Woensdag 30/09/2020

Een mooie dag in maart

Het zomert te Brussel. Of toch zo goed als. Om redenen die ik hier niet uit de doeken ga doen, loop ik voor het eerst in jaren weer dwars door mijn stad met de blik en de oren van iemand die een film wil maken. En dat is omdat ik dat straks ook ga doen, een film maken. Een klein filmpje wel, maar hey, dat is tenslotte ook een film. Zoals een boek in theorie toch altijd een boek is maar in de praktijk evenzeer de Bijbel kan zijn als de catalogus van 3 Suisses.

Net zoals BBC-natuurdocumentaires ons leren dat een roofdier wanneer het zich op jacht begeeft veel beter gaat zien, horen en ruiken, is het ook zo dat mannetjes of vrouwtjes die van plan zijn te gaan filmen aan een aangename bewustzijnsvernauwing beginnen te lijden die ervoor zorgt dat zij, tenminste tijdelijk, de wereld gaan opdelen in slechts twee categorieën: dingen die nuttig zijn voor hun toekomstige film en dingen die dat niet zijn.

Daar komt nog bij dat een filmer altijd zelf een beetje God mag zijn, een privilege dat gewoon meegeleverd wordt bij de status van cineast. Je beslist niet alleen wanneer je opstaat en wanneer je gaat slapen, je beslist ook of het dag zal zijn of nacht, of het zal sneeuwen of dooien. Je beslist met wie je werkt en met wie niet. Je kunt spelen met de tijd, met de ruimte. Je kunt mensen geboren laten worden en ook weer laten sterven.

Je kunt van een mooie straat een lelijke maken en van een lelijke een mooie. Je kunt je publiek doen lachen of huilen, of allebei. Je kunt ze ontroeren of irriteren, dat laatste zowel opzettelijk als per ongeluk.

Een filmset is een plek waar je, als je dat zou willen, de wereld makkelijk zou kunnen buitensluiten. Waar je de werkelijkheid met gemak een etmaal kunt uitschakelen om ze dan helemaal naar je hand te zetten. Waar je 'ik hou van je' kunt zeggen tegen mensen die je niet mag omdat het zo in het scenario staat, en je daar ook nog voor betaald wordt. Waar je zeven glazen whisky na elkaar naar binnen kunt kappen zonder gevaar voor zelfs maar de kleinste kater omdat de Schotse godendrank waar jij je take na take aan vergrijpt toch niets anders is dan een kwak koude thee.

Als je honger hebt op een filmset, dan staat daar een tafel met eten. Als je dorst hebt, staat daarnaast een tafel met drank. Hoe je op die set raakt en hoe je er weer wegkomt heeft iemand voor jou uitgevogeld en als je hoog genoeg op de ladder van importantie staat, word je ook nog eens gehaald en weer teruggebracht.

Een filmset, elke filmset, is een beetje een magische plek omdat er niet veel andere plekken op de wereld zijn die tegelijk een bouwwerf en een kunstenaarsatelier zijn.

Weinig plekken waar je met zes, zestig of zeshonderd mensen een tijdlang een hechte familie vormt die maar één gezamenlijk doel heeft: dat filmpje maken. Terwijl je ook weet: binnen zes dagen, zes weken, zes maanden zie ik de meeste van deze mensen misschien nooit meer.

Ik was in de afgelopen grijze maanden tot tweemaal toe te gast op verschillende filmsets, hier in deze stad. En ik kan u niet vertellen hoe blij ik was om daar te zijn.

Eén keer was het in Laken, waar een langspeelfilm gedraaid werd door een bevriende regisseur, terwijl op de set nog enkele mensen rondliepen die ik een warm hart toedraag. Het was wonderlijk hoe iedereen die daar rondliep precies weer eens wist wat hen te doen stond en het was ontroerend vast te stellen hoe goed ze dat ook weer allemaal deden.

Spanning en ontspanning binnen één en dezelfde seconde. Een lach en een traan. Op commando soms. Maar ook spontaan bij de cateringtafel.

Ik benijdde ze niet echt, die mannen en die vrouwen daar, omdat ik het ooit allemaal ook al eens meegemaakt heb, maar ik benijdde ze eigenlijk toch wel. Omdat het zo'n prettige manier is om te leven, op zo'n filmset. Omdat het zo mooi is iets te maken met mensen die je mag.

De andere filmset lag in Schaarbeek, een stadsdeel waar ik zelf ook al eens graag de camera neerzette. In het Noordstation, bijvoorbeeld, in dat van Schaarbeek zelf, op die sierlijke Albertbrug, die zich over het spoor drapeert bij de Zénobe Grammelaan en helaas ook met afbraak bedreigd is. Maar die dag moest ik aan de andere kant van Schaarbeek zijn, niet ver van het fabuleuze Josaphatpark. Om zeven uur 's ochtends.

Ik zat wat te suffen op de achterbank van een voorverwarmde BMW en werd vakkundig en geruisloos door mijn stad geleid, terwijl die moeizaam aan het ontwaken was. Het was ook een andere stad dan die waarin ik een dag eerder wakker geworden was. Het was namelijk 23 maart 2016, nog geen volle vierentwintig uur na wat we helaas voorgoed De Aanslagen zullen noemen. Ik kan niet zeggen dat je de dood rook in de stad, toen, maar je zag 'm wel hangen, overal, zelfs door het gedempte glas van een BMW heen.

Zodra ik was aangekomen op de filmset was de tristesse ook nog wel tastbaar, maar toch voelde je ook dat iedereen van die Dag Na De Aanslagen ook de Dag Van Tabula Rasa wilde maken. Zo heet de Eén-serie die daar en op vele andere plaatsen opgenomen werd, vorige winter. Ik was er op uitnodiging van regisseuse Kaat Beels, die dacht dat ik wel een klein rolletje zou kunnen spelen dat te vergeven was in die reeks. Niet dat ik dat kan. Maar het is wel zo dat ik beter kan acteren dan loodgieten, al stelt dat op zich ook nog helemaal niets voor.

Ik denk overigens dat ik altijd alleen maar gecast word omdat ik over zo'n atletisch lichaam beschik. En met zo'n welluidende stem bedeeld werd door de natuur. En ik denk vooral dat ik er helemaal niks van kan, van dat acteren. En dat er genoeg werkloze acteurs zijn zonder dat ik af en toe ook nog eens een brok uit hun pap moet halen.

Maar bon, als Kaat Beels iets vraagt, dan doe ik dat. Al zei ik na een aanvankelijk 'ja' toch ook meteen weer 'nee'. Dat komt omdat ik hoorde dat ik a) een aantal door uitstekende scenaristen geschreven zinnen van buiten zou moeten leren en uitspreken en b) die zinnen ook nog zou moeten richten tot de al even uitstekende en wereldberoemde actrice Veerle Baetens. Ik had haar, vanuit mijn fauteuil, natuurlijk al vaak aan het werk gezien maar nog nooit 'in 't echt' ontmoet.

Dat gebeurde dus wel op 23 maart 2016 om zeven uur 's ochtends in een kleedkamer te Schaarbeek. En mevrouw Baetens - ik heb nu wel de schriftelijke toestemming om Veerle te zeggen, maar durf dat nog altijd niet goed - toonde zich die morgen van haar meest professionele kant: ze loodste de onbehouwen amateurtoneelspeler die ik ben door die scène heen waarin ik op volledig onbewuste wijze een uitbater van een fotowinkel neerzet en zij een mistevreden klant met ook nog wat problemen in haar hoofd. Denk ik. Want zoals een échte acteur heb ik dat hele script natuurlijk niet gelezen maar alleen de scène waarin mijn présence gewenst was en zelfs daar heb ik, met gele fluostift in de hand, alleen aandacht besteed aan de zinnen die ik zelf moest zeggen.

Of ik in die ongetwijfeld fabelachtige tv-reeks Tabula rasa straks ook écht zal voorkomen, ligt volledig in de handen van Kaat Beels en haar monteur. Maar ik ben achteraf toch met een warm hart door het koude Brussel gelopen. Tegen dat ik thuiskwam had Kaat me al een soort van selfie doorgestuurd die ze na de gedane taak getrokken had. Een beeld waarop ik lichtjes glunderend stond te staan, bijgestaan door scenariste Malin-Sarah Gozin, hoofdrolspeelster Veerle Baetens en Kaat zelf.

Ik koester die foto als een warme herinnering aan een mooie halve dag die vlak na een aartslelijke kwam. Ik laat hem nooit aan niemand zien, behalve aan u nu, één keer. Omdat het zomer is en dan toch niemand de krant leest.

Tot volgende week!

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234