Maandag 23/09/2019

'Een stomp in je maag, dat is het hoogste goed'

Felix van Groeningen (38) kent maar één manier van werken: monomaan obsessief. Film na film werd de regisseur de hemel in geprezen. Tot Belgica flopte aan de kassa. 'Ik probeer het een plaats te geven. Maar dat verwerkingsproces gaat nog even duren.'

Wanneer u dit leest, rijdt Felix van Groeningen door Frankrijk in een Volkswagen-busje. Vakantie, samen met zijn lief, actrice Charlotte Vandermeersch. Wanneer hij precies terugkomt, weet hij nog niet. "Als ik een telefoontje krijg uit Hollywood", zegt hij de dag voor zijn vertrek, in de Antwerpse koffiebar naast zijn appartement.

De filmregisseur is al anderhalf jaar in gesprek met het Amerikaanse productiebedrijf van Brad Pitt, Plan B. Om Beautiful Boy te verfilmen, de bestseller van The New York Times-journalist David Sheff over de drugsverslaving van zijn zoon.

Van Groeningen greep in 2014 dan wel net naast een Oscar voor zijn bluegrassdrama The Broken Circle Breakdown, zijn passage in Hollywood opende deuren aan de andere kant van de oceaan. Alleen laat de officiële 'go' op zich wachten. "Als die er komt, kan het plots snel gaan. Maar met al die privéfinanciers in Hollywood weet je nooit. Eigenlijk ben je pas zeker dat de job binnen is op het moment dat je aan het draaien bent."

Eerst dus een broodnodige pauze. Van Groeningen heeft het afgelopen jaar, of beter: de afgelopen jaren, keihard gewerkt. The Broken Circle Breakdown was amper af, of hij stortte zich al op Belgica, over twee broers die samen een café openen.

De verwachtingen waren hoog. Zeker sinds zijn verfilming van De helaasheid der dingen geldt Van Groeningen als een van Vlaanderens succesvolste regisseurs. Maar terwijl The Broken Circle 400.000 mensen naar de bioscoop lokte, viel de opkomst voor Belgica zwaar tegen: amper 86.000 bezoekers. De krantenkoppen lieten niet lang op zich wachten. Voor het eerst werden 'Van Groeningen' en 'flop' in dezelfde zin gebruikt.

Hij heeft afgezien, zegt hij. "Niet zozeer van het feit dat er minder mensen zijn gaan kijken. Ik heb het vooral lastig met het negatieve sfeertje dat nu rond de film hangt. Belgica heeft een paar prijzen gewonnen, zoals op het Sundance Festival, kreeg ook veel goede kritieken, staat wereldwijd op Netflix, maar dat vergeet iedereen omdat hij het minder goed heeft gedaan in de cinema. Terwijl de cijfers beter waren dan bij de gemiddelde Vlaamse film. Helaas ga je dan ook twijfelen. Het is een voortdurend gevecht: hoe zou het komen dat iemand er zo over denkt, terwijl ik het eigenlijk anders heb bedoeld?"

Meteen de reden waarom hij tot nu heeft gewacht om erover te praten. "Ik had tijd nodig om het een plaats te geven, erover na te denken. Wat heb ik met die film willen doen? Waar is het misgelopen?"

En: waar is het misgelopen?

Felix van Groeningen: "Ik weet het nog niet." (lacht)

Volgens producer Dirk Impens was de film te rock-'n-roll, 'te veel een middelvinger'.

"Elke nieuwe film is een reactie op de vorige. Uit vrees om in herhaling te vallen. Na een melodrama als The Broken Circle Breakdown wilde ik een maffere film draaien. Maar het is ook niet zo dat ik dacht: en nu ga ik me geen kloten aantrekken van het publiek. Zo wild is Belgica nu ook weer niet. In Vlaanderen gaan de mensen toch ook uit?"

Volgens Impens hebben jullie, achteraf bekeken, de promocampagne ook verkeerd aangepakt.

"Eén van de redenen die ik vaak gehoord heb, is dat mensen dachten dat de film toch op Netflix stond. Dat was zo, wereldwijd, maar niet in België. Een communicatieblunder.

"De verwachtingen waren ook torenhoog. Dat heeft met vorige successen te maken, maar inderdaad ook met de groots opgezette campagne. Je wilt zo veel mogelijk mensen warm maken voor je film. Ik wil geen films maken voor een niche, maar voor iedereen. Maar zo'n campagne kan zich ook tegen je keren. We hadden het misschien beter wat kleiner gespeeld. Helaas bestaat er niet zoiets als een gouden formule. Ik probeer eruit te leren, en mee te nemen naar de volgende film. Tenminste, als de mensen nog vertrouwen in mij hebben."

Twijfel je daar echt aan?

"Ik stel mezelf constant in vraag, ben een eeuwige twijfelaar. Zo zit ik in elkaar. Zo komen mijn films ook tot stand. Vermoeiend, maar het is niet anders."

Ben je zelf tevreden over Belgica?

"Het was van meet af aan mijn doel om er een universeel thema in te steken: hoe je als mens met jezelf geconfronteerd wordt als de dingen niet gaan zoals verhoopt. Dat café wordt groter vanuit een goesting en ambitie, maar krijgt daardoor onverwacht ook iets negatiefs. Plots wordt het een echte dancing en zien ze zichzelf Marokkanen weren aan de deur. Ik wilde vanuit het kleine universum van een café naar de wereld kijken, en hoe die verandert. Natuurlijk wil je iedereen toelaten, maar kun je dat aan? En als je het niet doet, wat zijn dan de gevolgen? Ik ben er zelf nog niet uit of dat gelukt is of niet.

"Tijdens de montage zag ik het even niet meer. Zat ik met de vraag: wat wil ik hier nu eigenlijk vertellen? Plots werd ik bang dat het een rechts pamflet zou worden. Wel het laatste wat ik wilde. Soms neem je te veel hooi op je vork en verlies je jezelf en je doel uit het oog."

Was het de eerste keer dat dat je overkwam?

"Nee, het hoort erbij. Tijdens het draaien is het gaan, opbouwen, maar in de montage bekruipt je plots het gevoel dat je niet meer terug kunt. Tot dan zit het allemaal in je hoofd, en plots moet het eruit en moet je keuzes maken.

"Bij het monteren van The Broken Circle had ik dat ook. 'Fuck, dit gaat echt niet goed komen, ik heb foute keuzes gemaakt, ik was gek om te denken dat het allemaal zou samenkomen, die muziek is er te veel aan, dit gaat klef worden, dit gaat een monster worden, dit is het slechtste ooit.'

"Maar je volgt je instinct en uiteindelijk wordt het wat het moet worden. Ook Belgica had ik achteraf bekeken niet anders kunnen maken. Eigenlijk ben ik superwaanzinnig trots op die film. Ik heb er harder aan gewerkt dan aan welke film ook. Als er dan zo'n negatieve sfeer rond ontstaat, moet je door een verwerkingsproces. Dat kan nog even duren ook. Bij elke film heb ik tijd nodig om hem los te laten. Dit is nog pril."

Je vijf langspeelfilms zijn net gebundeld tot één grote dvd-box. Bekijk je ze zelf vaak opnieuw?

"Mijn vaste monteur, Nico Leunen (de man die ook het debuut van Ryan Gosling monteerde, KVDP), is ooit met de traditie gestart om na elke afgewerkte film samen naar de vorige te kijken. Als afrondend ritueel. Relativerend en confronterend tegelijk.

"Tijdens het monteren zie je op een bepaald moment alleen de fouten. Achteraf veel minder. Dan past het plots wel in de tijd. Je hebt er dan ook zo lang aan gewerkt dat elke cut, elk woord deel is geworden van je lijf. Dan vergeef je makkelijker."

Langspeeldebuut Steve + Sky was in 2004 meteen goed voor een culthit. Van Groeningen was amper 26, pas afgestudeerd aan het KASK in Gent, maar plots kende iedereen in het filmwereldje zijn naam.

"Ik heb het geluk gehad dat ik Dirk Impens vroeg ben tegengekomen. Hij had mijn afstudeerwerk gezien, geloofde in mij en zorgde voor de middelen. De films die toen gemaakt werden, waren niet mijn genre. Eerst dacht ik dan ook dat mijn werk nooit in die Vlaamse filmwereld zou passen. Maar blijkbaar sloeg het toch aan."

Wat stoorde je dan zo aan de Vlaamse films?

"Te klassiek. Te afgeborsteld. Ik miste authenticiteit. Sommigen bleven steken in een Vlaamsigheid, anderen probeerden de Amerikaanse films na te doen. Maar dan krijg je iets gekunsteld. Ik geloofde nooit dat die films zich echt hier afspeelden.

"Terwijl andere filmmakers het zo schoon en proper probeerden te doen met een klein budget, zag ik eerder schoonheid in het ruwe. Documentairestijl. Maar het gaf je wel een echt gevoel, het gevoel dat je er middenin zat."

Dat Van Groeningen ooit 'iets' met film ging doen, wist hij al als kind. Toen Urbanus nog zijn grote voorbeeld was, en Hector zijn favoriete film. Eerst zou hij acteur worden. Tot hij besefte dat je daar ook audities voor moest doen. "Vreselijk. Ik stond daar tussen supervlotte kinderen en klapte zelf volledig dicht. Eloquent ben ik nooit geweest."

Rond zijn zestiende realiseerde hij zich dat verhalen vertellen meer zijn talent was. Hector maakte plaats voor rauwere films als het seks- en drugsrelaas Kids. "Die film heeft me echt weggeblazen. Je werd volledig in een andere, voor mij onbekende wereld gezogen. Zoiets wilde ik ook maken."

Eerst volgde nog een tussenstap in het theater. Als jonge twintiger richtte hij met enkele vrienden het gezelschap Kung Fu op. Met hun eerste productie gingen ze meteen op Europese tournee. "We zaten in hetzelfde huis als theatermakers Alain Platel en Arne Sierens. Mannen die ook de wereld afgingen met hun stukken. Dan denk je: als zij dat kunnen, waarom ik niet? Dan leg je de lat even hoog. Is dat ambitie? Branie? Dat zal dan wel. Het lukte gewoon. En het is blijven lukken."

Vind je dat je met elke film beter wordt?

"Steve + Sky was een experiment. Schoon, maar ik verloor me soms in details. Daarom heb ik met opvolger Dagen zonder lief bewust voor meer verhaal gekozen. In het algemeen heb ik geleerd om meer naar de wereld te kijken. Meer voor de grotere, existentiële thema's te kiezen. Je afkomst, de dood, onvervulde dromen. Thema's die mensen op een dieper niveau aanspreken. Waar ik zelf van denk: fuck, dat raakt me zo diep dat ik er een paar jaar van mijn leven aan kan spenderen.

"Als ik naar een film kijk, wil ik zelf ook graag die stomp in mijn maag voelen. Dat is het hoogste goed. Als jonge gast was ik daar nog wat bang voor. Sommige regisseurs doen tien jaar over hun debuutfilm, tot die steengoed is. En ja, soms helpt dat om de weg te plaveien. Maar als ik dat had gedaan, had ik nu wellicht nog geen vijf films gemaakt."

Elke film lijkt samen te vallen met een levensfase: de zoekende twintiger, de gefrustreerde dertiger die zich afvraagt waar zijn jeugd is gebleven, de pijn van volwassen worden.

"Omdat je daar zelf door moet wellicht. Ik broed nu op een project over de midlifecrisis. Ik heb die zelf gelukkig nog niet, maar besef dat het er ooit wel van zal komen. Dus kan ik er maar beter op anticiperen."

Maar hoe hard vallen je films samen met je eigen leven?

"Er zitten duizend dingen in mijn films die echt van mij komen. Die over mijn pa, ma of lief gaan. Soms merk ik pas na het schrijven: die discussie heb ik letterlijk met Charlotte gevoerd. Ik ga niet zeggen welke. Ik vind het net fijn dat alleen ik dat zie. Films maken is mijn manier om het over mezelf te hebben zonder het over mezelf te hebben. Ik leg het misschien wat raar uit. (lacht)

"Als je mijn films naast elkaar legt, gaat het achteraf bekeken wel vaak over afkomst. Waar kom ik vandaan? Wat draag ik mee?"

Zijn jeugd was ongewoon. Hij komt een beetje uit een hippienest. Pa en ma Van Groeningen leefden negen levens. Het gezin woonde een tijd in een commune in Sint-Martens-Latem, trok langs Franse markten met zelfgemaakte handtassen, verhuisde naar een boerderij in het Oost-Vlaamse Knesselare, toevluchtsoord voor artistiekelingen als Roland Van Campenhout en Patrick Riguelle. Gezellig samen rond het kampvuur, al dan niet met een jointje erbij. Later begon vader Jo van Groeningen ook een café in Gent, beter bekend als de beruchte Charlatan. De inspiratiebron voor Belgica.

"Een superjeugd, nooit een saai moment", zegt Felix van Groeningen daarover. Al begonnen zowel hij als zijn broer Seppe in de puberteit al snel tegen hun vrije opvoeding te rebelleren. Elk op hun eigen manier. "Op een bepaald moment hunker je als jonge gast toch naar een iets klassieker gezin. Dat was ergens wel een gemis. Nog meer dan mijn broer had ik de nood om normaal te zijn, erbij te horen."

Zijn ouders waren, ook voor hun scheiding, dan wel believers in de vrije liefde, Van Groeningen heeft het meer voor de monogamie. "Geef mij maar een standvastige relatie."

Met zijn moeder Bea heeft hij nog altijd een heel hechte band. Zijn vader is tijdens de opnames van Steve + Sky gestorven aan de gevolgen van een levertransplantatie. Een week erna stond Van Groeningen weer op de set.

"De opnames konden niet stilgelegd worden. Had het gekund, had ik het wellicht ook niet gedaan. Gek hoe de dood je een vreemd soort energie kan geven. Het gevoel van: ik mag niet opgeven, ik moet door, de mooiste film proberen te maken. Voor hem. Steve + Sky is aan mijn vader opgedragen.

"Mijn pa was een maffe mens. Iedereen had hem graag, hij was de ideale cafébaas, ook al was hij niet per se sociaal." In dat opzicht lijkt de zoon op zijn vader. "Hij was niet iemand die constant tussen de mensen moest, kon en wilde zijn. Ik ook niet." Maar ondertussen heeft de regisseur tijdens het gesprek wel al minstens acht voorbijgangers en buurtbewoners vrolijk toegewuifd.

Kriebelt het nooit om het wilde levensverhaal van je ouders in een film te gieten?

"Ik heb zin om ooit nog iets over mijn moeder te doen. Ze lag recentelijk in het ziekenhuis. Kanker. Gelukkig allemaal op tijd weggehaald. Maar we hebben daar wel maanden in een kafkaiaans doolhof van een ziekenhuis vertoefd. Daar wil ik graag nog een film over maken. Voor elk pijntje hebben we wel een pilletje en toch loopt er zo veel gruwelijk fout. Chaos, foute diagnoses, mensen die de verantwoordelijkheid doorschuiven en je van het kastje naar de muur sturen, overwerkt en dus gestrest personeel. Zoiets ontleden lijkt me boeiend.

"Een een-op-eenverhaal over mijn ouders vind ik dan weer minder interessant. Dan gebruik ik liever stukjes waar ik dan een eigen draai aan geef. Zoals in Belgica."

Kwamen de tegenvallende cijfers van Belgica nog harder aan omdat de film geïnspireerd was op je vader?

"Niet echt. Het verhaal zelf ging niet over mijn vader, of mijn jeugd. Belgica was een vreemde mix. Ik heb twee werelden proberen te mengen, iets reëel en iets fictief. Al had ik tijdens de montage wel een moment waarop ik zo terug in de tijd werd gekatapulteerd. Opeens had ik het gevoel dat ik terug in dat café van mijn vader was."

'Mijn vader heeft lang niet in mij geloofd', zei je ooit in Humo. Hij vond je niet zo artistiek.

"Het heeft even geduurd voor hij zag dat ik mijn weg wel vond in die wereld."

Je zei toen ook: 'Eigenlijk had hij gelijk.'

"Het is natuurlijk een beetje raar om van jezelf te zeggen dat je niet artistiek bent als dat net je beroep is. Ik heb er al vaak over nagedacht. En ik denk dat mijn films eerder gedefinieerd worden door wie ik ben, dan door de artistieke keuzes die ik maak. Door mijn liefde voor mensen, en hoe ik met mensen omga. Aan Steve + Sky hebben mijn moeder en beste maat meegewerkt, en mijn toenmalig lief speelde de hoofdrol. Dat was een supertijd. En als ik met mensen nauw samenwerk, begin ik die mensen ook graag te zien. Zo zit ik in elkaar."

Je bent geen bullebak op de set, zoals collega-regisseur Adil El Arbi zichzelf ooit omschreef.

"Ik ben zeker geen roeper, eerder megagefocust. De eerste dagen op een set ben ik zelfs wat timide. Dan is alles nog een beetje intimiderend en scary. Wel ben ik al meer relaxed dan vroeger. Als ik het even niet meer weet tijdens een scène, steek ik dat niet meer weg. Vroeger probeerde ik dan krampachtig daadkrachtig over te komen. Want: 'Oei, iedereen kijkt naar mij, ik moet iets beslissen.'

Nu gooi ik het gewoon open naar de rest van de crew: wat denken jullie ervan?

"Ik heb helaas geen trucs om een bepaalde performance uit acteurs te halen. Behalve misschien de camera laten lopen tot het erop staat. Take na take. Emotie is mijn enige barometer op de set. Als ik begin te blèten, is het goed. Ook van het lachen. Dan kunnen we naar de volgende take. Ik geef niet snel op. Dat is misschien nog mijn grootste troef."

En wat is je beste gebrek?

"Dat ik monomaan ben. Soms op het autistische af. Perfectionisme gecombineerd met de onkunde om iets los te laten. Als ik met iets bezig ben, kan en zal ik het niet neerleggen.

"Het helpt me bij mijn werk, maar ik zie er persoonlijk wel van af. Ik zou graag meer tijd nemen voor sociale dingen. Maar vaak schiet dat er als eerste bij in. Telkens als er een familiefeest aankomt, zweer ik bij mezelf dat ik alles zal doen om erbij te zijn. Maar als ik dan de deadline niet haal die ik mezelf voorop heb gesteld, bel ik toch af. Tja, streng voor mezelf.

"Ik maak daar wel dingen mee kapot. Dat besef ik. Charlotte is ook een keiharde werkster, maar zij zal er wel altijd voor zorgen dat ze op vrienden- en familiebijeenkomsten raakt. Desnoods door zich dubbel te plooien. Daarin leer ik van haar, althans in het streven."

Denk je er ooit over om, naar het voorbeeld van je ouders, van de ene op de andere dag iets totaal anders te gaan doen?

"Regisseren is zo allesomvattend dat ik het mezelf nog lang zie doen. Alleen vraagt het veel van mij. Een film kan ook lang duren. Ik heb de voorbije jaren vaak van stresspunt naar stresspunt geleefd. Die adrenaline kan soms wijs zijn, maar bij momenten wordt het ook te veel. Tijdens het filmen van Belgica moest ik ook een volgend, niet nader te noemen project in gang steken dat niet kon wachten. Voor een monomaan iemand is dat de hel. Het vreet energie, waardoor je nog weinig fut over hebt voor andere dingen en je jezelf begint af te sluiten. Dat doe ik dus niet meer."

Toch droom je van meer en groter. Van Hollywood.

"Als zo'n kans zich aandient, moet je die wel grijpen."

Wat trekt je dan aan: de roem, de sterren of het geld?

"Geloof het of niet: het budget is niet zo'n grote factor. Hollywood of België: geld heb je toch altijd tekort. Grotere acteursnamen kosten ook meer. Als kind had ik al een fascinatie voor Amerika. Zo uitgesproken en extreem, en tegelijk zo politiek correct en puriteins. Het is gewoon een andere wereld, een andere schaal. Met superinteressante projecten en mensen."

Wie prijkt er bovenaan je wishlist van Hollywood-acteurs?

"Te veel om op te noemen. Daarbij: ik noem niet graag namen."

Erik Van Looy ging je voor met zijn remake van The Loft. Twee jaar later regent het nog steeds grappen over de flop.

"Dat houdt me niet tegen. Ik ben heel afwachtend en voorzichtig. Hoge bomen vangen veel wind. Dus ik loop er zeker niet mee te koop. Dan is het geen ramp als het niet goed uitdraait."

Liever een kleine vis in een grote vijver, of andersom?

"Liever een gróte vis in een gróte vijver. (lacht) Niet dat ik vind dat Vlaanderen plots 'te klein voor mij' is geworden. Integendeel. Je hebt hier veel vrijheid en controle. Wat sowieso al een stuk minder is in de VS. Na de Oscars kreeg ik plots veel projecten aangeboden. Dan is het belangrijk om het hoofd koel te houden en niet toe te happen bij de eerste de beste kans."

Dat vergt toch de nodige wilskracht?

"In mijn geval zelfs niet. Want wat heb je aan een grote acteur in je film als je niet eens in het project gelooft? Dan kan het resultaat niet anders dan slecht worden. En dat is nog veel erger voor je carrière. Ik ga niet naar de States om er een derderangspolitiefilm te draaien. Hoe ga ik daar het verschil mee maken?"

Zelfs niet voor een grote villa?

"Ik heb niets tegen een grote villa. Maar ik heb nog nooit iets voor het geld gedaan, en ga daar nu ook niet mee beginnen. Ook roem is fijn, maar dan eerder in de vorm van erkenning."

De heisa rond Belgica heeft je zelfvertrouwen niet aangetast?

"Je moet daar door en dat heeft tijd nodig, zoals ik al zei. Maar echt schade berokkend? Dat denk ik niet. Bij The Broken Circle Breakdown heeft het succes ook even op zich laten wachten. In het begin waren de reacties op buitenlandse festivals nogal lauw, en kijk nu.

"Het leuke aan films is dat ze blijven bestaan. Ik vertrouw erop dat Belgica zijn publiek nog wel zal vinden. Verder heb ik altijd films gemaakt die ik wilde maken, en dat zal ik blijven doen. Waar dan ook."

De Felix van Groeningen Collection, een dvd-box met al zijn films, is nu uit bij Lumière Lees de vorige afleveringen op demorgen.be/fenomenen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234