Zaterdag 25/05/2019

Column

Eén wedstrijd om je te bewijzen en net dan is het beter om niet te winnen: het kan niet wreder

Hans Vandeweghe. Beeld Bob Van Mol

Sportjournalist Hans Vandeweghe laat tijdens het WK elke dag zijn licht schijnen op het reilen en zeilen in Rusland.

Nooit in de nationale ploeg gespeeld, toch niet bij de grote jongens. En ook nooit gevoetbald. Maar wel op de bank gezeten, zij het zeer zelden. En ooit de vraag gekregen van de coach om te verliezen.

Wat die bank betreft, laat u vooral niks wijsmaken. Geloof die toneeltjes niet en luister niet naar de praatjes: niemand zit graag op de bank, iedereen haat die plek. Nergens in een sportstadion of -hal zit je slechter. Nog liever doodziek met diarree op het toilet of als journalist in de perstribune dan op de reservebank. Ik haatte het. Ik ben er zelfs ooit eens in slaap gevallen omdat de wedstrijd van mijn ploeg mij absoluut niet interesseerde als ik zelf niet meedeed. Het is maar één keer gebeurd en toen de coach dat doorhad – hij wilde dat ik mij ging opwarmen en ik antwoordde met een lichte ronk – kregen we ruzie.

Arme man, ik heb nog met hem te doen, maar ook arme ik. Elke dag dat de coach je meldt dat je niet speelt, is een aanslag op je zelfbewustzijn, een diskwalificatie van je capaciteiten. Of die al of niet vermeend zijn, maakt niks uit, het is een kras op je ziel, een regelrechte vernedering. Op de training niet bij de eerste ploeg ingedeeld worden, niet met de beste ploegmaats maar met de andere kneusjes moeten oefenen. Moeten wachten tot de eerste ploeg het tactisch helemaal voor mekaar heeft om dan vast te stellen dat de tijd om is. De aandacht niet kunnen trekken van de coach omdat hij geen oog heeft voor jou. Het is sportief doodgaan.

Geconditioneerd

Op de bank ben je nooit vrolijk. Dus: als je bij doelpunten van de eerste elf de hele bank ziet opspringen, weet dan dat ze geconditioneerd zijn om dat te doen. Alleen de kneusjes, blij om erbij te zijn, of de geblesseerden of de zopas vervangen spelers, springen met hun volle goesting recht. De rest zegt "fuck, tisniewaar" en springt ook recht omdat het moet. Anders krijgt de coach van een of andere overijverige gatlikker te horen wie niet spontaan het veld is opgelopen en niet heeft meegedaan met het indianendansje.

De bank van de Fransen, met uiterst links Kylian Mbappé. Beeld Photo News

Dansen als een ander scoort, iemand die nota bene op jouw plek speelt, is het toppunt van hypocrisie. Niet dansen zal door coaches en teambuilders dan weer worden uitgelegd als het toppunt van egoïsme, maar die weten niet wat het is om daar te zitten. De beste coaches geven je het gevoel dat je erbij hoort, hoewel je steeds minder minuten krijgt. Als ze je toch een keertje opstellen, wil je voor hen door het vuur. Die coaches moeten nog worden geboren.

Rode Duivels B

Hoe zit dat nu met de Belgen? De situatie is dermate eenvoudig en tegelijk gecompliceerd dat je als bankzitter die ineens wordt opgesteld onmogelijk een goed gevoel zal overhouden aan die wedstrijd tegen de Engelsen van donderdagavond.

Voetbalspelers mogen dan in hun virtuele wereld leven, misschien is het ook bij hen al doorgedrongen dat ze in een positie zitten waarin kan worden gerekend en gespeculeerd. Dan krijg je een keer een kans om te tonen wat je waard bent, weliswaar met een B-ploeg met de andere bankzitters, en dan hebben de media het over niks anders dan eervol tweede worden om vooral Brazilië niet te treffen. Eén onnozele wedstrijd krijg je om je te bewijzen en uitgerekend dan is het beter om niet te winnen, het noodlot kan onmogelijk wreder.

Zoals geen enkele bankzitter graag op de bank zit, is geen enkele bankzitter zo gek om opzettelijk minder zijn best te doen. Dat werkt zo niet. Of je gaat er helemaal voor, of je laat het hangen. Dat laatste is snel genoeg te merken.

Een bankzitter die het donderdag laat hangen, tekent zijn sportief doodvonnis. Daarom zullen de elf van Rode Duivels B er donderdagavond vol voor gaan. Roberto Martínez kennende en zijn bezorgdheid om zijn imago, zal hij nooit een speler vragen om het voetje terug te trekken met de achterliggende gedachte om toch maar niet eerste van de groep te worden.

Enkele Rode Duivels rusten uit op de bank tijdens de training in Dedovsk, nabij Moskou. Beeld BELGA

Wat Martínez natuurlijk wel kan, is de ploeg zo in de wei sturen dat ze een vogel voor de kat zijn voor de Engelsen, die zichzelf zo goed vinden dat ze hun voet het hele toernooi niet meer van het gaspedaal willen halen.

Dat heeft hij niet helemaal in de hand. Er zijn teams waarbij de tweede garnituur het ineens veel beter deed dan de eerste, die in elkaar klikten als nooit tevoren en die zich van de tactiek van de coach, die hen al die wedstrijden daarvoor niet nodig had, geen bal aantrokken. Dat heeft ook iets: rebellie in het positieve. Het is dan aan de coach om van de bank op te springen, terwijl hij denkt "fuck, het is niet waar" en dan hypocriet te juichen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.