Zondag 19/09/2021

Een verslag via zeven mythes

In februari lanceerde De Morgen een spaaractie met jazz-cd's. Toen schetsten we in de krant een portret van de jazz als kunstvorm via zeven mythes over jazz. Die nemen we nu ook als leidraad voor een verslag van het jazzjaar 2006.

door Didier Wijnants

Neen, niet alle grote jazzmuzikanten zijn dood, maar de besten zijn vaak wel (heel) oud. Wat iemand op een weblog tot deze geestigheid inspireerde: "De boodschap lijkt dus dat ze niet allemaal dood zijn, maar dat ze dat straks wel zullen zijn."

Ook niet helemaal juist. Wat je ook in 2006 vaststelt, is dat de beste jazzmuzikanten hun leven lang in een groeicurve zitten. De oudste generatie heeft zich dit jaar zeker laten gelden. Andrew Hill (69) tekende voor de mooiste plaat (Time Lines), Ornette Coleman (76) kwam terug (Sound Grammar), Randy Weston (80) zorgde in Leut voor een adembenemend concert, Misha Mengelberg (71) was weer alomtegenwoordig, Paul Motian (75) maakte meerdere prachtige opnamen.

Maar wat vooral opvalt, is de voortdurende groei in het werk van de net iets jongere generaties. Tot de beste concerten van het jaar horen die van Marty Ehrlich (51) in De Werf, Fred Hersch (51) in Flagey, Joe Lovano (54) in CC Luchtbal, Barry Guy (59) in Marni, Anthony Braxton (61) in Genk en Joe McPhee (67) in deSingel. Zij zitten allemaal op een niveau dat je van de jongste generaties nooit kunt verwachten, al kende ook 2006 zijn onbegrijpelijke jongesnakenhype (Jef Neve). Eerlijk is eerlijk: er zijn jongere muzikanten die hoge toppen scheren en een schitterende toekomst beloven, zoals Jason Moran (31) en Stefano Bollani (34).

Improvisatie is het testen van de elasticiteit van de muziek, het aftasten van de vrijheidsgraden. Binnen de westerse muziekcultuur is improvisatie het element waarmee de jazz zich het meest profileert ten opzichte van andere genres. In een opmerkelijke studie over de positie van de jazz in het Vlaamse Cultuurbeleid stelde Simon Korteweg het begrip improvisatie centraal. Improvisatie is wat jazzmuzikanten beroert, al gaat niet iedereen daarin zo ver als het trio van Alex Von Schlippenbach, Evan Parker en Paul Lovens, onlangs in Brugge.

Neen, jazzmuzikanten zijn zelfs almaar beter professioneel georganiseerd, al heeft Simon Korteweg in zijn studie ook aangetoond dat er nog een hele weg af te leggen is: "Ondanks het hoge niveau en de grote diversiteit is de interne huishouding van de jazzscene erg schraal." Muzikanten hebben moeite om de eindjes aan elkaar te knopen, er zijn veel te weinig repetitieruimten of experimentele jazzateliers en de podia ontwikkelen nauwelijks een consequent en krachtdadig jazzbeleid. Van samenwerking tussen podia is zelfs helemaal geen sprake. Eind 2006 is de toon voor de toekomst gezet: de jazzsector moet zich dringend professionaliseren. En dan kan ze in de toekomst wellicht aanspraak maken op een rechtvaardig subsidiepakket van twee miljoen euro per jaar.

Is er iemand bereid om de balans op te maken? Uitzichtloos, de jazz was en is in 2006 net zo goed van de gele Aziaat, de blanke Europeaan et cetera. We hebben in België een pak jazzmensen van internationaal niveau. Nathalie Loriers maakte met L'arbre pleure een meesterwerk, Fabrizio Cassol overtuigde met het project VSPRS en Kris Defoort blijft een intelligente koers varen, waarin de componist en de improvisator elkaar voortdurend uitdagen.

Er werd weer wat gerollebold met de jazz in 2006. Een opvallend project in de laatste maand was de tournee van de groep Franco Saint De Bakker, een verzameling rockmuzikanten die zich bekwaam met jazz vermaken. Een prettig project, maar voorts valt op dat het begrip cross-over op zijn retour is. Muzikanten en luisteraars weten intussen wel dat er met de grenzen van de genres mag en moet worden gespeeld, maar dat is alleen spannend als je die genres ook van binnenuit kent en belichaamt.

Sinds ruim een decennium kun je jazz leren aan de conservatoria en van daaruit sijpelt het discours ook stilletjes door naar het deeltijdse kunstonderwijs (zeg maar de muziekscholen). Maar Simon Korteweg wees erop dat die opleidingsinstituten nog te veel 'ivoren torens' zijn en dat er te weinig direct contact is met de levende jazzscene in binnen- en buitenland. Een voortrekker op dat vlak is deSingel, dat actief zoekt naar een creatieve samenwerking met het conservatorium.

Natuurlijk, en ze hebben ook in 2006 enorm veel lol getrapt.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234