Donderdag 24/09/2020

'Een film maken is naar jezelf kijken'

'Revolutionair, stout, tegenwerkend, geagiteerd, geurig, koud en koel.' Met die termen beschrijft Francis Ford Coppola op het etiket Sofia, de champagne die hij creëerde op zijn domein in de Napa-vallei in San Francisco en die hij naar zijn dochter noemde. De 32-jarige Sofia komt in jeans en slobberende zeemanstrui de kamer in het Parijse Crillon-hotel binnengestapt. Tijdens het interview lijkt ze vooral kwetsbaar en introvert, een indruk die veel beter past bij haar films.

De films van Sofia Coppola zijn altijd op een of andere manier een reflectie van een persoonlijke gemoedsgesteltenis, vaak als terugblik op een periode die achter de rug ligt, alsof ze er een hoofdstuk van haar leven mee wil afsluiten. De kortfilm Lick the Star (1998) was bijvoorbeeld een portret van vier wrede en op macht beluste dertienjarige schoolmeisjes. Ze zijn geobsedeerd door Flowers In the Attic van V.C. Andrews. In dat boek wordt rattenvergif aan kinderen gegeven. The Virgin Suicides (1999), naar de gelijknamige roman van Jeffrey Eugenides over de zelfmoord van vijf tienermeisjes, leek een manier om de dood van haar oudste broer Gio van zich af te filmen. Gio kwam om bij een bootaccident toen Sofia vijftien was.

Lost in Translation is in nauwelijks 27 dagen en met een budget van 4 miljoen dollar opgenomen. Het grappige, melodramatische duet tussen twee eenzame en verloren zielen in een duur hotel in hartje Tokio is deels geïnspireerd op Sofia indrukken en ervaringen in datzelfde Park Hyatt-hotel, waar ze verbleef tijdens haar promotietournee voor The Virgin Suicides. Toeval of niet, afgelopen zomer blikte ze een clip in met supermodel Kate Moss voor neogarageband The White Stripes. De titel van de song, de Burt Bacharach-cover 'I Just Don't Know What to Do With Myself', lijkt wel een ontboezeming van Charlotte, het vrouwelijke hoofdpersonage van Lost in Translation.

Ondanks de grappige kijk op de kruising tussen de Amerikaanse en Japanse cultuur is Lost in Translation eerst en vooral een ode aan Tokio. Met het hotel als uitvalsbasis duiken de ontgoochelde Hollywood-acteur Bob Harris (Bill Murray) en Charlotte (Scarlett Johansson) regelmatig in het Tokiose uitgangsleven met zijn videogamespeelhallen, shabu-shabu-restaurants, stripclubs en karaokebars. Maar de camera zoomt ook regelmatig nieuwsgierig in op allerlei elektronische snufjes, zoals een transportmechanisme voor röntgenfoto's in een ziekenhuis, een fileverklikker of traditionelere activiteiten en rites zoals bloemschikken of een wensbriefje aan een boom in een tempel vastknopen. De werktitel van de film luidde trouwens Tokyo Story.

Coppola is gefascineerd door Tokio en Japan. Als kind was ze er al eens met haar ouders geweest. Ze ontdekte de stad echt toen ze tien jaar geleden samen met Stephanie Hayman, een vriendin uit haar kindertijd, Milk Fed lanceerde, een lucratief merk sport- en straatkleding dat exclusief in hun Tokiose winkel Heaven 27 wordt verkocht. "Dat is de reden waarom ik een keer per jaar naar Japan ga", aldus Coppola. "Milk Fed is er populair, maar dat komt ook omdat men in Japan een uitgesproken fascinatie heeft voor alles wat uit het Westen komt. Momenteel focus ik me daar niet meer echt op. Het is gewoon een van de dingen die ik geprobeerd heb toen ik jonger was en ik nog niet goed wist wat ik wilde doen. Nadien heb ik me op film geconcentreerd. Maar ik hou van mode, het is fun. Ik vind het ook fijn om mijn eigen bedrijf te hebben. Ik heb er veel van geleerd. Toen ik met de deals voor Lost in Translation bezig was, is me dat heel goed van pas gekomen.

"Ik heb Tokio altijd al een fascinerende en opwindende plek gevonden, helemaal anders dan de andere plaatsen waar ik tot nu toe al geweest ben. Tokio is chaotisch en stimulerend door de reclames en de muziek waarmee je overal geconfronteerd wordt. In vergelijking daarmee is het Park Hyatt-hotel heel sereen. Je hebt er een heerlijk zwembad, een Frans restaurant en een New Yorkse bar. Voor mij is dat zo Japans: een kopie van een New Yorkse bar die perfecter is dan een Amerikaanse. Maar ik vind het gewoon fijn om naar Japan te gaan. Je jetlag is er ook veel extremer. Tokio ziet er al zo onrealistisch uit, voeg daar je jetlag nog aan toe en het wordt een wonderlijke droom."

De droomerige, melancholische sfeer van Lost In Translation wordt voor een groot deel meebepaald door popsongs. Kevin Shields, gewezen gitarist van My Bloody Valentine, componeerde de nummers bij de beelden van de nachtelijke taxiritten door de met neon verlichte straten van Tokio. En Brian Reitzell, drummer van de Franse band Air, die ook al de muziek schreef voor The Virgin Suicides, stelde voor Coppola een compilatietape met Tokyo dream-pop samen. Veel nummers daarvan (van The Jesus and Mary Chain, Squarepusher, The Chemical Brothers, Death In Vegas, Phoenix...) zijn in de film beland. Vervolg op pagina 6Vervolg van pagina 5

Een van de eerste beelden waarrond Coppola haar film wou maken, was overigens de karaokescène met de punkklassieker 'God Save the Queen' van The Sex Pistols. "De man die dat liedje zingt, is Charlie Brown, een vriend van me", zegt Coppola. "Ik ben ooit eens samen met hem naar een karaoke geweest en toen heeft hij dat liedje gezongen. Dit moet ik in een film stoppen, dacht ik toen, omdat ik het zo een unieke Japanse ervaring vond. Het was grappig om een man die nauwelijks een woord Engels spreekt elk woord van 'God Save the Queen' in perfect Engels te horen nazingen. Opnieuw dat typische reproduceren van de westerse cultuur. Ik wou gewoon een film maken over al mijn indrukken van hoe het is om in Tokio te zijn. Ik ken de historische waarde van dat nummer, maar met dat soort analyses ben je niet bezig. Je ziet iets waar je van houdt en je gebruikt het."

Het scenario van Lost In Translation schreef Coppola met Bill Murray voor ogen. Ook zij was onder de indruk van zijn acteerprestatie in Groundhog Day, maar het was Murrays gevoelige vertolking in Rushmore van vriend Wes Anderson die haar op het idee bracht met hem een film te maken. Eens het scenario af ondervond Coppola echter heel wat problemen om de gewezen Saturday Night Live-komiek te contacteren. Gedurende vijf maanden bestookte ze hem vruchteloos met berichtjes op zijn 0800-nummer. Na wat ze een vermoeiend stalkingproces noemt en via een gemeenschappelijke vriend, Scrooged-scenarist Mitch Glazer, kreeg ze hem uiteindelijk te pakken.

Coppola: "Glazer vertelde hem dat hij mijn script moest lezen. Dat heeft hij gedaan en ik ben hem vervolgens blijven bellen tot ik een afspraak met hem had. Toen vertelde hij me dat hij van het script hield en dat hij erover wilde nadenken. Later liet hij verstaan dat hij eventueel naar Japan zou komen. Maar zijn definitieve antwoord hebben we pas een week voor het begin van de opnames gekregen."

In sommige scènes met Bill Murray voel je duidelijk dat er geïmproviseerd wordt. Die indruk wordt nog versterkt door het gegeven dat het scenario slechts tachtig bladzijden telde,ongeveer evenveel minuten film. De film is nochtans twintig minuten langer is. "In sommige scènes is er inderdaad geïmproviseerd, zoals in die omtrent de opname van de whiskycommercial. Die is volledig geïmproviseerd. Ik kwam met de namen (Murray imiteert Clark Gable, Frank Sinatra en James Bond, LJ) en Murray reageerde daarop. Maar al de scènes tussen Murray en Johansson stonden in het scenario uitgeschreven."

Geldt dat ook voor de vertederende 'bedscène' van Charlotte en Bill, waarin Bill iets moois vertelt over de geboorte van zijn kinderen? "Ik had veel met Murray gesproken over hoe het is om kinderen te hebben en op welke manier je van hen houdt", legt Coppola uit. "Murray heeft er dan die zin aan toegevoegd waarin hij zegt dat het de wonderlijkste mensen zijn die je in je leven ontmoet. Maar die scène was uitgeschreven, op dat ene moment na. Je voelt dat Murray over zijn echte gevoelens spreekt."

In die scène voel je duidelijk dat Lost In Translation ook op Coppola's eigen leven geïnspireerd is. Die indruk wordt alleen maar versterkt door de sterke fysieke gelijkenis tussen Coppola en Scarlett Johansson, de negentienjarige actrice die schittert in de rol van de mysterieuze, verleidelijke Charlotte. Je hebt voortdurend de indruk dat je naar een alter ego van Coppola zit te kijken, maar tegelijk ook weer niet, omdat Charlotte zo passief blijft, wat je moeilijk met de extreem ondernemingsgezinde Sofia Coppola kunt associëren. Is Charlotte ergens het personage dat Coppola niet kan leven? "Ik heb ook dergelijke passieve momenten, hoor, maar ik zie haar als een soort bevroren personage. Je kent haar trauma's niet of je weet niet wat haar voordien overkomen is. Ze is door iets bevroren en in de loop van de film wordt ze losser en wordt ze meer haarzelf. Er zitten persoonlijk aspecten van mij in dat personage, maar ik 'oververhit' ze niet. Ik voel me trouwens even nauw verbonden met het personage van Bill Murray. Een film maken is een manier om naar jezelf te kijken."

Het idee dat Charlotte een soort alter ego is van Coppola wordt bovendien gevoed door John, de afwezige echtgenoot van Charlotte, vertolkt door Giovanni Ribisi. Volgens sommigen is die flashy modefotograaf geïnspireerd op Spike Jonze, de hippe videoclipmaker en regisseur van Being John Malkovich en Adaptation. Coppola ontmoette hem in 1992 op de set van een Sonic Youth-clip en trouwde later met hem. Het recente nieuws van hun scheiding versterkt dat alleen maar. "Er is een element, ja, maar het is niet de bedoeling dat hij het is", verklaart Coppola. "Ik maak graag persoonlijke films, maar dat wil niet zeggen dat ik graag over mijn persoonlijke leven spreek. Daarom maak ik films. Het is ergens beangstigend om jezelf bloot te geven, maar dat neemt niet weg dat je het niet over persoonlijke dingen kunt hebben. Ik verander ze of geef er een draai aan, zonder mezelf helemaal bloot te geven."

Cinematografisch liet Coppola zich voor Lost In Translation inspireren door Michelangelo Antonioni's l'Avventura (1960) en William Wylers Roman Holiday (1953). Voor de relatie tussen Johansson en Murray streefde ze naar de dynamiek tussen Humphrey Bogart en Lauren Bacall in Howard Hawks The Big Sleep (1946). "Ik hou van films zoals die van Godard, Fellini of Antonioni", legt Coppola uit. "Tijdens de montage heb ik naar La notte gekeken. Dat heeft me toen echt geïnspireerd. Het zijn films waar ik mee opgegroeid ben en die ik meer bewonder dan de typische films uit Hollywood, zoals de blockbusters. Ik hou niet van films die door de plot gedreven worden, maar van films met een eigen toon, zoals In the Mood For Love van Wong Kar-Wai, die het over gevoelens hebben en regelmatig 'afdwalen'. Dat was de uitdaging: een film in die lijn, zonder grote drama's, en tegelijk proberen de aandacht vast te houden."

Precies als Laura (Celia Johnson) en Alec (Trevor Howard) in Brief Encounter (1945) van David Lean, waar sommigen Lost In Translation mee vergelijken, zullen Charlotte en Bill, ondanks de hechte band, nooit seks met elkaar hebben. Op een bepaald moment heeft Bill weliswaar een seksueel avontuurtje, maar stel dat dat niet gebeurd was, zouden Charlotte en Bill dan met elkaar geslapen hebben? "Dat is juist de reden waarom ik die scène erin gestopt heb", lacht Coppola. "Ze is bedoeld om al die wederzijdse spanningen, die aantrekkingskracht tussen Charlotte en Bill ergens op te heffen. Mensen doen dat soms als ze willen dat iets niet veranderd. Dan gaan ze met iemand anders uit. Maar ik heb eraan gedacht." The New York Times omschreef Coppola onlangs als de origineelste en meest beloftevolle jonge filmmaakster van de VS. Het maar Coppola, ooit bestempeld als een Hollywood-prinses met pampers (omdat haar vader de wereldvermaarde Francis Ford Coppola is), vleugels gegeven hebben. Met Lost In Translation bewijst Sofia, om het met de woorden van Murray te zeggen, dat ze in staat is haar familienaam opnieuw uit te vinden. Het verhaal van vader Francis op bezoekt op de set van The Virgin Suicides was anders al illustratief voor de persoonlijke weg die ze altijd al bewandeld heeft. 'Je zou luider 'actie' moeten roepen, meer vanuit je middenrif', moet Coppola toen tegen zijn dochter hebben gezegd. "En ik dacht: oké, ga nu weg", aldus Sofia.

Vader Coppola is overigens uitvoerend producent van Lost In Translation, maar zijn creatieve inbreng bleef beperkt tot enkele montagetips en een poging om zijn dochter ervan te overtuigen op digitale video te draaien. "Mijn vader is een grote fan van hogedefinitievideo, maar ik wou per se met film werken. Dat versterkt het gevoel van een herinnering, iets uit het verleden. Video voelt actueler en hedendaagser aan. Digitale video is cool voor bepaalde dingen, maar voor deze film moesten we heel mobiel zijn. Een hogedefinitiecamera is groter. Je kunt er dus moeilijker mee bewegen. Er komen ook meer mensen bij kijken. Ik ben ook heel nostalgisch over hoe film er op het scherm uitziet. Film voelt romantischer aan."

Luc Joris

'Tokio ziet er al zo onrealistisch uit, voeg daar je jetlag nog aan toe en het wordt een wonderlijke droom'

'Bill Murray zegde pas een week voor de opnamen definitief toe'

Meer over

Nu belangrijker dan ooit: steun kwaliteitsjournalistiek.

Neem een abonnement op De Morgen


Op alle artikelen, foto's en video's op demorgen.be rust auteursrecht. Deeplinken kan, maar dan zonder dat onze content in een nieuw frame op uw website verschijnt. Graag enkel de titel van onze website en de titel van het artikel vermelden in de link. Indien u teksten, foto's of video's op een andere manier wenst over te nemen, mail dan naar info@demorgen.be.
DPG Media nv – Mediaplein 1, 2018 Antwerpen – RPR Antwerpen nr. 0432.306.234