Donderdag 13/05/2021

Een stem voor de Arabier

ROMAN. Met Meursault, contre-enquête dient de Algerijnse auteur Kamel Daoud Albert Camus fel van antwoord. De beklemmende biecht van de 'Arabier' schudt het perspectief op L'Etranger behoorlijk door elkaar. Een belangwekkende roman.

Is er een nieuwe literaire trend in de maak? Talloze vooraanstaande auteurs zetten tegenwoordig romans van eerbiedwaardige collega's naar hun hand of voelen de aandrang om een literaire geschiedenis compleet te herschrijven. Heiligschennis of een inventief spel?

Neem nu Kristien Hemmerechts. Zij ging in haar nieuwe roman Alles verandert vanuit vrouwelijk perspectief aan de slag met In ongenade van J.M. Coetzee, met als toetje enig dildofetisjisme. Connie Palmen ontpopt zich in haar nieuwe roman Jij zegt het dan weer als woordvoerder van Ted Hughes in zijn geruchtmakende liaison met Sylvia Plath. En dichteres Hagar Peeters laat in haar zojuist verschenen debuutroman Malva de dochter van Pablo Neruda de pen opnemen waar haar Chileense vader ze liet liggen.

Toch verbleken al deze remakes en sequels bij het exploot van de Frans-Algerijnse journalist-auteur Kamel Daoud (°1970). Hij schreef een vervolg op L'Etranger van Albert Camus. In zijn roman Meursault, contre-enquête (2014) geeft Daoud woorden en een gezicht aan 'Moussa', de nochtans naamloze door Meursault vermoorde Arabier.

Nihilisme

Daoud deed dat zo voortreffelijk en ingenieus dat zijn roman in Frankrijk tot extatische kritieken leidde. Niet alleen werd hij bekroond met de Prix Goncourt du Premier Roman, op een haar na moest hij de Prix Goncourt zelf aan Lydie Salvayre laten, terwijl hij intussen de vertalingen aan elkaar rijgt.

Helaas haalde Daoud zich met het virulente boek ook een fatwa van de salafistische imam Abd El Fattah Hamdache op de hals. Het belet hem niet om in interviews de fundamentalisten, die ook in Algerije hun klauwen over de samenleving uitslaan, te tackelen.

Een verlengstuk breien aan Camus en hem zelfs van antwoord dienen? Dat is in veel opzichten gedurfd. De Franse klassieker, nog steeds verplichte kost bij alle scholieren in Frankrijk, heeft een status van onaanraakbaarheid. Camus beschouwde L'Étranger (1942) samen met Le Mythe de Sisyphe (1942) en het toneelstuk Caligula (1944) als zijn 'trilogie van het absurde'. De in Algerije geboren Camus dubde voortdurend over de zinloosheid van het bestaan, die ons paradoxaal genoeg de kans biedt om alles toch weer betekenis te geven.

In De vreemdeling overheerst een onthecht soort nihilisme. De stijl is kaal en ongepolijst. Het blijft een onbehaaglijk stemmend boek, waarin het hoofdpersonage, de pied noir Meursault, het leven bijna stuitend onverschillig tegemoet treedt. De dood van zijn moeder raakt hem nauwelijks, de liefde van zijn vriendin evenmin. En wanneer hij op het strand een 'Arabier' doodschiet, laat hij zich in het proces gewillig naar het executiepeloton leiden, zonder zich te verantwoorden of te verdedigen. Of toch. Hij wijst de 'enorm hete adem' van de zon als medespeler aan. 'Het leek me of de hemel zich over zijn volle lengte opende om vuur te laten regenen. Mijn hele wezen spande zich en mijn hand verkrampte om de revolver.'

L'Etranger is een roman à thèse, waarin Camus op subtiele wijze zijn filosofieën uitkristalliseerde.

Van links naar rechts

Maar waarom wilde Daoud per se L'Etranger op de schop nemen? Al op jonge leeftijd raakte Daoud, afkomstig uit een straatarm gezin, gefascineerd door de Franse taal en in het bijzonder door het oeuvre van Camus. Meursault, contre-enquête kreeg vorm toen Daoud voor de zoveelste keer door een journalist aan de tand werd gevoeld over de kwestie of Camus nu een Fransman of een Algerijn was. Vreemd genoeg stelde niemand hem ooit een vraag over de 'Arabier' in L'Etranger. Nochtans komt het woord 'Arabier' in de roman 25 keer voor, zonder echte contouren te krijgen.

Dat was ook de essayist Edward Said opgevallen: "De Arabieren in La peste en L'Etranger zijn niet meer dan wezens zonder naam, een soort achtergronddecor." Het stoorde ook Daoud bovenmatig. In zijn krant Le Quotidien d'Oran schreef hij er een kritisch artikel over, waarna het verzoek kwam om er een volwaardige roman van te maken.

'Het is heel eenvoudig: het verhaal moet herschreven worden, in dezelfde taal, maar dan van rechts naar links', staat er aan het begin van Moussa, of de dood van een Arabier, zoals de wat ongelukkig vertaalde Nederlandse titel luidt. 'Dat wil zeggen door te beginnen met het nog levende lichaam van de Arabier, de stegen die hem naar zijn einde voerden, en zijn naam, tot aan zijn ontmoeting met de kogel.'

Daoud schenkt een megafoon aan Haroen, de oudste broer van de op het strand neergeschoten Arabier, die in een kroeg in Oran aan het oreren slaat tegen een toehoorder, om zich 'te bevrijden'. Hij begiftigt zijn broer met de naam Moussa, Moussa Ouled Al-Assasse om precies te zijn, 'soms zeg ik de naam een paar keer achter elkaar, zodat hij niet oplost in het alfabet'. Daoud kiest weliswaar voor de bekentenis- en monoloogvorm van La chute, maar de roman loopt verder op vernuftige wijze parallel met L'Etranger. Hij heeft er zelfs voor gezorgd dat zijn boek exact hetzelfde aantal lettertekens bevat als Camus' meesterwerk.

Toch is Moussa, of de dood van een Arabier een feller verhaal. Het is tegelijk ode en aanklacht. Daoud zelf ziet het gematigder: "Mijn personage wil vrij zijn tegenover God, de geschiedenis, zijn moeder. Het boek is een schreeuw om vrijheid. (zie bijgevoegd interview)"

Zullen we echt te weten komen waarom Meursault de Arabier neerschoot? Nee, "want het relaas van Haroen staat, net als dat van Meursault, in het teken van de absurditeit", merkte Le Figaro in zijn recensie op. Regelmatig wordt er gealludeerd op een te herstellen 'evenwicht'. Dat komt er wanneer Haroen op zijn beurt een moord pleegt op een Fransman. Die blijkt even zinloos en willekeurig als de daad van Meursault. Meer nog, hij wordt er niet eens voor veroordeeld. 'Moussa's dood was onvoorstelbaar gratuit. En nu werd mijn wraak dat ook!'

Van de politieofficier krijgt hij te horen: "Je had die Fransman samen met ons moeten doden, in de oorlog, niet deze week!' Waarna Haroen wordt vrijgelaten.

In veel opzichten is Moussa, of de dood van een Arabier een spiegelschrift van Camus' meesterwerk. Maar het knappe is dat Daoud Camus bij momenten op de knieën dwingt, hem ter verantwoording roept. En erin slaagt actuele problemen op scherp te zetten - zonder in pamflettisme te vervallen.

Ontvlambaar

Kijk maar eens naar het slothoofdstuk, waarin je de pendant aantreft van de scène uit L'Etranger waarin Meursault een tirade houdt tegen de priester-aalmoezenier en het geloof. Hier zijn de imams het doelwit. Haroen, intussen een oude man, moet de neiging onderdrukken om op een minaret in Algiers te klimmen en 'te brullen dat ik vrij ben, dat God een vraag is en geen antwoord, en dat ik hem op eigen houtje wil ontmoeten, zo alleen als bij mijn geboorte of mijn dood'. Waarna een nog krachtiger uithaal volgt naar de godsdienstfanaten.

Het zijn die ontvlambare passages die Daoud pal in het vizier brachten van de fundamentalisten. Natuurlijk ontgaat hen de literaire ambiguïteit die in dit hele boek schuilt, in deze bespiegeling over schuld en boete, over wraak en wederwraak en over de escalatie van absurdisme, geschreven in een krachtige, vurige taal die - hoe rechttoe rechtaan ook - minder kaal is dan bij Camus. Zo is dit boek meer dan louter een spitsvondig idee om een classic te herijken. Deze roman bezit alle troeven om zelf tot een monument van de Frans-Algerijnse literatuur uit te groeien.

Interview met Kamel Daoud

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234