Maandag 17/02/2020

Een politiek geladen Oscar

Als er iets is waar de Academy of Motion Picture Arts and Sciences, de Amerikaanse filmvereniging die jaarlijks de Oscar-ceremonie organiseert, een hekel aan heeft, dan is het wel aan laureaten die van hun dankwoord gebruikmaken om een of ander politiek thema aan te kaarten. Maar door in 1999 te beslissen om regisseur Elia Kazan een Honorary Oscar toe te kennen - een eer die voordien onder meer Fred Astaire, Buster Keaton, Orson Welles, Satyajit Ray, Cary Grant, Akira Kurosawa en Greta Garbo te beurt was gevallen - veroorzaakte de Academy zelf een heleboel commotie. Tijdens zijn lange loopbaan had Elia Kazan al tweemaal een Oscar als beste regisseur gekregen, voor zijn films Gentleman's Agreement (1947) en On the Waterfront (1954). Eenentwintig acteurs die in zijn films optraden, kregen Oscar-nominaties en negen van deze Hollywood-sterren kregen inderdaad de hoogste Amerikaanse filmprijs.

Het protest tegen de ere-Oscar voor Kazan had echter niets te maken met de kwaliteit van zijn films, maar wel met het feit dat hij in de jaren vijftig, toen senator Joseph McCarthy in Hollywood zijn hysterische communistenjacht organiseerde, ten overstaan van het House on Un-American Activities Committee (HUAC) namen genoemd had van collega's die verdacht werden van communistische sympathieën, wat meteen hun zogenaamde blacklisting tot gevolg had. Kazan zou aan het HUAC niet alleen de namen hebben doorgespeeld van acht vrienden die in de jaren dertig net als hij lid van de communistische partij waren geweest, maar hij liet in de vakpers ook advertenties publiceren met de oproep aan anderen om ook namen te noemen.

Dat pijnlijke hoofdstuk uit de Hollywood-geschiedenis heeft diepe wonden nagelaten. Veel slachtoffers moesten ander werk zoeken of probeerden onder een pseudoniem toch aan de slag te blijven in de filmwereld (zoals dat onder meer in de film The Front van regisseur Martin Ritt verteld werd). Anderen emigreerden (zoals Joseph Losey) en sommigen pleegden zelfmoord. Volgens Victor Navasky, auteur van het boek Naming Names, had Kazan weliswaar belangrijke films gemaakt, waarvoor hij dus een onderscheiding verdiende, "maar zouden de namen van de mensen die hij verklikt heeft dan wel op de achterkant moeten staan".

Op de avond van de Oscar-uitreiking in maart 1999 werd er buiten het Dorothy Chandler Pavilion dan ook betoogd tegen de eerbetuiging aan het adres van Elia Kazan, met spandoeken zoals 'Don't Whitewash the Blacklist' en slogans zoals 'Academy Apologise'. Maar er waren ook betogers die de kant kozen van Kazan en de regisseur als verdediger van de vrije meningsuiting bestempelden.

De Academy was wel zo verstandig geweest om de ere-Oscar aan Kazan te laten uitreiken door Martin Scorsese en Robert De Niro, twee filmgrootheden boven alle (politieke) verdenking verheven. Maar in de zaal bleef de gebruikelijke, algemene staande ovatie achterwege. De televisieregisseur van dienst schakelde heen en weer tussen sterren, zoals Warren Beatty, Meryl Streep, Helen Hunt, Karl Malden en Kathy Bates, die rechtopstaand applaudisseerden, en anderen, zoals Nick Nolte en Ed Harris, die ostentatief bleven zitten en de armen gekruist hielden.

Eerder had gastvrouw Whoopi Goldberg de hele controverse natuurlijk ook al ter sprake gebracht door, schijnbaar verbaasd, te zeggen: 'I thought the blacklist was me and Hattie McDaniel', daarmee verwijzend naar het feit dat zwarte actrices zelden aan bod waren gekomen in de toen 71-jarige Oscar-geschiedenis. Hattie McDaniel was de allereerste zwarte actrice die genomineerd werd en ook won (als beste vrouwelijke bijrol) met haar rol van Mammy in Gone With The Wind. Van haar kant kreeg Whoopi indertijd een gelijkaardige Oscar voor haar vertolking in Ghost.

Toen aan scenarist-regisseur Abraham Polonsky, die zelf slachtoffer werd van de 'blacklisting', ten tijde van die ere-Oscar gevraagd werd of Elia Kazan volgens hem een belangrijke rol had gespeeld in het legitimeren van de heksenjacht, antwoordde hij: "Het enige wat hij gedaan heeft, was een belangrijke rol spelen in het vooruit helpen van zichzelf. En in het verraad van zijn persoonlijke vrienden. Het bewijst tenminste dat hij niet tegen de Verenigde Staten is, hij is alleen maar tegen vriendschap."

(Jan T.)

Ere-Oscar werd overschaduwd door verklikking tijdens McCarthyisme

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234