Maandag 23/05/2022

Een grijze tentoonstelling, getekend Hoet

Het goed verscholen Duitse stadje Borken, ergens ten noorden van het dampige Ruhr-gebied, is nu het toneel van wat een van de grootste zomertentoonstellingen van 2001 moest worden. De werkelijkheid is eventjes anders. Jan Hoet, die veel moois uit het SMAK meebracht, doet zijn reputatie van Weltausstellungsmacher hoegenaamd geen eer aan.

Borken / Van onze medewerker

Luk Lambrecht

De sympathieke organisatoren die massaal petjes, drinkbekers en draagtassen lieten drukken, zitten er maar sipjes bij. Er komt heel weinig volk en het vooropgestelde bezoekersaantal van 100.000 zal nooit worden gehaald. Nochtans is Borken geografisch vrij goed gelegen in het grensgebied tussen Nederland en Duitsland, landen waar curator Jan Hoet zeer goed scoort. De overvloed aan tentoonstellingen is wellicht de grote oorzaak van een sterk verminderde zorg voor kwaliteit en (na)begeleiding. Jan Hoet maakt gewoonweg te veel grijze tentoonstellingen. Dat 'tentoonstellingen maken aan de lopende band' loopt vroeg of laat nefast af, zowel voor kunstenaars als publiek. Tentoonstellingen zijn vandaag, op uitzondering van de vernissage, niet langer een feest voor oog en geest maar tussenstops van een haastige nomadische machinerie die hoe langer hoe meer doldraait.

De tentoonstelling in Borken (Interaktionen - Natur & Architektur) lost de verwachtingen ook niet in omdat de stad niet of nauwelijks wordt betrokken in het project. Alles concentreert zich rond een groot depot - een voormalige stock van de sociale dienst van de Bundeswehr waar een groot deel van de nieuwe kunstwerken te vinden zijn, naast een greep uit de vaste collectie van het SMAK. In deze neutrale tentoonstellingsruimte schuilt dus geen architecturale meerwaarde voor het project. Op de andere locaties, met uitzondering van de voormalige lege Volksbank en de nieuwe Volksbank, is er weinig te beleven. Er is wel een goed geplaatst houten ponton van Ronny Heiremans aan de oevers van een riviertje in het groene Borken. Dat is jammer omdat je in Borken de openheid voelt en... de vele financiële middelen die de inwoners draineerden naar de Gentse tentoonstellingsmakers.

Bij het startpunt wordt al meteen duidelijk dat de beste opstelling door Jan Hoet zelf gebeurde - in een enorme open ruimte stelt hij tal van topstukken tentoon die zelfs nog niet eerder in het nieuwe SMAK te zien waren. Hier voel je een juist evenwicht tussen de omgeving en de kunst. Hier ligt het werk van Carl Andre perfect als een lange koperen loper op de betonnen vloer; reikt het fantastisch aan elkaar gesjorde werk Les Maisons tournent autour de nous ou nous tournons autour des maisons (uit 1979) van Mario Merz als een mythologische uitkijktoren over de betonnen vlakte. Naast ander schitterend werk van Joseph Beuys, John McCracken, Bruce Nauman en Giovanni Anselmo worden de achterliggende ruimtes hokje na hokje gevuld met een installatie. Het is alsof de jonge kunstenaars allemaal hun territoriumpje wilden veiligstellen. Geen of weinig interactie en je voelt maar weinig bezieling in hun invallen/ingrepen. Hoe is het bijvoorbeeld mogelijk dat een 'ster' zoals de Spaanse Alicia Framis er niet toe komt haar Billboardhuis te bouwen en de bezoeker dan maar achterlaat met wat snel in elkaar geflanste en inmiddels met ezelsoren loshangende plannen en met een 'conceptueel' met tape op de vloer geplakt grondplan. Hoe kan een Weltausstellungsmacher zoals Jan Hoet zoiets tolereren van een internationaal zeer belangrijk geacht kunstenaar?

Het werk van de Brusselaar Emilio Lopez-Menchero werkt dan weer aanstekelijk. In een broeierige pisgeur confronteert hij de bezoekers met tseetseevliegen (in een kooi) die wekelijks naar het Tropisch Instituut van Antwerpen terugkeren om een portie warm bloed te drinken. Lopez brouwt met zijn vliegen een haast universeel verhaal over migratie, extreem-rechts, tot en met een thema zoals de dioxinecrisis. Een van de aangrijpendste installaties komt hier van de Brit John Isaacs. Een in was en pigment nagebootste aan stukken versneden walvis ligt hier plomp op de vloer, geflankeerd met de projectie van een videofilm van gebruikers van de metro in Londen. Tegen de andere wand hangt John Isaacs' zelfportret: een clown poserend tegen een enorme muur van schroot.

Johan Deschuymer toont op een reuzensokkel een reeks 'dialogerende' embryo's in melkwitte kunststof en roept angst op door in een aanpalende ruimte een blauw neonwerk met labyrintische motieven te monteren in de onder water gelopen kelder... no exit!

Tijdens mijn bezoek waren de werken in het park van Manfred Pernice en Yolande Paulsen Quintana beschadigd en waren tal van aanduidingen van kunstwerken in de openbare ruimte verdwenen... Ook het 'underground'-geluidswerk van Christine Clinckx onder de stalen deksels van de riolering werkte niet naar behoren. In de Volksbank, een belangrijke sponsor, zijn in het postmoderne decor zielloze installaties te zien: de Vazen van Leo Copers, een camera-obscurafoto van een omgekeerde linde in Ronse van Rodney Graham en een detail uit Günther Förgs bijdrage voor Chambres d'Amis (1986). Het zwaartepunt van deze expo ligt in de voormalige Volksbank, een leeg en mooi gebouw uit de jaren zestig. De Duitser Hermann Maier Neustadt en de Belg Jan De Cock gaan er stevig tegenaan. De bijdrage van Hermann Maier Neustadt ontgoochelt omdat hij al te letterlijk een kleurrijke installatie/reconstructie bedacht van de oorspronkelijke plannen van de bank. Waar bureaus en stoelen stonden bracht Neustadt gekleurde panelen aan; waar muren verdwenen markeerde hij de vloer met cementstenen en het wordt helemaal educatief als Neustadt met gele letters op de vloer de functies van de benedenverdieping aanduidt.

Jan De Cock (binnenkort ook op Watou) laat de toeschouwer via twee ingangen toe tot zijn installaties. Langs een speciale trap tegen de gevel kom je terecht in een gang die uitgeeft op een lange rij vensters en twee deuren. Begrippen zoals spiegeling en constructie worden verder gesuggereerd via een parcours dat de bezoeker (of is het een acteur) leidt naar semi-architecturale landschappen die als goed afgebakende botanische tuinen de bezoekers scheiden en soms van op afstand met elkaar in contact brengen. Daartussen zitten twee uitermate goed gepositioneerde suppoosten die vanuit onverwachte hoeken de toeschouwers vriendelijk in de ogen kijken. Het is een enorme installatie met de titel Randschade en illustreert de obsessie van Jan De Cock (25) voor ruimte, architectuur(onderzoek) en theater. Het is alvast werk dat je ook werkelijk fysiek iets doet.

WAT: Interaktionen - Natur & Architektur WAAR EN WANNEER: Nog tot 30 juni (van dinsdag tot zondag van 10 tot 18 uur en op vrijdag tot 23 uur) in de stad Borken. Inlichtingen: tel. 0049-2681/908.606 of 09/221.17.03ONS OORDEEL: Jan Hoet maakt gewoonweg te veel grijze tentoonstellingen.

Actuele kunst

'Interaktionen - Natur & Architektur' lost verwachtingen niet in

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234