Dinsdag 15/10/2019

Een moderne socialist is een manager

Edward Anseele droomde ooit van een eigen socialistische economie, maar 64 jaar na het overlijden van de voorman van de Belgische Werkliedenpartij blijken zijn opvolgers vooral hoge ogen te gooien in het beursgenoteerde deel van onze samenleving.

Jan Scheidtweiler

Voormalig SP-voorzitter Karel Van Miert is bestuurder bij de Zuid-Afrikaanse mijnbouwgigant Anglo-American, bij de Duitse energiegroep RWE, mediabedrijf Wolters Kluwer, Philips en Fraport, de beheerder van de luchthaven van Frankfort. Herman Verwilst, ooit nog senator en kabinetschef van Willy Claes, is voorzitter van het directiecomité van Fortis Bank. Ook Johan Delanghe, de opvolger van Verwilst bij Claes, is onder dak bij Fortis. Delanghe is er directeur business development voor de publieke sector.

In het bedrijfsleven hebben ook andere SP-coryfeeën de jongste jaren een mooie plaats verworven. Zo werd Ingrid Lieten, dochter van ex-SP-parlementslid Lisette Croes en beschermelinge van Steve Stevaert, onlangs benoemd tot directeur-generaal van De Lijn. Gerard Van Acker, de neef van de Brugse ex-premier Achiel Van Acker, is bestuurder bij Carestel, Kinepolis en voorzitter van de Belgische Beton Maatschappij (BBM). Pierre Klees is voorzitter van De Post en gedelegeerd bestuurder van luchthavenbeheerder Biac.

Dat socialisten zo'n vooraanstaande rol spelen in de kapitalistische economie, is natuurlijk niet nieuw. Zo heeft de Belgische cultuur van politieke benoemingen overheidsbedrijven zoals De Post, de NMBS, De Lijn en Sabena jarenlang opgezadeld met managers en bestuurders van politieke partijen. De gouverneur van de Nationale Bank, Guy Quaden, is een socialist en ook Eddy Wymeersch, de voorzitter van de Commissie voor het Bank- en Financiewezen (de waakhond van banken en beursgenoteerde bedrijven), loopt met zo'n etiket rond.

De cultuur van politieke benoemingen lijkt ook niet zomaar te verdwijnen. Dat Ingrid Lieten directeur-generaal van De Lijn geworden is, heeft ze toch vooral te danken aan haar goede relatie met Vlaams minister van Mobiliteit Steve Stevaert? Zelf zegt ze dat die 'verdachtmaking' haar helemaal koud laat. "Het is zoals leraars die hun kinderen naar de school sturen waar ze zelf lesgeven. Die kunnen ook nooit op tegen het vermoeden dat hun kinderen bevoordeeld worden." Voor mensen die denken dat Lieten 'zomaar' door Stevaert op haar stoel bij De Lijn gezet is, wil de directeur-generaal toch even opmerken dat het iedereen vrijstond te reageren op een oproep voor kandidaten. Bovendien werd Lieten pas door de Vlaamse regering benoemd na een examen waaruit zij, samen met één andere kandidaat, als meest geschikte directeur geselecteerd werd.

De socialistische managers die in 'echte' privé-bedrijven aan de slag zijn, blijken die job toch vooral aan hun optreden in de publieke sfeer te danken te hebben. Zo is Verwilst van huis uit geen bankier, maar een academicus - hij doceert aan de faculteit economie van de RU Gent. Maar na zijn baan als kabinetschef bij Willy Claes werd in 1991 Verwilst wel bedacht met het voorzitterschap van de ASLK, toen nog een overheidsbank. Verwilst slaagde erin de kwakkelende spaarbank om te vormen tot een instelling met een bevredigend rendement en begeleidde de privatisering van de bank. Toen de ASLK in handen van Fortis terechtkwam, was het dan ook geen grote verrassing dat Verwilst een positie in de top van de Nederlands-Belgische verzekeraar kreeg. In 1998, toen Fortis de Generale Bank binnenhaalde, kon hij zo doorstoten naar het voorzitterschap van de Fortis Bank.

Ook Verwilsts collega bij Fortis Johan Delanghe, dankt zijn huidige job aan zijn kennis van de publieke sector - tenminste dat zei de woordvoerster van Fortis toch toen Delanghe in 1999 aangeworven werd. Delanghe was tot 1 juli van dat jaar secretaris-generaal in de Vlaamse administratie en leidde er het departement Economie, Werkgelegenheid, Binnenlandse Aangelegenheden en Landbouw.

Misschien zou zelfs Karel Van Miert zijn indrukwekkende lijstje mandaten niet hebben kunnen verzamelen zonder zijn passage op de Europese Commissie. Als commissaris voor Concurrentiezaken zat Van Miert daar tussen 1993 en 1999 als een spin in het web van Europese fusies en overnames. Precies die kennis komt heel wat bedrijven in hun Europese expansie goed van pas. Zo wil het Duitse RWE de liberalisering van de Europese energiemarkt aanpakken door in heel Europa concurrenten op te kopen.

Linkse bedrijfsleiders die 'spontaan' opduiken, zijn dus, al bij al, erg zeldzaam. Een van die uitzonderingen is Marc Stordiau, de directeur-generaal van baggergroep Deme. Stordiau noemt zichzelf "een linkse jongen", al was hij nooit lid van de socialistische partij. Stordiau sympathiseerde als ingenieursstudent met "een vroegere vorm van de PVDA". "Ik was eigenlijk een trotskist, het socialisme vonden we toen maar een verwaterde vorm van het communisme."

Dat Stordiau in het bedrijfsleven terechtkwam had, gek genoeg, vooral met zijn pacifisme te maken. "Ik was een naïeve antimilitarist en ik wilde per se vermijden dat ik in het leger terechtkwam." Daarom trok Stordiau naar Afrika, waar hij zeven jaar in de bouw werkte. Stordiau werkte onder meer in Kongo en Madagaskar voor CFE, een van de aandeelhouders van Deme. "Die periode heeft me realistisch gemaakt."

Verloochenen wil Stordiau zijn linkse periode niet. "Toen ik studeerde, tussen 1966 en 1970, was iedereen die een beetje idealistisch was, links. Ook nu gaat mijn sympathie nog altijd uit naar links. Maar ik ben ook katholiek, al heb ik tussen die twee nooit een grote tegenstelling gevoeld." In het bedrijfsleven wordt Stordiau zelden of nooit op zijn ideologie aangesproken, zegt hij zelf. "Het speelt eigenlijk niet."

Misschien zou een linkse jongen als Stordiau zich wel geroepen gevoeld hebben om toe te treden tot de 'socialistische economie' die socialistisch voorman Edward Anseele (1856-1938) in het begin van de twintigste eeuw voor ogen stond. Anseele was de eerste socialist in de Kamer van Volksvertegenwoordigers en werd na de Eerste Wereldoorlog minister van Openbare Werken en Wederopbouw. Anseele lanceerde in 1890 het idee van de coöperatieven, verbruikersverenigingen waarvan de leden door het bundelen van hun belangen betere aankoopvoorwaarden konden afdwingen. "Anseele zei dat vrouwen de revolutie in hun handtas dragen", zegt Geert Van Goethem, de adjunct-directeur van het Gentse Amsab-Instituut voor Sociale Geschiedenis. "Hij wilde zonder revolutie, maar alleen door het koopgedrag van de mensen, een socialistische economie tot stand doen komen." Na de Eerste Wereldoorlog waren er coöperatieve bakkerijen, kolenhandels, apothekers, wijkwinkels en kledingmagazijnen. De Vooruit in Gent belichaamde als 'Feestpaleis' het succes van de coöperatieve beweging.

Naast de verbruikersverenigingen, kwamen ten tijde van Anseele ook de Rode Fabrieken tot stand, bedrijven die in handen waren van de Werkliedenpartij. De bekendste waren de weverijen van Les Tissus Réunies. Op het hoogtepunt telde de socialistische beweging zo'n zestien eigen bedrijven, van metaalverwerkende ondernemingen over chemie- en koloniale bedrijven. De beweging richtte in 1913 ook de Bank van de Arbeid op. "Dat was ook een idee van Anseele", zegt Van Goethem. "Hij vond dat de socialistische economie ook een bank nodig had om zichzelf te financieren."

Maar op de wijkwinkels en enkele andere coöperatieven na stuikte het idee van de socialistische economie in de jaren dertig in elkaar. "Het was een dominosysteem", zegt Van Goethem. "Zeker toen de bank failliet ging, leidde dat tot de val van de andere bedrijven."

Al slaagden de opvolgers van Anseele er dus niet in om een eigen, socialistische economie uit de grond te stampen, toch zou je kunnen denken dat de socialistische beweging via haar vertegenwoordigers in (overheids)bedrijven ook wel een beetje haar stempel op de economie zou kunnen drukken. Maar van een 'socialistische manier' om bedrijven te leiden lijkt nergens in België sprake te zijn. Zo coördineert Herman Verwilst een plan om bij Fortis Bank dit jaar afscheid te nemen van 2.000 tot 2.500 'voltijdse equivalenten' en de kosten te drukken. Het verhogen van de winst en het creëren van aandeelhouderswaarde zijn uitdrukkingen die de ex-kabinetschef even vlot in de mond neemt als Fortis-groepsvoorzitter Maurice Lippens.

Ook bij moderne overheidsbedrijven kan een manager niet zomaar zijn visie doordrukken, zelfs al is het een socialist. "Ik denk dat weinig bedrijven binnen zo'n strak keurslijf werken als wij hier bij De Lijn, zegt Ingrid Lieten. Wat managers van overheidsbedrijven moeten doen, is het beheerscontract en de mobiliteitskeuzes van de Vlaamse regering zo goed mogelijk proberen te vertalen en uit te voeren. Maar het is niet aan ons om de strategische keuzes te maken."

Eén veeleer onprettig element lijken socialistische managers soms wel gemeenschappelijk te hebben: ze lopen al wel eens een gerechtelijke veroordeling op. Zo werd Johan Delanghe tijdens het Agusta/Dassault-corruptieproces in 1998 veroordeeld tot een gevangenisstraf van achttien maanden met een uitstel van vijf jaar. Het Hof van Cassatie vond de kabinetschef van toenmalig vice-premier en minister van Economische Zaken Willy Claes toen schuldig aan valsheid in geschrifte in het dossier-Dassault en aan passieve corruptie in de dossiers-Agusta en Dassault. Gerard Van Acker moest begin vorig jaar aftreden als directeur-generaal van de Gimv na zijn veroordeling in de KS-zaak. SP'er Ernest Bujok wist in die zaak aan een correctionele vervolging te ontsnappen. hij werkt nu voor mediagroep Concentra.

Dat socialisten een vooraanstaande rol spelen in de kapitalistische economie is niet nieuw. Zo heeft de Belgische cultuur van politieke benoemingen overheidsbedrijven jarenlang opgezadeld met managers en bestuurders van politieke partijen

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234