Maandag 21/09/2020

Interview

"Een regering is machtig. Ik ben relevant"

Julie BynensBeeld Franky Verdickt

Ze is vijfendertig en nu al - na eurocommissaris Marianne Thyssen - de machtigste Vlaamse vrouw in de Europese instellingen. Toch kent amper iemand Julie Bynens, want als topdiplomate verkiest ze de luxe van de schaduw boven het voetlicht van de politiek.

Is Julie Bynens 'machtig'? Als hoofd van de permanente vertegenwoordiging van de Vlaamse regering bij de Europese Unie - zeg maar de Vlaamse ambassadeur bij de EU - is ze de belangrijkste diplomate van Vlaanderen in Europa, en misschien wel de belangrijkste diplomate van Vlaanderen tout court. Wat de Vlaamse regering nu precies vindt van dat hele plan-Juncker voor economisch herstel, verneemt de Europese Commissie uit haar mond. Dan ben je machtig, ja.

Zelf ziet Julie Bynens dat zo niet. Uiteraard niet. Een diplomaat spreekt nu eenmaal niet over zichzelf als machthebber. Welk woord verkiest ze dan om haar positie te omschrijven? "Relevant."

Julie Bynens: "We zitten hier op een sleutelpositie, op de brug tussen Vlaanderen en Europa. Alle politieke informatie die vanuit Europa relevant is voor de Vlaamse regering, passeert hier. Wij analyseren en adviseren, maar de macht om beslissingen te nemen ligt bij de regering. (glimlacht) Zij zijn machtig, wij zijn relevant."

De antwoorden rollen er vlot en gedecideerd uit. Maar ook weloverwogen en rationeel. Noblesse oblige: een diplomaat kan zich het voorrecht van een spontane eigen mening zelden veroorloven. Vraag haar naar de waarde van Europa, en ze doceert over het belang van samenwerking. Durft ze Europa dan niet gloedvol te verdedigen?

Ze wil niet vergeten waarom we ooit met de Europese Gemeenschap van Kolen en Staal begonnen zijn, antwoordt ze. "Om te vermijden dat we elkaar om de dertig jaar zouden afmaken in een wereldoorlog."

Bynens vindt het jammer dat we die verworvenheden vanzelfsprekend zijn gaan vinden. "Het gemeenschappelijk beheer van bevoegdheden is er juist gekomen om te vermijden dat nationale twistpunten zouden opspelen, niet om de burger vanuit Brussel te koeioneren."

Maar dat is wel wat 'Brussel' soms doet: burgers koeioneren.
Julie Bynens: "De complexiteit van de besluitvorming leidt tot veel wantrouwen. In Vlaanderen is die houding genuanceerd: zeven op de tien burgers wil nog altijd dat België lid blijft van de EU. Tegelijk vindt een meerderheid dat Europa een mobiliserend verhaal mist. Dat is een kritiek die ik begrijp. Europa heeft teveel het imago van een bureaucratie die een veelheid van regels uitscheidt.

"De kloof tussen burger en EU heeft veel te maken met de houding van nationale regeringen. Als de economie herstelt, steken ze de pluim graag op de eigen hoed; als er moet bespaard worden, dan is het allemaal de schuld van Europa. Europa doet ook veel goeds voor de mensen. Ook media hebben een rol te spelen in het bekendmaken van het hele plaatje."

Hét verhaal van Europa vandaag is de langzame weg naar economisch herstel. Het befaamde Europese Fonds voor Strategische Investeringen van commissievoorzitter Jean-Claude Juncker dat zo'n 315 miljard euro privékapitaal moet zien los te wrikken, is er het boegbeeld van. Ook voor Julie Bynens is deelname aan de worstelpartij over de miljardeninvesteringen de hoofdbezigheid.

"Dit is hét belangrijkste politieke verhaal van deze Europese Commissie. Dus is het normaal dat ook Vlaanderen probeert te wegen op de besluitvorming. Er liggen nog wel wat discussiepunten op tafel. Vanuit welke budgetten zal het waarborgfonds gefinancierd worden? Wordt voldoende bewaakt dat dit fonds iets toevoegt wat er nog niet was? Is de onafhankelijkheid van de beheerders gegarandeerd...

"We hebben bijvoorbeeld ook mee aangedrongen op de beperking van de levensduur van het fonds. Het is niet de bedoeling dat we weer een nieuwe structuur creëren die zichzelf vervolgens in leven houdt."

De Vlaamse europarlementsleden vragen haast unaniem dat het Juncker-fonds niet zou gefinancierd worden op basis van bestaande programma's voor onderzoek en ontwikkeling en transportstructuur.
"Wij delen die bezorgdheid. Vlaanderen maakt, met succes, veelvuldig gebruik van die subsidiefondsen, die dienen voor wetenschappelijk onderzoek en transportinfra- structuur. Het is ons gevoel dat er met die subsidies projecten worden gefinancierd die in het Juncker-fonds moeilijker aan bod gaan komen, omdat de verwachting van economisch rendement daar vooropstaat. Terecht, maar het zou niet ten koste mogen gaan van fundamenteel onderzoek."

Dat is nochtans wat gaat gebeuren. De Raad, waar België deel van uitmaakt, geeft geen krimp.
"Het zal moeilijk zijn om naar een totaal nieuwe financieringsbasis te gaan, dat klopt. De Europese meerjarenbegroting is goedgekeurd met unanimiteit van de lidstaten. Als we in die begrotingsrubrieken willen ingrijpen, hebben we opnieuw unanimiteit nodig. Dat is een onderhandeling waar niemand graag aan begint. Vandaar de keuze voor die fondsen.

"Maar binnen die subsidieprogramma's is er wel marge om te schuiven en te bepalen welk geld je precies reserveert voor het waarborgfonds. Het is aan ons om die marge te benutten. België trekt daar ook daadwerkelijk aan de kar."

Kan het Juncker-fonds de Vlaamse economie redden?
"Het Juncker-plan is meer dan enkel het investeringsfonds; het gaat bijvoorbeeld ook over het verbeteren van het Europese investeringsklimaat en het wegnemen van obstakels voor investeerders.

"Wat het investeringsfonds zelf betreft zal er veel afhangen van hoe de markt reageert. Vlaanderen heeft alvast zes werven aangeduid, prioritaire projecten - van Oosterweel tot scholenbouw - waarvan het wil onderzoeken of ze een kans maken om in aanmerking genomen te worden voor steun vanuit het fonds.

"Er liggen dus opportuniteiten, maar het waarborgen van privé-investeringen in moeilijkere projecten is niet de hoofdbekommernis van het Vlaamse beleid. Onze zorg is vooral dat de strenge begrotingsnormen overheidsinvesteringen belemmeren. Er gaat geen gesprek voorbij met de commissarissen Katainen of Thyssen zonder dat we dat punt maken." (lacht)

Waarna ze naar de orde van de dag overgaan.
"Het ligt moeilijk, maar het is ook helemaal niet de ambitie van de Vlaamse regering om de begrotingsorthodoxie los te laten. Er is schuld en schuld. Soms moet een overheid kunnen investeren in projecten die op termijn zullen bijdragen aan economische groei. Neem Oosterweel, of het kanaal Gent-Terneuzen. Voor zo'n projectfinanciering zou Europa soepeler mogen optreden dan voor schuld die gemaakt wordt om vaste uitgaven te financieren, zoals lonen van ambtenaren of onderwijzers."

U zit hier samen met de vertegenwoordigers van Brussel en het Waalse Gewest. België moet met één stem spreken in Europa. Lijkt me knap lastig.
"België ís natuurlijk een soort permanente diplomatieke conferentie, daar moet je niet flauw over doen. Tegelijk is het ook weer niet zo uitzonderlijk dat een lidstaat eerst intern tot een consensus moet komen over een Europees standpunt. Als het over klimaat gaat, moet de Nederlandse regering ook haar minister van Milieu en Economie op dezelfde lijn zien te krijgen. Bij ons is dat niet anders, alleen zitten die verschillende invalshoeken soms verspreid op verschillende bevoegdheidsniveaus.

"Wij werken goed samen, ook op cruciale dossiers zoals het Juncker-fonds of de vraag om flexibelere omgang met overheidsinvesteringen en schuldafbouw."

Wallonië wil niet van ggo's weten, Vlaanderen wel. Dan is het toch lastig compromissen sluiten?
"Die keuzes maakt de politiek. Wij kennen elkaars standpunt en respecteren dat. Het is niet onze taak om die standpunten te wijzigen, wel om ze zo veel mogelijk op elkaar af te stemmen. Met ideologie houden wij ons niet bezig. Wij maken erg weinig ruzie, ook met Europa trouwens.

"Diplomaten zijn geen politici, we hoeven elkaar niet te bekampen. We weten dat we met elkaar rond de tafel moeten gaan zitten, en dat zal ook zo blijven als morgen de politieke tekening er weer anders uitziet. Politici moeten zich concentreren op het verschil, wij op de gemeenschappelijke deler."

Toch is het een publiek geheim dat de federale diplomaten neerkijken op deelstaatdiplomaten.
"Dat sentiment herken ik niet. Ook toen ik nog in Genève zat, had ik dat gevoel niet. Belgische diplomaten gaan erg volwassen met elkaar om. We hebben elk onze bevoegdheid en we werken goed samen. Toen Rusland een handelsembargo oplegde dat ook Vlaamse landbouwproducten schade berokkende, zijn we samen met de Belgische ambassadeur naar de Europese commissaris gegaan om steunmaatregelen te bepleiten."

Wordt u als relatief jonge vrouw aanvaard in het corps diplomatique?
"Goed dat u de klemtoon legt op 'relatief'. (lacht) Charles Michel (MR) is maar een paar jaar ouder en hij is al premier. Niemand vraagt hem toch of hij geaccepteerd wordt op de Europese Raad? Dit is een uitzonderlijke, redelijk 'politieke' diplomatenpost; ik heb vaak contacten met politici en nooit is er iemand die mijn competentie in twijfel trekt omwille van mijn geboortejaar.

"Het beeld van sigarenrokende zestigers in achterkamers klopt niet meer, of toch niet in de Europese instellingen. Mijn eigen team bestaat bijna voor de helft uit vrouwen. De hele EU is wat dat betreft een voorbeeld. Kijk naar de Europese Commissie met onze Marianne Thyssen, buitenlandvertegenwoordiger Federica Mogherini, Cecilia Malmström, die over de handelsverdagen gaat, of Margrethe Vestager, die de grote multinationals aanpakt. Dan kun je niet meer zeggen dat je als vrouw met een achterstand aan de onderhandelingstafel komt."

Bent u een feministe?
"Ik vind het alleszins niet meer dan normaal dat vrouwen evenwaardig en gelijk zijn aan mannen, en dat ze dezelfde kansen moeten krijgen om zich te ontplooien zoals ze dat zelf willen en kunnen. Daarover wil ik zelfs niet discussiëren. Wat me soms tegensteekt aan het feminisme is die focus op de problemen en tekorten. Een beetje meer zelfvertrouwen en ambitie, en minder klaagzang zou wel mogen.

"Noem mij maar een postfeministe. Ik ben niet het type dat snel de schouders laat hangen en overal in de wereld obstakels ontwaart. Die obstakels zijn soms reëel, maar het is even reëel dat je ze kunt overwinnen. Als je bij voorbaat zelf op de grond gaat liggen, ben je altijd verloren."

Quota voor vrouwen in bestuursfuncties zijn niet aan u besteed?
"Dat is wat anders. Het is niet omdat ik hier zit en omdat ik vind dat vrouwen gelijkwaardig zijn aan mannen, dat ze in de praktijk ook overal gelijk behandeld worden. We zijn er nog lang niet. Het is een feit dat vrouwen ondervertegenwoordigd blijven in topfuncties en raden van bestuur. Daar moeten we wat aan doen.

"Of dat met quota moet, is een politieke discussie waard, maar dat er nog een lange weg te gaan is vooraleer vrouwen echt gelijkwaardig behandeld zullen worden, is zeker."

Zelf zit u in de Vlaamse diplomatie nu al aan de top. Hoe bent u hier eigenlijk terechtgekomen?
"In mijn studies politieke wetenschappen had ik al gekozen voor een Europese specialisatie. Niet vanuit een politiek sentiment, maar omwille van de intellectuele uitdaging. Net zoals het federale België is de Europese Unie een dynamisch geheel van instellingen, dat voortdurend in beweging is. Dit is een moving target. Die rusteloosheid past wel bij mij.

"De diplomatie ben ik ingerold, zonder vooropgesteld plan. Toen ik afstudeerde, was mijn moeder pas gestorven. Dat betekende ook dat ik niet de financiële luxe had om wat aan te rommelen. Ik had werk nodig en dat vond ik bij het Vlaamse departement Ruimtelijke Ordening, waar ik verantwoordelijk was voor de relaties met de Benelux en Europa. Geen droomjob, maar ik probeerde er toch het maximum uit te halen.

"Toen ik gedetacheerd werd naar de Vlaamse Permanente Vertegenwoordiging ging er een wereld voor me open. In 2009 slaagde ik voor het Vlaamse diplomatenexamen en kon ik aan de slag als permanent vertegenwoordiger bij de VN in Genève. Een topjob, maar voor mij vooral het bewijs dat wie niet waagt, niet wint."

Mensen die u aan het werk zien, omschrijven u als daadkrachtig en ambitieus. Moet een diplomaat niet vooral discreet zijn?
"Discreet is geen synoniem voor bezadigd. Als diplomaat moet je het voordeel van achter de schermen te werken zo maximaal mogelijk benutten. Netwerken uitbouwen, informatie verzamelen is de kern van onze functie. Dat stopt niet bij het verstrijken van de kantooruren. Als ik naar een concert ga, is het ook omwille van dat netwerk.

"De beste strategie om je eigen belangen te verdedigen is het kennen van de belangen van de anderen. Dan kun je gaan zoeken naar gemeenschappelijke grond. Die vind je niet op je bureaustoel."

Maar wel in de schaduw.
"Ik zou het niet anders willen. Achter de schermen is er geen wind. De behoefte aan publieke erkenning is me vreemd. Wij wisselen op een informele manier informatie uit, niemand pint je vast op een positie, want je gesprekspartners zitten in hetzelfde schuitje. Dat is een luxe die een politicus niet heeft. Wat voor een politicus een gebroken woord is, kan voor ons het begin van een oplossing zijn."

En zeggen dat u ook kunstenaar had kunnen zijn.
"Goh, ik heb een jaartje kunstenacademie geprobeerd. Van mijn ouders mocht ik volledig vrij kiezen wat ik wilde doen, en ik ben hen eeuwig dankbaar voor dat vertrouwen. Ik was gek van beeldhouwen, maar de opleiding sloeg me flink tegen, en na een jaar had de muze me compleet in de steek gelaten.

"Om zelf met kunst bezig te zijn, ontbreekt me de tijd, maar kunst blijft wel belangrijk in mijn leven. Een museum of een galerie zijn een toevluchtsoord om het hoofd leeg te maken. Thuis probeer ik ook een bescheiden verzameling aan te leggen. Ik ben een trouw bezoeker van de Affordable Art Fair in Brussel." (glimlacht)

Welke kunst ziet u graag?
"Doe mij maar Rodin. Niet dat er zo één bij ons in huis staat, maar ik hou erg van menselijke sculpturen. En in de schilderkunst val ik voor hedendaagse interpretaties van klassieke genres, zoals het stilleven, of voor zwart-witfotografie. Puur abstract of conceptueel werk raakt me minder, maar klassieke landschappen doen me ook niks. Er moet toch altijd een beetje leven in zitten bij mij."

Wat zegt die voorkeur over uzelf?
"De moeilijkste vraag komt op het einde. (lacht) Wat me in kunst aantrekt, is juist de vrijheid om je eigen smaak te vinden gebaseerd op een gevoel. Rationele argumenten zijn hier minder aan de orde. Ik kan echt 'vallen' voor een prachtig werk. Met dynamiek, een scherp oog en een eigen, unieke interpretatie spreek je me zeker en vast aan. Je zou dat ook persoonlijkheidskenmerken kunnen noemen, ja."

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234