Donderdag 14/11/2019

Een mis voor vrije denkers

Ik heb iemand zien huilen van ontroering. Ik heb mensen zien buitengaan. Ik heb veel mensen een staande ovatie zien geven. Dat zie je niet veel op premières. Dan gebeurt er iets.

Het scènebeeld is indrukwekkend, bevreemdend, surrealistisch, pakkend. Boven het oudste kamerorkest van België, het Orchestre Royal de Chambre de Wallonie, hangen vijf mensen. Drie zingen in het Latijn, de twee acteurs proberen te begrijpen wat hen overkomen is. In hun zoektocht naar het weten, in het herbeleven van die passionele nacht voor de klop op de deur kwam en hun executie volgde.

Anderhalf uur verandert er haast niets aan dat scènebeeld; doden hebben immers niet de gewoonte zich met grote gebaren uit te drukken. Als er al beweging komt, dan van het doorzichtige voorgordijn, waarop de tekst van het libretto permanent meeloopt. Niet als de klassieke vertaling-boventiteling, maar als een autonome speler haast, in een verbluffende typografie en lay-out. Dat is meteen ook het risico dat deze voorstelling neemt: het minimalisme van de spelstijl, de barrière van het soms volgeprojecteerde scherm zou afstand kunnen creëren, en dat deed het ook bij een aantal toeschouwers. Maar zij die zich wel lieten meeslepen, beleefden iets onvergetelijks.

Etherisch haast komt het motto van de voorstelling, een onschuldige en kristalpure kinderstem die “Num verberanda sum quod cogito” zingt, “Word ik geslagen als ik denk?” Ja dus, weten de anderen al.

Hilde Van Mieghem is een een toverkol-heks-alchemiste, maar dan eentje van het soort dat de tabel van Mendeljev uit het hoofd kent en sterker in het leven staat dan haar minnaar Tom Jansen, de rationele wetenschapper, zinnebeeld van alle Galileo Galileï’s tot Giordano Bruno’s, zij die de waarheid dorsten te zoeken en te brengen tegen het denkkader en het establishment van hun tijd in. Niet eens omdat ze dat zo graag wilden, of er de moed voor hadden, maar gewoon omdat ze niets anders konden. De Latijnse gezangen, die beurtelings de natuur, de wetenschap en de liefde bezingen en de wanhoop, de straf en de pijn uitdrukken, wisselen naadloos met de stemmen van de acteurs. Daarbovenop komt de elektrische cello, bespeeld door componist Jan Kuijken, die vaak krijsend de wanhoop en de chaos tegenover de harmonische melodielijnen van het kamerorkest zet.

In de ogenschijnlijk eenvoudige tekst bulkt het ook van de verwijzingen. Opvallend vaak wordt bijvoorbeeld de mandragora bezongen, een plant die door het Oude Testament vruchtbaarheidsbevorderend wordt genoemd, die gebruikt wordt bij heksensabbatten en die ook in vier werken van Shakespeare voorkomt - ik heb het ook maar daags nadien gevonden bij Wikipedia, maak u niet ongerust. En net naar De Storm van diezelfde Shakespeare, ook al een stuk dat balanceert tussen vooruitgangsdenken en barbarij, wordt enkele keren verwezen.

De gehangenen is een Stabat Mater, maar dan gebracht door de gekruisigden zelf. Het is een liturgie, een mis die zich niet inschrijft in een leer, een geloof of een ideologie, maar die integendeel een ode aan het vrije denken is. Aan de intrinsieke waarde van dat denken, aan de kruisgang die de beoefenaars ervan wordt opgelegd door de machthebbers en hun volgelingen ‘die steeds met velen zijn’. De gehangenen is een passiespel, met zelfs een verrijzenis, wanneer op het projectiescherm zowat alle letters één na één wegvallen, en enkel het woord ‘Credo’ overblijft. Ik geloof, of zoals Galileï het in zijn versie verwoordde: “En toch draait ze.”

Liturgie

Josse De Pauw heeft zijn diepste overtuiging neergezet: een geloofsbelijdenis in de kracht van de vrijheid van mening, van denken, van uitdrukken. Van individu tegen gemeenschap. De Verlichting tegen de anti-Verlichting. Het is het tweede motto van de voorstelling: de opdracht van de filosoof Spinoza, die vond “dat iedereen vrij is te denken wat hij wil en te zeggen wat hij denkt.” Het is dan niet onmogelijk, zeker met al dat Latijn en een Waals orkest, er ook een parallel in te zien met recente politieke gebeurtenissen, al wordt niet één politicus of partij met naam genoemd. Maar dat de baas van de KVS, Jan Goossens zich, na de recente opstootjes met de N-VA, in de thematiek van het stuk herkend zal hebben, staat buiten kijf.

Al dat Latijn, een mis of een liturgie, een zwaar filosofisch thema, u gaat stilaan denken dat dit stuk loodzwaar is. Een dijenkletser kan je het inderdaad niet noemen, maar er zit in de soms bedrieglijk simpele tekst meer dan één knipoog verborgen, en ook heel wat licht en lucht in de liefdesdialoog tussen de man en de vrouw.

Laten we naast de kracht van de tekst trouwens ook niet vergeten te vermelden dat zang en muziek van bijzonder hoog kippenvelniveau zijn.

Dit is een zeer grote productie, niet zozeer omdat er veel volk op het podium staat, maar omdat je heel zelden zoveel zeggingskracht in inhoud én vorm tezamen vindt.

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234