Dinsdag 21/01/2020

Een leven tussen films

'Wat zegt een kleed van Greta Garbo of een uniform van Clark Gable op een kapstok?'

Het Brusselse Filmmuseum wordt geassocieerd met de dagelijkse filmvertoningen in de twee zaaltjes in de Ravensteinstraat. Een misvatting, zegt Gabriëlle Claes (Brussel, 1946), licentiate Romaanse filologie en conservatrice sedert 1989. Vierde gesprek met een conservatrice van een belangrijk museum.

De vertoningen in de twee bioscopen zijn een deel van onze activiteiten," aldus Gabriëlle Claes. "Er is ook een permanente tentoonstelling gewijd aan de prehistorie van de film en er is het belangrijke koninklijke filmarchief. Museum en archief zijn twee gescheiden instellingen met een apart statuut en een eigen begroting, maar met één conservator, en dat maakt de relatie heel nauw. De archiefafdeling houdt zich bezig met de bewaring en de restauratie van films en ze bezit ook een belangrijk documentatiecentrum, een bibliotheek, een verzameling filmtijdschriften, -foto's en -affiches. Het filmmuseum organiseert dagelijks filmvertoningen, zowel van klank- als van stomme films. Het grootste deel van de vertoonde films komt uit onze eigen collectie, maar voor bepaalde retrospectieven of festivals putten we uit andere bronnen zoals het fonds van de Belgische filmdistributeurs of buitenlandse archieven."

"In de te kleine tentoonstellingsruimte staat een veertigtal vitrines met voorwerpen die herinneren aan de voorgeschiedenis van de film. Dat betekent alles wat de uitvinding van de cinématographe door de gebroeders Lumière, en natuurlijk Edison, mogelijk heeft gemaakt, zoals de toverlantaarn, de uitvindingen van Joseph Plateau, de fenakistiscoop enzovoort. De laatste vitrine is gewijd aan Lumière en de uitvinding van de cinématographe. Het principe is dat het vervolg van de geschiedenis in de zalen te zien is, want toen begon de filmproductie.

Voor de evolutie van de filmapparatuur kun je in het museum niet terecht. "Dat heeft deels te maken met het niet beschikbaar zijn van een grotere ruimte in het PSK en het gebrek aan middelen om aankopen te doen. We beschikken in België niet over de grote fondsen, die, zoals in Duitsland, verbonden zijn met figuren als Fritz Lang, met maquettes, decors en alles wat te maken heeft met de filmgeschiedenis zoals men dat ook in Londen kan zien, het grootste filmmuseum met een permanente collectie, of in de Cinémathèque Française in Parijs. In België bestond haast geen filmtraditie, er werd vooral, kostenbesparend, op locatie gedraaid, dus zijn er sowieso weinig tastbare herinneringen. Stukken kopen in het buitenland gaat onze middelen ver te boven, dus stoppen we bij Lumière."

"Als men in een filmmuseum de objecten, decorelementen, maquettes of kostuums als dode voorwerpen laat zien, heeft de toeschouwer er weinig aan. Wat zegt een kleed van Greta Garbo of een uniform van Clark Gable op een kapstok of op een pop? In onze presentatie is vooral de manier waarop de stukken interactief worden gepresenteerd belangrijk. Door een knop in te duwen kan de toeschouwer het toestel laten werken en begrijpt hij de functie. Zo hebben wij het probleem van statische presentatie opgelost."

"Wat het filmarchief betreft werken we veel samen met Europese collega's voor de restauratie van films, het overzetten van oude kopieën op een nieuwe drager of brandbaar materiaal overbrengen op safety film. Eerst kijken we in het buitenland of zo'n soort restauratiewerk al niet eerder gebeurde - om kosten te sparen. Soms zijn we de enigen die nog over een, vaak beschadigde, kopie beschikken die we dan zelf moeten trachten te restaureren. Of dat er in verschillende landen slechte, onvolledige kopieën voorhanden zijn. Dan moet iemand de taak op zich nemen om van de stukken toch nog een behoorlijke filmkopie te maken."

Het viel Gabriëlle Claes niet makkelijk om de legendarische Jacques Ledoux, die van 1948 tot aan zijn plotselinge overlijden in 1988 conservator was, op te volgen. "Ik ben door hem opgevoed. Ik ben hier vrij jong begonnen en heb alles van hem geleerd. Ledoux was niet de stichter van het filmarchief, dat waren Piet Vermeylen en Henri Storck in 1938, maar toen hij hier na de oorlog kwam, heeft hij er een gereputeerde instelling van gemaakt en er het filmmuseum aan toegevoegd. Hij heeft bovendien een rol gespeeld in de geschiedenis van de internationale ontwikkeling van de filmarchieven. Ook ik ben via hem geïntroduceerd in de internationale federatie van filmarchieven waarin ik nu nog lid ben van het uitvoerend comité."

Dan is er nog de obligate vraag over het leven van een vrouw in een leidinggevende functie. "Ik ben het altijd gewoon geweest om vele uren aan mijn werk te besteden. Ik ben niet gehuwd, heb geen kinderen, bon, ik hèb een privéleven, maar dat moet zich aanpassen. Ik ben niet celibatair omwille van mijn werk, al vond ik het goed om het grootste deel van mijn leven aan mijn werk te besteden."

Ludo Bekkers

Meer over

Wilt u belangrijke informatie delen met De Morgen?

Tip hier onze journalisten


Op alle verhalen van De Morgen rust uiteraard copyright. Linken kan altijd, eventueel met de intro van het stuk erboven.
Wil je tekst overnemen of een video(fragment), foto of illustratie gebruiken, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234