Woensdag 07/12/2022

Een onbegrensde combinatie van utopisme en koppigheid

Gandhi belichaamt in India het hoogepunt van de hindoe-renaissance die reeds midden vorige eeuw op gang kwam. Ze werd hoofdzakelijk geschraagd werd door westers geschoolde Indiërs en gevoed door waarden en inzichten uit de westerse filosofie. De beweging was (en is) sterk apologetisch van aard. Dit wil zeggen dat hindoes de westerlingen die het hindoeïsme als barbarij en afgodendienst afschilderden van antwoord dienden door hun godsdienst en maatschappij te herdefiniëren. Het hindoeïsme werd inhoudelijk herschreven, met veel nadruk op monotheïsme, tolerantie, mystiek en religiositeit en verwaarlozing van het ritualisme en het kastestelsel.

Bovendien werd het voor het eerst in verband gebracht met nationalisme. Het was, kortom, weer een eer om hindoe te zijn - en het is met Gandhi dat dit gevoel tot de grote massa van de Indiërs is doorgedrongen.

Toen Macauley in zijn beruchte Minute on Education(1865) het plan uiteenzette om een klasse van Indiërs te scheppen met een Angelsaksische smaak, opinie en opvoeding, voorzag hij geenszins dat juist deze mensen de Engelsen als koloniale macht de das zouden omdoen.

Het neohindoeïsme van Gandhi benadrukt raakpunten met ondermeer de naastenliefde uit de Bergrede, de caritas en de solidariteit uit het bodhisattva-ideaal van het boeddhisme, de ahimsa of geweldloosheid uit het jainisme, een sociaal-economisch réveil uit de geschriften van Ruskin, Tolstoi en Kropotkin. Tegelijk introduceerde hij ook die Indische concepten in het Westen.

Dit, gecombineerd met een uitzonderlijk mediatalent (sommigen zeggen: mediageilheid) en een zeldzaam charisma, maakte Gandhi al snel een der meest geliefde en tevens gehate - maar alleszins veelbesproken! - figuren uit de eerste helft van deze eeuw gemaakt, zowel in India als daarbuiten.

Toch zou het fout zijn Gandhi als een groot denker te beschouwen; hij wilde eerder een pragmaticus zijn. Hij had een welomschreven doel voor ogen - de onafhankelijkheid van een ondeelbaar India en stevende daar zonder omzien op af -, en het is precies hier dat zijn zwakke kanten tot uiting komen. Zijn visie was zò utopisch en zijn koppigheid - bij voorbeeld in het afzweren van technologie en industralisatie- zò onbegrensd dat de leiders van de door hem op gang gebrachte beweging al gauw meewarig het hoofd schudden als het 'geweten der natie' weer eens met iets nieuws voor de dag kwam. Bovendien maakten zij - vooral Nehru - handig van Gandhi's uitstraling gebruik om zijn eigen politieke ideeën bij de grote massa te verkopen.

Gandhi's naïef utopisme werd hem uiteindelijk fataal. Niet alleen de kastelozen en hun leider Ambedkar joeg hij tegen zich in het harnas, ook de traditionalistische hindoes keerden zich tegen hem.

Eigenlijk was Gandhi's rol in 1947 uitgespeeld. De apologetische aanpak van de Macauley-kinderen had de weg bereid voor een veel verstrekkender soort renaissance. Een waarin het niet meer alleen een erezaak was hindoe te zijn, maar vooral een ereplicht om het zuivere, traditionele hindoeïsme te herstellen.

Na Macauley hadden ook Gandhi en de zijnen in de Indiase geschiedenis een paard van Troje binnengereden, dat het bloedbad van Ayodhya reeds in zich droeg.

Francis Laleman

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234