Maandag 14/06/2021

Een schitterende kijk

op steentjes en stenen

Het glinstert en het snijdt. Het is een symbool en een gereedschap. Voor de een is het een romantische noodzakelijkheid, voor de ander een unieke materie, onmisbaar in wetenschap en industrie. Het Sanskriet heeft er hetzelfde woord voor als voor bliksemschicht. In het Nederlands heet het diamant. 'The Nature of Diamonds' belicht alle facetten van deze kostbaarste onder de edelstenen.

Jacqueline Goossens

Conservator George Harlow leidt ons door zijn diamanttentoonstelling. "Je kunt naar deze tentoonstelling komen om edelstenen te zien", zegt Harlow, "dat is okay. Ik hou er ook van. Maar deze tentoonstelling gaat over veel meer." Hij formuleert het bescheiden. 'The Nature of Diamonds' is een spectaculair feest voor het oog dat de eeuwenoude aantrekkingskracht, de geschiedenis, de wetenschap, de industrie en de literatuur van de diamant in detail uitdiept.

In een hoek kun je op een groot scherm een tekenfilm zien waarin uitgelegd wordt hoe diamanten omhoogschoten uit een zeldzaam soort vulkaan, wiens recentste explosie 53 miljoen jaar geleden plaatsgreep. In een andere hoek demonstreert een echte diamantbewerker hoe hij een onbewerkte steen omtovert tot een kunstvoorwerp. Tussendoor wordt onder meer getoond hoe men in Indië duizenden jaren geleden al op georganiseerde wijze naar diamanten zocht en hoe ze vandaar eeuwenlang werden uitgevoerd naar Europa, waar ze verwerkt werden tot juwelen en talismannen. Elders wordt uitgelegd hoe Indische ambachtslui al eeuwenlang diamant gebruikten om gaatjes te boren in kralen van heel harde steen. In Brugge werd menig diamant geslepen (de vroegste vermelding dateert van 1465), een ambacht dat vanuit Venetië was meegereisd langs de handelsroutes. De vroegste vermelding van diamanthandel in Antwerpen dateert van 1447. De diamantslijpers vormden maar een kleine groep en mochten niet toetreden tot het gildensysteem dat de goudsmederij controleerde en dus konden joden het beroep uitoefenen.

De grootste trekpleister van de tentoonstelling is ongetwijfeld de verzameling soms protserige historische diamanten en juwelen zijn. Er is de met diamanten bezaaide kroon van Peter de Grote, versierd met goud, zilver, smaragden, robijnen en sabelbont, een corsage dat keizerin Eugenie, de vrouw van Napoleon III, droeg en dat later de borst van diva Lucrezia Bori opsmukte. Er is de Krupp-diamant die Richard Burton aan Elizabeth Taylor gaf. Alles samen liggen er 200 stukken, sommige bezet met honderden diamanten.

Harlow noemt The Nature of Diamonds "de volledigste tentoonstelling die ooit over het onderwerp werd gehouden". De bezoeker kan inderdaad zoveel of zo weinig leren als hij wil.

Diamant is de hardste substantie die bekend is. Tachtig procent van de gemijnde diamant (er wordt ook synthetische diamant geproduceerd) wordt verwerkt in matrijzen en slijp- en snijgereedschap. De unieke structuur van het diamantatoom wordt hier geïllustreerd met een mooi uitgevoerd model dat mag worden aangeraakt.

Vlak voor we een namaak-diamanttunnel worden binnengeloodst zien we links van ons afbeeldingen van de geologische zones van diamantformaties. Eenmaal de tunnel uit komen we in de zaal waar de rol van de diamant in de geschiedenis van de mensheid wordt uitgelegd. Manuscripten uit de Oudheid en de Middeleeuwen beschrijven de magische en geneeskundige krachten van de diamant. Een collectie verfijnde sieraden illustreert de stijlevolutie van juwelen. In een 16de-eeuws ordeteken, met een afbeelding van Sint-Joris en de draak, zitten de hoge ruggen van de diamanten bedolven onder goud en email. Tegen de 17de eeuw echter zien de diamanten er al fijner geslepen uit. De verandering in ringen is opvallend. In een antieke Romeinse ring zit een ruwe, ongeslepen diamant. Volgens Harlow had dit te maken met het geloof dat diamanten hun genezende en beschermende krachten verloren als ze geslepen werden. In de collectie van vijf eeuwen verlovingsringen daarentegen worden de diamanten meer en meer opzichtig naarmate de ringen jonger zijn en de diamanten fijner zijn geslepen.

Wat verder wordt de geschiedenis van de diamantvindplaatsen uit de doeken gedaan. Indische diamanten werden van de markt verdrongen door Braziliaanse, die op hun beurt de plaats dienden te ruimen voor Zuid-Afrikaanse. In tien jaar tijd werden in dat laatste land meer diamanten gedolven dan tot dan toe in heel de rest van de wereld. De diamantkoorts begon toen een boerenzoon in 1866 een grote diamant vond aan de oever van een Zuid-Afrikaanse rivier. De steen werd Eureka gedoopt. Hij weegt 10,73 karaat en zal na deze tentoonstelling terugkeren naar zijn thuis in het parlementsgebouw van Kaapstad. De vondst van Eureka en de daaropvolgende explosieve groei van de Zuid-Afrikaanse diamantindustrie leidde tot een betere kennis van de oorsprong van dit edelgesteente.

Het zoeken naar diamanten blijft mensen fascineren. Een film vertelt het verhaal van een verbeten diamantzoeker die na jarenlange zoeken in 1890 eindelijk vulkanische diamantpijpen ontdekte in de Canadese wildernis. Zijn vondst bracht de grootste diamantkoorts aller tijden op gang. De beloning voor de obsessieve zoeker kon formidabel zijn. Getuige daarvan zijn de diamanten in de centrale kluis in de tentoonstelling. Hier liggen kanjers zoals de bijbel van Catharina de Grote, vervaardigd in Sint Petersburg in 1794, belegd met 2000 edelstenen waaronder 554 diamanten. Andere schatten zijn de 128,54 karaat wegende 'Tiffany', een van 's werelds grootste gele diamanten, en de 'Incomparable', een dikke reus van 407,48 karaat . Nog dit. Het strekt 'The Nature of Diamonds' tot eer dat er met regelmaat verwezen wordt naar de duizenden anonieme slaven en arbeiders die de tentoongestelde weelde mogelijk heb ben gemaakt. De sponsor van de tentoonstelling is tenslotte niemand minder dan De Beers, het befaamde en bij tijden beruchte Zuid-Afrikaanse diamantbedrijf.

'The Nature of Diamonds', tot 26 april in het American Museum of Natural History, Central Park West bij 79th Street, Manhattan. Zondag tot donderdag van 10 tot 17.45 u, vrijdag en zaterdag van 10 tot 20.45 u. Toegangsprijs: 12 dollar (ticket ook geldig voor de rest van het museum).

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234