteverdi en briljant van eruditie.

Nauwelijks veertig poèmes en prose telt de bundel; Rimbaud was uitgekeken op de klassieke vormen en keerde ook het 'vrije vers', dat hij net zelf had uitgevonden, de rug toe. Was het prozagedicht de splinterbom onder het academische schrijven? Charles Baudelaire had de lof gezongen van "een poëtisch proza, muzikaal zonder ritme en zonder rijm, voldoende soepel en voldoende hortend om zich aan te passen aan de lyrische opwellingen van de ziel, aan de golfbewegingen van de mijmering, aan de schokken van het bewustzijn" in de moderne grootstad die de dichters dierbaar was. Rimbaud zou tot op het bot gaan en korte fragmenten afleveren die onwaarschijnlijk 'nieuw' oogden; ze kondigden de versplintering van de expressionisten aan, de futuristische fascinatie voor beweging en de dromendrang van het surrealisme. Woorden uit vreemde talen werden schaamteloos overgenomen, grafische tekens mochten de tekst ritme geven. Het enorme was de norm geworden: klankspel, herhaling, alliteratie, binnenrijm, overdrijving, een apart universum van metaforen en metamorfosen.

De titel van de bundel is een programma op zich. Illuminations verwijst naar de kleurenprenten in oude handschriften, naar feeërieke beelden of profetische visioenen en naar de roes van alcohol en hasjiesj - enkele gedichten zouden de 'letterlijke vertaling' van een schilderij of de neerslag van drughallucinaties zijn. Rimbaud schreef zijn boek tussen 1872 en 1875; het manuscript belandde bij zijn geliefde Paul Verlaine maar werd slechts in 1886 gepubliceerd. Wachten en vergeten worden was het lot van de verdoemde dichters. Rimbaud had eerder al Une saison en enfer voor eigen rekening in België laten drukken, maar hij kon de factuur niet betalen. De hele oplage werd in 1924 in een Brusselse loods teruggevonden onder een dikke laag stof.

Rimbaud/Claes lezen is een vreemde ervaring. Drie lange avonden heb ik met het boek doorgebracht, nauwelijks honderd bladzijden poëzie in twee talen, omlijst door een inleiding en aantekeningen die de gedichten niet 'uitbenen' of onttoveren maar ze diepgang geven. Ik heb gelezen en herlezen zoals Claes herlas en herschreef, geduldig componeerde, de naald in het maaswerk dreef, scherven van het opgravingsterrein opraapte. "Veel van wat onleesbaar lijkt, wordt betekenisvol als we het in zijn tijdkader en in de literaire traditie plaatsen," schrijft hij. Voeg daar Rimbauds taalspelletjes aan toe, zijn drang om nieuwe codes en transformaties uit te proberen, het polyfonische stemmenspel van de verschillende ikken in zijn borst, een stoet van raadselachtige beelden en je krijgt een boek als een brok lava die traag van de heuvel glijdt. Rimbaud/Claes lezen is ook nadenken over de snelheid waarmee we doorgaans te werk gaan. De dichter strooit zijn cryptogrammen in het rond en rekent erop dat de lezer zoekt, spit, zwoegt - alleen de kunstenaar heeft "de sleutel tot deze woeste parade". De vertaler heeft het halve werk voor ons al gedaan en presenteert zijn werk bescheiden als een eerste poging tot ontraadseling; hij speurt naar codes en combineert oplossingen tot een plausibele schets - zijn deze gedichten niet zo complex "dat zelfs de nauwkeurigste vertaling alleen maar een idee kan geven van hun veelzinnigheid en muzikaliteit"? De lezer drinkt, vecht, huilt, lacht, werkt en bewondert.

Kunnen we Illuminations wel lezen zonder alcohol binnen handbereik? Zullen verder nog goede diensten bewijzen: een verlangen naar mateloosheid, genoeg tijd en een oud exemplaar van de verdienstelijke vertaling die Hans van Pinxteren in de jaren zeventig maakte. Ik heb dat boek indertijd nooit uitgelezen, maar vandaag kwam de tekst van pas. De oude vertaler mag samen met ons de raadsels ontsluieren en inzien dat de wartaal die hij ons af en toe voorschotelde, in Claes' versie minder onbegrijpelijk is geworden of in elk geval beter wordt geduid. Enkele voorbeelden. "La musique savante manque à notre désir" (uit 'Conte'/'Sprookje') werd door Van Pinxteren begrepen als "Wijze muziek voldoet ons verlangen niet". Bij Claes wordt dat "Onze begeerte mist de macht van de muziek"; hij weet dat 'savante' behalve 'wijs' of 'verfijnd' ook 'bekwaam iets te doen' betekent en laat Rimbauds spel met de 'a' (savante - manque) overvloeien in de alliteratie 'mist - macht - muziek'. In een passus van 'Vies'/'Levens' draagt Claes gewoon meer betekenissen aan: "Mon devoir m'est remis" wordt "Nu ben ik van mijn verplichtingen ontslagen" (Van Pinxteren: "Mijn plicht is mijn zaak"). Het lukt niet altijd zo goed: "l'heure du 'cher corps' et 'cher coeur'" wordt "het ogenblik van 'mijn schatje' en 'mijn hartje'". Een zeldzame keer vertaalde Van Pinxteren juister ("un peuple fort doux" is eerder 'mild' dan 'erg gedwee'). Nog één voorbeeld van Claes' meesterschap, om het af te leren: letterlijk zijn "robes rousses, opalines" inderdaad "rosse, opaline kleden", maar "rosse rokken met opalen weerschijn" ruisen en wervelen toch zo feestelijk. Is het de tekst die dronken maakt of was het de wijn? Stoeiend met Illuminations bedacht ik dat Paul Claes tegelijk een halve Rimbaud is en een Rimbaud in het kwadraat. De ene dichter woont in het hoofd van de andere. Woelt, waart rond in zijn taal.

Claes' kunstgrepen mogen de rijkdom van de oorspronkelijke tekst natuurlijk niet in de schaduw stellen. Wanneer we vaststellen dat de klank van een zin als "Dans la grande rue sale les étals se dressèrent" zelfs in deze schitterende vertaling enigszins verloren gaat, beseffen we dat Rimbaud eerst in het Frans moet worden geproefd. Paradoxaal genoeg slaagt Claes er echter in om zijn collega bij te staan met een gereedschapskist vol hulpstukken in een andere taal - het Nederlands van een nieuwe eeuw - en straffere verzen te bedenken. Dan waden we door tijmwoestijnen, pakijs en poolnacht: "Montez et roulez (...) montez et relevez les Déluges," beveelt Rimbaud. "Rijs en rol, rijs en wek de Zondvloeden weer op," echoot de vertaler.

Ze hebben dat goed gedaan, deze dichters. We leren weer wat rust is, storm, dageraad, eb en vloed, een korte dronken nacht. We zien een vlag in bloedrood vlees op de zijden mantel van zeeën en poolbloemen ("zij bestaan niet!") en horen grimmige fanfares. We vernemen hoe een eenzame Rimbaud de hand aan zichzelf slaat in het cryptische 'H', een ode aan het rukken. O verrukkingen, o wereld, o muziek - leg een exemplaar van Illuminations in geschenkverpakking onder de kerstboom voor al wie u lief is en wel eens een gedicht leest. En Paul Claes mag alvast beginnen aan Une saison en enfer.

Paul Claes is tegelijk een halve Rimbaud en een Rimbaud in het kwadraat. De ene dichter woont in het hoofd van de andere

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234