Zaterdag 15/05/2021

Een hele wereld in een prent

Van 13 tot 28 maart loopt de Jeugdboekenweek, het grootste kinderboekenfestival in Vlaanderen. Dit jaar is het thema kinderrechten. Hierna volgt alvast een selectie voor alle leeftijden uit het recente aanbod van prentenboeken. Want kinderen hebben recht op mooie boeken die ertoe doen.Door Annemie Leysen

Over missen gaat het in het fraai uitgegeven boek Hoe oma almaar kleiner werd. Theatermaker, vertaler en auteur Michael De Cock schreef een melancholisch verhaal, gebaseerd op zijn theatervoorstelling, over hoe een klein meisje het ouder worden en het stilaan verdwijnen van haar oma ervaart. Naarmate ze zelf groter en wijzer wordt, ziet ze haar hartsvriendin steeds kleiner worden: “Als ik de vingers van mijn hand uitstrekte, dan kon ik haar tussen mijn duim en wijsvinger houden. Zo klein was ze.” Rechttoe rechtaan, zonder veel franjes, laat De Cock zijn vertelster haar verhaal doen. Over de jeugd en de onverwoestbare liefde van Oma Roos voor Opa Matroos. En over de plastic bloem die haar opa van een verre reis voor zijn geliefde ‘bloem’ van een vrouw meebracht, en die haar leven lang een onlosmakelijk stuk van haar zelf is geworden. Mooi bedacht is de scène over de twee koffers die oma meezeult, na de dood van haar onmisbare kompaan: één met kleren en één met verdriet. Verdriet als gaatjes in je hart om tranen naar buiten te laten. “Het lijkt misschien eigenaardig, maar krimpen is voor oma’s heel normaal”, zegt het meisje. Op de verfrissende, expressieve tekeningen van Kristien Aertssen zie je het vrouwtje dan ook almaar nietiger en warriger worden; haar stokkerige beentjes hangen op den duur in het ijle te bungelen van haar stoel, en het dressoir mét poppenbed wordt haar petieterige onderkomen. Dat ze haar oma onvermijdelijk zal moeten loslaten, laat het hart van de kleindochter kraken, “zoals het ijs op het water”. Tot ze in haar verdriet begrijpt dat al dat krimpen toch ergens goed voor is. Op die manier kan oma voor altijd in een van de kamers van haar hart blijven wonen. En dat perspectief verbeeldt Kristien Aertssen prachtig in de pakkende slot-illustratie.

Goed kijken én denken is de boodschap in het meesterlijke boek-zonder-woorden van de Franse striptekenaar en graficus Blexbolex. In onvervalste fiftiesstijl presenteert hij op de dubbele pagina’s mensen met een specifieke bezigheid of een uitgesproken beroep. Aan de kijker om de slimme verbanden tussen de duo’s te ontdekken. Associëren dus maar, samen met de maker, die duidelijk plezier beleefde aan zijn hoogst originele creatie. Soms liggen de verbanden voor de hand, maar veel vaker zijn de overeenkomsten en verschillen bizar en verrassend. Je wordt voortdurend in het ootje genomen. Een houthakker en een beul, een dakloze en een kampeerster, een naaister en een fakir, of een jager en een soldaat, rijm je nog moeiteloos aan elkaar, wegens soortgelijke attributen. Combinaties van een secretaresse en een Yeti, een astronaut en een dromer, of een verliefd meisje en een emir, worden algauw doordenkertjes. Het boek zet de kijker ook aan tot het verzinnen van verhalen rond de afgebeelde stellen. En dat maakt het helemaal tot een feestelijke ervaring.

Allemaal mensen werd op de Leipzicher Buchmesse 2009 uitgeroepen tot ‘Het mooiste boek ter wereld’, de prestigieuze jaarlijkse boekdesignprijs. De illustraties zijn strak en gestileerd gehouden. Je focust meteen op de essentie. Vaak ontbreken de details op de gezichten, wat de voorgestelde personages iets tijdloos meegeeft. De robuust getekende figuren en de copieuze kleurvlakken kregen niet enkel de vormgeving maar ook de retrokleuren mee van een ver Tativerleden. Een ingenieus bedacht, geestig en prachtig boek voor grote en kleine liefhebbers.

In Het land van de grote woordfabriek wordt zuinig met woorden omgesprongen. Om ze te hebben, moet je ze kopen in de haast onbetaalbare speciaalzaken, en ze vervolgens profijtig proeven en inslikken. Voluit spreken is dan ook een voorrecht van rijke mensen. Dan maar wat grabbelen in vuilnisbakken, op zoek naar wegwerpletters, en je slag slaan in de goedkope grabbelbakken tijdens de woordkoopjes. Maar met ‘dromedariszadel’ of ‘appelsapmakerij’ schiet je niet meteen op. Een enkele keer dwarrelen er weleens woorden door de lucht. Dan zijn de kinderen er als de kippen bij om die in hun vlindernet te vangen. Ook Florian, die al jaren droomt van de perfecte woorden waarmee hij zijn lieve Siebelle kan charmeren. Tenslotte blijkt dat een hartverwarmende glimlach en wat simpele woorden als ‘kersenrood’, ‘pannenlapje’ en ‘stoelendans’ meer vermogen dan hoogdravende, nietszeggende dure retoriek. En ‘nog’ is al helemaal een interessant woord.

Een onwezenlijk mooi en teder verhaal is dit, een tikkeltje filosofisch en surrealistisch, en opvallend sfeervol van opzet. De prachtige illustraties van de Argentijnse Valeria Docampo maken de voor jonge kinderen toch wel erg abstracte thematiek toegankelijk en voegen heel wat toe aan het ongewone verhaal. Daar heeft het kleurgebruik veel mee te maken. De copieuze prenten in bruin en sepia geven op de eerste bladzijden een verstilde, haast futuristische en gevoelloze wereld weer. Stilaan duiken er vlekjes rood op, steeds uitbundiger, tot de kleur van de taal van het hart aan het eind alles overheerst. Ook de verrassende perspectieven scheppen eerst kille afstandelijkheid, en laten later de verlossende warmte binnen. Een bijzonder prentenboek om vaak te lezen en te bekijken. Er valt steeds wel wat nieuws in te ontdekken.

De schoenen van Jakob is alweer een poëtisch verhaal van Agnès de Lestrade, dit keer met illustraties van Tom Schamp. Een succesvolle combinatie van talenten, die eerder het grappige prentenboek De dromen van Boeba opleverde. Over een bevlogen schoenmaker gaat het, die voor elke klant een op alle manieren perfect passend paar schoenen bedenkt. Voor fantasten bezorgt Jakob schoenen die de dragers met beide voeten op de grond houden. Verlegen mensen krijgen ‘stoute’ exemplaren, voor ongeduldig aangelegde klanten ontwerpt hij zevenmijlslaarzen, waaghalzen doen een stapje terug en luiaards hoeven geen voet te verzetten: hun schoenen houden pas op de plaats. Alleen voor zichzelf vindt hij geen geschikt schoeisel, wegens te druk. Hij doet het dan maar met een sok en een klomp. Tot mooie Sarah met een bijzondere bestelling komt aanzetten: schoenen om de eerste stap te zetten, en of Jakob die kan verzinnen? Agnès de Lestrade goochelt hier slim met woorden en uitdrukkingen en het verhaal zit vol geestige dubbele bodems waar de illustrator in de Franse versie perfect op inspeelt. Die woordgrapjes komen jammer genoeg niet altijd even goed tot hun recht in de Nederlandse vertaling, wat soms voor rare associaties zorgt. En toch is het een prachtig boek met verbluffend mooie en rake tekeningen. Op de volle, uitbundig geschilderde en getekende bladzijden roept Tom Schamp een Russisch-Joods aandoende wereld op, in een wonderlijke Chagallsfeer. Baardige mannen met zwarte hoeden als vingerpopjes op een hand gezet, winterse landschappen in de doorkijkjes achter de ramen, een onbestemde, dromerige architectuur, grappige en verrassende details. Elke prent zit vol subtiele vondsten. Ook de lay-out is inventief en afwisselend. Een feestelijk boek.

Geen Gijs, Flop, Roosje of Ella in dit verrassende prentenboek, en al evenmin de inmiddels vertrouwde, ruw geborstelde schilderijtjes met de langneuzige kindertjes met de sprieterige haren. Het vaak bekroonde duo Dros-Geelen pakt hier uit met een heel nieuwe stijl. Op de cover in groot formaat staat een merkwaardig stel: een grote, geblokte, kale kerel en een aandoenlijk, beetje huissloverig vrouwspersoon op pantoffels, kijken elkaar vriendelijk in de ogen tegen een kleurig gespikkelde, donkere achtergrond. Alles in dit boek heeft met ‘boe’ te maken. Daar kun je niet naast kijken. Geelen laat ‘boe’ overal, in alle mogelijke typografische vormen opduiken: op de schutbladen, op de outfits, tot op het wiegje van de baby toe. De minimale maar veelzeggende tekst en de royale prenten vertellen een op zijn minst apart griezelverhaal. De boeman woont met zijn boevrouw en hun boebaby in een boehuis in het boebos, bij het rilmeer en aan de voet van de bibberbergen, in een gezellig griezelhuisje. De bonte hond, een zwarte kat en een oehoe zijn altijd in de buurt. En uiteraard horen er piepende vleermuizen, rommelende spoken en een gierende wind bij. “En een boeman, dat weet je, roept af en toe BOE.” Alles naar wens dus, voor het griezelstel, op het eerste gezicht. “Maar ja, overal is wel wat”: de boevrouw heeft een probleem. Ze schrikt bij het minste wat beweegt of geluid maakt en gaat dan heel hard gillen. Als ze een speld hoort vallen, bijvoorbeeld, en erger nog, telkens als haar boeman opduikt, zonder dat ze hem had horen aankomen. Uitvoerig boeroepen blijkt dé uitkomst voor het echtelijke probleem. Een beetje een maf verhaal is het wel, met een onverwacht, naar mijn gevoel weinig geïnspireerd slot. Het uitermate verzorgd uitgegeven boek moet het vooral hebben van de indrukwekkende illustraties. Daar kom je ogen voor te kort. Harrie Geelen leefde zich duidelijk uit in zijn uitbundige computer- en collagetekeningen, zijn kleurige schilderwerk en de originele grafiek. Het griezelhuis is met lucifers gebouwd, de spoken op zolder zijn ronddwarrelende snippers krantenpapier en het ontwapenende boekoppel werd bijzonder expressief en grappig in de verf gezet.

Keepvogel en zijn onafscheidelijke hond Lupus Wolfram Tungsten - of gewoon Tungsten voor de vrienden - zijn de hartveroverende helden uit de gelijknamige tekenfilmserie die Wouter van Reek maakte voor de VPRO (Villa Achterwerk). Intussen verschenen er al vijf afleveringen in boekvorm.

Keepvogel is een harkerig soort loopvogel op hoge poten met een grote bek en een rood jasje. In dit boek wil hij verborgen schatten onder de grond ontdekken, nadat Tungsten wat bijzonders had opgegraven. Met een doodgewone schop verloopt het graafwerk moeizaam. Een zelf ontworpen diepgraver moet de zaak laten opschieten. “Ik graaf tot het allerdiepste en dan nog verder”, roept Keepvogel, die in zijn naïeve dromen al een “kromobogtonol” of een “terrolilobeen” ziet verschijnen. Alleen heeft hij niet begrepen dat hij in zijn obsessionele ijver een rondje heeft uitgegraven. Wat hij, als hij weer boven komt, voor hangende heuvels en bijzondere spullen houdt, blijken de bergen zand van zijn graafwerk en de vondsten van Tungsten te zijn. Een heerlijk grappig boek is dit, vooral door de meesterlijke tekeningen waarop fossielen, dinogeraamtes, oude vazen, kralen en meer ‘bijzonders’ net naast Keepvogels tunneltje liggen te wachten tot Tungsten ze moeiteloos naar boven haalt. De tekst lijkt mee te draaien met de bochten die hij door de veelkleurige aardlagen maakt. De wereld op zijn kop... En op elke bladzijde vertellen kleine rode hiërogliefen een eigen versie van het verhaal.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234