Zondag 19/01/2020

Een vat ruwe olie kost voor het eerst meer dan honderd dollar

Energie-expert Cyril Widdershoven (Capgemini):

En wat als de olie op is?

Wie een paar jaar geleden voorspeld had dat een vat ruwe olie meer dan 100 dollar zou kosten, werd gegarandeerd afgeserveerd als een doemdenker. Sinds die symbolische kaap deze week voor het eerst in de geschiedenis werd gerond, is 100 dollar de bikkelharde realiteit. En de prijzen kunnen nog hoger. Want niet de geopolitieke trubbels jagen de prijs omhoog, wel het simpele feit dat er gewoon te weinig olie is.

door Johan Corthouts

Voor de modale consument is het jaar in mineur gestart. Door de stijging van de olieprijzen op de wereldmarkt betaalt hij aan de pomp nieuwe recordprijzen voor brandstof. Voor superbenzine ligt de maximumprijs op de nieuwe recordprijs van 1,498 euro. Ook stookolie is weer duurder geworden. Voor een aankoop van 2.000 liter bedraagt de prijs 0,7143 euro per liter. Ook dat is een nieuw record.

De consument zal de stijgende olieprijzen niet alleen bij het autorijden of aan zijn energiefactuur voelen. Olie zit verwerkt in tal van andere producten. Drankflessen en potjes yoghurt worden gefabriceerd van plastics die van geraffineerde olie worden gemaakt. De olieproducten polyol en isocyanaat worden gebruikt als vulling voor meubilair en bh's. Hemden en bloezen bevatten nylon, een ander product met als basis olie.

Consumenten beseffen het misschien niet, maar olie zit ook in de chemicaliën die gebruikt worden voor de aanmaak van lippenstift. Mensen poetsen hun tanden met olie; tandpasta bevat verwerkte olie. Ook medicijnen bevatten olieproducten. Zelfs een broodje met kaas is niet olievrij, want de toegevoegde geur- en smaakstoffen zijn op olie gebaseerd.

Natuurlijk gaat het maar om kleine hoeveelheden en hoeft de consument niet meteen te vrezen voor forse prijsstijgingen. Maar prijsverhogingen komen er zeker aan. Een daling van de olieprijzen is namelijk niet meteen in zicht. De vraag is zelfs of de prijzen ooit weer zullen dalen. De voorspellingen van analisten zijn wat dat betreft somber. De reden daarvoor? Er is te weinig olie voorhanden. Het aanbod kan de vraag niet bijhouden. De olieproducerende landen slagen er niet in de energiehonger van de mondiale economie te stillen.

"Alle signalen wijzen op een fysiek tekort aan olie. Het is dus niet zo moeilijk om te voorspellen dat de prijs van een vat olie omhoog gaat", zegt de Nederlandse olie-expert Cyril Widdershoven van dienstenleverancier Capgemini.

Voor de OPEC, het door Saoedi-Arabië aangevoerde kartel van dertien olieproducerende landen, zijn de zwakke dollar en de speculatieve aankopen door hefboomfondsen de grote zondebok voor de jongste prijsstijgingen. Maar volgens Widdershoven mag er niet te veel geloof worden gehecht aan die praatjes. "Al deze aandacht voor de financiële markten verhult het ware probleem van de OPEC-landen: er is nu al een fysiek tekort aan olie. Uiteraard zijn er andere investeerders actief in de oliemarkt en dankzij hun aanwezigheid schommelt de olieprijs soms heftig heen en weer en liggen de prijzen 5 tot 10 dollar hoger. Maar de investeerders zijn niet de hoofdoorzaak van de prijsstijgingen. Doordat het aanbod de vraag niet bij kan houden, gaat de prijs van olie omhoog. Nu roepen analisten in koor dat het 125 dollar wordt. Wie weet. Het kan ook verder omhoog. De energieminister uit Indonesië citeerde al eens Captain Kirk uit Star Trek: 'We zijn op weg naar onbekend terrein'", zegt Widdershoven in de Volkskrant.

Nochtans zegt de OPEC dat er nog voldoende olie in de grond zit. Maar daar wordt hardop aan getwijfeld. In Saoedi-Arabië worden al twintig jaar lang zo'n 3,6 miljard vaten olie per jaar uit de grond gehaald. Maar toch blijft de voorraad volgens hun statistieken dezelfde, terwijl er in die periode geen grote vondsten van nieuwe velden zijn geweest om de voorraad aan te vullen.

"Officieel zegt de OPEC dat er nog 2 miljoen vaten per dag extra geproduceerd kunnen worden, maar tijdens een presentatie in Riyad verscheen opeens het getal 820.000 op het scherm. Oeps, foutje, de reservecapaciteit is minder hoog", weet Widdershoven.

De Nederlandse energiespecialist staat niet alleen met zijn analyse. Ook het Duitse Institut für Wirtschaftsforschung (DIW) in Berlijn verwacht dat de olieprijzen een hoge vlucht zullen nemen. Natuurlijk spelen speculanten een rol. Maar ze bepalen slechts voor 20 procent de prijs. Dat de prijzen stijgen, is in de eerste plaats een gevolg van slinkende oliereserves, valt er te horen.

Claudia Kemfert, energie-experte van de DIW, ziet het zo: "Eind januari, wanneer de vraag naar olieproducten afneemt, kunnen de olieprijzen opnieuw zakken. Maar dat zal een tijdelijk fenomeen zijn." Op langere termijn is de trend opwaarts. "De olievoorraden worden alsmaar kleiner, waardoor de prijzen verder de hoogte in gaan. Over vijf jaar is een olieprijs van 150 dollar waarschijnlijk. Over tien jaar wordt er wellicht 200 dollar voor een vat betaald", zegt ze.

Stanny Schrans, hoofd van de energieafdeling van Fortis Bank, bevestigt de opwaartse trend. Niet het slechte winterweer of berichten over politieke onrust in olieproducerende landen zoals Iran, Irak, Nigeria of Venezuela of het werk van speculanten zorgen voor hogere prijzen, wel de explosief toenemende vraag uit China, India en Brazilië, zegt hij. "We hebben de jongste tijd een beter zicht gekregen op vraag en aanbod en daaruit valt maar één ding te concluderen: het aanbod kan de vraag niet bijhouden."

Nu de kaap van 100 dollar is gerond, moet het volgens de Belgische handelaar voor iedereen duidelijk zijn dat de periode van goedkope energie definitief is afgelopen. "We komen in een periode waarin we langzaam de echte prijs voor energie betalen. De prijzen van 20 à 30 dollar die we vijf jaar geleden betaalden, waren veel te goedkoop. Honderd dollar is een correcte prijs. En als je de milieukost voor de uitstoot van C02 nog zou meerekenen, dan moet de prijs nog een stuk hoger zijn."

Maar 200 dollar voor een vat? "Het lijkt me sterk dat we die prijs ooit halen. Maar het is mogelijk. Twee jaar geleden waren er ook nauwelijks analisten die voorspelden dat de olieprijs zou verdubbelen en toch is dat gebeurd", zegt Schrans.

Op lange termijn is het dus vrij onwaarschijnlijk dat de olieprijzen een duik nemen. De hoge prijzen kunnen volgens de Fortisman slechts op twee manieren getemperd worden: door een wereldwijde recessie of door een techologische revolutie die het olieverbruik drastisch zou doen slinken. Schrans ziet noch het één noch het ander gebeuren. "De hoge prijzen hebben weinig invloed op de vraag. De economie slaagt erin om de hoge prijzen goed te absorberen. En die motor die het benzineverbruik in een klap doet halveren? Die is nog niet meteen voor morgen."

De ogen zijn dan ook gericht op de inspanningen die de olie-industrie doet om nieuwe olievelden in gebruik te nemen. Een moeilijke klus. Nieuwe oliebronnen zitten diep onder de zeebodem of onder het pakijs en kosten handenvol geld om te ontginnen. Ondertussen loopt de productie uit gemakkelijk winbare olievelden terug. De olie-industrie zelf voedt het pessimisme over de toekomstige ontginning van nieuwe olievelden. "De oliesector voelt aan als een permanente Elfstedentocht. Er is veel slecht ijs. En als je in Leeuwarden bent, kun je weer opnieuw beginnen", liet Jeroen Van der Veer, de topman van olieconcern Shell, zich daarover onlangs ontvallen.

Heeft de olieontginning intussen haar hoogtepunt bereikt? Het is een vraag die dezer dagen veelvuldig wordt gesteld. Maar experts geven geen duidelijk antwoord. "Bel over tien jaar terug. Dan ken ik het antwoord", grapt Schrans. Ook Widdershoven houdt de boot af. "Noem me zeker geen aanhanger van peak oil. Die groep voorspelt al dertig jaar dat de olie bijna op is, maar schuift die termijn telkens vooruit. Ooit krijgen de aanhangers van de theorie natuurlijk gelijk, want de olie raakt op. Maar op dit moment is niet gezegd dat de olieproductie al aan haar plafond zit. Waar het vooral om draait, is dat door een gebrek aan investeringen in de jaren negentig er nu te weinig nieuwe velden beschikbaar zijn. Het duurt zeker vijf à zes jaar voor de huidige toestroom van nieuwe investeringen leidt tot extra olie."

Maar of die nieuwe investeringen voldoende zullen zijn om het aanbod opnieuw naadloos te doen aansluiten op de vraag blijft onzeker. "Het is de vraag die iedereen zich stelt: slaagt de olie-industrie erin om haar problemen met de ontginning van olie te overwinnen en pompt ze voldoende olie op? Niemand die het antwoord vandaag kent", zegt Schrans. "In de jaren negentig waren de olieprijzen zo laag (amper 10 dollar per vat, JCS) dat er nauwelijks geïnvesteerd werd. Nieuwe projecten zijn pas rendabel vanaf een olieprijs van 60 dollar per vat. Wees maar zeker dat als de olieprijzen opnieuw zouden gaan dalen, dat dan alle investeringsplannen om nieuwe olievelden in gebruik te nemen onmiddellijk worden opgeborgen. Het investeringsrisico wordt dan te groot."

Zestig dollar. Dat was ongeveer de prijs voor een vat ruwe olie een jaar geleden. Vandaag is het 100 dollar. Het was een kleine trader die woensdag als eerste dat bedrag neertelde. Op de Mercantile Exchange kocht hij 1.000 vaten ruwe olie, de minimaal vereiste hoeveelheid. Hij verkocht de vaten onmiddellijk daarop voor 99,40 dollar per vat en verloor dus 600 dollar. Niet erg voor de man. Hij kan straks aan zijn kleinkinderen vertellen dat hij de eerste handelaar ter wereld was die 100 dollar veil had voor het zwarte goud. Ook eeuwige roem heeft een prijs.

Alle signalen wijzen op een fysiek tekort aan olie. Het is dus niet zo moeilijk om te voorspellen dat de prijs van een vat olie omhoog gaat

Claudia Kemfert (Duitse energie-experte):

De olievoorraden slinken. Over vijf jaar is een olieprijs van 150 dollar waarschijnlijk. Over tien jaar wordt er wellicht 200 dollar voor een vat betaald

Stanny Schrans (Fortis Bank):

Het is de explosief toenemende vraag uit China, India en Brazilië die de prijzen doet stijgen. Het aanbod kan de vraag gewoon niet bijhouden

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234