Donderdag 13/05/2021

Een spelletje Monopoly dreigt uitgeverij Epo fataal te worden

De linkse Antwerpse uitgeverij Epo ziet haar voortbestaan bedreigd door een schadeclaim die de Amerikaanse multinational Hasbro aanspande wegens het gebruik van een Monopoly-bord op de cover van een boek. Bij Epo ontwaart men de hand van niemand minder dan de Amerikaanse onderminister van Defensie Paul Wolfowitz, mikpunt in het boek en gewezen bestuurder bij Hasbro. 'Nee, dat is toeval', klinkt het daar.

Douglas De Coninck

Navraag leert dat er de afgelopen vier jaar ongeveer 4.000 exemplaren zijn verkocht van Monopoly - l'Otan à la conquète du monde. Het is een interessant boek, wat drammerig geschreven misschien, maar beslist niet gespeend van visionaire eigenschappen. Auteur Michel Collon ontwikkelde er een poos vóór 9/11 zijn stelling als zou de Amerikaanse betrokkenheid, via de Navo, bij het wapengekletter in de Balkan een voorbode zijn van een "mondiale oorlog", met landen als Irak en Afghanistan als volgende halteplaatsen.

Zeker één exemplaar moet de hele weg hebben afgelegd tot aan de Amerikaanse oostkust. Uitgeverij Epo werd op 9 juli in alle stilte door een Parijse rechtbank veroordeeld tot het betalen van een schadevergoeding van 20.000 euro aan de Amerikaanse multinational Hasbro. Die was naar de rechter gestapt met een klacht wegens 'deloyale concurrentie' en meer bepaald een inbreuk op het patentrecht op Monopoly.

Hasbro verwierf jaren geleden de rechten op het in 1935 door Parker Brothers bedachte gezelschapsspel dat tot vandaag het meest meest gespeelde en meest verkochte ter wereld is. Op de cover van het boek prijkte echter een tekening van Gal, die het bord als achtergrond gebruikte. Hasbro eiste voor de rechtbank 265.000 euro. Met een paar supplementaire kosten erbij (publicatie van een vonnis in drie Franse kranten enz.) zou dat hebben betekend dat Epo 300.000 euro had moeten ophoesten.

Volgens de logica van de aanklacht gaat Hasbro ervan uit dat een consument die het boek koopt, wel eens zou kunnen denken dat hij een Monopoly-spel mee naar huis neemt. Epo tekende vorige week beroep aan tegen het vonnis en maakt zich op voor een nieuw rondje procederen. Ook Hasbro doet dat en hoopt alsnog 300.000 euro te vangen.

Bij Epo zit men geprangd tussen trots en angst. Trots, omdat het op zo bescheiden schaal verspreide boek kennelijk niet onopgemerkt bleef in de VS. Angst, omdat een veroordeling tot het betalen van 300.000 euro weinig anders zou betekenen dan het faillissement.

Hasbro is de grootste speelgoedproducent ter wereld. Waarom zou het bedrijf dat groot werd met Monopoly, Scrabble, Trivial Pursuit, My Little Pony, GI Joe, Beyblade, Playskool en alle plastic afgeleiden van Star Wars en Superman enige ambitie kunnen hebben om een vanuit Amerikaans perspectief lilliputachtig uitgeverijtje ten gronde te richten?

Auteur Michel Collon denkt het te weten: "Een van de bestuurders bij Hasbro, tot voor kort toch, is Paul Wolfowitz, de Amerikaanse onderminister van Defensie. Wolfowitz wordt door internationale waarnemers gezien als de ware architect van de oorlog in Irak binnen de regering-Bush. Hij komt uitgebreid aan bod in mijn boek. Het verscheen in 2000, de klacht volgde - toevallig - eind 2003. Ik was op dat ogenblik een van de initiatiefnemers voor die klacht, op grond van de Belgische genocidewet, tegen de Amerikaanse bevelhebber in Irak Tommy Franks. Ik hoef u niet te herinneren aan de commotie die toen ontstond tussen Washington en Brussel. Je moet blind zijn om het verband niet te zien."

Jos Hennes: "Het is Hasbro niet te doen om de verkoop van Monopoly, maar om de inhoud van het boek. Het is in België uitgegeven, maar ook verkocht in Frankrijk. Men koos bewust voor een Franse procedure, omdat justitie daar strenger toeziet op de bescherming van merknamen."

Het boek verscheen ook in het Nederlands, zij het als bundeling met een in 1992 verschenen werk van Collon (Poker Menteur). Hij zegt dat hij daarin Wolfowitz ontmaskerde als de evil genius die het Pentagon zo ver wist te krijgen om via duistere kanalen elke poging tot de vorming van een Europees leger te dwarsbomen. "Wij vergeten wel eens dat Epo een van de weinige linkse uitgeverijen in heel Europa is", aldus Collon. "De haviken in de VS zien heus wel het gevaar van werken zoals dat van Peter Franssen over 11 september (hij voerde daarin aan dat de WTC-aanslagen het werk van de CIA waren, ddc). Ze hebben nu blijkbaar beslist dat alle middelen goed zijn om Epo monddood te maken."

Volgens Hennes werd tijdens de rechtszaak duidelijk dat Hasbro drommels goed wist wat Epo is. "Zij weten ook dat er van dat boek vandaag hooguit nog 200 exemplaren circuleren, bij enkele kleinere boekhandels. Zij weten ook dat hun claim buitenproportioneel is. Toch zetten ze een bataljon advocaten op de zaak. Twintigduizend euro bij elkaar harken is voor ons al een hele onderneming, desnoods gaan we met de klak rond. Maar 300.000 euro? Dit is onze dood."

Bij het Europese hoofdkwartier van Hasbro in Frankrijk komen we na wat zoeken bij Pascal François terecht, directeur van de juridische dienst. "Politiek heeft hier niks mee te maken", zegt hij. "Monopoly is een gedeponeerd merk. Voor een bedrijf als het onze is het gewoon een plicht om erover te waken dat merknamen beschermd worden. Doen we dat niet, dat wordt zo'n merknaam binnen de kortste tijd een publiek goed. Het is waar, we hebben het bestaan van dat boek vrij laat ontdekt. Eind 2002 of in 2003, dacht ik. Ik heb hier een vrij beperkt budget voor rechtszaken. We vliegen erin als we denken dat we 'een zaak hebben'. Dat was hier absoluut het geval. Kijk naar die cover."

U eist wel erg veel centen voor een al jaren nergens meer te vinden boek.

"De hoogte van de geëiste som behoort tot de door onze advocaten gekozen strategie, daar kan ik weinig over zeggen. Dat het boek op zo beperkte schaal is verspreid en eigenlijk niet meer in de handel is, hebben we pas tijdens het proces vernomen."

Mooi, dan hebt u uw mening inmiddels bijgesteld?

"Luister, het Monopoly-bord is al jaren een begeerd goed bij reclamemakers en illustratoren. Het is mijn job om te waken over de merknaam. Wij spannen jaarlijks tientallen rechtszaken aan. In drie op de vier gevallen draait dat uit op een minnelijke schikking. Met Epo viel niet te praten. Ze sleepten er Paul Wolfowitz bij. We kregen te maken met een sabotageactie op onze website."

In Franstalig België circuleert een mailing waarin wordt opgeroepen te protesteren tegen uw rechtszaak.

"Oh, dat zal het dan geweest zijn. Bij onze dienst 'verkoop' kwamen allemaal rare mails binnen waardoor het computersysteem van die dienst problemen kreeg. Hoe dan ook, dit is niet wat wij een constructief gesprek noemen."

Wat dan wel?

"Wij vragen publieke excuses op de website van Epo. En de belofte dat dat boek niet meer in de handel komt, tenzij met een andere kaft. Meer vragen wij niet. Dit is een burgerlijke zaak. Op om het even welk moment kunnen wij de rechter laten weten dat er een compromis is bereikt en de procedure laten stopzetten."

En dat is ook wat Paul Wolfowitz wil?

"Mijnheer Wolfowitz heeft hier niks mee te maken. Hij is al vier jaar geen bestuurder meer bij Hasbro. Het enige wat hij hiervan afweet, is wat hem er achteraf over is verteld. In de VS vonden ze het een goede grap. Dat het uitgerekend zo'n boek moest zijn..."

Sounds nice. Bij Hasbro is een hoorbare vrees aanwezig dat consumenten in België en Frankrijk Monopoly en Scrabble gaan associëren met het buitenlandbeleid van Bush. "En dat is het ons ook niet waard", zegt François, die al brieven ontving van boze Belgische moeders. Zij kondigden aan dat ze straks bij Sint- en kerstaankopen eerst eens goed op de doos gaan kijken voor ze iets kopen.

"Dat moeten we juist stimuleren", vindt Michel Collon, die niets gelooft van de aanwezigheid van enige goodwill bij Hasbro. "We moeten ervoor zorgen dat iedereen weet dat als hij zo'n gezelschapsspel koopt, een man als Paul Wolfowitz verrijkt. Oké, hij zit daar niet meer in de raad van bestuur, maar meer dan schijn is dat niet. De verwevenheid tussen rechts-conservatieve Amerikaanse politici en bepaalde bedrijven is manifest. Kijk naar Dick Cheney. Is er iemand die in alle ernst gelooft dat er geen verband bestaat tussen de fortuinen die de multinational Halliburton verdient in Irak en het bestuursmandaat dat vice-president Cheney er tot in 2000 bekleedde?"

Vanuit Frankrijk heeft directeur Pascal François toch nog een boodschap: "U mag zeker mijn telefoonnummer doorspelen aan de mensen van Epo. Als ik kan besparen op de honoraria van de advocaten en dat geld gebruiken voor de aanpak van andere misbruiken van onze merknamen: graag. Win-win-situatie. Maar ik vind wel dat Epo ons moeten bellen, en niet omgekeerd."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234