Donderdag 28/01/2021

Een springkasteel als statement

In het rijke en deftige Hamburg gebeurde afgelopen donderdag het onvoorstelbare. Bij de opening van het Sommer Festival kreeg artistiek leider Matthias von Hartz de verzamelde politici en kunstminnaars zo gek om zich te laten gaan in een springkasteel. Het startschot voor een klein, maar goed doordacht festival dat een vooruitblik biedt op wat later bij ons te zien zal zijn.

Klein maar weldoordacht Sommer Festival in Hamburg biedt mooie preview op Vlaams dansseizoen

Hoe Von Hartz dat kunstje flikte? Het springkasteel is niet zomaar een springkasteel, maar White Bouncy Castle van de Amerikaanse choreograaf William Forsythe, Dana Caspersen en componist Joel Ryan. En Forsythe is in heel Europa, maar vooral in Duitsland, een megaster onder de choreografen.

Het kasteel lijkt als twee druppels water op springkastelen voor kinderen, maar is spierwit. En het heeft gigantische afmetingen: 40 meter lang, 16 meter breed en ongeveer even hoog. Daardoor was dit object uit 1997 nog maar zelden te zien. De vroegere loods Deichtorhalle, het fotografiemuseum van Hamburg, biedt echter voldoende ruimte om het ding tot zijn recht te laten komen. Forsythe noemt het een “choreografisch object”. Elke bezoeker wordt immers danser van zijn eigen voorstelling. Hier is niemand toeschouwer, maar iedereen choreograaf, aldus Forsythe.

Alle joligheid ten spijt las Matthias von Hartz zijn publiek duchtig de levieten in zijn openingsspeech. Als tweede grootste en vooral rijkste stad van Duitsland heeft Hamburg bitter weinig interesse voor cultuur en des te meer voor privatisering en besparingen, stelde hij. Hij heeft een punt. Toen in juli de premier van Hamburg, Ole von Beust, onverwacht ontslag nam, stapte zijn minister van Cultuur Karin von Welck mee op. Om besparingsredenen overweegt de stad nu om die ministerpost te schrappen in de Senat, de Hamburgse regering.

Veel artiesten vluchtten dan ook richting Berlijn. Door die krenterigheid botst ook het succesvolle Sommer Festival tegen zijn financiële grenzen aan. Een stad die wel drie keer zo groot is als Brussel moet het doen met een veel kleiner festival, grommelt Von Hartz. Hij deed een uitstekende job sinds hij drie jaar geleden artistiek leider werd van het festival, dat wordt georganiseerd door Kulturfabrik Kampnagel, gehuisvest in de loodsen van de gelijknamige voormalige kranenfabriek.

Het festival brengt vooral artiesten die aan de spits staan van de artistieke ontwikkelingen in podiumkunsten, maar begeeft zich ook voorzichtig op het terrein van de beeldende kunst. Dit jaar stond hier bijvoorbeeld The Crossing, een oude maar mooie video-installatie van Bill Viola. Daarnaast richt het festival elk jaar de schijnwerpers op brandende maatschappelijke vraagstukken. Dit jaar wordt onder meer een reeks seminaries gewijd aan het thema water. Van dat thema vind je ook sporen terug in het programma. Zo is er de leuke installatie Eiland van het ensemble Ligna. Ze laten je met een lichtjes verwarrende geluidsband een half uur alleen op een piepklein eilandje in een reusachtig Alstermeer, midden in de stad.

De grote publiekslokkers zijn echter de podiumkunstenaars. De komende weken kan je hier al proeven van Big Bang, het nieuwe werk van Philippe Quesne dat ook Vlaanderen aandoet. Jérôme Bel toonde hier het hartveroverende dansersportret Cédric Andrieux (volgend seizoen in Kaaitheater) en Forced Entertainment staat er met de herneming van And on the thousandth night. Top of the bill was de première van de nieuwe versie van Life and Times - Episode One van de Amerikaanse groep Nature Theater of Oklahoma (NTO). De tekst van het stuk is een onverkorte weergave, ah’s en euh’s inbegrepen, van de jeugdherinneringen van groepslid Kristin Worrall. Hoe onwaarschijnlijk het ook lijkt, uit de eerste twee uren van die orale mémoires puurden regisseurs Pavol Liska en Kelly Copper drie uur musical. Componist Robert M. Johansons score plundert vrolijk uit Amerikaanse populaire muziek van de laatste eeuw maar geeft daar een eigenzinnige draai aan met zijn extreem eenvoudige instrumentatie. Even eigenzinnig zijn de acties van de zangers en de kostuums. Die verwijzen onverbloemd naar de Russische avant-garde van de jaren 1920. Het werk verdeelde het publiek in twee kampen. De ene helft liep onbegrijpend weg, de andere brak van enthousiasme zowat de zaal af. Wachten wat dat geeft als NTO naar Brussel komt in september.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234