Dinsdag 24/11/2020

Een ongeloofwaardige, abjecte film

In enkele bioscopen draait nog de film Kadosh, die in oktober in Gent een belangrijke prijs won. Volgens Danièle Mostowicz schetst de prent een absoluut foutief beeld van de orthodoxe joodse gemeenschap.

Wie naar een James Bond-film gaat kijken, weet dat hij op een aangename wijze bedrogen wordt. Film is nu eenmaal een droomfabriek. Wie echter een film in elkaar knutselt die een gevoel van authenticiteit opwekt, een prent waarvan op zijn minst de suggestie uitgaat dat ze waarheidsgetrouw is, die speelt met vuur als hij ons iets voorschotelt dat verder gaat dan een individuele belevenis en dat bol staat van de onwaarheden. Dit is helaas wat de Israëlische regisseur Amos Gitai doet in zijn film Kadosh. In deze prent wordt via een man-vrouwrelatie de ultraorthodoxe joodse gemeenschap in de wijk Mea Shearim in New York geportretteerd. Kort gezegd komt het erop neer dat Amos Gitai de vrouwen die in deze specifieke vorm van jodendom ingebed zijn als volslagen onmondige wezens voorstelt, dat hij toont dat ze onverbiddelijk aan de kant worden geschoven als blijkt dat ze na tien jaar nog steeds geen kinderen hebben, dat hij ervan uitgaat dat ze niet de minste vrije keuze hebben wat hun partner betreft, en dat ze door de mannengemeenschap als inferieure wezens worden bestempeld; de mannen in de film zijn echte gore patriarchen die in sexualibus niet de minste verfijning aan de dag leggen en er niet voor terugdeinzen hun vrouw billenkoek te geven als die zich wat frivool gedraagt. Er zullen zeker joodse vrouwen en mannen bestaan die zijn zoals ze in de film worden geportretteerd. Het verhaal wekt echter de indruk dat de hele orthodoxe joodse gemeenschap in Israël bestaat uit verdwaasde rauwdouwers (de mannen) en een hoopje zielenpoten (de vrouwen). Ik ga nu even niet dieper in op de getoonde feitelijke onjuistheden qua rituele gebruiken, al zeggen die veel over de impliciete 'documentaire' waarde van de film en raakt dit toch wel de kern van mijn kritiek. Die kern kan lapidair worden geformuleerd: het is zielig als een uiterst pijnlijk thema behandeld wordt door iemand die geen enkel gevoel heeft voor het gekozen onderwerp. Het verhaal immers van twee zussen, van wie de oudste een harmonieus huwelijksleven heeft dat kinderloos blijft, kon een interessant uitgangspunt zijn voor het beschrijven van de gevoelens die een vrouw ervaart in een cultuur waarin het baren van kinderen zo belangrijk is. Dat is des te meer zo indien uit haar huwelijk geen kinderen voortkomen. In de intimistische scènes die daarvan het gevolg zijn, mis ik de details die kunnen aantonen dat de cineast begrepen heeft wat deze situatie aan leed en pijn met zich meebrengt. In plaats hiervan grijpt Amos Gitai naar een bepaalde vrouwonvriendelijke passage in de joodse wetgeving, waaruit blijkt dat hij én op een abjecte wijze de-contextualiseert én dat hij de wetten die hij gebruikt om de kijker te schandaliseren niet echt kent. Er bestaat in de joodse wetgeving inderdaad een stukje dat gebaseerd is op het verhaal van aartsvader Abraham. Toen Abraham en Sarah tien jaar getrouwd waren en kinderloos bleven, overtuigde zij hem ervan om Hagar als tweede vrouw te nemen. Hieruit vloeide later een wet voort die stelde dat een huwelijk dat tien jaar zonder kinderen bleef voldoende grond tot echtscheiding was. Die scheiding kon net zogoed door de vrouw om dezelfde reden aangevraagd worden. Ongeveer vierhonderd jaar geleden echter stelde de gezaghebbende asjkenazische geleerde Mosche Isserles vast dat het al enkele eeuwen geen gewoonte meer was de man tot echtscheiding te verplichten. Expressis verbis wordt gesteld: "Hij wordt er niet toe verplicht." Deze wet is tot op heden doorslaggevend en werd nooit in twijfel getrokken. De jongere zus nu van de protagoniste in Gitai's film voelt zich er door de druk van haar ouders toe gedwongen om met iemand te trouwen die voor haar uitgekozen is. De bruidegom zou een iloej zijn: hier moet worden opgemerkt dat deze term zelden wordt gebruikt. Hij wordt voorbehouden voor de uitmuntendste studenten in de joodse wetgeving en Talmoedstudie. Het is dan ook vrij inconsequent dat het huwelijksleven van deze jongere zus uitgetekend wordt als één langgerekte, bestiale verkrachting. Het is zelfs bijna logisch dat het publiek dat niet vertrouwd is met de mores van de ultraorthodoxe gemeenschap het getoonde extrapoleert naar de hele joodse gemeenschap. Die zal immers gemakkelijk geïdentificeerd worden met een primitief volkje dat een meer dan bedenkelijk gedrag vertoont. Indien de bruidegom in de film echt een iloej was, zou hij de wetten van het joodse huwelijksleven kennen. Hij zou weten hoe hij zijn vrouw hoort te liefkozen en en hoe hij zich nooit mag opdringen voor hij haar verlangen heeft aangewakkerd. De joodse man heeft de plicht te zorgen voor het genot en de vreugde van zijn partner. Deze film van een bekend regisseur is ongeloofwaardig, als artistiek product en als informatiebron. Er klopt iets niet als werkelijk alles negatief wordt voorgesteld. Zelfs het mooiste moment uit het joodse leven wordt luguber gevisualiseerd. Sommige fouten en bepaalde desinformatie roepen verwondering op, andere verontwaardiging. Het ritme is met opzet traag en accentueert de latente zwaarmoedigheid. Een hele gemeenschap wordt bij monde van enkele personages afgeschilderd als afstotelijk en primitief. Ik ben veertig jaar oud en leef al even lang in orthodoxe kringen. Nooit heb ik het gevoel gehad dat mijn cultuur, mijn oorsprong, mijn volk iets te maken hebben met wat in Amos Gitai's film uitentreuren getoond wordt. Ik ken de orthodoxe milieus in Israël, de VS en Europa. Niemand uit al die joodse kringen heeft iets ervaren of gehoord wat ook maar in de verste verte kan worden vergeleken met Kadosh. Zou zoiets als joodse zelfhaat dan toch bestaan?

'Een hele gemeenschap wordt bij monde van enkele personages afgeschilderd als afstotelijk en primitief'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234