Dinsdag 07/12/2021

Een lichtflits in de nacht

De strijders bij de controlepost in het frontstadje Tsjarikar kijken naar de sterrenhemel. Die blijft, na die eerste flits, leeg. Eerst wordt de stilte alleen verbroken door het geblaf van honden, dan klinkt in de verte het woesj-woesj van een raketwerper, en komt het front tot leven.

Kaboel

de Volkskrant

Bart Rijs

'Ik zag een raket overkomen, een tijdje later zag ik een lichtflits in de richting van Kaboel." Aref Mohammad-alam, een jonge strijder van de Noordelijke Alliantie, had de nachtwacht toen de Amerikaanse aanval begon. Op de donkere berg achter hem liggen de stellingen van de Taliban. "Ze schoten in de lucht om iets neer te halen." De strijders in het stadje Tsjarikar, veertig kilometer ten noorden van Kaboel, schenken geen aandacht aan de ontploffingen; alleen als het geluid dichtbij komt, luisteren ze even.

Abdulwahid heeft een walkietalkie in zijn hand waarop hij de Taliban op de berg kan horen. "Ze zeiden dat ze twee Amerikaanse vliegtuigen hebben neergeschoten, maar daar geloof ik niets van." Hij is blij dat de Amerikanen zijn begonnen met bombarderen. Een tikje teleurgesteld dat de aanval zo vlug voorbij was, is hij wel. Charikar is een spookstad. Er zijn bijna alleen soldaten en vluchtelingen. De laatste paar jaar was de stad soms in handen van de Taliban, dan weer in die van de Alliantie. De straten zijn pikdonker, en auto's moeten met gedoofde lichten rijden, anders zijn ze een te gemakkelijk doelwit voor de artillerie van de Taliban. Een paar mensen staan met een radiootje voor hun huis en kijken naar de horizon. Mohammad Amir maakt zich zorgen. Hij is vier dagen geleden met zijn familie gevlucht uit Kaboel, maar zijn broer is achtergebleven. "Hij wilde zijn winkel niet in de steek laten."

Voor de avond viel was al duidelijk dat de Amerikaanse aanval niet lang meer op zich zou laten wachten. Het luchtruim boven Afghanistan was tot gesloten gebied verklaard, en de Alliantie hield zijn helikopters aan de grond. Er waren extra troepen en tanks gesignaleerd op weg naar het front. Abdullah Abdullah, een van de politieke leiders van de Alliantie, keek demonstratief op zijn horloge toen hem op een persconferentie werd gevraagd wanneer het zover zou zijn. "Hoe laat is het?", zei hij ironisch.

In de dorpen en steden achter de frontlijn bij Charikar wonen veel mensen uit Kaboel. De meesten ontvluchtten de stad vlak voor de intocht van de Taliban in 1996. Ze hopen dat de Alliantie met luchtdekking van de Amerikanen een offensief begint, en de stad snel weer in handen zal hebben. In de Pansjir-vallei, die niet ver van Charikar uitloopt op de vlakte rond Kaboel, staan de tanks van de Alliantie in slordige rijen geparkeerd. Maar in Afghanistan worden oorlogen meestal niet beslist met wapentuig, maar met smeergeld. "Ik ken de commandanten aan de andere kant. Dat zijn geen fanatici, die houden evenveel van drank en vrouwen als ik", zegt Mir Mohammad met een brede lach. "Ik weet zeker dat ze de eerste kans grijpen om over te lopen."

Mohammad doceerde landbouwkunde aan de universiteit van Kaboel, maar werd door de Taliban ontslagen en een week in de gevangenis gezet. Als de frontlinie van de Taliban wordt doorbroken, ligt de weg naar de Kaboel open, daar is hij van overtuigd. "Over een paar dagen kan ik terug in mijn oude flat", jubelt hij.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234