Maandag 18/01/2021

'Een goeie componist heeft maar één idee'

Wim Mertens zal voor altijd de man van het Proximusmuziekje blijven, maar het zou grotesk zijn om hem louter te reduceren tot de componist van 'Struggle for Pleasure'. Het nummer staat niettemin op de gelijknamige plaat die de Limburger vanavond in Brussel herneemt.

Terugkijken is altijd een hinderlijke activiteit", zegt Wim Mertens (58) wanneer we bij elkaar aan tafel schuiven in Huis 23, de nieuwe ontmoetingsplaats van de Ancienne Belgique. "Maar tegelijk wil ik mijn verleden ook niet ontkennen."

Dat valt mee, want anders waren we snel uitgepraat. We hebben immers afgesproken naar aanleiding van de dertigste verjaardag van zijn classic Struggle for Pleasure, die voor de gelegenheid zopas in een prachtige deluxe-editie werd heruitgebracht. Bovendien mag Mertens de plaat, aangevuld met een handvol extra's, opnieuw opvoeren in het kader van de Rewind-reeks van de AB. De belangstelling is van die aard dat beide voorstellingen ruim op voorhand uitverkocht waren.

U heeft intussen een imposant oeuvre dat meer dan zeventig cd's beslaat. Kunt u daar zelf het overzicht in bewaren? Als ik u een willekeurig stuk uit één van die platen laat horen, weet u dan meteen wat er op ligt?

"Nee. Zeker niet van allemaal. Het is ook altijd mijn streven geweest om iets te maken waar je niet meteen inzicht in krijgt. Het mag best wat verwarrend zijn. Voor de luisteraar, én voor de componist. Ik schat dat ik nu ongeveer tachtig uur muziek in de winkel heb. Dat lijkt veel, maar in de klassieke muziek is dat peanuts. Bovendien ben ik erin geslaagd om mijn output sinds 2005 tot een 33-tal cd's te beperken. Zo wordt het toch weer overzichtelijk. In het boekje van de nieuwe plaat hebben we ze nog eens afgedrukt, en alles paste op zes pagina's. Dat valt dus wel mee. Maar dat wil nog niet zeggen dat je daardoor ook al de onderlinge verbanden tussen die composities in de gaten hebt."

Zijn die er dan? Is elk van uw composities aan een andere gelinkt?

"Een goeie componist heeft maar één idee. Daar moet hij het mee doen. Al kan je achteraf wel vertakkingen, omleidingen en distorties maken. Ik zeg niet dat heel mijn discografie uit variaties op hetzelfde thema bestaat, maar het is wel een afwikkeling van een programma. Alleszins: ik ben in een carrière van 32 jaar nog nooit op plagiaat betrapt . Dat lijkt me niet niks. Vooral omdat ik zelf wél regelmatig geplagieerd word."

Wat maakte de muziek die u in het begin van de jaren 80 maakte zo bijzonder? Ook wie niet van uw bestaan afweet, kent 'Struggle for Pleasure' en 'Close Cover'.

"Het gekke is dat in het buitenland vaker naar andere stukken wordt gevraagd. Daar willen ze toch vooral 'Multiple 12' en '4 Mains' horen, ook nummers uit die vroege periode. Nu, dat zie je bij schrijvers en schilders net zo goed. En het geldt voor alle genres in de muziek. Volgens mij komt het erop aan om een ritme of een motief te vinden dat bij je persoonlijkheid past. Als je door toeval meteen een eerste formulering bij elkaar krijgt, gebeurt er iets bijzonders. Kijk naar de eerste platen van Bob Dylan of The Rolling Stones. Daar werd de basis voor wat ze later zouden doen al gelegd. Hoe komt het nu dat die Lana Del Rey met 'Video Games' meteen zo'n fantastische eerste aanzet heeft? Hetlijkt haast alsof dat nummer uit de hemel komt neergedaald."

En dat gevoel had u bij uw eigen werk ook?

"Toen niet, omdat ik destijds de druk van de muziekbusiness niet voelde. Ik had al een vaste job als muziekproducer bij BRT 3 - het huidige Klara - dus componeren en opnemen was in de eerste plaats een nevenactiviteit. In '85 heb ik met Usura mijn eigen labeltje opgericht, en zo werk ik vandaag nog steeds. Op de radio hield ik me destijds vooral bezig met het organiseren van concerten. Daar waren toen nog budgetten voor. We haalden Steve Reich en Philip Glass naar hier, en zonden optredens van Terry Riley uit. Een heel veelzijdig aanbod.

"Ik ben tot '89 voor de openbare omroep blijven werken. Nadien viel het niet meer te combineren, want ik speelde toen al vijftig concerten per jaar. In mijn hoofd had ik bovendien een knop omgedraaid. In die periode had de toenmalige BRT een jazz-ensemble, een symfonieorkest en een koor. Fantastisch. Maar al die dingen zijn afgebouwd, en de muzikanten gingen elk hun eigen weg. Achteraf bekeken waren de jaren 80 ongemeen boeiend. Men aanvaardde de gratuite autoriteit van platenfirma's niet meer. Zelf heb ik die attitude ook meegenomen in mijn muziek. Ik vertikte het bijvoorbeeld om kamermuziek in de traditionele betekenis van het woord te schrijven. Die canon heb ik nooit willen overnemen. Tot op vandaag niet, overigens."

Ik las dat uw muziek in eerste instantie door de zogenaamde kenners niet echt au sérieux werd genomen.

"Men verweet me dat ik te veel uitbracht. En dat mijn muziek te lyrisch was. Te emotioneel, ook. Men vond het verdacht dat ik de aandacht kon trekken met een thema vanuit de geschreven muziek. Want zowel mijn zang als mijn piano stonden heel schematisch genoteerd. Dat was not done. Volgens mij is dat de reden waarom ik eerst in de mediterrane landen een publiek heb gevonden. Daar zaten ze veel minder in dat keurslijf, gingen ze veel losser met muzikale tradities om.

Mijn eerste buitenlandse concert was meteen voor tweeduizend mensen in Bologna. En de dag nadien reden we, met mijn electrische piano op het dak gebonden, in een klein Fiatje naar Syracuse in Sicilië, waar de dag nadien nog eens zoveel volk kwam opdagen. Nadien volgden Spanje, Portugal, Griekenland en Mexico. Maar hier was ik voor de pers en de radio een vijandig product. In Brussel speelde ik uitsluitend in het alternatieve circuit. Pas jaren later heeft Jari Demeulemeester zijn schouders mee onder het project gezet, en toen stond ik meteen met vier uitverkochte optredens in de Ancienne Belgique. Maar zelfs in die periode werd een nummer als 'Struggle for Pleasure' niet opgemerkt. Die kentering is pas veel later gekomen."

Kunt u ermee leven dat u voor een heleboel mensen gewoon die vent van het Proximusmuziekje bent?

"In België is dat zo, ja. En waarom niet? Er is wel een periode geweest dat ik alleen nog zo geïntroduceerd kon worden in de pers, en dat stoorde me een beetje. Anderzijds: ik heb mezelf op visueel vlak nooit naar de voorgrond gebracht. Ik ben zowat de belichaming van de anti-marketingfiguur. Dat ligt me echt niet zo.

"Ik besef dat ik veel te danken heb aan 'Struggle for Pleasure'. Er zijn intussen meer dan honderd covers van opgenomen. Vraag me niet waarom. Misschien is het gewoon een goed nummer? Het is destijds op zo'n kleine Zimmermann-piano geschreven die nog steeds bij mijn ouders staat. We hebben het ook heel snel opgenomen. 's Nachts, in een studiootje aan de Molièrelaan in Brussel. (denkt na) Iedere componist vraagt zich af waarom sommige stukken aanslaan, en andere niet. Bij Mozart springt 'Eine kleine nachtmusik' er ook uit. En Beethoven heeft net zo goed maar één 'Für Elise' geschreven. Er is geen enkele reden om dat achteraf nog eens te willen herhalen."

Voelt u zich gedwongen om uw muziek via films, reclamespots en televisieseries bij een groot publiek te introduceren, omdat er op de radio nauwelijks plaats voor is?

"In België is de radio van meet af aan veel te geformuleerd geweest. Sommige van de grote producties die ik in het buitenland heb gedaan, hadden nooit gekund zonder de steun van plaatselijke radiostations. Soms zelfs commerciële zenders. Daar beschikken ze toch over iets meer fantasie op dat vlak. Bij ons heeft men altijd zeer sterk de nadruk op Engelstalig werk gelegd.

"De gedragslijn van Jan Hautekiet en consorten heeft zeer negatief gewerkt op de ondersteuning van onze eigen muziek, van jazz tot Nederlandstalig chanson. Dus uiteraard: iedere soundtrack die ik heb kunnen doen, heeft enorm geholpen om me internationaal op de kaart te zetten. Maar ik ben zeker geen filmcomponist, en ondanks het feit dat ik er intussen een stuk of twintig gemaakt heb, is het ook niet echt mijn ding. Toen Peter Greenaway me destijds vroeg om de soundtrack te maken voor The Belly of an Architect, heeft dat voor een boost gezorgd. Vooral in Griekenland en Italië. Heel af en toe werk ik wel eens in opdracht. Ik heb bijvoorbeeld een creatie gemaakt voor de wereldtentoonstelling van Sevilla. Al volg ik los daarvan toch mijn vooral mijn eigen agenda."

In Italië heeft u intussen navolging gekregen. Pianist Ludovico Einaudi beschouwt u als één van zijn grootste voorbeelden.

"Ik ken hem niet persoonlijk, maar in de jaren 80 is hij wel regelmatig naar mijn concerten komen kijken. Hij heeft een eigen stijl gevonden. Bij mij is het ook zo gegaan, hoor. In sommige van mijn stukken schemert bijvoorbeeld de invloed van Philip Glass door. Dat was iemand die me zin gaf om zélf muziek te maken. Nu zitten we allemaal in hetzelfde circuit. Zo was het twintig jaar geleden al. Doordat we een nieuw soort muziek maakten, werden er ook nieuwe locaties gezocht. Op een scheepswerf in Griekenland. In een grot op Lanzarote. Mijn eerste optreden in Mexico was voor vierduizend mensen op een uitgedoofde krater. Onvergetelijke ervaringen, maar dat gebeurde buiten het medeweten van de Belgische scene."

Wat voor iemand was u als twintiger?

"Een beetje een dandy, toch. De meeste nummers van Struggle for Pleasure zijn op vakantie in Salernes gecomponeerd, in het zuiden van Frankrijk. Daar huurde ik een klein bungalowtje met wat vrienden. En net zoals ik op mijn achttiende een punt wilde zetten achter mijn muzikale studies, wilde ik toen een streep trekken onder de intellectuele benadering van muziek. Ik wilde geen academisch componist zijn. Voor mij primeerde het spel. En het toeval. Me amuseren, dààr draaide het om. Ik herinner me die tijd als een hele losse, vrije periode. Er was het onderliggend gevoel dat het mogelijk was om op een heel andere manier te componeren. Dat we onze kans konden grijpen."

Wat u daar zegt is bijna de definitie van punk.

"Ik heb het over dezelfde periode, dus misschien was dat geen toeval. We wilden alles onderuit halen, en weer opnieuw beginnen. Maar wél op een constructieve manier. Ik heb alvast nooit de behoefte gevoeld om met drugs te experimenteren. Ik verdroeg zelfs geen sigaretten, en alcohol interesseerde me ook al niet. In mijn hoofd ging het er zo al hevig genoeg aan toe dat ik het zonder al die roesmiddelen kon stellen. Nu denk je wellicht: wat een saaie kerel. Maar ik hield wel van snelheid. Ik reed toen al met dezelfde GTI rond die later door de rijkswacht werd gebruikt. Het moest vooruit gaan, want ik moest van hot naar her. Ik werkte halftijds voor de radio in Brussel, dan was het naar Genk om een cursus te volgen, en tussendoor gaf ik ook nog wat gitaarles in de buurt van Leuven om in mijn onderhoud te voorzien."

Kon u makkelijk rondkomen met uw muziek?

"Al vrij snel, zelfs. En dat was in de hedendaags klassieke muziekscene du jamais vu. Zelfs nu ontmoet ik nog regelmatig mensen die zich afvragen of ik wel van mijn optredens kan leven. Op zich is dat ook een relevante vraag. Ik heb gewoon geluk gehad, denk ik. Mocht ik in België gebleven zijn, was het me sowieso nooit gelukt. Ik ben blij dat ik mijn eerste stappen als live-artiest in het buitenland heb kunnen zetten. Mijn verlegenheid heeft me zeker parten gespeeld, in het begin. Maar ik trok me wel op aan het feit dat er belangstelling was voor wat ik deed. De eerste keer dat ik in Tokyo speelde zat Ruiychi Sakamoto in de zaal. Die bleek vertrouwd met mijn werk, en had echt moeite gedaan om te komen kijken. In de jaren 80 heb ik zeer regelmatig in Japan opgetreden. Ik had er zelfs een eigen boekingskantoor."

Op de recentste best of die van u verschenen is, staat u met een gelaatsuitdrukking op de hoes die lijkt te willen zeggen: koop deze plaat vooral niét. Fotosessies zijn uw sterkste kant niet.

"Helemaal met je eens, maar ondanks mijn hoofd op de hoes heeft die cd waanzinnig goed verkocht. Herinner je je de hoesfoto van Stratégie De la Rupture nog? Die is zo mogelijk nog erger. (lacht) Fotosessies zijn sowieso een traumatische ervaring. Interviews geven heb ik ook moeten leren, maar dat gaat me intussen toch al wat beter af. Omdat ik daar tenminste het gevoel heb dat ik zelf ook een bijdrage aan het gesprek kan leveren. Fotosessies zijn me te autoritair. Daar heb ik de situatie niet onder controle, ligt mijn lot in handen van de fotograaf. Ik verzand. Ik versteen. Ik kom volstrekt onnatuurlijk in beeld. Vaak wordt dat als arrogant versleten. Terwijl de waarheid veel simpeler is: eigenlijk ben ik een beetje bang van de camera."

De 30th Anniversary Edition van Struggle for Pleasure is uit bij EMI. De rewind-concerten van Wim Mertens in de Ancienne Belgique vandaag en morgenavond zijn volledig uitverkocht.

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234