Woensdag 08/02/2023

Een museum als vliegend tapijt

Tot en met het jaar 2000 komt er in Nederland 25.000 vierkante meter museumruimte bij. Hoe stellen museumdirecteuren zich die uitbreiding artistiek en zakelijk voor? Moet het museum een gebouw vol spektakel worden, een kunsthal, waar tentoonstelling op tentoonstelling volgt? Of moet het een tempel voor unica zijn, een reflexief medium, dat vanzelfsprekend achterloopt op de voorhoede? Een gesprek met de Belg Chris Dercon, directeur van museum Boijmans van Beuningen in Rotterdam. 'Er is geen museum waar zo over de toekomst wordt nagedacht als Boijmans van Beuningen.'

Lucette ter Borg

Chris Dercon is hondsmoe. Want vannacht liep hij nog met de Russische filmmaker Aleksandr Sokoerov door het museum. Of je het je kan voorstellen? Een Rus en een Belg in Rotterdam, die in het donker samen naar de ijskoude regen buiten staren. Prachtig beeld toch? Enfin, die twee dus liepen samen door dat donkere museum, langs de flagellanten van Ter Borch, het duistere zelfportret van Fabritius en de woeste olieverfschets van Titiaan. Minutenlang bleven ze daar staan. Sokoerov was helemaal in de wolken, zegt Dercon. "Let's shoot!", riep hij.

Dercon, directeur van museum Boijmans van Beuningen, wordt er vanachter zijn thermoskan koffie nog opgewonden van. Niet alleen omdat hij van kunst houdt. "Als ik een video-installatie van Steve McQueen koop voor het museum, zeg ik eigenlijk: Steve, ik hou van jou, ik trouw met jou."

Het is ook niet alleen omdat hij voor het 150-jarig jubileum van het museum in 1999 nu zes belangrijke filmmakers heeft weten te verleiden tot het maken van een film over het museum (behalve Sokoerov ook onder anderen Johan van der Keuken en de Britse animatiefilmers de Quay Brothers). Het is ook vanwege de associaties en bijbetekenissen, die wat hem betreft niet rijk genoeg kunnen stromen.

Want Het museum bij nacht?, heet zo niet de novelle van de Franse surrealist André Breton? En inspireerde die Dercons favoriete filmcriticus Serge Daney niet tot zijn kritiek over het teveel aan - publicitair - licht in de kunst? En is het initiatief van die drie filmmakers geen schitterende metafoor voor terug naar af? "Alsof de cinema, door een camera op een schilderij te richten, het nodig heeft zichzelf als negentiende-eeuws apparaat weer uit te vinden."

Het is een understatement te zeggen dat de jongste museumdirecteur van Nederland - Dercon wordt in juli veertig - overloopt van plannen, ideeën, verlangens en wensen. Dercon ís plannen. Dat moet ook wel, want toen hij in januari 1996 aantrad als directeur, zag hij zich geconfronteerd met een museum waar zo'n beetje alles veranderen moest. Bezoekcijfers stagneerden. De vier afdelingen - Kunstnijverheid en Moderne Vormgeving, Prenten en Tekeningen, Oude Kunst en Moderne Kunst - leken van elkaar losgeslagen eilanden. Het museum kampte met een financieel tekort, ruimtegebrek, verouderde kantoor- en depotruimten, en teruglopende sponsorinkomsten.

De uitbreiding van het museum met 6.000 vierkante meter (kosten zo'n 500 miljoen frank) is onder Dercons directoraat door de gemeenteraad goedgekeurd. Als alles goed verloopt, wordt het vernieuwde Boijmans in september 2000 opgeleverd, met de fonkelnieuwe, uitgebreide bibliotheek als boegbeeld.

"Het was crisis twee jaar terug," beaamt Dercon opgewekt. "Maar crisis behoeft, net als chaos, niet iets slechts te impliceren. Crisis betekent verandering.

"Toen ik hier kwam, heb ik gezegd: niets mag meer taboe zijn. Alles moet opnieuw bekeken en besproken worden, de verschillende specialismen van het museum, de inrichting van het museum, de personele organisatie, de kunstwerken, alles."

Zijn opvattingen, zijn kritiek op dat 'alles', had Dercon al voor zijn komst naar Boijmans vervat in polemische teksten. "Dat was makkelijk hoor," zegt hij nu, "dat roepen vanuit de marge." Zo betoogde hij in 1995 dat musea in het algemeen nog steeds "naïef geloofden in de fictie dat het verzamelen, het plaatsen en verplaatsen, en het combineren van cultuurgoederen vanzelf een universele waarheid bezit."

"Een dergelijke fictie," zei Dercon toen, "komt vooral voort uit het feit dat met kunstwerken meestal wordt omgegaan alsof het onveranderlijke vaste gegevens zijn, in plaats van ze te beschouwen als interpretaties - kortom als beelden." Maar die universele waarheid van de kunst bestaat niet meer. "We leven niet meer in het tijdperk van Wim Beeren, die ervan uitging dat kunst voor zichzelf moest spreken," zegt Dercon. "Kunst heeft het nodig om uitgelegd te worden. Zonder taal kunnen we met kunst niets doen."

Er is een inscriptie waar Dercon dol op is. Ze staat gebeiteld in de muur boven het Palais de Chaillot in Parijs: "Het hangt af van diegene die hier voorbijgaat of ik graf of schatkamer ben. Of ik spreek of zwijg is alleen uw zaak. Vriend, komt niet binnen zonder verlangen."

Interpretatie en verlangen zijn sleutelwoorden. Dercon verspreidt ze geestdriftig in woord en daad. Hij verwerkt ze - sinds zijn aantreden bij Boijmans - in ferme Startnotities, nota's en referaten. En hij spoort zijn medewerkers aan 'voortdurend en overal' het beleid van Boijmans bekend te maken. "Als de conservatoren hier op reis gaan, en ze dienen hoge declaraties in voor room-service, dan kapittel ik ze, ja. Ik vind dat ze die hotelkamer uit moeten, ze moeten vooral veel uit eten gaan, kletsen met kunstenaars en collega's."

In 1996 omschreef hij zijn plannen als volgt: "We moeten met behulp van onze eigen grote verzameling van kunstwerken uit verschillende disciplines en tijdvakken verhalen durven vertellen. Verhalen die het verleden inbedden in het heden. Verhalen over hoe de afgelopen zes-, zevenhonderd jaar de wereld constant in verandering is en hoe die veranderingen door kunstenaars in beeld zijn gebracht.

"En dus ook verhalen over verschillen. Het zijn verhalen over het totstandkomen van onze beschaving. Juist door de aanwezigheid van vele verschillende kunstwerken uit zeer verschillende tijden kunnen wij leren en anderen aanleren dat de term 'verschil' voor iedere generatie opnieuw de basis moet vormen van elke vorm van samenleven."

Nu, geagiteerd: "Men zegt wel: die Dercon is een gemankeerde intellectueel. Maar ik beweer dat geen enkel museum op dit moment zo bezig is met de toekomst als wij. Na het cultuurrelativisme van de jaren tachtig en de massaculturele evenementen van de jaren negentig, waarbij het feit dat je iets hebt gezien belangrijker is dan wat je ervan vindt, is het tijd het achttiende-eeuwse Bildungs-ideaal, de 'hoge cultuur', weer nieuw leven in te blazen. Ons museum moet een ontmoetingsplaats worden, letterlijk en figuurlijk een binnenstad en een publieke ruimte, waar het weldadig en delicieus is om te vertoeven, en die je in de breedste zin aanspoort tot nadenken.

"Als je kijkt naar de grote tentoonstelling over zeventiende-eeuwse zeeschilders die wij twee jaar geleden georganiseerd hebben, dan vind ik het veel interessanter te ontdekken hoe de Hollanders in de zeventiende eeuw probeerden het zeelandschap uit te vinden, dan dat je je alleen maar afvraagt wat ze schilderden. Onze Jeroen Bosch werd vroeger betiteld als De verloren zoon, maar tegenwoordig als De landloper - een mooi epitheton voor Boijmans. Het is onze functie om ook dat de mensen te leren.

"Kunst kan tegenwoordig niet problematisch genoeg gepresenteerd worden. Want kunst - beeldende kunst, fotografie en film - ís problematisch geworden. We weten met z'n allen dat we met het beeld dé waarheid niet meer kunnen uitdrukken. Dat is raar, niet? In een tijdperk waarin de beeldcultuur zogenaamd overheerst, heeft niets zich zo onbetrouwbaar en verdacht getoond als het beeld. Kijk naar de oorlog in Bosnië of Rwanda. Die gruwelijke beelden die we uit die landen te zien kregen, deden ons pas iets als ze onderbouwd werden met verhalen, met vertelde getuigenissen."

De beelden die Dercon voor zich ziet als hij aan het toekomstige Boijmans denkt, zijn prozaïsch en sprookjesachtig tegelijk, realistisch en fantastisch. Het zijn lievelingsmetaforen, die hij vroeger ingetogen koesterde maar nu ongeremd uitdraagt. Het Ptolemaeïsche mouseion in Alexandrië is er een: een museum als een campus, waar de 'totale culturele ruimte' - beeldende kunst, mode, vormgeving, filosofie, film en fotografie - aan bod kan komen. Het 'museum van laden' is een andere favoriet. Het 'museum als vliegend tapijt met vele opstapplaatsen' weer een andere."

Waarom een tapijt? "Tapijten vertonen altijd randen en meestal zelfs randen binnen randen," zegt Dercon. "Tapijten zijn verzamelingen van oneindig veel motieven en tapijten vertellen graag alles tegelijkertijd."

Al die beelden zullen samenkomen in het Boijmans van de eenentwintigste eeuw, een Boijmans waarvan Dercon nu al zegt, dat het "vandaag in topvorm is". In het museum wordt nu niet langer één grote tentoonstelling georganiseerd, waar je uren kunt verblijven. Maar er zijn verschillende presentaties te zien, met elk een eigen signatuur en een eigen kijktempo. De laatste Max Ernst-manifestatie was een mooi voorbeeld. De 'traditioneel' opgestelde, surrealistische beelden van Ernst werden gekoppeld aan een essayistische presentatie van de Amerikaanse kunsthistorica Rosalind Krauss en het cinematografische werk van de Quay Brothers.

"Op zo'n combinatie ben ik trots," zegt Dercon. "Het museum verandert niet alleen in een ruimtelijk medium, maar ook in een temporeel, waar op verschillende snelheden veel van cultuur genoten wordt. Mijn museum van morgen is niet langer meer de opslagplaats, de bewijsplaats van goederen die het vroeger was. Het is een plaats waar voor ieder van ons de mogelijkheid bestaat, zoals Richard Serra zegt, om iets anders te worden dan wat hij is."

© de Volkskrant / De Morgen

Vorige week vrijdag opende in het Nederlands Architectuur Instituut in Rotterdam een tentoonstelling over de uitbreiding van museum Boijmans van Beuningen. Tot en met 17 mei. Illustraties: Uitbreidingsplannen voor het museum door Robbrecht en Daem (Uitgeverij Ludion, Gent).

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234