Zondag 29/03/2020

Een tijger regisseer je niet, die geef je een duw'

In Life of Pi belandt een Indiase tiener na een schipbreuk in een reddingsboot op de oceaan - in het gezelschap van een tijger. Regisseur Ang Lee schonk de wereld een film waarin adembenemend spektakel en visuele poëzie hand in hand gaan met grote levensvragen, momenten van wanhoop en flitsen van euforie.

Hij is de even briljante als minzame kameleon van de wereldcinema. Wie de filmografie van Ang Lee (58) overloopt, kan nauwelijks geloven dat al deze titels door één en dezelfde man werden gedraaid. Een hedendaagse relatiekomedie over een schijnhuwelijk zoals het Taiwanese The Wedding Banquet werd gevolgd door een very British costuumdrama als de Jane Austen-verfilming Sense and Sensibility en dan door een Amerikaanse satire over partnerruil, zoals de tragikomische seventies-kroniek The Ice Storm. Daarna kwam een historisch, annex romantisch drama over de Amerikaanse Burgeroorlog: Ride with the Devil. En wanneer Ang Lee tussendoor films draaide in een Aziatische context, leverde dat de ene keer een magistraal martial arts-epos zoals Crouching Tiger, Hidden Dragon op, de andere keer een erotisch zeer expliciet spionagedrama als Lust, Caution. Een even controversiële als bejubelde liefdesfilm over homocowboys - ook al waren het eigenlijk schaapherders - in Wyoming? Geen probleem voor Ang Lee, die een Oscar voor beste regisseur kreeg voor Brokeback Mountain. Een stripverfilming zoals Hulk bleek niet zo'n geslaagde genreoefening, maar wie niet waagt, niet wint. En winnen heeft Ang Lee inmiddels al ontelbare keren gedaan: Oscars, Bafta's en Golden Globes werden afgewisseld met twee Gouden Beren in Berlijn, twee Gouden Leeuwen in Venetië en nog veel meer.

Hoe slaagt hij er eigenlijk in om zo probleemloos van het ene genre naar het andere te switchen? En bijna altijd een verrassend goede film af te leveren? "Films maken is mijn leven", begint de regisseur zijn antwoord op een vraag die hem ongetwijfeld al vaker is gesteld. Ik heb hem in de loop der jaren al verschillende keren mogen interviewen en bij deze nieuwe ontmoeting in Londen stel ik twee dingen vast, die ik eigenlijk al wist. Dat het Engels van Ang Lee elke keer wat beter wordt en dat hij nog altijd de minzaamheid zelve is. Vriendelijk, bescheiden, discreet. En toch niet te beroerd om af en toe in zijn ziel te laten kijken. Met gevoel voor zelfrelativerende humor. "Ik heb tussen twee filmprojecten in niet echt iets wat op een leven lijkt. En ik hou van uitdagingen. Voor mij is elke nieuwe film een leerproces, maar dat vind ik juist interessant. Het is opwindender dan iets te doen wat je door en door kent. Dat kan knap vervelend worden. Ik probeer dus graag verschillende vormen van filmmaken uit. Ontdek- ken hoe elk genre werkt. Er zijn bepaalde conventies. Wat gebeurt er als je die afspraken volgt? En wat gebeurt er als je tegen die verwachtingen ingaat? Ik werk ook graag met verschillende soorten mensen. In een huwelijk moet je trouw zijn, maar bij films ligt dat anders (lacht). Films maken is ook mijn manier om de wereld én mezelf beter te begrijpen. Het is telkens een boeiende reis. En ik ga ook letterlijk graag naar verschillende plaatsen. Het is allemaal een kwestie van nieuwsgierigheid."

Het wordt wel vaker van bepaalde boeken gezegd dat ze onverfilmbaar zijn, maar na het lezen van Life of Pi was ik toch ook geneigd om er zo over te denken. Waarom hebt u die roman toch willen verfilmen?

"Hoe meer ik daarover nadenk, hoe meer ik mij realiseer dat het gewoon komt omdat iemand mij die kans gegeven heeft. Ik heb me simpelweg laten verleiden. Ik had de roman jaren geleden al gelezen, maar ik dacht toen niet dat er een film in zat. Om de voor de hand liggende redenen. Maar toen mij de kans geboden werd, ben ik toch over het project gaan nadenken. Mis- schien was het toch mogelijk een waterfilm te draaien zonder grote filmsterren. En tegelijk, binnen het kader van dit specifieke verhaal, de kracht van story telling te onderzoeken. Volgens mij is dat ongebruikelijk, want films berusten sterk op een emotionele flow. En op beelden, natuurlijk. De macht van de illusie. Als kijker wil je daar niet uit weggerukt worden om even na te denken. Dat leek mij een grote uitdaging.

"En dan was er natuurlijk de kwestie van het water. Hoe konden we dat geloofwaardig maken met CGI (computer generated images, JT)? De tijger leek mij minder een probleem. En de jongen Pi? Dat was makkelijk: als we geen geschikte acteur zouden vinden, dan zou er ook geen film komen (lacht). Daar moesten we dus niet eens over nadenken. We moesten gewoon op zoek gaan. Maar mijn grootste bekommernis was dat de film te duur zou worden als we het boek recht wilden doen. Toen bleek dat dit geen probleem zou zijn, heb ik toegehapt."

Wat was het precies wat u zo aansprak in dit verhaal?

"Het gaat enerzijds om een zeer gevisualiseerde reis, maar anderzijds is het ook een innerlijke tocht. Het interessante daarvan is dat de schrijver in het begin het element religie introduceert. Allerlei vormen van georganiseerde religie, want de jonge Pi voelt zich zowel aangetrokken door het christendom en het boeddhisme als door de islam. Maar later, als hij ronddobbert op de oceaan, komt Pi als het ware tegenover God zelf te staan. En dat is natuurlijk zeer abstract (lacht).

Dat vond ik een interessant en belangrijk element in het boek.

"Maar uiteindelijk is Life of Pi vooral een soort onderzoek naar de essentie van de verbeelding. En van onze emotionele band met het onbekende. Een soort leap of faith, waarbij het eigenlijk niet relevant is of men een kerk, een tempel of een moskee bezoekt. Ik vond dat heel inspirerend materiaal. Voor alle duidelijkheid: dat religieuze element wordt niet echt uitgediept, ook niet in het boek. En het is evenmin een traktaat over wereldvrede of zo. Het zou trouwens nogal unfair zijn om dat te verwachten. De georganiseerde religies voeren al duizenden jaren een strijd op leven en dood, dus zo makkelijk zal dat niet opgelost worden. Maar voor een onschuldig kind als Pi vormt het geen enkel probleem om zich tegelijk een christen, een boeddhist en een moslim te voelen. Het is niet echt een spel of een grap, maar het wordt toch luchtig gehouden. Als een soort prelude. De visuele ervaring van een film maakt het allemaal ook persoonlijker. Waar staat die tijger voor? Dat kan misschien een voorstelling zijn van de kracht van God. Maar dat wordt in de film in ieder geval niet benadrukt. De angst die de tijger inspireert, is ook belangrijk, net als het aspect van de emotionele aanhankelijkheid. Maar de tijger kan voor Pi ook nog de reflectie zijn van het beest in zichzelf. Ik weet niet of het typisch Aziatisch is, maar het is mij opgevallen dat men daar, in tegenstelling tot bij voorbeeld in Amerika, veel meer geïntrigeerd is door de tijger. En dan heb ik het niet alleen over filmjournalisten, maar over iedereen. Gelovig of niet, intellectueel of niet. Ik vermoed dat het voor mij als Aziaat ook makkelijker was om dat pad te bewandelen."

U wordt vaak de beroemdste Aziatische regisseur genoemd.

"Een dergelijke omschrijving zorgt vooral voor veel druk, die het persoonlijke overstijgt (lacht). Men verwacht van mij dat ik grote publieksfilms, zogenaamde 'mainstream movies', voor de hele wereld aflever. Tegelijk vertegenwoordig ik ook Azië, zeker met een film als Life of Pi, waarvan het materiaal zo met India verbonden is. In dat opzicht is de druk voor mij groter dan bijvoorbeeld voor een schrijver als Yann Martel. Zijn aanpak is die van een auteur die toevallig op een allegorisch verhaal uit het verre India stoot. Hij heeft daarvoor de nodige research gedaan, maar voor mij is Azië mijn thuis. Het is mijn werkelijkheid. Hoe ga je daarmee om als je een fabel zoals Life of Pi wilt vertellen? Hoe realistisch mag het worden, zonder het filosofische kader uit het oog te verliezen? Hoe verhoudt dat realisme zich tot de symboliek? Dat kan dus voor enige verwarring zorgen. En dan krijg ik het gevoel dat er van verschillende kanten aan mij getrokken wordt. Ik realiseer mij ook dat mijn carrièrepad nogal uniek is. In Azië ziet men mij als de regisseur van blockbusters, maar in het Westen worden mijn films meer als arthouse beschouwd. Dat is niet zo'n makkelijke positie, zeker niet bij een dergelijke film: een Hollywoodproject, waarmee ik tegelijk Azië vertegenwoordig."

U zei daarnet dat Life of Pi ook een verhaal is over de kracht van story telling. Maar waarom luisteren we of kijken we zo graag naar verhalen? En waarom vertellen filmmakers zoals u zo graag verhalen?

"Ik verwijs daarvoor graag naar de acteur Irrfan Khan, die de rol speelt van de volwassen Pi Patel. Hij is de verteller in de film. Heb je de brede glimlach op zijn gezicht gezien, als hij op het einde tegen de schrijver zegt: 'The story is yours.'? Zijn probleem is opgelost. Het is nu aan de schrijver om er verder iets mee te doen. Dat is het therapeutische aspect. En in een bredere context: het leven houdt niet echt steek. Het is chaos. Alleen God weet waarom. Wij zijn te klein om uit te vissen waar het eigenlijk om draait. En dus zijn verhalen een artificiële poging om toch een beetje structuur te brengen in wat we meemaken, in wat we denken en waarheen onze verbeelding ons voert. Een verhaal heeft een begin, een midden en een einde. Een verhaal snijdt een bepaalde ruimte uit de tijd. Het zorgt voor een flow, het draagt emoties in zich, het verschaft een lineaire lijn. Het zorgt ook voor een soort zingeving die kan worden doorgegeven. Door verhalen voelen we ons minder eenzaam en verloren. In de film zou Pi op dat eiland kunnen blijven, tot het leven hem verlaat. Maar hij zou zich daar ook 'lost and lonely' voelen. En dus vertrekt hij opnieuw. Zijn verhaal moet nog een einde krijgen.

"Ik ben een filmmaker en dus een verteller. Dat is een belangrijk deel van mijn leven. Verhalen krijgen een eigen leven in het hoofd van de luisteraar, de lezer of de kijker. Daarom geloof ik ook niet zo in de eigendom van verhalen. Ik wil niet dat er 'An Ang Lee Film' op de generiek zou staan. Voor mij is de vermelding 'Directed by Ang Lee' ruim voldoende."

Voor Hulk hebt u al gewerkt met CGI. Bij deze film hebt u nu voor het eerst ook gebruik gemaakt van 3D.

"In een ideale wereld zijn CGI en 3D vooral artistieke instrumenten. Maar wat ze allebei gemeen hebben, is dat het zeer dure werktuigen zijn (lacht). Dat zorgt voor de nodige druk. Bij voorbeeld de druk om voor extravagante actiescènes te zorgen. Het is niet evident om die instrumenten op een meer persoonlijke, intimistische manier te gebruiken. Het vergt ook de samenwerking van honderden kunstenaars en technici. Als regisseur moet je zo precies mogelijk kunnen verwoorden naar welke beelden je precies op zoek bent, want computers praten natuurlijk niet (lacht). En als je miljoenen dollars nodig hebt voor 3D om daarmee intieme gevoelens te visualiseren, dan moet je dat ook zeer goed aan de studio kunnen uitleggen."

Richard Parker, zoals de tijger in de film genoemd wordt, is grotendeels een digitale creatie, maar u hebt hem wel naar échte tijgers gemodelleerd. Hebt u die ook zelf geregisseerd?

"Een tijger regisseer je niet, die geef je een duw (lacht). Of beter: die laat je porren. Tot je een reactie krijgt of een uitdrukking die je hoopt te kunnen gebruiken. We hebben vier exemplaren gefilmd: twee mannetjes en twee wijfjes, maar uiteindelijk zijn er maar 23 shots van échte tijgers in de afgewerkte film terechtgekomen. Onze werkwijze was nogal ongewoon, want normaal wordt er zonder dergelijke referenties gewerkt en projecteren de computerkunstenaars hun eigen persoonlijkheid in hun digitale creaties. Maar ik wou elke vorm van antropomorfisme vermijden. De tijger is een tijger. Hij moet zich dus ook als een tijger gedragen. We hebben ontzettend veel referentiemateriaal gedraaid en dat bleek een goed uitgangspunt te zijn voor ons tijgerwerk. Uiteindelijk heb ik, met mijn verbeelding, de tijger dus wel degelijk geregisseerd."

U hebt voor deze film samengewerkt met Steve Callahan als 'survival consultant'. Callahan werd bekend met zijn boek Adrift: 76 Days Lost At Sea en hij wordt trouwens ook vermeld in het boek Life of Pi. Zijn ervaringen als schipbreukeling heeft hij ooit omschreven als 'a view of heaven from a seat in hell', een citaat dat niet zou misstaan op de filmposter.

"Het was Steves taak concrete details te verschaffen over het leven op de oceaan in dergelijke precaire omstandigheden. De basics om te kunnen overleven. Ik heb veel van hem geleerd. Allerlei zaken die ik mij nooit had kunnen inbeelden. En allerlei sensaties: de smaak van water in de regen, bijvoorbeeld. De manier ook waarop zijn hele organisme veranderde, zodat hij de lever van een vis als een dessert ging beschouwen. Ook nog dat de voornaamste bedreiging, behalve van haaien, afkomstig is van de zon. Of de noodzaak om een dagboek bij te houden om mentaal gezond te blijven. Het was onderdeel van de manier waarop hij zijn leven op dat vlot organiseerde.

"Je kunt het ook als een vorm van story telling zien. Hij moest zijn gedachten organiseren om niet gek te worden. Steve gaf ons ook raad in verband met het manoeuvreren van de reddingsboot en het vlot. En hoe het drijvend te houden. Ik had bepaalde ideeën die misschien interessant waren voor een film, maar die onredelijk waren. Ik wou zo dicht mogelijk bij de realiteit blijven, maar ik denk niet dat ik hem met deze film helemaal heb kunnen overtuigen. Uiteindelijk bestond zijn voornaamste bijdrage erin ons mee te geven wat hij zowel spiritueel als mentaal had doorgemaakt. Steve was een uitstekende goeroe."

De jonge acteur Suraj Sharma, die de hoofdrol van Pi Patel speelt, vertelde dat hij getroffen werd door de kalmte die u blijkbaar uitstraalde.

"Kalm? Ik? Zo voelde ik mij in ieder geval niet. Ik had eerder het gevoel dat ik binnen in mij een vulkaan meedroeg (lacht). het klopt wel dat ik van nature een vriendelijke en eerder bedeesde man ben. En zo gedraag ik mij meestal ook. Ik ben een Weegschaal en hou niet van conflicten. Ik creëer weliswaar drama in mijn films, maar in het echte leven probeer ik conflicten te vermijden. Ik hou van een rustige set. Dat is de manier waarop films volgens mij gemaakt moeten worden. Misschien heeft het met mijn Aziatische achtergrond te maken, maar ik heb een ontwikkeld gevoel voor beheersing en begrenzing. Evenwicht houden in plaats van echt voluit te gaan. In bepaalde omstandigheden kan het misschien nuttig zijn om je eens goed kwaad te maken, maar zelf ben ik daar niet goed in.

"Bij een conflict voel ik mij altijd slechter dan de andere partij. Als ik een film maak, wil ik graag geloven dat de cast en de crew niet zomaar komen werken omdat het nu eenmaal hun job is. Ik zie hen als mensen die mijn dromen volgen. Ze doen sowieso hun best, dus zie ik geen enkele reden om tegen hen te gaan schelden. Wat ik wél belangrijk vind, is dat ik goed kan uitleggen wat ik van hen verlang. Dat ik het zelfvertrouwen uitstraal van iemand die weet wat hij wil. En als ik de behoefte zou voelen om die muur daar een trap te geven, dan hoeft daar niemand bij te zijn. Dat doe ik wel als ik alleen ben (lacht)."

Life of Pi draait vanaf woensdag 19 december in de Belgische bioscopen.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234