Donderdag 01/12/2022

Een sterftecijfer op twee benen

In net iets meer dan een half jaar heeft Jonathan Sonnst twee moordende misdaadromans geschreven, Deadline en Dansende asse. Het ziet ernaar uit dat hij aan een opvallende en zeker ook moordende reeks begonnen is. Want aan lijken, rondvliegende kogels en de stank van cordiet is er geen gebrek.

Jonathan Sonnst

Dansende asse

Van Halewyck, Leuven, 301 p., 798 frank.

Dansende asse sluit aan bij het debuut van de Vlaamse auteur Jonathan Sonnst (25, een pseudoniem), Deadline. Hoewel het verhaal in de loop van de thriller nog eens dunnetjes over wordt gedaan, is het niet altijd makkelijk meteen de draad op te nemen en te weten wat er allemaal precies is gebeurd. En vooral waarom. Maar goed, wie Deadline gekocht 'en liefst gelezen heeft' krijgt van de auteur meteen een woordje van dank. Sonnst is blijkbaar een beleefde en welopgevoede schrijver.

Stukken beleefder dan zijn helden, twee professionele moordenaars, Robinson Lansing (zij) en Hilton (hij, "een sterftecijfer op twee benen"). In het debuut van Sonnst werken ze voor een onduidelijke Britse organisatie, Johannesbroodboom. Ze vormden lange tijd een duo en werden minnaars. Maar de psychopathische moordzucht van haar paranoïde partner was voor Robinson te veel en ze trok zich terug in, of all places, het bucolische Vlaamse Meetjesland. Iedereen, ook de top van de schimmige maar almachtige Britse organisatie, dacht dat ze dood was. Tot de baas het Meetjesland en Bassevelde op de kaart vindt, Robinson een laatste opdracht geeft en haar meteen chanteert: ze moet Hilton (hij werd als baby achtergelaten bij een hotel van die keten, vandaar zijn naam) doden. Anders wordt haar adoptief dochtertje vermoord.

Op zijn best was Deadline een mix van geweld, humor en avontuur. Best leuk omdat Sonnst vrijgevig citaten van Springsteen, Nirvana, Brecht, Voltaire en Solzjenitsyn rondstrooide. Ook leuk omdat het boekje maar zo'n tweehonderd bladzijden telde en je het uit had voor je kon beginnen te geeuwen.

In Dansende asse doet Jonathan Sonnst het allemaal nog eens over. Dunnetjes, maar vooral veel te lang en te traag. De vaart van zijn debuut haalt hij niet meer. Robinson en Hilton doen nu hun ding voor Oberon, alweer een schimmige organisatie die onbeperkte macht heeft. "Enkele visionairen voorzagen na de Tweede Wereldoorlog de opdeling van de wereld in twee machtsblokken, en de problemen die daaruit zouden voortvloeien. Ze gingen samen aan tafel zitten om ervoor te zorgen dat er minstens één kanaal zou behouden blijven om met elkaar te overleggen. Uit dat verbond, waarbij weldra alle belangrijke wereldnaties aansloten, ontstond Oberon," legt Sonnst in een pedagogisch tussendoortje uit. En dus moeten Robinson en Hilton vermijden dat terroristische organisaties een door de beschaafde wereld verboden wapen (een blindmakend superlaserkanon) gaan kopen bij een handelaar zonder scrupules, een Britse lord die ook nog een platenmaatschappij en een pornobedrijf runt. Mogelijke kopers zijn, wat dacht u, natuurlijk onder meer duistere krachten in het Midden-Oosten en Ierland.

Het verhaaltje is ondraaglijk licht, maar om het verhaaltje is het ook niet te doen. Sonnst wil in de eerste plaats parodiëren, en het moet gezegd, hij doet dat op een heel ondubbelzinnige manier. Hij drijft de spot met de wereldomvattende plots van de James Bond-films en overgiet ze met een stevig tomatensausje uit de keuken van Quentin Tarantino. Dat wisten we al van Deadline. In Dansende asse steekt hij ook nog eens de draak met de technothrillers made by Clancy, de whodunit à la Agatha Christie, de spionageverhalen van le Carré uit de periode van de Koude Oorlog, de avonturenromans van MacLean, de roman noir... Veel blijft er niet over.

Soms schrijft hij dat met veel panache en beeldrijk ("Draag je daar een wapen in je short of ben je gewoon blij me te zien?"), andere keren wat grof, flauw en belegen. Belegen: het mopje over de talentloze popmuzikant die een instrumentenwinkel binnenloopt en zegt: ik wil die rode tuba en die witte accordeon. Zegt de handelaar: mijn brandblusapparaat mag je hebben, maar van de radiator blijf je af. Flauw (over de laserstraal): "Het was hem niet licht vergaan, of juister: hij was met het licht vergaan." Over een vrouw met scherpe gelaatstrekken: "Azra dacht vaak dat als iemand die neus van haar zou afhakken en in Sankt Moritz neerpoten, er ter plekke een nieuwe zwarte piste zou oprijzen."

Al dan niet geslaagd, u kunt zelf kiezen. Erger is dat Sonnst na een knappe start in de plot verdwaalt en dat je halfweg nog nauwelijks belangstelling hebt voor wat er verder moet gebeuren. Van de weeromstuit vind je ook de grollen niet zo plezant meer.

Is Dansende asse het spreekwoordelijke moeilijke tweede boek geworden? Ik vrees het. Maar het lijkt erop dat Sonnst ook in een doodlopend straatje is beland. Parodie wordt al snel een beest dat zichzelf verslindt en dan blijft er in dit geval niet veel meer over dan gratuit (bestaat er ander?) geweld. Of toch nog: de heerlijk mooie citaten uit de poëzie van Fernando Pessoa in het prachtige Nederlands van August Willemsen. En niet Willemse, zoals Sonnst schrijft. Parodie?

Fred Braeckman

Sonnst drijft de spot met de wereldomvattende plots van de James Bond-films en overgiet ze met een stevig tomatensausje uit de keuken van Quentin Tarantino

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234